Otto_Schenk

2 x ‘Gemaskerde moord’ op Plácido Domingo alias koning Gustaaf III

 

Assassination of King Gustav III of Sweden at a masked ball at the Royal Opera House in Stockholm, 1792

Assassination of King Gustav III of Sweden. Illustration for Weltgeschichte Fur Das Volk by Otto von Corvin and Wilhelm Held (Verlag und Druck von Otto Spamer, 1880).

Vrijheid van meningsuiting is een groot goed waar we trots op moeten zijn en dat we als een kostbaar bezit moeten koesteren. Zij is niet vanzelfsprekend en als we niet oppassen kunnen wij haar kwijtraken. Steeds vaker lees je over toenemende (zelf)censuur, films die niet gemaakt (vertoond) mogen worden, of kritische artikelen die de pers niet halen.

De censuur …. Daar kon Verdi ons heel wat over vertellen, want de censuur heeft het hem vaak behoorlijk moeilijk gemaakt.

Ook het libretto voor zijn opera over de Zweedse koning Gustaaf, die op een gemaskerd bal vermoord werd, moest eraan geloven. Noodgedwongen verhuisde Verdi de plaats van de handeling van Stockholm naar Boston, en van de koning maakte hij een Engelse gouverneur.

Gedreven door onze hang naar authenticiteit, voeren we sinds tientallen jaren de ‘oorspronkelijke’, Zweedse versie op, maar de laatste tijd bespeur ik een trend om het weer naar Boston te verplaatsen. Wellicht klinkt Boston en een gouverneur iets moderner in onze oren dan een koning, en past het zo beter bij een conceptuele regie? Wie zal het zeggen ….

Niet, dat het Verdi iets zou hebben uitgemaakt – tenslotte heeft hij, toen het al mogelijk was, het werk nooit gereviseerd. Al vind ik zelf de Zweedse versie iets logischer…..

LONDEN, 1975

Ballo Abbado Schenk ROH

De door Opus Arte (OA 1236D) uitgebrachte productie van het Royal Opera House stamt uit het begin van 1975. Het geluid is een beetje dof, maar dat vergeet je zodra je de prachtige stemmen van de zangers hoort.

Katia Ricciarelli is één van de meest ontroerende Amelia’s die ik ken. De klank die ze produceert is misschien niet echt ‘Verdiaans ‘, en wellicht is ze in die rol toch iets te licht (aan dat soort rollen heeft ze haar stem vroegtijdig kapot gezongen), maar de pianissimi die ze spint verdienen een schoonheidsprijs, en haar breekbaarheid is voelbaar.

Daar past de vriendelijk bezorgde, liefdevolle, maar ook speelse tenor van de jonge Plácido Domingo als een handschoen omheen. Piero Cappuccilli is een voortreffelijke Renato en Reri Grist een Oscar zoals ze ze tegenwoordig toch echt niet meer maken. Alleen al haar optreden is het aanschaffen van de dvd waard.

Claudio Abbado (wat was hij toen nog jong!) dirigeert licht en houdt de tempi sprankelend, met een bruisende orkestklank als gevolg.

De regie van Otto Schenk is doeltreffend. Conventioneel en toch verrassend. En als geen ander legt hij de komische aspecten van de opera bloot.

Trailer van de productie:

 

SALZBURG, 1990

Ballo Solti Schelsinger

15 jaar later was Domingo al een doorgewinterde Gustavo – zijn koning is inmiddels volwassen geworden, serieuzer, en al zegt hij de voorspellingen van Ulrica niet te geloven, toch zie je iets van een schrik in zijn ogen, het zou wel eens waar kunnen zijn ..

Daar hoort ook een rijpere Amelia bij. Geen dromerig meisje, maar een vrouw met intense verlangens. Daar voldoet Josephine Barstow zeer zeker aan. Zij is een verscheurde Amelia, vol liefde, verdriet, pijn en tranen. Bij ‘Ecco l’orrido campo’ is haar angst fysiek voelbaar en bij ‘Morrò’ denk je samen met haar te moeten sterven.

Leo Nucci schittert als Renato en Sumi Yo is een lichte, spring-in-het-veld Oscar.

