orkestraal/concerten

Osmo Vänskä dirigeert Mahler 6

Mahler 6 Vanska

De hele zesde symfonie van Mahler op één cd! Als dat geen pre is…. Maar er is meer. Osmo Vänskä associeer je niet met Mahler en toch denk ik dat hij één van de beste jongere interpreten van de componist is.

De spanning is om te snijden en onder zijn handen wint de toch al zo duistere symfonie (u weet toch wel wat Albert Camus er ooit over schreef? “Als ik de catastrofe van de man van vandaag wil beschrijven, komt muziek in me op – de muziek van Gustav Mahler”) aan grimmigheid. Ook met de articulatie en de ritmiek zit het meer dan snor.

Voor het eerst sinds langere tijd heb ik – ooit een Mahler fanaat, inmiddels met Mahler overvoed en oververmoeid – de symfonie vanaf het begin tot het eind zonder pauze beluisterd en toen het afgelopen was heb ik op de repeat-knop gedrukt.

Het is niet zo dat ik onmiddellijk mijn Inbal, Bernstein of Abbado de deur uit ga doen, maar deze cd ga ik in mijn collectie houden. Daarbij wil ik de platenmaatschappijen toch met nadruk verzoeken om even een ‘Mahler-stop’ in te lassen. Al is het maar voor een jaar of twee. Want die opnamen, die blijven maar komen.


GUSTAV MAHLER
Symphony No.6 in A minor
Minnesota Orchestra olv Osmo Vänska
BIS 2266 • SACD –  86’

 

Marie Elisabeth Hecker speelt Elgar

Elgar cello

Degene die verantwoordelijk is voor de hoesfoto zou eigenlijk voor de rechtbank gesleept moeten worden. Niet alleen vanwege het ‘plagiaat’ (de celliste Marie-Elisabeth Hecker is gestileerd naar de beroemde foto van Jacqueline du Pré), maar ook – of misschien voornamelijk – vanwege de schade die hij daarmee de celliste berokkent.

Want of ze het wil of niet ze wordt onmiddellijk aan de vergelijkings-tafel naast haar grote voorgangsters gelegd en probeer daar uit te ontsnappen! Tegen iconen valt niet te vechten en dat, terwijl Hecker genoeg heeft te vertellen! Of ze minder, beter of net zo goed speelt dan du Pré laat ik in het midden, het doet er niet toe, het is gewoon anders.

De klank van haar cello is wellicht scherper en minder warm dan die van du Pré maar haar puntige vertolking is niet alleen pittig maar ook zakelijk en daar is iets voor te zeggen.

In het zeer zelden gespeelde (waarom eigenlijk?) pianokwintet is Hecker zeer in haar element.  Het in de zomer van 1918 in Sussex gecomponeerde werk is zeer dramatisch en in zijn grootsheid klinkt het zeer orkestraal.  Hierin kan de celliste, bijgestaan door en viertal voortreffelijke musici werkelijk uitblinken.

Maar de echte hoofdrol wordt hier toebedeeld aan de fenomenaal spelende pianist Martin Helmchen.


EDWARD ELGAR
Cello concerto, Piano Quintet
Marie-Elisabeth Hecker (cello); Carolin Widmann, David McCarroll (viool); Pauline Sachse (altviool); Martin Helmchen (piano)
Antwerps Symphony Orchstra olv Edo de Waart
Alpha 283

 

Michael Volle zingt Wunderhorn-lieder

 Mahler Volle Thielemann

Als ik het niet beter wist dan zou ik denken dat Mahler zijn ‘Wunderhorn-lieder’ met de stem van Michael Volle in zijn hoofd componeerde. Ze passen hem zo perfect dat ik de neiging krijg om mijn geliefde uitvoering door Bernd Weikl te vergeten!

Zo gek nog niet, want beide zangers zijn aan elkaar gewaagd. Beiden beschikken ze over een volle, donker getimbreerde en welluidende bariton met een onmiskenbaar macho ondertoon. Het is het type stem dat bij een ‘boerse soldaat’ hoort, zo een die van een verzetje houdt, zijn borreltje lust en meisjes in de billen knijpt, maar ook voor de duvel en zijn ouwe moer niet bang is.

