kamermuziek/solorecitals

Duo Walning speelt Richard Strauss

Strauss duo Walning

Toegegeven: cellosonate van Richard Strauss behoort niet tot zijn sterkste composities. Zelf vind ik het een zeurderig stuk verdriet dat eindeloos doorgaat zonder dat er daadwerkelijk iets gebeurt. Maar geef de partituur aan een cellist die weet hoe hij zijn instrument kan laten zingen, zet een pianist naast hem die in de melodische lijnen hem harmonieus weet te ondersteunen en je herkent het stuk niet meer.

Sébastien Walnier en Alexander Gurning die samen het Duo Walning vormen zijn zonder meer heel erg bekwaam en hun spel is zeer solide, maar zingen gaat ze niet zo best af. Jammer.

Als een soort ‘toegiften’ hebben de heren de bekendste en de meest geliefde Strauss-liedjes onder handen genomen en misschien was dat niet zo’n goed idee. Het is best mooi wat ze doen, echt, maar ik word er niet door ontroerd.

In ‘Morgen’ worden ze een handje geholpen door de violist Lorenzo Gatto, waardoor het lied tot een zeer sentimenteel aandoende pianotrio verwordt. Ik kan het maar niet mooi vinden.


Afijn: voor de cellosonate kunt u veel beter de opname van Anne Gastinel met Pierre-Loraint Aimard kiezen. Daar gebeurt tenminste wat.


En wat de liederen betreft: laat ze gewoon zingen!

RICHARD STRAUSS
Sonate op.6, Romanze TrV 118, Morgen, Befreit, Wiegenlied
Duo Walning: Sébastien Walnier (cello) en Alexander Gurning (piano), Lorenzo Gatto (viool)
Cypres CYP1676 • 49‘

 

Louis Lortie speelt CHOPIN Deel 5: Mazurkas, Polonaises, Allegro de concert

 

Chopin Lortie

Louis Lortie behoort tot de kleine schare meesterpianisten die ik het meest bewonder. Zijn spel is voornamelijk elegant en zijn techniek vanzelfsprekend. Hij moet het niet hebben van een louter uiterlijke vertoon waardoor zijn kunnen zowat grenzeloos lijkt. Helaas: met de vijfde deel van zijn Chopin-cyclus laat hij horen dat er ook grenzen zijn aan zijn grenzeloosheid.

Eerlijk gezegd verbaast het mij zeer: juist Lortie lijkt de pianist bij uitstek om de schijnbaar eenvoudige taal van Chopin goed te kunnen vertolken. De meeste pianisten vertillen zich er aan door te veel rubato, te veel pedaal te gebruiken en dat doet Lortie nu ook.

Mazurka is een zwierige dans. Je moet je voeten wel stevig op de grond zetten, maar de rest van je lichaam hoort sierlijk in beweging te blijven. Hier gaat Lortie de mist in: het staat te stevig vast, het mist de lichtheid, het beweegt niet.

Ook de Polonaises gaan er aan ten onder: in op.26 no. 2 slaat Lortie zo wild om zich heen dat het niet leuk meer is. Waarom? Zou hij hiermee willen bewijzen dat Chopin geen muziek is voor ‘mietjes”? Dat er meer in zit dat een slappe salongepingel?

Met dat laatste heeft hij ongetwijfeld gelijk, maar ik denk dat je Chopin het grootste eer bewijst om hem te spelen comme scrito: zoals het staat. Eenvoudig, zonder schmuck. Zoals Rubinstein het deed.


FRYDERYK CHOPIN
Mazurkas, Polonaises, Allegro de concert
Louis Lortie
Chandos 10943 • 71′

Meer Louis Lortie:
Louis Lortie speelt FAURÉ

 

EVOCACIÓN. Mengjie Han speelt Albéniz en Ravel

 

Evocaciom Mengije Han

De titel van het album,‘Evocación’, daar is goed over nagedacht. Het woord ‘evocatie’ betekent het  oproepen van beelden. Of gevoelens, en dat is precies wat deze cd met je doet. Het is tevens ook de titel van één van de stukken uit de pianosuite ‘Iberia‘ van Isaac Albéniz. De anderhalf uur durende cyclus is ontstaan als een hommage aan het geboorteland van de componist.

