Peter Franken

Reisopera boekt groot succes met ‘Die tote Stadt’

Door Peter Franken

DieToteStadt046

© Marco Borggreve

De Nederlandse Reisopera heeft het aangedurfd Korngolds grootste succes Die tote Stadt op het programma te nemen. Een klein waagstuk omdat het werk minder bekend is bij het grote publiek. Maar met deze productie kan men de tournee die in januari van start gaat met vertrouwen tegemoet zien.

Die tote Stadt stamt uit 1920 en is muzikaal op twee manieren te duiden. Enerzijds een terugblik op het laat romantische repertoire, anderzijds de voorbode van de filmmuziek waarmee Korngold later furore zou maken in Hollywood. Hoe het ook zij, het werk ligt gemakkelijk in het gehoor ook al komen er slechts twee geheel op zichzelf staande melodieën in voor. Het is wel een echt theaterstuk dat vraagt om een aansprekende enscenering.

Jakob Peters Messer 1.18bac1beedff90752ae9082e6d40a88b[1]

Daar is de Reisopera met deze productie volledig in geslaagd. Regisseur Jakob Peters-Messer heeft zich laten inspireren door Hitchcocks beroemde film Vertigo, waarin net als in Die tote Stadt de hoofdpersoon een levende vrouw zozeer vereenzelvigt met een betreurde dode, dat hij haar wil veranderen in haar voorgangster. Alles beter dan toegeven dat het verlies definitief is. Dat zoiets ook in werkelijkheid wel voorkomt zien we bij Agnes Luckemeyer die na haar huwelijk door het leven zou gaan als Mathilde Wesendonck. Op aandringen van echtgenoot Otto had ze de naam aangenomen van diens jong gestorven eerste vrouw.

DieToteStadt006

© Marco Borggreve

Voor Paul is Brugge na het overlijden van zijn vrouw Marie een dode stad. Voor de rest van de wereld was dat al langer zo, sinds het dichtslibben van de haven. Hij heeft de dood van zijn vrouw niet kunnen verwerken en houdt de herinnering aan haar in leven door middel van een klein tempeltje dat hij in een aparte kamer heeft ingericht. In deze productie is dat vervangen door een kabinet waarin diverse objecten zijn uitgestald die met Marie te maken hebben waaronder haar portret, een shawl, een luit en het pronkstuk: Marie’s haar.

Als Paul na jaren van rouw en vergeefse hoop op een wonder dat zijn vrouw weer tot leven zou wekken, iemand op straat ziet lopen die Marie’s evenbeeld is, spreekt hij haar aan en nodigt haar op dringende wijze uit naar zijn huis te komen. De ramen moeten open, er moeten rozen worden gehaald, Marie is gereïncarneerd in de vrouw die aanstonds op bezoek komt.

DieToteStadt021

© Marco Borggreve

Als deze Marietta binnenkomt, blijkt ze niet slechts het evenbeeld van Marie maar ook van Kim Novak uit Vertigo, type ‘Hitchcock Blonde’. Nieuwsgierig naar deze vreemde man die kennelijk zo onder de indruk was van haar verschijning, kijkt ze wat rond in het tempeltje. Hij hangt haar Marie’s shawl om en drukt haar de luit in handen: zing wat voor mij. Dan volgt het topstuk van de opera ‘Glück, das mir verblieb’, aanvankelijk door Marietta maar later in duet met Paul.

Deze raakt hierdoor verstrikt in zijn herinneringen waardoor bij Marietta, een gevierd danseres die aan elke vinger een aanbidder heeft, de verveling toeslaat. ‘Ein andrer wirkt stärker’ constateert ze en vertrekt. Niet nadat ze heeft verteld in de stad op te treden in Robert le Diable daarmee Paul onopvallend een lijntje toewerpend, je weet waar je me kan vinden.

DieToteStadt026

© Marco Borggreve

Vanaf dat moment volgen we Pauls fantasie, alle gebeurtenissen die de revue passeren blijken later zich slechts in zijn droomwereld te hebben afgespeeld. De confrontatie met zijn vriend Frank, het bezoek aan Marietta’s huis, de nagespeelde derde akte van Robert le Diable waarin nonnen uit hun graf opstaan om Robert en dus ook Paul te verleiden. De regie heeft er echter van afgezien deze droom te laten voortduren in de laatste akte.

Marietta heeft er mee ingestemd naar Pauls huis te komen en ze hebben hun eerste liefdesnacht beleefd. Routine voor haar, toch wel een beetje een hybride van Zerbinetta en Lulu. Paul verliest zich echter al snel weer in het verleden, in de hand gewerkt door een processie die bij hem kennelijk een trauma oproept. Een jongen die Paul als kind voorstelt blijkt door een groep zwartrokken van top tot teen te zijn bepoteld. Maar dan heeft Marietta er genoeg van en gaat de strijd aan met Marie.

Het is haar eer te na dat zij, aantrekkelijk, sensueel en in het volle leven staand, het zou moeten afleggen tegen een dode. Ze eist Pauls volledige aandacht op, niet als Marie’s dubbelganger maar als Marietta en als dat niet lukt treitert ze hem door een dans uit te voeren met Marie’s haar als trofee. Hij verdraagt dat niet en wurgt haar met die lange haren. Omdat dit in de benadering van Peters-Messer geen deel meer uitmaakt van Pauls droom, blijft de dode Marietta gewoon liggen. Dit tot ontzetting van de binnengekomen Frank en Pauls huishoudster Brigitta.

Op de achtergrond staan een Rijkswachter en drie mannen in witte jassen al gereed om zich over de patiënt te ontfermen. Door de ingreep van de regie wringt het hier wel een beetje met de tekst en de afsluitende handeling, maar de echte moord maakt het geheel wel geloofwaardiger. Daarmee gaat men overigens terug naar de afloop in de roman ‘Bruges la Morte’ van Georges Rodenbach waarop het libretto is gebaseerd.

Het toneelbeeld van deze nieuwe productie is ronduit schitterend met een fraai kabinet, een uit lamellen bestaande achterwand die dubbelt als venster en projectiescherm, fantasierijke kostuums die met name de scène met de herrezen nonnen een barok tintje geven. Mooi detail is Marietta’s kostuum in de derde akte. Ze draagt een overhemd van Paul, achteloos verkeerd dichtgeknoopt, over een zwarte maillot. Een duidelijke aanwijzing dat ze die nacht samen hebben doorgebracht.

DieToteStadt003

© Marco Borggreve

De dramatische sopraan Iordanka Derilova, Kammersängerin van de stad Dessau, was een werkelijk fantastische Marietta. De partij bleef geheel binnen haar niet geringe vocale mogelijkheden wat Derilova ruimschoots de gelegenheid gaf ook haar acteren de volle aandacht te geven. Haar Marietta vlinderde om Paul heen, bespotte hem ironisch, daagde hem al dansend zozeer uit dat ze het met de dood moest bekopen.

Daniël Frank bracht het volume en de stamina van een heldentenor mee voor de rol van de gekwelde Paul. Zijn vertolking was zeer overtuigend, vocaal uitstekend verzorgd en acterend steeds geloofwaardig. Paul staat bijna de gehele avond op het toneel en heeft zeer veel te zingen. Frank bracht dit tot een goed einde, had uiteindelijk nog genoeg over. Mooie tenor.

De uit Estland afkomstige bariton Modestas Sedlevičius gaf als Pierrot een welluidende vertolking van de tweede hit uit de opera ‘Mein sehnen, mein wähnen’. Mooie optredens ook van Rita Kapfhammer als de trouwe huishoudster Brigitta en Marian Pop als Pauls vriend Frank. De overige zang- en dansrollen, het koor Consensus Vocalis daarin begrepen, waren eveneens goed bezet.

