kamermuziek/solorecitals

Prokofjeff door Nicholas Angelich: een aanwinst

De in 1970 in Cincinnati (Ohio) geboren Nicholas Angelich kreeg zijn eerste pianolessen van zijn moeder. Angelich bleek een wonderkind te zijn: op zijn zevende debuteerde hij met de uitvoering van Mozarts nr.21 en op zijn dertiende werd hij toegelaten tot het Conservatoire National Supérieur de Musique in Parijs, waar hij les kreeg van o.a. Aldo Ciccolini en Yvonne Loriod.

Op zijn nieuwe album speelt Angelich pianowerken van Sergei Prokofjeff, zelf ook een virtuoze pianist. Zijn grootste hit Romeo en Julia ontbreekt er uiteraard niet, ook de fascinerende Vision Fugitives doet er aan mee. Prokofjeffs pianosonates zijn minder bekend, welkom dus, al is het maar één.

Even dit: het is werkelijk fenomenaal wat Angelich doet. Zijn spel is virtuoos en het is duidelijk dat hij er goed over heeft nagedacht. Ik bewonder zijn aanslag, zijn goed gekozen tempi en nog meer zijn legato en de soepele wisselingen tussen piano, pianissimo en forte.

En toch mis ik iets, en dat iets hoor ik het duidelijkst in de pianosonate. O ja, ik weet best wel dat Prokofjeff vaak balanceerde tussen het ene en de andere (zelf in te vullen), maar Angelich is hier, voor mij althans, iets te mechanisch bezig waardoor het romantiek onderspit delft. Niettemin: een aanwinst.

Visions Fugitives, Piano Sonata No. 8, Romeo & Juliet
Warner Classics 9029526768

Salonstukjes van Martucci meesterlijk gespeeld

martucci

Giuseppe Martucci (1856-1909) is op zijn zestiende begonnen met het componeren van korte pianostukjes waarin hij sterk werd beïnvloed door pianocomposities van Robert Schumann.

In tegenstelling tot zijn land- en (bijna)tijdgenoot Ottorino Respighi componeerde hij geen opera’s. Zijn oeuvre bevat voornamelijk orkest- en kamerwerken, maar echt beroemd is hij geworden met de liederencyclus “La canzone dei Ricordi”. Geen wonder: geen romantische ziel kan er omheen.

Hieronder: Renata Tebaldi zingt ‘La canzone dei Ricordi’:

Zijn werken voor piano zijn van wisselende kwaliteit. De twee Notturni op 70 genieten een bescheiden bekendheid, maar dan wel in de bewerking voor (kamer)orkest.

Zo kende ik ze ook en het valt niet mee om om te schakelen. En toch: eenmaal gewend kan ik er buitengewoon van genieten. Zo doen ze me sterk aan Chopin denken en dat vind ik mooi.

Iets meer moeite heb ik met andere stukken op de cd, die vind ik niet bijzonder interessant. Het zijn net salonstukjes, leuk om op de achtergrond te hebben, meer niet. Maar Alberto Miodino speelt ze alsof het de grootste pianomeesterwerken zijn die ooit gecomponeerd zijn en dat ontroert mij zeer.

De zeer virtuoze Fantasia op.51 voorziet hij van een heuse “Liszt-schwung” en de 6 Pezzi op.44 geeft hij de allure van een sprankelende waterval.


GIUSEPPE MARTUCCI
6 Pezzi op.44, Novella op.50, Fantasia op.51, 2 Notturni op.70
Alberto Miodini piano
Brilliant Classics 94800

Feinberg: muziek waar je moeite voor moet doen

Samuïl Feinberg. Wie kent hem nog wel? Ooit wereldberoemde pianovirtuoos, hij was de eerste die in USSR de complete ‘Wohltemperierte Klavier’ van Bach heeft uitgevoerd. Ook als componist was hij in zijn tijd best bekend en dat ondanks het reisverbod.

In totaal heeft Feinberg twaalf pianosonates geschreven, allemaal gecomponeerd tussen 1915 en 1923. En allemaal werden ze toen ook uitgevoerd en uitgegeven. Op één uitzondering na: de derde. De componist hield de publicatie zelf tegen. Waarom? Volgens Nicolo-Alexander Figowy (zelf pianist en Feinberg-kenner die in het bijhorend tekstboekje ons van alle belangrijke insiders informatie heeft voorzien) vond Feinberg zijn compositie iets te ver gaan. Hij dacht dat de wereld er nog niet rijp voor was.