De regie is in handen van de beroemde filmregisseur John Schlesinger. Het eindresultaat is verpletterend: overweldigende, natuurgetrouwe decors, prachtige kostuums en schitterende massascènes. Het schilderachtige beeld doet af en toe denken aan enorme tableau-vivants, en de personenregie is zoals je van een gerenommeerde regisseur zou verwachten – fenomenaal.

Aan het eind van de opera, als de stervende koning zijn laatste kracht verzamelt en naar adem happend afscheid neemt van zijn geliefde, zijn onderdanen en het vaderland, kan niemand vermoeden dat met zijn laatste ‘addio’ ook een heel tijdperk vaarwel wordt gezegd.

Het was de laatste productie van Herbert von Karajan in Salzburg. Hij overleed vlak voor de première in 1989 en werd vervangen door Solti, die ook de reprise van de opera in 1990 begeleid heeft (Arthaus Musik 109105)

LULU: discografie

Lulu Pandora

Filmaffiche van Die Büchse der Pandora

Wie is Lulu? Wat weten we van haar? Bestaat ze echt of is ze niet meer dan een hersenschim?

In de eerste akte wordt een portret van haar geschilderd dat daarna als een rode draad door de opera loopt, als een soort portret van Dorian Gray. Wat er ook met Lulu gebeurt, haar portret verandert nooit.

Lulu Tilly Wedekind als Lulu und Frank Wedekind als Dr. Schön

Frank Wiedekind als Dr.Schön en zijn vrouw Tilly als Lulu in’Der Erdgeist’ ©Bildarchiv EFW

Alban Berg was behoorlijk door haar personage, afkomstig uit Wedekinds toneelstukken Der Erdgeist en Die Büchse der Pandora, geobsedeerd. Dat had wellicht ook met zijn persoonlijke leven te maken. Zij zou de personificatie van de Tsjechische Hanna Fuchs, Bergs laatste grote liefde, kunnen zijn. Maar er zijn ook muziekpsychologen die in Lulu Berg zelf willen zien…

Lulu Hanna_Werfel_Fuchs_Robettin

Hanna Fuchs

Lulu Alban&HeleneBerg

Alban Berg met zijn vrouw Helena. Hun huwelijk gold als voorbeeldig

Berg heeft zijn opera niet afgemaakt: toen hij in 1935 stierf, bestond de derde akte alleen uit sketches. Het was de Oostenrijkse componist Friedrich Cerha die 1979 de onvoltooid gebleven derde akte instrumenteerde, tot die tijd werden alleen de eerste twee akten opgevoerd.

Hieronder een selectie van de beschikbare opnames:

CD’s:

Teresa Stratas

Lulu Stratas

Waar u absoluut niet zonder kunt, is de allereerste opname van de complete opera met de door Cerha nagecomponeerde derde akte. Deutsche Grammophon maakte in 1979 direct na de Parijse première een studio-opname (DG 4154892).

Alle fantastische Lulu’s ten spijt, niemand kan zich met Teresa Stratas meten. Zelfs zonder het tekstboekje erbij kun je ieder woord niet alleen verstaan maar ook begrijpen.

Robert Tear is een heerlijk naïeve schilder en Franz Mazura een ongeëvenaarde Dr. Schön. De Alwa van Kenneth Riegel is een kwestie van smaak, maar zijn inleving is zowat volmaakt.

De ogenschijnlijk koele en analytische benadering van Pierre Boulez laat het drama nog meer zinderen.

Anneliese Rothenberger

Lulu Rothenberger

De opname die in 1968 door EMI is gemaakt (91233028) mag eigenlijk in geen verzameling ontbreken. Anneliese Rothenberger is een heel erg lichte, springerige Lulu, echt een onschuldig meisje.

Vergeet Gerhard Unger (Alwa), maar de verrassend lichte en sarcastische Dr. Schön van Toni Blankenheim (Schigolch bij Boulez) is werkelijk niet te versmaden.

Wat de opname extra begerenswaardig maakt, is Benno Kusche in de kleine rol van Tierbändiger. Ook de opname zelf klinkt verrassend goed.


Ilona Steingruber

Lulu Steingruber

Bij de naam van Ilona Steingrubber rinkelt er tegenwoordig geen belletje, maar in haar tijd was ze een gevierd sopraan, met op haar repertoire onder anderen Mahler, Korngold, Strauss en Alban Berg.