Het Noord Nederlands Orkest stond onder de zeer bezielende leiding van Antony Hermus. Deze dirigent kan toveren zo lijkt het. Ongelooflijk wat hij allemaal uit zijn orkest weet te halen, fantastische wat er uit de bak opklonk. Na zijn jarenlang verblijf in Hagen en Dessau is Hermus sinds enige tijd regelmatig in eigen land te horen en dat is pure winst voor het Nederlandse muziekleven.

Die tote Stadt gaat op tournee vanaf 16 januari. Er volgen nog acht voorstellingen door het hele land zodat elke operaliefhebber van dit meesterwerk kan komen genieten zonder ver te hoeven reizen. Zeer warm aanbevolen.

Advertenties

A Quiet Place door Opera Zuid: productie van het jaar?

Door Peter Franken

 

QuietJM--20181105-2212

© Joost Milde

Goed beschouwd is A Quiet Place een stuk over The American Dream in suburbia. De film Pleasantville uit 1998 geeft hiervan een heel integer beeld. Meestal overheerst echter de schone schijn zoals dat lekker zwaar aangezet wordt in een tv show als Happy Days. Dat het onder de oppervlakte meer weghad van een sociaal labyrint heeft John Updike later geschetst in zijn roman Couples.

QuietJM--20181105-2023

© Joost Milde

Het o zo fantastische leven in een slaapstad wordt in de opera bezongen door een jazztrio dat op de meest onverwachte momenten opduikt, vanonder het aanrecht, vanachter een zijmuur of vanuit de kelder in het kleine witte huisje waar de hoofdpersonen Sam en Dinah hun door Life Magazine vereeuwigde idylle beleven, compleet met chlorofyl tandpasta. Who wants more? Het zijn de naoorlogse jaren onder de presidenten Truman en Eisenhower, toen in Nederland ‘Geluk nog heel gewoon was’.

In werkelijkheid maken Sam en Dinah alleen maar ruzie en zijn na tien jaar huwelijk zozeer van elkaar vervreemd dat ze allebei veinzen een lunchafspraak met een ander te hebben als ze elkaar toevallig in de stad treffen. Zij komt van een bezoekje aan haar psychiater, hij is even weg van kantoor waar hij net weer geweldig bezig is geweest, een echte winnaar. Eigenlijk moeten ze allebei die middag naar een toneelstukje op de school van hun zoontje Junior die daarin een belangrijke rol speelt. Maar Sam geeft de voorkeur aan de finale van een handbaltoernooi en Dinah gaat naar een film.

TROUBLE IN TAHITI: film van Tom Cairns

Dit deel van de opera is overgenomen uit Bernsteins eenakter uit 1951 Trouble in Tahiti. Het brengt Sams herinneringen tot leven in de dagen die volgen op de begrafenis van Dinah die omgekomen is bij een auto ongeluk. De titel refereert aan de film die Dinah die middag van Juniors toneelstuk heeft gezien. Een escapistisch geheel dat door haar uitgebreid wordt verteld. De kernscène ‘Island Magic’ laat Bernstein klinken als een parodie op de populaire musical South Pacific.

Dinah’s begrafenis is de aanleiding voor het samenkomen van de leden van het volledig ontwrichte gezin. Sam en Dinah zijn ondanks alles zo’n veertig jaar bij elkaar gebleven. Junior is naar Canada geëmigreerd om de dienstplicht te ontlopen tijdens de Vietnam oorlog. Zijn jongere zus Dede is hem later nagereisd en getrouwd met Juniors homofiele partner Francois, zodat ze de aan een psychose lijdende Junior samen kunnen beschermen.

QuietJM--20181105-1941

© Joost Milde

De emoties lopen hoog op, zijn vaak nogal rauw, het gaat er hard aan toe. Verwijten vliegen over en weer, trauma’s komen naar boven. Junior heeft een dwangneurose die hem voortdurend alles laat rijmen en in twee grote blues nummers, een soort rap avant la lettre, veegt hij de vloer aan met zijn vader en later ook met het beeld dat Francois heeft van de relatie die hij ooit met zijn jonge zusje had. De als Junior uitblinkende bariton Michael Wilmering gaf het alles wat hij had waardoor deze topnummers in volle glorie over het voetlicht kwamen.

QuietJM--20181106-3165

© Joost Milde

Het stuk komt wat traag op gang doordat de openingsscène in het uitvaartcentrum nogal veel bijfiguren kent die allemaal hun zegje moeten doen. Hier hadden Wadsworth en Bernstein zich nog wat meer mogen beperken. Zodra Sams gezin centraal komt te staan, krijgt de handeling veel vaart en die blijft er tot het einde in als na een kortstondige verzoening er door een kleinigheid toch weer een knetterende ruzie ontstaat, vooral door toedoen van Junior die in een vlaag van razernij het losbladige dagboek van zijn moeder de lucht ingooit. Vrij snel keert de rust echter terug omdat iedereen beseft dat het zo niet kan blijven gaan, men moet proberen tot elkaar te komen. Het is het einde van de opera: all is quiet in het witte huisje van Sam en Dinah, de ‘quiet place’ uit de titel.

Orpha Phelan (regie) en Madeleine Boyd (scenografie & kostuums) hebben gekozen voor een eenheidsdecor waarin door middel van minimale wijzigingen een wisseling van plaats en tijd aanschouwelijk wordt gemaakt. Het werkt wonderwel, een mooi voorbeeld van hoe je met relatief beperkte middelen heel effectief te werk kunt gaan. Alles ziet er doordacht uit, de toeschouwer kan zich probleemloos verplaatsen in elke scènewisseling. Matthew Haskins heeft gezorgd voor een uitgekiende belichting en Lauren Poulton voor een fraai uitgewerkte choreografie. Hoe iedereen beweegt mag gerust voorbeeldig worden genoemd.

Quiet jazzJM--20181105-2188

© Joost Milde

Het jazztrio bestaande uit Veerle Sanders, Jeroen de Vaal en Rick Zwart (mezzo, tenor, bariton) wordt ook ingezet ter ondersteuning van de handeling. Zo houden de mannen een handdoek voor Young Sam die zich uitkleedt terwijl hij in een opblaasbadje staat nadat hij met zijn team de finale van de handbalwedstijd heeft gewonnen. Terwijl hij zingt over mannen die geboren zijn als winnaars terwijl anderen gedoemd zijn hun hele leven verliezers te blijven, gebruikt hij beide mannen als kapstok terwijl Veerle hem een douchebad geeft met behulp van een tuingieter.

En om het tijdsbeeld nog eens extra kleur te geven mag Veerle zich helemaal uitleven in een dansnummer gestoken in een Playboy Bunny kostuum. Het trio vormde een geweldige ondersteuning voor de handeling, enerzijds zorgde het voor comic relief, anderzijds leverde het ironisch commentaar op het gebeuren. En steeds uitstekend gezongen en met perfect uitgevoerde bewegingen.

De ménage à trois bestaande uit Junior, Dede en hun beider partner Francois leverde een topprestatie. Zowel de moeilijk te zingen delen, meer praten, als de lyrische momenten kwamen uitstekend uit de verf. Tenor Enrico Casari gaf herkenbaar uitbeelding aan de relatieve buitenstaander die zijn schoonvader voor het eerst ziet en verzeild raakt in een situatie waarin hij Junior er niet van kan weerhouden Dinah’s begrafenis op stelten te zetten.

QuietJM--20181105-1662

© Joost Milde

Dede werd fraai geportretteerd door de sopraan Lisa Mostin, onzeker, kwetsbaar, maar ook blij haar vader eindelijk weer te zien, als was het dan bij de kist van haar moeder. ‘I’m so pleased we’ve met’ zingt zij haar vader toe, alsof hij nieuw voor haar is. In de tuin zingt ze aandoenlijk over de verwildering, alsof Dinah haar einde had zien aankomen en maar vast was gestopt met dat eindeloze onkruid wieden.