De – zeer impressionistische – compositie combineert Spaanse volksmuziek met het transcendentale idioom van Liszt. Koren op de molen van Mengjie Han, de jonge Nederlandse pianist die in 2014 één van de winnaars was van het Liszt-concours.

Hieronder het optreden van Mengjie Han tijdens het Finale-Gala van de Liszt Competitie op 8 november 2014:

Maar ook achter Ravels ‘Le tombeau de Couperin‘ staat een verhaal. Of eigenlijk: zes verhalen, want elk deel van dit werk is opgedragen aan een van de zes vrienden van de componist die tijdens de Eerste Wereldoorlog waren gesneuveld.

Han is een zeer tot de verbeelding sprekende pianist, iets wat zonder meer door zijn kleurrijke, fantasievolle spel komt. Doordat hij het technisch volkomen beheerst kan hij zich op de verhalen achter de noten concentreren en ze – ogenschijnlijk moeiteloos – naar de luisteraar overbrengen.

Zijn spel is zo uitermate boeiend dat ik er eindeloos naar zou kunnen luisteren. Iets, wat ik ook doe: de ‘reapeat-knop’ staat aan.


EVOCACIÓN
ISAAC ALBÉNIZ: Selection from Iberia
MAURICE RAVEL: Le Tombeau de Couperin
Mengjie Han
Cobra Records 0058 • 63′

MÉLANCOLIE. Miki Aoki speelt Poulenc, Satie e.a.

Melancolie

Ik had gewaarschuwd moeten zijn. Wie zijn recital Melancholie noemt stevent met voorbedachte rade op beoogd effect: de potentiële luisteraar bij voorbaat in de gewenste stemming te brengen.

Maar ook op de verkoopcijfers want niets verkoopt zo goed als zieligheid en tristesse. Als het maar in mineur staat! Nu is er helemaal niets mis met beiden, maar dan moet men kwaliteit kunnen bieden, want de zak met treurigheid is werkelijk onuitputtelijk. Laat dat nou net niet het geval zijn: het niveau van de mij onbekende Miki Aoki is werkelijk bedroevend.

Het  eerste nummer al, de ‘Mélancolie’ van Francis Poulenc is niet anders dan een cascade van lege klanken, van een nietszeggende gepingel. De noten staan er wel op, dat wel, maar verder?

Hier wordt ik hysterisch van en krijg de neiging om te gaan gillen, al was het om de iele pianoklanken te doen verstommen. Ik pak even de opname van Julien Lellac er bij en kan weer ademhalen.

‘Souvenir de Chopin’ van Arthur Honegger zou de reminiscentie aan de grote Pool moeten zijn, maar dat is het niet. Wat moet ik nog meer zeggen? Dat haar Satie ronduit saai is? En dat de ‘Prélude’ van Georges Auric (onderdeel van Album de Six) zo hard klinkt dat de door haar beoogde melancholie met schrik is verdreven?


MÉLANCOLIE
Pianowerken van Eric Satie, Francis Poulenc, Darius Milhaud, Arthur Honegger, Louis Durey, Georges Auric, Germaine Taifferre
Miki Aoki, piano
Profil Hänssler PH15023 • 66′

SERGEI BORTKIEWICZ: Piano Works

Bortkiewicz

Lieve mensen: deze cd is gewoon grandioos! Stiekem betrap ik mij op de gedachte dat het wellicht één van de mooiste pianorecitals van de laatste tijd is. Niet dat Sergei Bortkiewicz nu echt een onderkende genie is, maar sinds wanneer is genialiteit de voorwaarde voor de waardering en – belangrijker – voor het pure genot?

Ik kende de componist voornamelijk van zijn vocale werken en meen mij ooit een of ander pianowerkje van hem te hebben gehoord, zonder dat het een bijzondere indruk op mij heeft gemaakt. De reden dat ik zonder veel animo de cd in mijn speler heb gestopt en zie maar! Daar zat ik dan op mijn bank, met ingehouden adem schaamteloos te genieten.