Zelf vind ik zijn derde sonate niet moeilijker dan de andere vijf. Het zijn geen van allen makkelijke stukken die je zo maar in je kunt opnemen, allemaal vereisen ze geconcentreerde aandacht.

En dat gaat niet vanzelf, daar heb je een goede vertolker voor nodig. Daarbij kan ik mij geen betere gids voorstelen dan de Canadese meesterpianist Marc-André Hamelin. Een van de grootste pleitbezorgers voor het onbekende repertoire, vergeten werken en hun scheppers. Zijn spel is ongeëvenaard groots. Geen makkelijke muziek, je moet er echt moeite voor doen, maar de moeite, die loont zich (Hyperion CDA68233)!

Basia con fuoco’s Top tien 2020

Het blijft een hels karwei om de mooiste en de beste tien cd’s van het jaar te kiezen. Ten eerste: ook een recensent is maar een mens en gaat meestal subjectief te werk. Al doe ik werkelijk mijn best om objectief te blijven. Ook het aanbod is enorm, nog steeds, al moet je het nog maar zelden van ‘majors’, de grote labels hebben. En toch: dit jaar hebben ‘ze’ ook mij verrast met een paar gewaagde uitgaven.

Ik moet ook toegeven: niet alles heb ik beluisterd en dat speet mij zeer. Er liggen nog een heleboel cd’s die ik had moeten beluisteren en er niet aan toe kwam. Wie weet, waren ze ook op mijn lijst gekomen?Er zijn ook cd’s die ik al beluisterd had en ze schitterend bevonden maar door omstandigheden nog niet aan toe kwam om er over te schijven. Die titels hebben jullie nog te goed.

Het lijstje is opgesteld in alfabetische volgorde naar de componist, uitvoerende of de titel.

1. Thomas Àdes

Ades picos

De voorliggende opname werd in Boston in 2016 live gemaakt en ik kan mij niet voorstellen dat er een betere uitvoering mogelijk is.

https://basiaconfuoco.com/2020/03/21/thomas-ades-door-thomas-ades-beter-krijgt-u-het-niet/

In English:

https://basiaconfuoco.com/2020/11/26/thomas-ades-by-thomas-ades-you-cant-get-it-any-better/

2. Samuel Barber: Vanessa

Vanessa dvd

De productie die in Glyndebourne in 2018 voor dvd werd opgenomen kan ik niet anders dan als een absolute top beschouwen

https://basiaconfuoco.com/2020/01/20/barbers-vanessa-uit-glyndebourne-beter-bestaat-niet/

3. Frederic Chopin: piano concerto’s

Chopin Grosvenor

Waar hij het vandaan haalt weet ik niet, maar zijn spel maakt dat het voelt alsof ik de concerten voor het eerst hoor, terwijl ik ze eigenlijk kan dromen.

https://basiaconfuoco.com/2020/03/19/verfrissenede-chopin-door-benjamin-grosvenor/

4. Haydn: Scottish songs

CD

Ik moet eerlijk bekennen: toen ik die cd in mijn speler duwde hoopte ik dat ik het zou overleven. De verrassing – en dat plezier – kon niet groter zijn geweest. Wat een cd!

https://basiaconfuoco.com/2020/04/05/the-poker-club-band-zingt-haydn-wat-een-cd/

5. Walter Kaufmann: Chamberworks

Nee, het is niet zo dat je meteen aan Ravi Shankar moet denken, maar de Indiase invloed is onmiskenbaar. En dat, terwijl je overduidelijk met de westerse muziek uit de jaren twintig/dertig te maken hebt.

https://basiaconfuoco.com/2020/10/29/walter-kaufmann-bombay-meets-berlin/

In English:

https://basiaconfuoco.com/2020/11/08/discovering-walter-kaufmann-when-bombay-meets-berlin/

6. Nikolai Medtner: Incantation

Medtner zingen is niet makkelijk! Dat komt door de complexiteit van de muziek. De pianopartij is nadrukkelijk aanwezig en dat terwijl zanglijnen voornamelijk lyrisch en ingetogen zijn en dat is wat de muziek van Medtner aantrekkelijk én uitdagend maakt.