Op de door Herbert Häfner gedirigeerde opname uit 1949 (Archipel Desert Island Collection ARPCD 0540) zingt Steingrubber een zeer sensuele Lulu: erotisch en opwindend in haar zang en opmerkelijk kinderlijk in de dialogen.

Otto Wiener is een zeer autoritaire Dr. Schön en Waldemar Kmentt een niet echt idiomatische maar wel zeer aanwezige Maler. De confrontatie tussen de twee, ‘Du hast eine halbe Million geheiratet’, is dan ook bijzonder spannend.



(meer…)

DRIE ‘FLEDERMAUSEN’ DIE NIEMAND MAG MISSEN

 fledermaus

Het is een geliefd werk om het oude jaar mee te besluiten of het nieuwe jaar mee aan te vangen: Die Fledermaus. De officiële catalogus telt meer dan 28 opnamen, waarvan 10 op dvd.

 

DVD: THEODOR GUSCHLBAUER, WENEN 1980

fledermaus-wenen

Voor mij is de opname die op oudejaarsavond in 1980 in de Wiener Staatsoper werd opgenomen (Arthouse 107153) verreweg de beste. De productie was één jaar oud en de regie lag in handen van Otto Schenk, een beroemde Weense acteur, die zelf 29 keer de rol van Frosch had gespeeld.

In een rijk en gedetailleerd decor ontvouwt zich een intrige vol leugens, dat tegelijk spannend, komisch en droevig is.

De bezetting kan gewoon niet beter: Bernd Weikl zet de losbandige en oerdomme Eisenstein neer met de nodige knipoog en humor, Lucia Popp is kostelijk als de verveelde huisvrouw Rosalinde, en  Brigitte Fassbaender onweerstaanbaar als prins Orlovsky.

Maar de allerbeste is de jonge Edita Gruberova (Adele): ze koketteert, doet ons lachen om haar bespottelijk accent, en ontroert in haar naïviteit. En dat alles met perfect gezongen coloraturen, brava!

Theodor Guschlbauer laat al in ouverture horen dat het een avond met de meesterlijk uitgevoerde mooiste melodieën gaat worden. Heerlijk.

Hieronder Edita Gruberova zingt ‘Mein Herr Marquis’

DVD: VLADIMIR JUROWSKI, GLYNDEBOURNE 2003

fledermaus-jurowski

 

Het is allemaal de schuld van de champagne, zeggen ze. Zou best kunnen, want het bruist, bubbelt, schittert en spettert dat het een lieve lust is. De bubbels zijn ook letterlijk omnipresent in deze schitterende productie van Die Fledermaus, die in augustus 2003 in Glyndebourne werd opgenomen (Opus Arte OA 0889D).

Het geheel is zeer Art Deco en Jugendstil, met decors die lijken te zijn ontworpen door Otto Wagner en geschilderd door Gustav Klimt. Die laatste is alomtegenwoordig, ook in de kleding. Van de jurk van Rosalinde tot de ‘schlafrok’ van Von Eisenstein, waarin de arme Alfred de gevangenis ingaat.

Voor deze productie zijn nieuwe dialogen geschreven (de regisseur, Stephen Lawless, ziet het stuk als een toneelstuk met muziek), makkelijk te volgen dankzij de Nederlandse ondertitels.

Thomas Allen zet een kruidige von Eisenstein neer die duidelijk aan een midlifecrisis lijdt in een ietwat ingeslapen huwelijk, en Pamela Armstrong is een pittige Rosalinde.

Malena Erdmann is een fantastische Orlofsky en Lybov Petrova en kittige Adele. Eigenlijk zijn ze allemaal fantastisch, inclusief de dirigent – de sprankelende Vladimir Jurowski – die ook actief deelneemt aan de actie.

Zet de champagne maar vast koud, geniet en drink. Niet noodzakelijk met mate.

Twee fragmenten van de productie:

CD: HERBERT VON KARAJAN 1960

Fledermaus Karajan

De opname van Herbert von Karajan uit 1960 (Decca 4758319), met o.a.  Waldemar Kmennt, Hilde Gueden, Erika Köth en Eberhard Wächter is een absolute must. Alleen al vanwege de weergaloze ‘einlagen’, waarin de grootste operasterren uit die tijd (uiteraard uit de Decca-staal) een zeer verrassende acte de presence geven.