Bortkiewicz werd in 1877 geboren in Charkov, een Oekraïense stad bekend door zijn vele opstanden, onder andere die van de kozakkenleider Chmielnicki. Sinds 1667 behoorde de stad, samen met het oostelijke deel van Oekraïne tot de tsaristische rijk en toen de bolsjewieken Charkov overnamen werd de Bortkiewicz-familie volledig beroofd.

Samen met zijn vrouw vluchtte de componist eerst naar de Krim en daarvandaan, samen met andere honderdvijftigduizend Russische vluchtelingen naar Constantinopel.

Geholpen door vrienden vervolgden de Bortkiewiczs hun weg naar Sofia en Belgraad om uiteindelijk Wenen te bereiken. In 1925 verwierven ze de Oostenrijkse nationaliteit. Na de tweede wereldoorlog werd de componist benoemd tot hoofd van het onderwijsprogramma aan het Weens conservatorium.

In 1952 werd Bortkiewicz kortstondig populair maar algauw werd hij gewoon vergeten. Zijn zeer toegankelijke pianostukken zijn sterk geïnspireerd door Chopin, Liszt en vroege Scriabin, maar ook Schumann is nergens ver weg. De Esquisses de Crimée op. 8 componeerde Bortkiewicz in 1908 als een ode aan de prachtige natuur van de schiereiland Krim waar hij toen verbleef.

De Oekraïense pianist Pavel Gintov speelt zeer beeldig, zijn aanslag is soepel en zijn interpretatie vurig.

Pavel Gintov speelt ‘Chaos’ uit de Esquisses de Crimée van Bortkiewicz:

SERGEI BORTKIEWICZ
Esquisses de Crimée op. 8 – Minuit op. 5 – Lyrica Nova op. 59 – Lamentation and Consolation op. 17 nr. 3 & 4 – Étude in gis, op. 15 nr. 6 – in e, op. 15 nr. 10 – in cis, op. 29 nr. 3 – in Es, op. 29 nr. 6 – Prélude in b, op. 40 nr. 2 – in Fis, op. 40 nr. 4 – in E, op. 40 nr. 7 – Consolation in Es, op. 17 nr. 8
Pavel Gintov (piano)
Piano Classics PCL0120 • 65′

 

SZYMON LAKS. MUSIC OF ANOTHER WORLD

 

Laks archief André Laks

Szymon Laks © Archiv André Laks

 

How many music lovers, even seasoned ones, have heard of Szymon Laks? Let alone of his music? Fate has been unkind to the Polish-French composer. Laks survived the hell of Auschwitz thanks to music: after he was taken captive, he was appointed conductor of the concentration camp’s orchestra.

Laks book

Laks wrote a book about his time in the camp, after which he became known as the ‘kapellmeister of Auschwitz’. Extremely painful. Like his son André stated: it may be true his father survived the war thanks to music, it should never be forgotten he mainly lived for music as well.

Laks Klüger

Ruth Klüger © Kerrin Piche Serna, University Communications

Ruth Klüger, a famous author, Germanist and Holocaust survivor wrote about Auschwitz in her book ‘Still Alive: A Holocaust Girlhood Remembered’ : “The name itself has an aura, albeit a negative one, that came with the patina of time, and people who want to say something important about me announce that I have been in Auschwitz. But whatever you may think, I do not hail from Auschwitz, I come from Vienna.”

Laks Polska Orkiestra Radiowa

© Polska Orkiestra Radiowa

Szymon Laks did not hail from Auschwitz, he was born in 1901 in Warsaw. He left for Paris in 1926 to finish his musical studies there. He studied with Pierre Vidal and Henri Rabaud and soon became part of the “Paris School.” A group consisting mainly of young, Eastern European composers like Bohuslav Martinů and Marcel Mihalovici,  with composers like Honegger, Milhaud and Poulenc as central figures.

This French school with its formal structures and neoclassical lines was a great influence on Laks, especially in his earlier works, but his oeuvre was also strongly rooted in the Polish tradition. Polish music, both classical and folk music was his biggest inspiration.