QuietJM--20181105-2043

© Joost Milde

Old Sam was in handen van de zeer ervaren bas-bariton Huub Claessens die zijn reputatie alle eer aandeed. Zijn jongere tegenhanger werd vertolkt door de bariton Sebastiàn Peris I Marco die deze rol dit jaar ook al zong in Trouble in Tahiti tijdens het Opera Forward festival van DNO. Goed gezongen en prima geacteerd: een onprettig persoon die Young Sam.

De sopraan Turiya Haudenhuyse gaf gestalte aan Dinah. Ze zong net als Peris die rol ook als bij DNO in Trouble in Tahiti. Haudenhuyse een mooie vertolking van een ‘desperate housewife’ jaren ’50 stijl, vaste klant bij een ‘shrink’ en haar frustraties wegschrijvend in een dagboek.

Mede doordat het stuk een gebroken ontstaansgeschiedenis heeft, treden er nogal wat verschillen in het muzikale idioom op. Wat terug gaat op Trouble in Tahiti is jazzy, vaak melodieus zoals in Candide en West Side Story. Ook de instrumentatie doet geregeld sterk aan Bernsteins grootste succesnummer denken. De mantel die eromheen is gelegd waardoor A Quiet Place is ontstaan, is dertig jaar later stand gekomen en dat is goed te horen. Toch ook hier herkenbaar idioom en jazzy momenten.

Dirigent Karel Deseure wist dit muzikale palet volop kleur te geven. Hij gaf uitstekend leiding aan de prachtig spelende philharmonie zuidnederland. Dat gezegd hebbend moet wel worden benadrukt dat het echte theatermuziek is. Het is minder geschikt om als op zichzelf staand stuk te beluisteren. Omgekeerd betekent dit dat hoge eisen worden gesteld aan de enscenering, die moet het tot een aansprekend geheel maken. Wel, dat is hier bijzonder goed gelukt. Deze Quiet Place is een fantastische productie, de voorstelling is er een met een gouden rand. Opera Zuid heeft hiermee een geweldige troefkaart in handen voor een succesvolle tournee langs de Nederlandse theaters met een uitstapje naar Luxemburg.

Bezocht op 9 november in Maastricht

Deze recensie verscheen eerder op https://www.operamagazine.nl/featured/46096/a-quiet-place-met-een-gouden-rand/

Voor Trouble in Tahiti zie:  TROUBLE IN TAHITI: film van Tom Cairns

 

‘Lessons in Love and Violence’ zit vol ingehouden spanning

Text: Peter Franken

Embargo on image use until 9.45pm on 10-05-18.LESSONS IN LOVE AND VIOLENCE Ð Image restrictions 

Dear All

The production of Lessons in Love and Violence features four reproductions of paintings by Francis Bacon.  

Use of photography that include Bacon works will need to be approved by the Estate of Francis Bacon except for editorial use by press photographers, however, all photographers need to be aware that the set includes the Bacon reproductions and they can only use images (or footage) in accordance with the fair dealing exceptions in the Copyright, Designs and Patents Act 1988, Section 30.

Images can therefore be used in news items and reviews relating to this production, but for no other purpose. No photographs containing any of the reproductions of Francis Bacon images are allowed to be lodged with any photo library.

Lessons in Love and Violence. Photo: Tristram Kenton © The Stage

George Benjamin en zijn librettist Martin Crimp laten zien dat ze in staat zijn het enorme succes van Written in Skin te evenaren. Hun nieuwe opera is een compact werk vol ingehouden spanning, bijna te vergelijken met een psychologische thriller à la Hitchcock.

Psycho is een van Benjamins favoriete Hitchcock films en dat is te merken aan de wijze waarop hij met zijn muziek spanning weet te creëren en vooral ook te doseren. Het orkest is tijdens de scènes niet zeer prominent aanwezig maar des te meer tijdens de tussenspelen. Melodie speelt geen rol in Benjamins muziek, niettemin is het heel toegankelijk voor luisteraars die minder affiniteit met het moderne idioom hebben. Dat is vooral te danken aan de perfecte verbinding van de tekst van Martin Crimp met Benjamins muziek. Het is een gouden duo die twee.

Evenals Written on Skin is ook dit werk gebaseerd op een middeleeuws gegeven te weten de regering van de Engelse koning Edward II die regeerde aan het begin van de 14e eeuw. Crimp is uitgegaan van een toneelstuk van Christopher Marlowe uit 1594 dat handelt over de relatie van de koning met zijn favoriet Piers Gaveston en de gevolgen die dit voor hem en zijn omgeving heeft gehad. Hoewel is uitgegaan van een historisch gegeven, is de enscenering volledig eigentijds. Martin Crimp ziet het verleden als een mythologische speeltuin voor de librettist waarin hij zich naar hartenlust kan uitleven. Het product is slechts een nieuwe versie van een al vaak verteld verhaal waarin eigen accenten worden geplaatst.

Lessons

Barbara Hannigan (Isabel), Stéphane Degout (King), Gyula Orendt (Gaveston)
© ROH | Stephen Cummiskey

Centraal staat de vierhoeksverhouding van Koning, koningin Isabel, Gaveston en Mortimer. Mortimer neemt wraak op Gaveston die heeft hem feitelijk heeft geruïneerd en van het hof heeft doen verdwijnen. Dit ten aanschouwe van de zoon en dochter van het koninklijk echtpaar. Met name de zoon is hierin van belang, aangezien hij ‘voor koning moet leren’.

Een eerste les is dat alles overheersende liefde met uitsluiting van de rest van de wereld haaks staat op de uitoefening van het koningschap. Een tweede les is dat aan een dergelijke ongewenste situatie slechts een einde gemaakt kan worden door middel van geweld, in dit geval de dood van Gaveston. Een derde les is dat een potentiële usurpator als de Madman moet worden gedood ook al is hij slechts een verwarde geest die zich beroept op wat zijn kat hem heeft verteld. Hieruit trekt de jongen zelf de ultieme les dat een heerser nooit losse eindjes kan tolereren en dat dus de moordenaar van zijn vader moet worden gedood, vergelijk Orestes en Aegisthus. Het koningschap moet worden bevochten door Mortimer te doden.

Als het voorbij is zit de zoon op de troon en heeft hij vooral veel geleerd over geweld. Weinig over liefde, dat is slechts vergif dat de goede verhoudingen verstoort en mensen tot grensoverschrijdend gedrag aanzet. Zo ook zijn moeder die haar loyaliteit laat overgaan van de echtgenoot die haar heeft verstoten naar de raadsheer Mortimer, die samen met haar een greep naar de macht doet. Isabel in de rol van Clytaemnestra.

Het duo Katie Mitchell en Vicki Mortimer zorgt voor een herkenbare enscenering: een kamer met veel figuranten in stemmige kledij gewapend met clipboards. Verder hier en daar bewegingen in slow motion. Het wordt nogal voorspelbaar zo langzamerhand. De kamer wordt getoond vanuit verschillende hoeken met steeds andere decorstukken. Hiertoe wordt na elk van de in totaal zeven scènes het doek neergelaten wat de spanning niet echt ten goed komt.

 

Lessons in

Samuel Boden (Boy), Stéphane Degout (King), Gyula Orendt (Gaveston), Ocean Barrington-Cook (Girl)
© ROH | Stephen Cummiskey

Stéphane Degout als Koning en Gyula Orendt als Gaveston maakten indruk met hun uitbeelding van het liefdeskoppel dat door uitsluiting van de omringende wereld zijn eigen doodvonnis tekent. Echt gezongen werd er niet, het was meer vocaliseren op Benjamins noten maar het klonk zeer authentiek en geloofwaardig. Orendt kwam later terug als doodsengel in een huiveringwekkende scène waarin hij de koning komt vertellen dat hij al dood is. Daarmee is de cirkel gesloten, Gaveston vertegenwoordigde van meet af aan de dood voor beiden. Het naar binnen gekeerde karakter van hun grote liefde deed in de verte denken aan Tristan und Isolde.