https://basiaconfuoco.com/2020/12/01/nikolai-medtner-een-malle-sentimentalist/

In English:

https://basiaconfuoco.com/2020/12/21/nikolai-medtner-a-silly-sentimentalist/

7. Poulenc en Français: kamermuziek

Neem alleen de fluitsonate van Poulenc, als je daar niet blij van wordt dan weet ik het niet. […] Dat ze ontzettend veel plezier hebben in hun spel is nogal wiedes en dat plezier geven ze door aan de luisteraars. Heerlijke cd!

https://basiaconfuoco.com/2020/11/02/kamermuziekwerken-van-francaix-en-poulenc-muziek-om-blij-van-te-worden/

8. Regards sur l’Infin

De Amerikaanse, in Nederland wonende Katharine Dain beschikt over een heldere sopraan en haar voordracht is niet alleen zeer expressief maar ook warm. In haar uitvoering zijn al de liederen niets minder dan kleine drama’s. Drama’s die passen in een afgesloten kamer die je voorlopig niet mag verlaten en waar geen buiten bestaat.

https://basiaconfuoco.com/2020/12/22/regards-sur-linfini-een-les-in-loslaten/

9. Vincerò!

Beczala Vincero

Beczala benadert zijn helden emotioneel en schuwt het sentiment niet, want niet inhoudt dat hij schmiert.

https://basiaconfuoco.com/2020/06/08/piotr-beczala-en-zijn-nieuwe-helden/

In English:

https://basiaconfuoco.com/2020/08/11/piotr-beczala-and-his-new-heroes/

10. Marcel Worms: Pianoworks by Jewish composers

Worms pianowerkem

Waar ik wel kapot van ben is het onweerstaanbare spel van de pianist. Marcel Worms speelt alsof zijn leven er van afhangt. Vol overtuiging en een echt pianistiek elan.

https://basiaconfuoco.com/2020/06/22/marcel-worms-ontfermt-zich-over-pianowerken-van-joodse-componisten/

In English:

https://basiaconfuoco.com/2020/07/12/marcel-worms-takes-care-of-piano-works-by-jewish-composers/

Regards sur l’Infini: een les in loslaten

Corona, pandemie, isolatie, maatregelen, quarantaine, geen optredens, geen livemuziek, mensen zonder werk, zangers die niet meer mogen zingen. Rampzalig. En dan heb ik het niet eens over de fysieke aspecten van de dodelijke ziekte die ons heeft overvallen. Maar er gebeurde ook veel moois. Live streamings, opera archieven die open gingen en gratis en voor niets op onze laptops waren te bewonderen. En, en dat vind ik eigenlijk het mooiste, die ellendige tijd heeft ook prachtige projecten opgeleverd.

Neem alleen maar Regards sur l’Infini, een onwaarschijnlijk mooi album met liederen van Olivier Messiaen, Claude Debussy, Henri Dutilleux, Kaija Saariaho en Claire Delbos; gezongen door Katharine Dain met op de piano Sam Armstrong. Het project is tot stand gekomen door (of moet ik zeggen: vanwege) quarantaine: ze trokken zich een half jaar terug en al die tijd hebben ze onafgebroken aan de het project kunnen werken.

Het resultaat is werkelijk geweldig. Niet alleen zijn de meeste liederen geen alledaagse kost, er is ook over de opbouw van de recital goed nagedacht. Je kunt het vergelijken met een exclusief chic viergangendiner, waarbij Messiaen en zijn vrouw Claire Delbos (kent iemand haar nog?) het ‘hoofdgerecht’ zijn.

Zijn Poèmes pour Mi componeerde Messiaen voor zijn vrouw, die zelf ook een begenadigde componist was. Het is dan eigenlijk best logisch dat zijn cyclus gevolgd wordt door Delbos’ L’âme en bourgeon, liederen die zij componeerde op gedichten van Cécile Sauvage, Messiaens moeder

Het programma begint en eindigt met twee liederen van Saariaho: ‘Parfum de l’instant’ en . ‘Il pleut’. Noem het een amuse en het digestief. Debussy en Dutilleux zijn dan een voor- en nagerecht.