In die opvatting zijn Volle en Thielemann – voor wie Mahler een serieuze zaak is – aan elkaar gewaagd, het is dan ook heel erg jammer dat ze maar acht liederen van de volledige cyclus opnamen.

Helaas is de opname nogal scherp, waardoor de orkestklank niet optimaal is en de strijkers soms behoorlijk schril klinken. Jammer nogmaals want daardoor klinkt het, toch niet zo geweldig gedirigeerde Adagio nogal lelijk. Voor dat laatste bent u beter af bij Abbado. Of Rattle…

 

GUSTAV MAHLER
Wunderhorn-Lieder
Symphony No.10: Adagio
Michael Volle bariton
Münchner Philharmoniker olv Christian Thielemann
MPHIL Archive 0007

 

Maris Jansons dirigeert MAHLER 7

Mahler 7 Jansens

Toen de cd in mijn brievenbus belandde was mijn eerste gedachte: o nee! Niet alweer! En met weemoed dacht ik terug aan de tijd toen elke nieuwe Mahler-opname voor mij een feest was.

Nu behoort de zevende niet tot Mahlers meest gespeelde werken – jarenlang bleef de symfonie zijn minst begrepen – waardoor het nog altijd zijn frisheid en zijn verrassingselement (denk aan ‘afwijkende instrumenten’ als mandoline en gitaar) behoudt. Bovendien is het Concertgebouworkest nog steeds hét orkest als het om het uitvoeren van Mahler gaat: het was tenslotte Mahler zelf die in oktober 1909 de Nederlandse première van zijn zevende dirigeerde.

Geen kwaad woord dus over het orkest, maar – en hier herhaal ik mezelf – hoe hoog ik Maris Jansons ook niet acht, zijn Mahlers hebben mij nooit echt kunnen bekoren. Zoals in de andere symfonieën verliest Jansons zich ook in de zevende in details. Je hoort wel alle afzonderlijke instrumenten één voor één voorbij komen maar nergens wil het een geheel worden.

Mooi? Jazeker, het is tenslotte het Koninklijk Concertgebouworkest, maar het is allemaal zo braaf, zo netjes, zo verzorgd… zelfs het verrassingselement is weg, geneutraliseerd. Het glijdt zo maar voorbij zonder dat je uit je luie stoel opspringt en je oren extra gaat spitsen.


GUSTAV MAHLER
Symphony No.7
Royal Concertgebouw Orchestra olv Mariss Jansons
RCO 17006 • 80’

Meer Mahler door Maris Jansons:
MAHLER 4 Jansons
Mariss Jansons dirigeert MAHLER 5
MAHLER 8 van Mariss Jansons

THE GERSHWIN MOMENT

Gershwin Gerstein

Het is zo ontzettend virtuoos wat Kirill Gerstein doet! Het swingt met de hoogste snelheid de snelkookpan uit en dat is niet altijd even fijn. Gerstein neemt zulke duizelingwekkende tempi aan dat je de muziek achter de noten niet meer kunt herkennen. En dat is echt jammer want zodra hij een beetje gas terugneemt hoor je wat voor waanzinnig goede pianist hij is.

Kirill Gerstein in ‘I Got Rhythm’ (Earl Wild)

Het beste hoor je het in de pianosolostukken want ook het Concerto in F moet onder de waanzinnige tempi behoorlijk lijden. Had de dirigent niets te vertellen? Of was iedereen er te trots op dat ze met die snelheid zonder brokken bij het goede eind konden komen?

Rhapsody in Blue wordt hier gespeeld in de originele versie voor een jazzband uit 1924, altijd een pre.

De vocale bijdrage van Storm Large in Summertime kan mij niet echt bekoren, maar misschien heb ik te veel naar Ella Fitzgerald geluisterd? Hierin toont Gerstein zich een begenadigde improvisator, al moet ik zeggen dat het voor mij iets te gepolijst is.

Alle werken op deze cd zijn – op ‘Blame it on my youth’ en ‘Summertime’ na – live in Powell Hall in St. Louis in 2017 opgenomen. Goed idee trouwens om ‘Embrecable you’ als een echte uitsmijter aan het eind te programmeren.