 

Lessons Hoare

 Peter Hoare as Mortimer in Lessons in Love and Violence, The Royal Opera © 2018

Mortimer was in handen van Peter Hoare die zijn personage gestalte wist te geven met ingehouden afkeer van de twee lovers, verkerend in openlijke woede wanneer hij zijn positie verliest. Samuel Boden was de zoon die de lessen moet leren die hierboven werden besproken. Lastige rol om iets moois van te maken maar hij hield zich goed staande in de enige scène met een uitgesproken gewelddadig karakter waarin Mortimer hem dwingt te bevestigen dat de Madman de doodstraf verdient.

 

ROYAL OPERA - LESSONS IN LOVE AND VIOLENCE 2018

 Barbara Hannigan  (© Royal Opera House / foto Stephen Cummiskey)

Barbara Hannigan was vocaal weinig opvallend in de ensembles maar trad des te meer op de voorgrond tijdens de meer intieme momenten. Benjamins muziek is haar letterlijk op het lijf geschreven en je kan je nauwelijks voorstellen dat de rol van Isabel door iemand anders wordt vertolkt. Haar personage – de vernederde ter zijde geschoven koningin – zou gemakkelijk de sympathie van het publiek kunnen winnen ware het niet dat Crimp haar laat zien als iemand die zich nauwelijks onderscheidt van de twee mannelijke protagonisten.

Als een groep vertegenwoordigers van het noodlijdende volk zich komt beklagen over de verspilling van geld aan het hof laat ze een kopje azijn aanrukken waarin ze een parel oplost. ‘De schoonheid van de parel staat op zichzelf, die heeft geen prijs, net zomin als dat muziek een prijs heeft. Kijk, huizen voor elk van jullie lossen op en genoeg voorraden om de winter door te komen.’ De klagende burgers worden weggestuurd, krijgen nog wel wat geld mee maar verder is hun lot Isabel om het even.

Ze blijft uiteindelijk met lege handen achter, haar geliefde echtgenoot is mede door haar toedoen vermoord toen ze hem niet kon terugwinnen nadat Gaveston was geëlimineerd, haar nieuwe liefde Mortimer is omgebracht door haar zoon, ze is geen koningin meer. Voor haar is uitgekomen wat Mortimer aan het begin stelde: ‘liefde is vergif’.

 

Embargo on image use until 9.45pm on 10-05-18.LESSONS IN LOVE AND VIOLENCE Ð Image restrictions 

Dear All

The production of Lessons in Love and Violence features four reproductions of paintings by Francis Bacon.  

Use of photography that include Bacon works will need to be approved by the Estate of Francis Bacon except for editorial use by press photographers, however, all photographers need to be aware that the set includes the Bacon reproductions and they can only use images (or footage) in accordance with the fair dealing exceptions in the Copyright, Designs and Patents Act 1988, Section 30.

Images can therefore be used in news items and reviews relating to this production, but for no other purpose. No photographs containing any of the reproductions of Francis Bacon images are allowed to be lodged with any photo library.

Lessons in Love and Violence. Photo: Tristram Kenton © The Stage

De verschillende bijrollen kwamen op naam van Jennifer France (ooit Zerbinetta bij de Reisopera), Krisztina Szabó en Andri Björn Róbertsson, van uitstekend niveau waarbij laatstgenoemde zich wist te profileren als Madman. Ocean Barrington-Cook gaf gestalte aan de zwijgende rol van de dochter en wist daarbij veel aandacht op zich te vestigen.

Schitterende prestatie van het orkest van de Royal Opera. In een gesprek toonde Sir George Benjamin zich uitermate tevreden over de inzet en het niveau van de artistieke prestaties van de orkestleden en daar had hij alle reden toe. Veel bijval van het publiek voor alle betrokkenen. We kijken uit naar de reeks voorstellingen in Het Muziektheater.

Lessons in Love and Violence trailer (The Royal Opera):

Bezocht op 18 mei in The Royal Opera Covent Garden

Deze recensie verscheen al eerder op Place de l’Opera

Zie voor meer informatie over de Nederlandse speelreeks van Lessons in Love and Violence de website van het Holland Festival.

Aantrekkelijke Ballo in maschera van Opera Zuid

DOOR PETER FRANKEN

 

Ballo affiche

© Opera Zuid

Hoewel de tournee er bijna opzit op de valreep nog een bericht over de productie van Un ballo in Maschera die de afgelopen maand door ons land reisde. Een eerder bezoek bleek niet mogelijk maar beter laat dan nooit, zegt men wel eens.

Regisseur Wout Koeken heeft gekozen voor de originele versie die zich afspeelt aan het hof van de Zweedse koning Gustavo III einde 18e eeuw. Dat komt een stuk overtuigender over dan de versie die Verdi door de censuur werd opgelegd en waarbij de hoofdrol wordt vertolkt door de Engelse gouverneur van Boston. Daar klinkt overigens nog wel iets van door als Gustavo tegen het einde zijn vriend en rivaal in de liefde voor Amelia ‘terug naar zijn vaderland wil sturen, zodat een oceaan hem van diens echtgenote zal scheiden’. Voor iemand die Anckarström heet, kan is er toch nauwelijks een ander vaderland denkbaar zijn dan Zweden, en daar is hij al.

 

Ballo JM--20180515-7951

Opera Zuid beschikt over zeer beperkte financiële middelen en dus is het zaak samen te werken met andere operagezelschappen, die liefst wat minder krap bij kas zitten. Dat is deze keer zeer goed gelukt, Un ballo is een coproductie met maar liefst drie andere operahuizen en dat blijkt direct uit de aankleding: decor en kostuums zien er prachtig uit.

Gespeeld wordt in een fantasierijke setting die een goed beeld geeft van de tijd waarin een en ander zich afspeelt. Uiteraard is er een klein theater op het toneel, een knipoog naar de hobby van Gustavo en het bal aan het slot heeft een complete theaterzaal als decor, compleet met plafondschildering en loges rondom. Het staat echter op zijn kant, zodat de toeschouwer recht tegen het plafond aankijkt, leuk gevonden.  De kostuums zijn een lust voor het oog, zeer gevarieerd en stuk voor stuk periode getrouw.

 

BalloJM--20180516-8845

Die keuze voor klassiek operatheater wordt echter wel een beetje overdreven door zangers nogal nadrukkelijk naar de zaal te laten zingen, zoveel ‘vroeger’ was nu ook weer niet nodig. Maar er wordt goed geacteerd en in zijn algemeenheid ook vrij goed gezongen.

Dirigent Karel Deseure gaf leiding aan een uitstekend spelende philharmonie zuidnederland. Prachtig moment de inzet van de tweede akte met die drie harde klappen die het optreden van Ulrica inleiden. Je zit direct rechtop in je stoel, er gaat wat gebeuren.

Ulrica heeft hier zelfs een achternaam, ze heet mevrouw Arvedson en dat is wel erg Zweeds voor een geheimzinnig type dat in contact staat met de duivel. Melanie Forgeron maakte als Ulrica evenmin de indruk van een medium maar meer van iemand die aardig een waarzegster weet te spelen. Op zich goed gezongen maar de stem was niet zwaar genoeg om voor enige onbehaaglijkheid te zorgen.