Katharine Dain: “Onder stressvolle omstandigheden zijn we vaak geneigd terug te verlangen naar het verleden of uit te kijken naar een betere toekomst. De liederen op het album zijn meditatief van aard en bedoeld om te aarden in een stressvol heden, zodat je daar uiteindelijk toch schoonheid en betekenis aan kunt ontlenen. Het laatste lied op de cd, ‘Il pleut’ van Saariaho, maakt een eind aan al het geworstel en komt met de enige werkzame remedie: loslaten.”

De Amerikaanse, in Nederland wonende Katharine Dain beschikt over een heldere sopraan en haar voordracht is niet alleen zeer expressief maar ook warm. In haar uitvoering zijn al de liederen niets minder dan kleine drama’s. Drama’s die passen in een afgesloten kamer die je voorlopig niet mag verlaten en waar geen buiten bestaat.

Samuel Armstrong toont zich meer dan begeleider alleen. Hij heeft zich dienstbaar opgesteld  aan de sopraan en zichzelf op de achtergrond geplaatst. En toch is hij duidelijk aanwezig, iets wat je het beste in Messiaen kunt horen. Dat kunnen alleen de allergrootsten.


foto’s © Jasper Grijpink.

Nikolai Medtner: a ‘silly sentimentalist’?


Nikolai Medtner. For many music lovers no more than a name in the music history books. Except for the pianists, perhaps, because they cannot ignore Medtner. If only because he has written such beautiful pieces for the instrument, which immediately remind you of Rachmaninov and pianists like to include them in their repertoire. And that’s the cause. Because nobody can match Rachmaninov?

Medtner does. His pieces are no less virtuoso. And forget his genuine sentiment, that I prefer to call nostalgia. Although Medtner called himself a “silly sentimentalist”. But he had a lot more to offer. Just think of his songs, he composed no fewer than 107! Hundred and Seven! Why don’t we hear them? And why not? Because we’re one-eyed?

Fortunately, there are still artists who go beyond the usual Schuberts, Strausses and Schumanns. Ekaterina Levental is one of them. Wonderful singer, harpist, actress and performer who goes above and beyond. Not that she shies away from the standard repertoire, but she spreads her wings and looks beyond the horizon. Together with the pianist Frank Peters she took care of the songs of Medtner: the intention is that they will put all his songs on CD. Applause!

The first, titled Incantation, has just been released. The songs, based on the lyrics of Lermontov, Pushkin, Tyutchev and Fet were composed in the first decade of the last century and, how could it be otherwise, they are almost all about love. The unanswered love, the love that has passed, the pain that love can cause… Call me a jerk, but I can really cry about that. Not only because of those beautiful songs, but mainly because of the time for such songs has passed. Although there are sparks on the horizon that the expressed feelings are allowed again. The sentiment. The feeling.

But make no mistake: singing Medtner is not easy! This is due to the complexity of the music. The piano part is emphatically present, while vocal lines are mainly lyrical and modest, and that is what makes Medtner’s music attractive and challenging. Both performers fulfilled their task excellently.

I eagerly await the sequel. And as long as it lasts, this CD stays in my CD player.


English translation: Frans Wentholt

Nikolai Medtner
Incantation; Complete Songs Volume 1
Ekaterina Levental (mezzo-soprano), Frank Peters (piano)
Brilliant Classics 96056

Beethoven zoals het hoort

Tekst: Willem Boone

Er zijn van die pianisten die weinig optreden en zelden cd’s opnemen. Als het dan een keer gebeurt, spring je een gat in de lucht. Zo vergaat het mij iedere keer bij Naum Grubert. Hij treedt mij veel te weinig op en ik zou willen dat hij zoveel cd’s opgenomen had als Daniel Barenboim. Het mooie is wel dat iedere cd door zijn zeldzaamheidswaarde een schot in de roos is, zo ook zijn tweede opname met Beethoven-sonates op het label Navis. Ik ben producent Daan van Aalst dan ook zeer dankbaar dat hij de Letse pianist wederom wist over te halen om een cd op te nemen.

Mijn kennismaking met deze artiest dateert van lang geleden: ooit had ik een studentenbaantje als rondvaartgids in Amsterdam en ik raakte in gesprek met een collega, een conservatoriumstudente piano die van Grubert les kreeg. Ze vertelde hoe bijzonder hij was en kort daarna maakte ik kennis met zijn spel toen hij bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest onder Gergiev als solist optrad in het derde pianoconcert van Rachmaninov.