GEORGE GERSHWIN
Rhapsody in Blue & Concerto in F
EARL WILD, OSCAR LEVANT
Gershwin transcripties
Kirill Gerstein (piano), St.Louis Symphony Orchestra olv David Robertson
Myrios Classics MYRO22– 73’

Camille Saint-Saëns orkestraal

Saint Saens Suites

Geen van deze orkestrale werken van Camille Saint-Saëns behoort tot het standaard repertoire, iets wat ik mij ook goed kan voorstellen. Het is allemaal aardig en zeer aangenaam, maar of je er voor gaat zitten?

Heel erg misschien nog voor de Suite Algérienne. Daar gebeurt nog wel het een en ander. Wellicht omdat de componist een enorm zwak voor dat land heeft gehad?

 

SaintSaens_Suite_Algerienne_Page_Couv_Partition

In 1873 bezocht Saint-Saëns Algerije voor het eerst en het is toen dat hij zijn eendelige werk Rêverie orientale componeerde. Maar het was pas zeven jaar later dat hij er nog de drie andere delen aan toevoegde. De première op 19 december 1880 was een enorm succes. Het zeer ritmische werk is ‘programmatisch’ met de exacte beschrijving van de geluiden die we horen.

De Suite op.49 werd oorspronkelijk gecomponeerd voor harmonium en de Serenade op.15, één van zijn vroegste werken was oorspronkelijk bedoeld als een kamermuziekcompositie voor piano, orgel/harmonium, viool en altviool/cello. Ik heb de Serenade niet eerder gehoord kan dus moeilijk oordelen of de kamermuziekversie interessanter is dan de orkestrale transcriptie, maar zoals het nu klinkt kan het mij niet boeien.

Guillermo Pastrana speelt goed maar niet echt bezield en het orkest zou best wat meer schwung kunnen gebruiken.


CAMILLE SAINT-SAËNS
Suite Algérienne op.60. Suite in D major op.49, Suite in D minor op. 16 bis (version for cello and orchestra), Serenade in E flat major op.15 (version for orchestra, 1865)
Guillermo Pastrana (cello)
Basque National Orchestra/Orquesta Sinfónica de Euskadi olv Jun Märkl
Naxos 8573732  • 67’

FLORENT SCHMITT: Suites from ‘Antoine et Cléopâtre’ & Symphony No.2

Schmitt Suites

Ik weet het, ik weet het: de schepper is zijn werk niet en de mooiste creaties zijn ook aan het  verdorven brein ontsproten… maar soms is het zo moeilijk.

Neem bij voorbeeld de Franse componist Florent Schmitt. In de jaren dertig van de vorige eeuw ontpopte hij zich als een antisemiet en een groot bewonderaar van Hitler, tijdens de oorlog collaboreerde hij met het Vichy-regime.

 

Schmitt foto

Florent Schmitt © Past Daily

Maar ik vind zijn muziek heel erg mooi, al haalt hij het niveau van zijn tijdgenoten en medeoprichters van Cociété musicale indépendante, Ravel, Fauré, Vuillemoz en Koechlin niet. In 1900 won hij Prix de Rome en tijdens zijn verblijf in Rome componeerde hij veel van zijn mooiste werken, waaronder Psaume XLVII en La tragédie de Salomé.


Kort na de première in 1920 van zijn avondvullend ballet Antoine et Cléopâtre haalde Schmitt twee suites er uit, maar echt repertoire houden deden ze niet. Zijn tweede symfonie componeerde hij toen hij al 87 was. Het is een aardig stuk muziek, best plezierig om naar te luisteren, maar echt beklijven doet het niet.

Het ligt niet aan de uitvoering: Sakari Oramo haalt uit het BBC Symphony Orchestra werkelijk alles wat er uit te halen is. De ietwat bedwelmende sfeer komt goed over en maakt dat je je in de klank kan onderdompelen. Wat zonder meer ook aan de onvoorstelbaar goede opname ligt, die is meer dan subliem. Wat een geluid!


FLORENT SCHMITT
Suites from ‘Antoine et Cléopâtre’
Symphony No.2
BBC Symphony Orchestra olv Sakari Oramo
Chandos CHSA 5200