Laks deportatie

 

In May 1941 Laks was arrested and interned in the French camp Pithiviers as a foreign Jew. On July 16th 1942 he was deported from there to Auschwitz. In 1944 he was transferred to Dachau. After his liberation he returned to Paris.

Laks document

Before the war Laks worked in cinemas as an accompanist of silent films, and also played the violin in cafés. After the war all he composed, with a few exceptions, was film music.  In 1962 he started to compose again, but this period did not last very long.

Laks with son

Szymon Laks with his son André © Archiv André Laks

 

In 1967 Laks stopped composing altogether. The Six-Day War played a role in that decision, as well as the huge antisemitic wave that followed it in Poland. He told his son that he felt composing music was no longer of any use at all. The events in the Middle-East and the antisemitic excesses in Poland meant to Laks that the existence of the Jewish people was under threat once again.

The exodus of the remaining Polish Jews in  1968 did not only embitter him, but also worsened his attacks of depression which had plagued him for a long time.

Szymon Laks was an assimilated Jew who always felt more Polish than Jewish. For this reason his pre-war works were not influenced by Jewish traditions, something which changed shortly after the war.  In 1947 Laks composed his song cycle ‘Huit chants populaires juifs’ followed soon afterwards by stage music for ‘Dem sjmiets techter’ by Peretz Hirschbein.

 

ARC ENSEMBLE

Laks

The Canadian ARC Ensemble has been working on a series “Music in Exile”  for several years now. After the first two volumes with music by Paul Ben-Haim and Jerzy Fitelberg (the latter was nominated for a Grammy) they have now dedicated volume three to the music of Szymon Laks.

This CD is worth buying for the Fourth String Quartet from 1962 alone. This rhythmical work shows strong jazz influences in a classicist form. Diverse styles are affectionately combined without actually merging. Almost like passersby in a park,  greeting each other warmly, exchanging a few words, and then continuing their way. Fascinating.

How different from his “Polish” Third String Quartet from 1945 which the Canadian Ensemble recorded in the version for Piano Quintet from 1967! The Quintet has a less serious tone, parts of it are nothing more than pure entertainment. Polish folk melodies are combined with dancing passages, with every now and then time standing still, allowing you to wipe away a tear.

‘Passacaille’ from 1945 is in fact a vocalise, originally composed for voice (or cello) accompanied by piano. Here the piece is performed by a clarinet, a choice I am not entirely happy with because a clarinet simply sounds less warm than a human voice.  Simon Wynberg, the artistic director of the ARC Ensemble, sees the work as Laks’s reaction on his concentration camp experiences, expressing them in his music. Can this be true? I would like to believe it.

Passacaille, in the version for cello and piano:

Almost all pieces get their CD premiere here, but other factors make this CD a real must have as well. The quality of this long neglected music is high, of course, as are the excellent performances by the musicians. Consider buying this CD as a late reparation to the composer, who was definitely more than “kapellmeister of Auschwitz.”

ARC Ensemble records works by Laks:

LEO SMIT ENSEMBLE

Laks Pameijer

In case you want to hear more by Szymon Laks: several years ago the Leo Smit Ensemble recorded a CD with works by Laks (Future Classics 111), which includes the “Huit chants populaires juifs.” The Passacaille is included as well, in the version for flute and piano, masterly performed by Eleonore Pamijer and Marcel Worms.

 


 

 

SZYMANOWSKI QUARTET

Laks Szymanowski

Much recommended as well is the recent recording by the Polish Szymanowski Quartet (Avi 8553158). In addition to the Third String Quartet on Polish themes by Laks from 1945 it includes the String Quartet by Ravel and the Nocturne & Tarantella op. 28 from 1915 by Karol Szymanowski. It is fascinating to compare their performance of the “Polish Quartet” with the adaptation for Piano Quintet by the ARC Ensemble.