Ik zat op een van de eerste rijen en had een goed zicht op de piano. Grubert leek aanvankelijk wat schuw, maar bleek over een enorme passie te beschikken en gaf een fenomenale uitvoering van dit bekende pianoconcert. Toen hij het jaar daarna een minstens zo indrukwekkende interpretatie gaf van Schuberts laatste pianosonate, was ik definitief om. Ook alweer geruime tijd geleden speelde hij in Den Haag op Eerste Kerstdag een recital, waar ik met een vriendin naartoe ging. Zij was eigenlijk ziek, maar ging toch mee en werd zo door zijn spel gegrepen dat ze in ieder geval tijdens het concert vergat dat ze ziek was.

En nu is er dus een opname verschenen met drie pianosonates van Beethoven, uit zijn vroege, midden- en late periode. Het aantal uitvoeringen hiervan is niet meer te tellen en je vraagt je af of iemand daar nog iets aan toe kan voegen. Die vraag is in dit geval alleen maar met een volmondig “ja” te beantwoorden.

Het is minder makkelijk om aan te geven waarom deze cd zo’n indruk maakt. Grubert is een pianist die zich dienend opstelt en nooit de muziek ter meerdere eer en glorie van zichzelf gebruikt. Zijn tempi zijn ideaal, zijn toucher is buitengewoon mooi, de dynamiek is indrukwekkend, maar wat vooral indruk maakt is de diepzinnigheid van dit spel. Er spreekt een hele bijzondere gevoeligheid en oprechtheid uit, die ervoor zorgen dat geen enkele noot zonder de juiste intentie klinkt.

Diepzinnige momenten zijn er genoeg in deze drie sonates: in nr 7, opus 10 nr 3, is dat het langzame deel, het largo e mesto, dat al vooruitwijst naar zijn late sonates, evenals in de Appassionata. De voorlaatste, nr 31 is in zijn geheel een van de mooiste en ontroerendste sonates die Beethoven geschreven heeft. Je blijft je erover verbazen dat de componist deze muziek geschreven heeft toen hij volledig doof was, terwijl hij spiritueel toch zo ver kon reiken.  Aangrijpend zijn de zingende lijnen in het eerste en derde deel en indrukwekkend is het slot van de fuga. De piano is uitstekend opgenomen.

Met zijn spel evenaart Grubert collega’s als Arrau, Richter en Gilels die voor mij als de top in Beethoven gelden. Zo moet je Beethoven spelen! Wat zou ik graag willen dat hij alle sonates opnam, daar zou ik meer naar uitkijken dan naar de vierde of vijfde integrale van Barenboim die DGG onlangs uitgegeven heeft!

Beethoven: sonates op 10/3, 57 en 110 door Naum Grubert, Navis NC20010


Bombastisch en nog steeds ontroerend: pianokwintet van Weinberg bewerkt voor orkest

Het pianokwintet van Mieczyslaw Weinberg behoort tot zijn beste en de meet succesvolle werken. Hij componeerde het in 1944 en het werd een groot succes. Het moet gezegd worden: Weinberg had toen de tijd mee: de Sovjets hadden iets anders aan hun hoofd dan de kunsten.

Voor deze cd werd een bewerking van Matthias Baier voor piano en orkest gekozen en dat vind ik jammer. Niet dat het slecht is, integendeel! Het is zonder meer schitterend en ik denk niet dat Weinberg er moeite mee zou hebben gehad, maar persoonlijk prefereer ik de kamermuziekversie want nu klinkt het zo verschrikkelijk bombastisch. Weinberg kun je een beetje vergelijken met zijn vriend en mentor Sjostakovitsj: het schrijnende en het pijnlijke konden ze als geen ander met kleine middelen weergeven.

Maar, toegegeven, ik vond het een aantrekkelijke kennismaking. Bovendien is de uitvoering echt goed en dat telt zwaar. Het is al de zevende opname van werken van Weinberg door Elisaveta Blumina en het is duidelijk dat zij haar Weinberg ‘under the skin heeft’.