 

BalloJM--20180516-8852

Bij de Oscar van Kristina Bitenc was dat net andersom, die stem had iets lichter mogen zijn. De rol vraagt eigenlijk om een soubrette, althans zo hoor je het meestal. Bitenc zette een  alleraardigste androgyne Oscar neer, een knappe jongen in de eerste akte en een mooi meisje in de derde. Uitstekend gezongen en geacteerd, knap gedaan.

 

Ballo

Jannelieke Schmidt gaf zich helemaal in haar vertolking van de tot ongeluk gedoemde Amelia maar kon niet verhullen dat deze rol eigenlijk nog wat boven haar kunnen lag. Het was goed maar nog niet goed genoeg, een casting waar een vraagteken bij kan worden geplaatst. Uiteraard kan ze in het dramatische vak nog groeien, en dat zal zeker gebeuren, maar zoiets kost tijd en veel podiumervaring.

Jason Howard als Renato Anckarström heeft die ervaring al wel en bracht een redelijk geslaagde vertolking van de trouwe vriend die niet alleen bedrogen wordt maar ook nog eens voor gek wordt gezet tegenover zijn medehovelingen. We hebben er 17 opera’s op moeten wachten maar aan het einde van de tweede akte van Un ballo mag er voor het eerst sinds Un giorno di regno weer eens gelachen worden van Verdi. De heren van het Theaterkoor Opera Zuid hadden er duidelijk schik in.

Gustavo was in handen van de tenor Adriano Graziani. Hij kwam moeilijk uit de startblokken – aanvankelijk had ik ernstige twijfels over het verdere verloop – maar groeide gaandeweg in zijn rol om in de derde akte alle registers open te zetten in zijn aria ‘Ma se m’è forza perdiri’. Daarmee verwierf hij na een lange avond duidelijk de gunst van het publiek.

Een mooie Verdi avond, niet slechts visueel maar zeker ook muzikaal al blijkt wel degelijk dat coproduceren weliswaar de productiekosten kan drukken maar geen invloed heeft op de financiële beperkingen waaraan de casting is gebonden. Over het geheel genomen was het goed maar eigenlijk verdient deze Ballo toch iets betere zangers.

Trailer van de productie:

Adriano Graziani, Jason Howard, Jannelieke Schmidt, Kristina Bitenc, Melanie Forgeron,  Huub Claessens, Rick Zwart, Kazuma Goto  e.a.
Theaterkoor Opera Zuid (koordirigent: Klaas-Jan de Groot); orkestphilharmonie zuidnederland olv Karel Deseure
Regie: Waut Koeken

Fotomateriaal © Joost Milde

Meer Ballo in maschera: 2 x ‘Gemaskerde moord’ op Plácido Domingo alias koning Gustaaf III

Geslaagde productie van La Donna del Lago in Luik

Door Peter Franken

La Donna del Lago Luik affiche

 

Op het toneel een vredig ouder echtpaar. Zij loopt weg om een bos bloemen te halen en plaatst deze zwijmelend in een vaas naast het portret van een jonge man. Dat valt verkeerd, de oude man smijt de bloemen weg en giet het water uit over de tafel met daarop het portret, als om deze plek van devotie te ontheiligen.

G. Merli - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

@ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Regisseur Damiano Michieletto, in Amsterdam bekend van zijn Viaggio a Reims, geeft een eigen draai aan La Donna del Lago. In deze coproductie met het Rossini Festival in Pesaro stelt hij de vraag of Elena ooit de juiste beslissing heeft genomen toen ze vasthield aan haar keus voor Malcolm als echtgenoot. Immers zonder het te weten had ze de koning afgewezen. Hij was dan wel incognito aan haar verschenen als Uberto maar was wel degelijk in staat geweest haar innerlijke vrede te verstoren.

 

G. Merli - S. Jicia - M. Mironov - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

@ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Niet dat Elena een carrière als koningin heeft gemist, hooguit als een van de vele maîtresses van koning James V en moeder van een van zijn bastaarden. Maar toch, het blijft aan haar knagen en echtgenoot Malcolm heeft het er moeilijk mee.

De twee oudere acteurs brengen Michieletto’s idee glashelder over maar was het nodig om ze bijna permanent op het toneel te houden? Van begin tot einde is met name de oudere Elena voortdurend bezig zichzelf in de handeling in te voegen, soms wat geforceerd en na verloop van tijd nogal voorspelbaar. Ze beleeft de fase in haar leven waarin ze de verkeerde afslag heeft genomen en gaat daar geheel in op. Zozeer dat ik wenste dat ze even ergens een kopje koffie zou gaan drinken.

Het toneelbeeld bevestigt het droeve lot van Elena en haar Malcolm. We zien de binnenplaats van een landhuis in vergaande staat van verval, die tevens dienstdoet als huiskamer en slaapkamer. Er staat een bed, een bank en een paar stoelen. De jonge Elena leeft hier met haar vader, de clanleider Douglas die tegen de koning rebelleert. Het verval is duidelijk symbolisch, Douglas is van het hof verstoten en de toekomstige Elena leeft voor haar gevoel in een bouwval terwijl ze zoveel beter had kunnen krijgen.

De handeling van de opera is eenvoudig: drie mannen strijden om Elena’s gunst. Ze heeft trouw beloofd aan Malcolm maar die is al langere tijd weg, ergens aan het rebelleren tegen de koning. Haar vader heeft haar beloofd aan Rodrigo, leidend krijgsman in de opstand. En plotseling staat een vriendelijke jonge man op de stoep die zich Uberto noemt.

 

S. Romanovsky - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Sergey Romanovsky @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Voor Rossini een uitgelezen gelegenheid om een tenorenduel te schrijven waarin Rodrigo en Uberto elkaar naar het leven staan, overigens zonder echt te beseffen dat ze concurrenten in de liefde zijn.Voorspelbaar gaat het hierbij flink de hoogte in waarbij beide heren niet voor elkaar onderdoen. Sergey Romanovsky was goed op dreef als de alfa male Rodrigo, mooie vertolking met passend assertieve voordracht.

Zijn tegenstrever Uberto krijgt hem vocaal er niet onder maar buiten beeld kennelijk wel. In de apotheose waarin Uberto zich bekend maakt als James en iedereen vergiffenis schenkt, zien we Rodrigo niet meer terug.

 

M. Mironov - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Maxim Mironov @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Maxim Mironov wist het publiek op zijn hand te krijgen met een uitstekende vertolking van Uberto alias James V. Hij wordt op slag verliefd op Elena die hij aanvankelijk aanziet voor een bosnimf. Het is een licht ontvlambaar type, die Uberto. Voor de bevrediging van zijn amoureuze gevoelens is hij bereid grote risico’s te nemen. Dat aspect van zijn personage wist Mironov goed tot uitdrukking te brengen. Zijn vertolking van Rossini’s vocale capriolen ontaardde nergens in een circusact maar bleef voortdurend geloofwaardig. Uiteraard met hoge goed getroffen noten.

 

S. Orfila - S. Jicia - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Simón Orfila en Salome Jicia @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Vader Douglas kwam voor rekening van de bas Simón Orfila, geheel in de stijl van de oudere patriarch die geen tegenspraak duldt. Mooie bijrollen verder voor Julie Bailly als Albina Stefan Cifolelli als Serano en Bertram. Goede bijdrage van het koor van de Waalse Opera ingestudeerd door Pierre Iodice.

 

G. Merli - M. Pizzolato - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Marianna Pizolato @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Malcolm is een Hosenrolle, en de broek was aangetrokken door de mezzo Marianna Pizzolato. Haar bijdrage bleek uiteindelijk de meest succesvolle van de voorstelling te zijn, veel bijval van het publiek en terecht. Malcolm is maar weinig op het toneel maar neemt dat geheel in bezit als hij verschijnt. Het is een zware rol, zang technisch maar ook in de zin dat Malcolm de zwaargewicht achter de schermen is. Hij bepaalt de afloop in emotioneel opzicht.