 

A few years ago Apple Republic Films started a series of documentaries on Polish-Jewish composers: the Masters Revival Series. In 2012 they made a film on Szymon Laks in collaboration with the composer’s son:

English Translation Remko Jas

Dutch original:  SZYMON LAKS. Muziek uit een andere wereld

See also:
MIECZYSŁAW WEINBERG: ‘THE PASSENGER’. English traslation

SZYMON LAKS. Muziek uit een andere wereld

 

Laks portret

Szymon Laks ca. 1965 © André Laks

 

 

Hoeveel zelfs doorgewinterde muziekliefhebbers hebben ooit van Szymon Laks gehoord? Laat staan van zijn muziek? Het lot is voor de Pools-Franse componist ongenadig geweest. Dankzij de muziek heeft Laks de hel van Auschwitz overleefd, na zijn gevangenneming werd hij als dirigent van het kamporkest ingesteld.

Daar heeft hij een boek over geschreven, waarna hij bekend is geworden als de ‘Kapelmeester van Auschwitz’. Buitengewoon pijnlijk. Zoals zijn zoon André het formuleerde: het is dan wel waar dat zijn vader een deel van zijn leven door de muziek heeft overleefd, maar hij leefde ook en misschien voornamelijk voor de muziek.

Ruth Klüger, een beroemde schrijfster, Germaniste én Holocaust-overlevende in haar boek ‘Verder leven: een jeugd’: “Het woord Auschwitz heeft tegenwoordig een krachtige lading, zij het een negatieve, die in hoge mate bepaalt hoe je denkt over een persoon die er gezeten heeft… Maar zo simpel is dat niet, want wat jullie ook denken mogen, ik kom niet uit Auschwitz, ik kom uit Wenen”.

Laks archief André Laks

© Archiv André Laks

Szymon Laks kwam niet uit Auschwitz, hij werd in 1901 in Warschau geboren. In 1926 vertrok hij naar Parijs om daar zijn muziekstudie af te ronden. Hij studeerde bij Pierre Vidal en Henri Rabaud en al gauw maakte hij deel uit van de zogenaamde ‘Parijse School’. Een groepering die voornamelijk uit jonge Oost-Europese componisten – denk aan Bohuslav Martinů en Marcel Mihalovici – bestond en waar de componisten zoals Honegger, Milhaud en Poulenc het voor het zeggen hadden.

Deze Franse School met zijn formele structuren en neoklassieke lijnen heeft Laks, zeker in zijn vroege werken beïnvloed, maar zijn oeuvre was voornamelijk sterk geworteld in de Poolse traditie. Poolse muziek, zowel de klassieke als de volksmuziek was voor hem de grootste inspiratiebron.

Laks deportatie

In mei 1941 werd Laks opgepakt en als buitenlandse Jood geïnterneerd in Pithiviers. Van daaruit werd hij op 16 juli 1942 naar Auschwitz gedeporteerd. In 1944 werd hij overgeplaatst naar Dachau en na zijn bevrijding keerde hij terug naar Parijs.

 

Laks document

Vóór de oorlog werkte Laks in de bioscopen als begeleider van stomme films, hij speelde ook viool in cafés. Na de oorlog schreef hij, op enkele stukken na eigenlijk alleen maar filmmuziek. In 1962 pakte hij het componeren weer op, maar lang heeft het niet geduurd.

 

Lakas szymon_andre_paulina_lask

Szymon Laks met zijn vrouw en zoon © © Archiv André Laks

In 1967 zette Laks een punt achter zijn componistenleven. Daar is de Zesdaagse Oorlog van invloed op geweest, alsook de daarop volgende grote antisemitische golf in Polen. Hij vertrouwde zijn zoon toe dat muziek componeren in zijn ogen totaal geen zin meer had. De gebeurtenissen in het Midden Oosten en de antisemitische hetze in Polen betekenden voor Laks dat het bestaan van het Joodse volk opnieuw bedreigd werd. De exodus van de laatste Poolse Joden in 1968 heeft hem niet alleen verbitterd maar ook zijn depressie-aanvallen, waar hij al een tijd aan leed, verergerd.