 


ARABELLA. Discografie

arabella-uesuleac

Richard Strauss met de allereerste Arabella (Viorica Ursuleac) en Mandryka (Alfred Jerger)

Teschek, bedien dich’! Je ontkomt er echt niet aan dat de woorden van Mandryka, eindeloos door Graf Waldner herhaald, zich in je oren nestelen als een onvervalste oorwurm. ‘Teschek, bedien dich’ zingt Mandryka terwijl hij zijn dikke portefeuille tevoorschijn haalt en de bankbiljetten, gelijk bonbons, zijn aanstaande schoonvader voor zijn neus houdt.

Voor degenen die niet zo bekend zijn met het “Weense”, teschek is behalve een persoon die altijd aan het kortste eind trekt ook een kaartspel en wellicht een ‘delicate’ verwijzing naar de verslaving van de graaf, waardoor de familie aan de grond is geraakt, de jongste dochter verkleed als een jongen door het leven moet gaan en de oudste, Arabella, aan de hoogste bieder verkocht gaat worden. Bij wijze van spreken dan.

Hoe goed kent u de opera? Eerlijk! Ik ben de eerste om het toe te geven: tot voor kort kende ik de opera maar zo zo. Ooit heb ik haar gezien (en vergeten), ooit iets prachtigs op de radio opgevangen (Lucia Popp en Bernd Weikl! Nog steeds is het mij niet gelukt om de opname te pakken te krijgen), een fragmentje hier en daar …. Meer niet. Leuk niemendalletje, dacht ik.

Maar nu, na een paar weken “Arabella-dieet” ben ik een echte aanbidder van het werk geworden. Hoe dat komt? Voornamelijk door het libretto, denk ik. De opera wordt als een lichte komedie gezien, een soort sprookje waarin alles aan het eind goed gaat komen. Maar is dat echt zo? Ik denk van niet Eigenlijk is het helemaal geen leuke opera. Want laten we eerlijk zijn: iedereen bedriegt hier iedereen en de kans dat wie dan ook gelukkig gaat worden is net zo groot als bij Sneeuwwitje.

Om met Zdenka, de haast “afgedankte” dochter te beginnen: denkt u daadwerkelijk dat Matteo opeens van haar is gaan houden? Nou, ik niet! Hij moet met haar trouwen, omdat zij hem haar bed heeft ingelokt. En dat, terwijl hij dacht dat zij een man is. Maar goed, Mandryka betaalt, en aangezien alles in de opera om geld draait…

Afijn, ga er eens rustig voor zitten, want de opera is het meer dan waard. En er bestaan zo veel goede uitvoeringen!

 

Otto Schenk 1

 arabella-janowitz

Mocht u de opera nog nooit eerder hebben gezien dan doet u er goed aan om met de film van Otto Schenk uit 1977 te beginnen (DG0743255). Larger than life, met levensechte decors. Daar kan natuurlijk geen gewone live voorstelling mee concurreren.

Gundula Janowitz is een heerlijke Arabella. Wellicht niet de beste actrice ter wereld, maar haar hoge noten zijn mooier dan mooi. Sona Ghazarian is een goede Zdenka, maar wat de opname, naast de zeer erotisch spelende Wiener Philharmoniker (Solti!) echt meer dan de moeite waard maakt is de Mandryka van Bernd Weikl. Daar wil een beetje vrouw zeker door wakker gekust worden.

Ook de kleine rollen zijn fantastisch bezet: René Kollo is een Matteo uit duizenden en ik ken geen betere Fiakermilli dan de jonge Gruberova. Tel de piepjonge (30!) Kurt Rydl als Lamoral en Margarita Lilova (Adelaide) erbij. Zonder meer goed.

Hieronder Gundula Janowitz and Bernd Weikl in de laatste akte::

Otto Schenk 2

 arabella-kanawa-schenk

We blijven even bij de goede oude Otto Schenk: in 1995 is zijn productie in de Met opgenomen (DG 0730059). Kiri te Kanawa is een Arabella uit duizenden, er zijn weinig zangeressen die zich met haar in de rol kunnen meten. Strauss is altijd een beetje haar “huiscomponist”geweest en optisch is zij natuurlijk een Arabella om van te dromen.

Ook haar zusje Zdenka (Marie McLaughlin) is om van te dromen, iets wat niet van Wolfgang Brendel (Mandryka) gezegd kan worden. Van hem gaat mijn vrouwenhart niet harder kloppen. Thielemann dirigeert goed, maar mist het sensuele van Solti.