 

S. Jicia - @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Salome Jicia @ Opéra Royal de Wallonie-Liège

Salome Jicia, de feitelijke titelrolvertolkster, kon zich niet aan de schaduw van haar mezzo collega ontworstelen. Haar presentatie was wat vlak, niet erg sprankelend wat je toch van een Rossini sopraan verwacht. Nu zat het haar ook niet mee, aangezien Elena eigenlijk pas echt een vrij veld krijgt aan het einde en daarin wist ze zich goed te manifesteren. Elena is dan wel veel op het toneel, veelal is ze niet agerend maar reagerend en participeert ze in dialogen en duetten waarin de tegenspeler het voortouw neemt. In de laagte vond ik haar stem wat dof, in het middenregister wel mooi maar zodra er een hoogstandje moest worden verricht was ze nogal schreeuwerig. Eindoordeel: adequaat maar niet bijzonder.

Gesprek met Michelle Mariotti over de opera:

Michelle Mariotti gaf enthousiast leiding aan het orkest, goed tempo, veel zorg voor de balans tussen orkest en zangers. Verder mooie soli van de houtblazers en fraai ensemblespel van de strijkers in de snelle passages. Al met al een mooie Rossini middag daar in Luik.

La Donna del lago – Teaser:

Gioacchino Rossini
La Donna del lago
Salome Jicia, Marianna Pizzolato, Maxim Mironov, Sergey Romanovsky, Simón Orfila, Stefan Cifolelli, Julie Bailly
Acteurs: Giusi Merli en Alessandro Baldinotti
Orchestre et Choeurs Opéra Royal de Wallonie-Liège olv Michele Mariotti
Regie: Damiano Michieletto

Bezocht op 13 mei 2018

Sellars en Currentzis completeren Mozarts ‘Titus’

Door Peter Franken

Russell Thomas als Tito Vespasiano, Paula Murrihy als SestoCredits: Ruth Walz

Russell Thomas als Tito Vespasiano, Paula Murrihy als Sesto © Ruth Walz

Achter op het vrijwel lege toneel van de Nationale Opera is een groepje zelfmoordterroristen bezig een aanslag voor te bereiden. Men is in de weer met bomgordels en rugzakjes gevuld met explosieven. Uit de orkestbak klinkt licht unheimische muziek, die de beklemmende sfeer verhoogt als ware het een film van Hitchcock. We kijken naar Mozarts La Clemenza di Tito, of op z’n Duits ‘Titus’.

Adagio und Fuge KV 546:

 

Genoemde muziek is Mozarts Adagio und Fuge KV 546, geschreven in 1788, 3 jaar voor de compositie van Tito. Het is een idee van regisseur Peter Sellars, zo zegt hij zelf. Maar er is meer muziek toegevoegd aan de Clemenza di Tito die op 7 mei bij DNO in première ging. Dirigent Teodor Currentzis putte rijkelijk uit Mozarts Mis KV 427 waardoor alles bijeen zo’n drie kwartier muziek aan de opera werd toegevoegd, allemaal van Mozart natuurlijk.

Currentzis en Sellars gaan uit van de gedachte dat Tito niet de opera is die Mozart had willen schrijven of liever, had moeten schrijven. De argumenten zijn duidelijk: het was een opdrachtwerk ter gelegenheid van de kroning van Leopold tot koning van Bohemen, het moest een opera seria zijn – een genre dat Mozart was ontgroeid – en het was een haastklus die werd uitgevoerd toen Mozart al zo ziek was dat hij kon vermoeden het niet lang meer te zullen maken.

Daar kunnen wel een paar kanttekeningen bij worden geplaatst. Mozart en zijn librettist Caterino Mazzolà namen voldoende tijd om het oorspronkelijke libretto van Metastasio uit 1734 grondig te bewerken en er een boodschap in te leggen die het koninklijk gezelschap op zijn minst ervan zou moeten overtuigen dat er sinds de Franse Revolutie een andere wind door Europa woei en dat restauratie van de absolute monarchie een gepasseerd station was.

Verder was Mozart natuurlijk op de hoogte van zijn eigen werk en het zou hem hoegenaamd geen moeite hebben gekost om de uitbreidingen die met name Currentzis heeft ingevoegd voor eigen rekening te nemen. Of om desnoods Süssmayer dat even voor hem te laten doen.

 

clemenza1

© Ruth Waltz

Ziek of niet, ontgroeid aan het genre, beklemmende randvoorwaarden, dit alles heeft de compositie van een werk op ‘Mozart niveau’ niet in de weg gestaan. In de productie van Sellars en Currentzis zijn de aanpassingen dan ook niet bedoeld als verbetering of completering maar als middel om bepaalde emoties wat sterker uit te lichten. En dat is goed gelukt, hoewel het ook wel wat minder had gekund allemaal.

De recitatieven zijn teruggebracht tot een absoluut minimum maar dat is nog steeds voldoende om de voortgang van de handeling te kunnen volgen. Wel komt hierdoor minder uit de verf hoe Vitellia zo’n enorme invloed op Sesto kan uitoefenen, maar die liefdesgeschiedenis is sowieso sterk naar de achtergrond gedrongen.

Sellars stelt dat de recitatieven weinig meer doen dan Tito ophemelen en dat zal bedoeld zijn om koning Leopold onder de kin te kietelen, dus inmiddels achterhaald. Echter als Tito zijn eerste goede daad verricht – hij schenkt het geld bestemd voor een aan hem gewijde tempel aan de slachtoffers van de recente uitbarsting van de Vesuvius – voegt Currentzis het Benedictus & Hosanna uit Mozarts Mis in. Servilia, Annio en het koor zingen ‘Gezegend hij die komt in de naam des Heren. Hosanna in den hoge’. Dus de lovende recitatieven worden vervangen door een prachtig stuk muziek waarvan het effect is dat Tito niet alleen wordt geprezen maar ook nog eens vergoddelijkt.

 

Koor: musicAeterna Credits: Ruth Walz

musicAeterna  © Ruth Waltz

Hier heeft in mijn perceptie de keuze van het betreffende stuk meer te maken met de mogelijkheid om Currentzis’ koor op de voorgrond te laten treden dan met een kritische blik op de inhoud.

Iets dergelijks gebeurt als Servilia de keizer komt uitleggen dat ze liever niet zijn keizerin wil worden omdat ze al van Annio houdt. Hij maakt een ruim gebaar, geeft aan dat het fantastisch is dat tenminste iemand nog tegen hem durft te zeggen wat hij of zij denkt. En Servilia plus koor zingen vervolgens het Laudamus uit de Mis: ‘Wij prijzen U, wij zegenen U, wij aanbiddden U, wij verheerlijken U’. Zoiets vind ik over the top.

Sellars heeft duidelijk een punt bij de ‘matter of fact’ reactie waarmee in de opera de mislukte aanslag van Sesto op Tito wordt afgedaan. De keizer leeft nog, er is per ongeluk iemand anders neergestoken, niets aan de hand. Sellars benadrukt dat er wel degelijk een heleboel aan de hand is. Er is een poging gedaan Tito te vermoorden door het Capitool in brand te steken en in de bijkomende verwarring toe te slaan.

Florian Schüle, Ekaterina Scherbachenko als Vitellia.Credits: Ruth Walz

©  Ruth Waltz

Sellars legt hier het verband met een hedendaagse terreuraanslag. Daarbij komen veel mensen om en het publiek reageert daarop met een wake en de inrichting van tijdelijke herdenkingsplekken waar lichtjes branden. Reflectie, verslagenheid, boosheid, onbegrip, het leven staat even stil. Dit wordt prachtig in beeld gebracht door het koor bij aanvang van de tweede akte onder het zingen van het Kyrie uit de Mis met een sublieme solo van Annio: ‘Heer, ontferm U’.