Szymon Laks was een geassimileerde Jood die zich meer Pool dan Jood voelde. Zijn werken van vóór de oorlog werden dan ook niet beïnvloed door de Joodse traditie, iets wat kort na de oorlog veranderde. In 1947 componeerde Laks zijn liederencyclus ‘Huit Chants Populaires Juifs’ en kort erna schreef hij toneelmuziek bij “Dem sjmiets techter’ van Peretz Hirschbein.

 

ARC ENSEMBLE

Laks

Het Canadese ARC Ensemble is al een paar jaar bezig met de serie ‘Music in Exile’. Na de eerste twee delen met de muziek van Paul Ben -Haim en Jerzy Fitelberg (de laatste werd genomineerd voor de Grammy-award), hebben ze nu hun deel drie aan de muziek van Szymon Laks gewijd.

Alleen al voor het vierde strijkkwartet uit 1962 is deze cd het aanschaffen meer dan waard. Het ritmische werk verraadt sterke, in een classicistische vorm gegoten jazz- invloeden. Diverse stijlen staan hier broederlijk naast elkaar zonder dat ze met elkaar mengen. Denk aan passanten in een park die elkaar hartelijk groeten, een paar woorden met elkaar wisselen en dan weer hun eigen weg vervolgen. Fascinerend.

Hoe anders dan zijn ‘Poolse’ derde strijkkwartet uit 1945, die het Canadese Ensemble in de versie uit 1967 voor pianokwintet heeft opgenomen! Het kwintet is minder serieus van toon, het is bij vlagen zelfs niet meer dan puur entertainment. Poolse volksdeuntjes gaan hier hand in hand met dansante passages, alleen blijft de tijd af en toe even stilstaan en je zo de kans te geven om een traantje weg te pinken.

Passacaille’ uit 1945 is eigenlijk een vocalise, oorspronkelijk gecomponeerd voor zang (of cello) met pianobegeleiding. Het stuk wordt hier uitgevoerd door een klarinet, een keuze die ik als minder gelukkig bestempel, een klarinet klinkt immers minder warm dan een menselijke stem. Simon Wynberg, de artistieke directeur van het ARC Ensemble beschouwt het werk als Laks’ reactie op zijn kampervaringen, alsof hij zijn ervaring hier in de muziek wilde vatten. Of het inderdaad zo is? Ik wil het graag geloven.

Passacaille, hier in de versie voor cello en piano:

Bijna alle werken beleven hier hun cd-première maar dat deze opname echt een must have is ligt aan meer factoren. Dat de kwaliteit van de zo lang zo verwaarloosde muziek hoog is staat buiten kijf, alsook de uitstekende prestaties van de musici. Beschouw het kopen van deze cd als een verlate genoegdoening voor de componist die meer was dan een ‘kapelmeester van Auschwitz’.

ARC Ensemble neemt werken van Laks op:

 

LEO SMIT ENSEMBLE

Laks Pameijer

 

Mocht u wat meer van Szymon Laks willen horen: het Leo Smit Ensemble heeft al een paar jaar geleden een cd met werken van Laks opgenomen (Future Classics 111), waaronder ook de Huits Chantsa Populaires Juifs. Ook de Passacaille staat er op, hier in de versie voor fluit en piano, meesterlijk gespeeld door Eleonore Pameijer en Marcel Worms


 

SZYMANOWSKI QUARTET

Laks Szymanowski

Zeer aanbevolen is ook de recente opname van het Poolse Szymanowski Quartet (Avi 8553158). Behalve het derde strijkkwartet op de Poolse thema’s van Laks uit 1945, staat er ook het strijkkwartet van Ravel en het Nocturne & Tarantella op.28 uit 1915 van Karol Szymanowski op. Het is fascinerend om hun vertolking van het ‘Poolse kwartet’ met de bewerking voor het pianokwinten door het ARC Ensemble te vergelijken.


Apple Republic Films is een paar jaar geleden begonnen met een serie documentaires over Pools-Joodse componisten: de Masters Revival Series. In 2012 maakten ze samen met de zoon van de componist een film over Szymon Laks:

Zie ook:

PAUL BEN-HAIM
JERZY FITELBERG
DIE PASSAGERIN (Пассажирка)

English translation:
SZYMON LAKS. MUSIC OF ANOTHER WORLD