‘Children’s Notebooks’ is niet een werk waar ik vaak naar zou willen luisteren, maar onder Blumina’s handen verandert het in een waar meesterwerk. De miniaturen zijn allesbehalve makkelijk om te spelen en het is werkelijk onvoorstelbaar wat zij met de stukjes doet. Het Georgische orkest onder maestro Ruben Gazarian klinkt zonder meer goed,


Mieczyslaw Weinberg: Piano Quintet, Op. 18 (orchestral version by Matthias Baier)
Children’s Notebooks, Op. 16 & 19
Elisaveta Blumina, piano
Georgian Chamber Orchestra Ingolstadt olv Ruben Gazarian
Capriccio C5366

Zwoel en geruststellend: Hagai Shaham speelt Bloch en Ben Haim

Rond zijn vijfentwintigste raakte Ernest Bloch geïnteresseerd in de ‘Joodse ziel’ die hij in zijn eigen taal, de muziek, wilde vertalen. Hij ontwikkelde een eigen stijl en in veel van zijn composities uit die tijd kun je de sfeer van Hebreeuwse gezangen proeven.

Voor de Baal Shem Suite (1923), één van zijn bekendste werken, werd hij geïnspireerd door Israel ben Eliëzer (Baal Shem Tov), de oprichter van het moderne Chassidisme, een beweging die is ontstaan in het achttiende-eeuwse Polen en gebaseerd was op mysticisme, spiritualisme en magische doctrines. Het verkondigde een soort van gelukzaligheid die alleen bereikt kon worden door middel van muziek, dans en gezang want alleen zo kon het directe contact met God bereikt worden.

Van alle uitvoeringen van die van ‘Baal Shem’ (en dat zijn er heel wat) zijn gemaakt is deze, gespeeld door Hagai Shaham en begeleid door Arnon Erez voor mij één van de dierbaarsten. Shahams toon is rond en warm met een gezonde dosis ‘schmalz’. En al balanceert hij vaak net op het randje, nergens ontaardt hij in banaliteiten.

De Berceuse Sfaradite van één van de bekendste Israëlische componisten, Paul Ben- Haïm, gebaseerd op een Sefardisch slaapliedje klinkt bij Shaham zwoel en geruststellend tegelijk. En de vioolsolosuites van beide toondichters, op verzoek van Yehudi Menuhin gecomponeerd veranderen in Shahams handen in vergeten meesterwerken. Prachtig.

https://www.allmusic.com/album/bloch-baal-shem-suite-suite-h%C3%A9bra%C3%AFque-ben-haim-sonata-in-g-mw0001858618

Ernest Bloch, Paul Ben-Haïm
Baal Shem Suite, Suites for solo violin, Berceuse sfaradite
Hagai Shaham (viool), Arnon Erez (piano)
Hyperion CDA67571

Discovering Walter Kaufmann: when Bombay meets Berlin

Slow, way too slow and actually way too late, but the music world is waking up. One gap after another is finally being filled and the (consciously or unconsciously) ‘forgotten’ composers are also entering our CD players. It’s also partly thanks to the Canadian ARC Ensemble. A few years ago, together with the English label Chandos, they set up the project ‘Music in Exile’, to which we owe splendid recordings of works by, among others, Szymon Laks, Jerzy Fittelberg and Paul Ben-Haim.

And now it is Walter Kaufmann’s (1907-1984) turn, an originally Czechoslovakian composer whose name, even to me, was nothing more than a name. Not that he had been completely forgotten: in Canada, his new homeland since 1947, he was a highly regarded piano teacher at the Halifax Conservatory. In 1956 he was offered a job at a conservatory in US where he was adored by his students. But as much as he was loved as a teacher, as forgotten he was as a composer. And that is extremely unfortunate because Kaufmann’s life course – and his works – are quite different from those of his exile fellows.

Early on, Kaufmann became obsessed with Indian music, which made him decide to flee to India in 1933. Once at his destination, Kaufmann immersed himself in the music of his host country. Among other things, he composed a tune for ‘All India Radio’ and founded the ‘Bombay Chamber Music Society’. All the chamber music works, on this Chandos recording really magnificently played by the ARC Ensemble, are also composed in India.

No, it’s not that you should immediately think of Ravi Shankar, but the Indian influence is undeniable. And that, while you are clearly dealing with western music from the twenties / thirties. A bit hybrid, yes, but luckily that is allowed again.

Translation: Frans Wentholt


Walter Kaufmann
String Quartet No. 7, String Quartet No. 11, Violin Sonata No. 2 op. 44, Violin Sonatin No. 12, Septet (for three violins, viola, two cellos and piano)
ARC Ensemble, Chandos CHAN 20170