Een terreurdaad is iets vreselijks, maar heeft altijd een oorzaak, een beginpunt. Sellars maakt duidelijk dat kennis van de tegenstander kan leiden tot begrip en uiteindelijk vergeving. Eigenlijk had hij het liefst een opera over Nelson Mandela willen maken die erin slaagde zijn voormalige doodsvijanden zover te krijgen dat ze toetraden tot zijn regering en met hem samenwerkten. Zijn Tito is net als Mandela geen watje maar een krachtig leider die boven zichzelf uit kan stijgen en zodoende in staat is af te zien van wraak op degenen die hem naar het leven stonden.

 

Paula Murrihy als Sesto, Russell Thomas als Tito VespasianoCredits: Ruth Walz

© Ruth Waltz

Als Tito moet inzien dat hij niet alleen door Sesto is bedrogen maar ook door zijn nieuwe aanstaande keizerin Vitellia, heeft hij er genoeg van en maakt hij een einde aan zijn leven. Sellars doet zijn reputatie eer aan door Tito na de mislukte aanslag als zwaargewonde patiënt in een ziekenhuisbed op te voeren, intensive care met een woud aan slangen en monitors. Of hij deze stijlfiguur heeft uitgevonden weet ik niet, maar in Amsterdam kwam hij er al mee in zijn Pelléas et Mélisande uit 1993.

Inmiddels is het al weer een cliché natuurlijk, net als een rolstoel, maar hier kwam het wel te pas. Tito rukt alle slangetjes en draden los en sterft. Vervolgens klinkt de Mauerische Trauermusik KV 477 op tekst uit de klaagliederen van Jeremia: ‘Hij heeft mij met bittere kruiden verzadigd’. Het was een aangrijpend slot van een muzikale topavond, maar door een paar onnodige toevoegingen iets te lang om voortdurend te blijven boeien.

Waar ik kritiek heb op een deel van Currentzis’ ingrepen in de partituur, ben ik zeer te spreken over zijn wijze van musiceren. Hij laat zijn orkest bijna ‘vrij’ spelen, niet alles strak op de tel, hier en daar bijna ingehouden swingend. Ja, dat krijg je met een dirigent die gek is op Pop en Rock. Zijn orkest MusicAeterna is een instrument dat door Currentzis bespeeld wordt als een verlengstuk van zijn eigen persoon. Hij is ermee vergroeid en het resultaat is verbluffend.

Ekaterina Scherbachenko als VitelliaCredits: Ruth Walz

© Ruth Waltz

Verder zijn Currentzis en Sellars erin geslaagd ook samen tot een eenheid te komen. Orkest en zangers acteren mee door goed gekozen tempowisselingen, inhouden, pauzeren, waardoor bepaalde sleutelscènes het karakter krijgen van muzikaal totaaltheater. Met name was dit het geval bij de twee aria’s met klarinet, feitelijk duetten voor zanger en klarinettist. Florian Schüle blonk uit in zijn solo op Basset Klarinet in de aria ‘Parto, ma tu ben mio’ waarin hij als een klimopplant om Sesto heen draaide. En hij deed dat nog eens dunnetjes over op Basset Hoorn in Vitellia’s aria ‘Non più di fiori’. Absolute perfectie en volledige benutten van alle mogelijkheden die deze samenspraak biedt.

Bij de première in 1791 speelde Anton Stadler deze partij al zal hij wel gewoon in de orkestbak hebben gezeten. Met name deze twee aria’s hebben ertoe bijgedragen dat Mozarts Tito na zijn aanvankelijk succes niet volledig in vergetelheid is geraakt. Voor Stadler componeerde Mozart hierna ook nog het Klarinetconcert, ook een topstuk uit zijn laatste levensjaar.

Het toneelbeeld was sober met een stel doorzichtige zuilen die af en toe uit de vloer omhoog kwamen. Dankzij de goede belichting door James F. Ingalls leek het meer dan het was. Hier werd de natuurlijke achtergrond van de Felsenreitschule in Salzburg wel een beetje gemist, de Bühne waarvoor George Tsypin zijn decor oorspronkelijk had ontworpen. De kleding ontworpen door Robby Duiveman was mooi in overeenstemming met de sfeer die Sellars probeerde te creëren.

Een hoofdrol was weggelegd voor het koor van musicAeterna, subliem gezongen met dank aan koordirigent Vitaly Polonsky. En dan de solisten. Een uitblinkende Sesto in de persoon van Paula Murrihy die royaal het niveau haalde dat ze eerder dit seizoen liet horen in de serie voorstellingen met het Orkest van de Achttiende eeuw. Servilia en Annio, normaal gesproken twee bijrollen, kwamen hier op de voorgrond door hun partijen in de toegevoegde Mis. Beide van uitstekend niveau, Janai Brugger als een aandoenlijke Servilia en Annio als vriendelijke man met een hemelse vrouwenstem.

laclemenzaditi-8_ruthwalz

Jeanine De Bique als Annio, Janai Brugger als Servilia, Paula Murrihy als Sesto ©: Ruth Walz

De Vitellia van Ekaterina Scherbachenko bleef hier weliswaar iets bij achter maar haar optreden was toch zonder meer bevredigend.

Russell Thomas in de titelrol zette een goede Tito neer maar leek vocaal wel wat problemen met zijn rol te hebben. Zeker in de eerste akte zong hij in de dialogen dicht tegen zijn falsetstem aan en in zijn aria’s leek hij wat te forceren. Niettemin een mooie Tito en, wat Sellars natuurlijk ook graag zag, een zwarte man in de rol van zijn para-Mandela.

Tenslotte een speciale vermelding voor Willard White in de kleine rol van Publio. Prachtig toch om deze mastodont daar te zien waar hij al meer dan een halve eeuw thuishoort in Amsterdam, op het toneel van de opera. Bravo.

Een wat lange avond met bij wijlen overweldigend mooie muziek, een bijna nieuwe Mozart opera, een goed doordacht concept wat nergens teveel op de voorgrond treedt. Het was een groot succes in Salzburg afgelopen zomer, het verdient dat ook in Amsterdam te worden.

Trailer van de productie:

Wolfgang Amadeus Mozart
La Clemenza di Tito
Russell Thomas, Ekaterina Scherbachenko, Janai Brugger, Paula Murrihy, Jeanine De Bique, Sir Willard White e.a.
Orkest en koor musicAeterna olv Teodor Currentzis
Regie: Peter Sellars

Bezocht op 7 mei 2018 in het Muziektheater in Amsterdam

 

Reisopera brengt uitstekende Holländer

Door Peter Franken

Reisopera 7477 foto Nienke Elenbaas

© Nienke Elenbas

 

De Nederlandse Reisopera waagt zich sinds de herstart als een kleinschalig productiebedrijf voor de tweede keer aan een opera van Richard Wagner. Na de succesvolle productie van Tristan und Isolde, die overigens in 2020 hernomen zal worden, is nu Der fliegende Holländer aan de beurt. Afgelopen zaterdag was de première in Enschede, het werd een groot succes.

 

Reisopera 5547 Hans van den Bogaard

© Hans van den Boogard

De Reisopera moet het doen met beperkte middelen maar slaagt er steeds weer in dat prima te maskeren. Een goede vormgever kan hier natuurlijke wonderen doen en dat is Gary McCann wel toevertrouwd. Evenals bij de fenomenale productie van Ariadne auf Naxos uit 2016 wist McCann met een aansprekend decor en fraaie kostuums een zeer aantrekkelijk toneelbeeld te creëren. Een grote stellage met meerdere niveaus weet zonder moeite de suggestie van een zeilschip op te wekken. Een open ruimte met een groot raam op het achtertoneel doet dienst als atelier en huiskamer van Daland. Net als in die Ariadne zorgen ook hier goed gekozen filmbeelden van Silbersalz Film voor een levende achtergrond. Woeste golven waar de Holländer over zijn ruige tochten verhaalt. Een kalme zee als men met windstilte kampt. En mooi gefilmd ochtendgloren als Senta door het grote raam naar buiten staart in afwachting van haar vader en misschien ook wel die ene man, je weet wel. En dat terwijl Erik ondertussen zijn uiterste best doet om haar uit deze obsessieve dagdroom te wekken.