Hieronder een scène met Kiri te Kanawa en Marie McLaughlin:

Renée Fleming

arabella-fleming-zurich

En dan komen wij bij Renée Fleming (Decca 0743263). Optisch zowat de mooiste Arabella ooit. Niet alleen maar mooi, maar ook zo vol van zichzelf: je ziet haar als het ware de spiegel vragen ‘spiegeltje, spiegeltje aan de wand”…

Ik kan het natuurlijk niet meer aan Strauss vragen, maar ik vermoed dat zij voor hem de model Arabella kon zijn. Ook haar fluwelen manier van zingen alsof je onder een donzen dekbed ben geland….

Julia Kleiter is een goede Zdenka, maar Morten Frank Larsen (Mandryka) is gewoon Deens. Hij oogt Deens en hij zingt Deens. Jammer, want de regie van Götz Friedrich (Zürich 2007) is buitengewoon spannend.

Hieronder een scène met Renée Fleming en Julia Kleiter:

Sven-Eric Bechtolf

 arabella-magee

De nieuwste productie komt uit Wenen (BD EPCO 48D). Sven-Eric Bechtholf heeft mij verbaasd. Hij houdt zich goed aan het libretto en de aankleding is gewoon mooi.

Emily Magee mist het sensuele van een Fleming of te Kanawa, maar houdt zich goed staand. Genia Kühmeier is een sensationele Zdenka en Tomasz Konieczny een (inderdaad) “Oosteuropeese gastarbeider” met poen. Qua stem kan hij zich zonder meer met Weikl meten.

Trailer van de productie:

Lisa Della Casa

arabella-lisa-decca

En nu even terug in de tijd. Lisa Della Casa is voor mij de Strauss-zangeres. Luister alleen maar naar haar interpretatie van de Vier letzte Lieder! Begonnen als één van de mooiste Zdenka’s groeide zij uit tot de Arabella.

In 1958 heeft zij de rol onder Solti (Decca 4781400) opgenomen. Daar kan ik nooit genoeg van krijgen. Hilde Güden is haar zusje en het duet van de twee meisjes is van een ongekende schoonheid Twee stemmen die bij elkaar komen en elkaar omhelzen al waren ze geen zussen maar geliefden. Zo’n perfectie bereik je werkelijk zelden.

En dan de zeer erotische manier waarop Solti met de partituur omgaat… Het is één en al sensueel en feeëriek. Niet alleen wat de zang, maar ook wat de orkestklank betreft. En George London zingt Mandryka. Moet ik nog meer zeggen?


Montserrat Caballé

arabella-caballe

Caballé als Arabella

Montserrat Caballé als Arabella… Vreemd? Welnee! Zij was één van de beste Salome’s ooit, wist u dat? Zij is ook een fantastisch sensuele Arabella (BLV 107225). Ga niet om de opname heen, zeker niet omdat Zdenka hier gezongen wordt door de zeer ontroerende  Oliviera Miljakovic.

Hieronder Caballé en Miljakovic in het duet ‘Er ist der richtige’:

Engelse Arabella

arabella-steber

‘Arabella’ in het Engels? (Andromeda andrcd 5013). Waarom niet? Onvoorstelbaar hoe anders de opera dan klinkt. Het is alsof je naar pak ‘m beet Vanessa luistert. Iets om over na te denken.

Eleanor Steber mist het fluwele, maar haar betrokkenheid maakt dat je iets meer van de vrouw begrijpt. Ook Hilde Güden klinkt hier anders. Het is alsof zij aan volume en zeggingskracht wint. Ik houd ervan. En dan George London met zijn ‘I am the Mandryka, no one else’. Waarom vind ik het in het Engels nog indrukwekkender dan in het Duits?

Kiri te Kanawa

arabella-kiri-tat

En dan hebben we tot slot nog Kiri te Kanawa op cd (Decca 4783460). Zdenka (Gabriele Fontana) vind ik te zwaar en in het duet overstemt zij haar zus – niet echt mooi. Tate dirigeert onevenwichtig. Maar wat een Matteo! Peter Seiffert is meer dan heerlijk om naar te luisteren. En ook Franz Grundhebber (Mandryka) maakt de opname meer dan het beluisteren waard.