 

Reisopera 7298 foto Nienke Elenbaas.jpg

Aile Assonyi (Senta) © Nienke Elenbaas

Regisseur Paul Carr ziet Senta als een verwend meisje dat weinig meer te doen heeft dan dagdromen. Ze is in de ban geraakt van het schilderij van de Holländer, misschien is ze zelfs wel verliefd geworden op deze legendarische figuur. Ja, dat kan zomaar gebeuren. Hoeveel jongens zijn er niet verliefd geworden op prinses Leia? Zo dus. En zoals dat gaat bij een onbereikbare liefde spelen al gauw fantasieën een rol waarin het liefdesobject wordt gered uit een benauwde situatie, bijvoorbeeld bewusteloos geraakt in een brandend pand. In geval van Senta is dat zich voor hem opofferen zodat hij eindelijk zal kunnen sterven. Zodra haar vader haar aan deze schimmige verschijning die al honderden jaren op zee rondzwalkt heeft beloofd, aarzelt ze geen moment. Dit is haar kans op de vervulling van haar dagdromen, haar gefantaseerde liefdesmoment. En vader blijft die man maar aanprijzen totdat hij eindelijk tot de conclusie komt dat die twee hem niet meer nodig hebben: ‘Sollt ich hier lästig sein?’. What was your first clue Daland?

 

Reisopera 0060 Hans van den Bogaard

Darren Jeffery (Holländer) en Yorck Felix Speer (Daland) © Hans van den Boogaard

Mijn allereerste kennismaking met het romantische ‘Mögst du mein Kind?’ was een uitvoering door Kurt Moll. Ik ben er zeer aan gehecht geraakt en voor mij is deze scène een ijkpunt in elke uitvoering. Als dat er goed uitkomt, volgt de rest vanzelf. Onzin natuurlijk maar zo heeft elke operaliefhebber zijn eigenaardigheden. Yorck Felix Speer zong de tekst voorbeeldig en acteerde met veel humor. Hij was blij met de vangst van die rijke schoonzoon en vierde al vast een feestje. Ook in de eerdere ontmoeting met de Holländer stond Speer zijn mannetje, mooie invulling van deze rol.

 

Reisopera 5574 Hans van den Bogaard

Samuel Sakker (Erik) en Aile Assonyi (Senta) © Hans van de Boogaard

De rol van Erik was in handen van Samuel Sakker. Hij heeft twee grote scènes maar speelt feitelijk een bijrol. Sakker is geen echte Wagner tenor maar goed beschouwd vraagt dit vroege werk daar ook niet om. Ik kon er goed mee leven met wat hij wist te brengen op de premièreavond.

Dat was minder het geval met de bijdrage van Thorsten Büttner als Steuermann. Zijn monoloog ‘Mit Gewitter und Sturm aus fernem Meer – mein Mädel, bin dir nah!‘ werd met overdreven lange uithalen gezongen en ‘bij het streepje’ overdreven lang onderbroken. Daarbij liet de regie hem telkens een slokje uit een heupfles drinken, wat op zich een goede verklaring was voor het feit dat hij zijn wacht vervolgens versliep, maar muzikaal de zaak teveel stilzette. De man heeft een mooi timbre maar zijn grote bijdrage wekte bij mij eerder irritatie dan bijval.

Carr heeft in zijn productie alleen de Holländer een historisch kostuum gegeven, compleet met chimney hat. De overige spelers zijn uitgedost conform een algemene stijl medio 20e eeuw. In plaats van een spinnerij is gekozen voor een bruidsjurken atelier waarbij de modinettes wat draaiende passen maken met hun paspoppen als het spinlied wordt gezongen. Senta loopt rond in een bruidsjurk zodra haar langverwachte bruiloft aanstaande is. Een zestal dansers is vrijwel permanent op het toneel aanwezig als kennelijke uitbeelding van Senta’s gedachten en gevoelens. Hun bewegingen waren mij soms iets te slangenachtig of gewoon overdreven maar in het totaalbeeld hadden ze als groep een toegevoegde waarde. Sterke vondst was het inzetten van dit zestal als pseudogeraamtes die de crew van de Holländer moesten uitbeelden.

 

Reisopera 5587 Hans van den Bogaard

Darren Jeffery (Holländer) en Aile Assonyi (Senta) © Hans van den Boogaard

Darren Jeffery wist te overtuigen als de gekwelde titelheld. Zijn grote monoloog ‘Die Frist ist um’ klonk welluidend al had hij wat moeite met de klederdiepe noten. Gaandeweg ontwikkelde Jeffery zich tot een voortreffelijke Holländer die vooral tegen het einde grote indruk wist te maken toen hij zich aan Senta bekendmaakte. Verneem van mij aan welk een gruwelijk lot je bent ontsnapt. Zij wil daar niet van weten, heeft zich aan hem gecommitteerd en is vastbesloten zijn reddende engel te zijn. Groots tegenspel van Aile Asszonyi in de rol van Senta. Dat ik op weg naar Enschede de opname onder Sinopoli in de auto had beluisterd zal wel een rol hebben gespeeld, neemt niet weg dat ik bij deze Senta associaties kreeg van de vertolking van Cheryl Studer.

 

Reisopera 8098 foto Nienke Elenbaas

Aile Assonyi (Senta) © Nienke Elenbas

Asszonyi gaf een prima vertolking van ‘de ballade’ en wierp zich geheel in overeenstemming met de monomane fascinatie van haar personage in het navolgende gebeuren. Hoewel hier en daar wat schril op spannende momenten wist ze de moeilijkste passages tot een goed einde te brengen en haar slotuitroep was zonder meer hartverscheurend. Deze Senta springt niet in zee om zich bij de Holländer te voegen maar doorsteekt zich met een dolk. De achter haar staande Holländer omarmt haar en sterft met haar. Dit verstilde slotbeeld wist mij voor het eerst te ontroeren, in al die vele Holländers die ik tot nu toe in het theater heb gezien. Prachtig gedaan.

Wie verder nog? Ceri Williams was een aardige Mary en de leden van Consensus Vocalis brachten een voortreffelijk koor op het toneel. In wisselende samenstelling: zeelui en modinettes apart en met aanstekelijk enthousiasme de hele boel bij elkaar in het topstuk ‘Steuermann, laß die wacht’.

Het Noord Nederlands Orkest onder leiding van Benjamin Levy verdient een bijzondere vermelding. Levy hield deze uitstekend spelende musici goed in toom waardoor er echt sprake was van een ‘pit band’ en niet een symfonie orkest dat was aangetrokken om een opera te begeleiden. Steeds zorgvuldig de zangers ondersteunend, nooit op de voorgrond treden en slechts uitpakkend als het gebeuren op het toneel daar nadrukkelijk om vroeg. Was het maar altijd zo.

De Reisopera haalt met deze productie opnieuw het niveau van het topstuk Ariadne auf Naxos en is het levende bewijs voor het feit dat je ook met beperkte middelen een heel mooie Wagneravond kunt verzorgen. Ik hoop op volle zalen in het land, deze Holländer verdient het.

 

Paul Carr over de essentie van Der fliegende Holländer:

Bezocht op 20 april 2018 in het Wilminktheater in Enschede
Voor de speeldata zie hier.

Zie ook: DER FLIEGENDE HOLLÄNDER op twee cd’s en twee dvd’s