Muziek die als ketting in elkaar overgaat

Witold-Lutoslawski-Partita-Chain-2-Piano-Concerto-Mutter-Zimerman-coverWitold Lutosławski kan ongetwijfeld gerekend worden tot één van de allergrootste componisten van de twintigste eeuw. Zijn oeuvre is niet bijster groot maar des te indrukwekkender en het pianoconcerto neemt daarin een prominente plaats in. Lutosławski componeerde het in 1987 in opdracht van de Salzburger Festspiele en droeg het op aan Krystian Zimerman, die daar een jaar later daar inderdaad de première van heeft gegeven, onder leiding van de componist zelf.

Het is een zeer lyrische, maar ook een zeer expressieve compositie dat je werkelijk aan je stoel nagelt. De vier delen ervan lopen als een ketting in elkaar over, zonder onderbreking.  Buitengewoon indrukwekkend en ongekend spannend, maar ook, en dat vind ik zeer zeker belangrijk, het concerto is ook zeer toegankelijk voor de onervaren luisteraar.

Muziek die als ketting in elkaar overgaat… Nee het is niet echt iets nieuws, zeker niet voor Lutosławski. Al in 1986 componeerde hij drie werken onder de titel Chain.

Eén deel ervan, Chain 2 voor viool en orkest werd toen door Anne-Sophie Mutter dermate indrukwekkend uitgevoerd dat de componist besloot zijn Partita voor viool en piano (ooit gecomponeerd voor Pinchas Zuckerman) voor haar om te werken en aan haar op te dragen.

Het zijn geen nieuwe opnamen, maar wat maakt het uit? De muziek is schitterend en uitvoeringen niet minder dan fenomenaal.


Witold Lutoslawski
Partita; Chain 2; Piano Concerto
Anne-Sophie Mutter (viool), Krystian Zimerman (piano)
BBC Symphony Orchestra olv Witold Lutoslawski
DG 4715882

WITOLD LUTOSŁAWSKI: Concerto for Orchestra; KAROL SZYMANOWSKI: Three Fragments from Poems by Jan Kasprowicz

Tintinnabuli van Arvo Pärt

Part PassioOoit eens gehoord van een compositiestijl genaamd ‘tintinnabuli’? Nee? Ik ook niet. Het werd bedacht door Arvo Pärt en is gebaseerd (ik citeer) op een ‘relatie tussen harmonie en melodie’. Zoiets als in de polyfonie van de vroege renaissance zeg maar, maar dan vermengd met de oude gezangen van de Russisch orthodoxe kerk. En met de associaties van de klank van de kerkklokken (tintinnabuli = klokjes, belletjes).

Volgens Pärt zijn eigen woorden: “de melodie en haar begeleiding zijn één. Eén plus één is één, en niet twee. En dit is het geheim achter deze techniek”…. Hmmm… het zal wel. Arvo Pärt is immers immens populair en zijn werken vliegen de concertzalen in en de winkels uit. Het verwondert mij niet want de moderne mens is moe en toe aan het onthaasten, en daar leent zich deze tonale en spirituele muziek bijzonder goed voor.

De Johannes Passie werd al eerder opgenomen door o.a het Hilliard Ensemble, een bijzonder fraaie opname die volkomen terecht in 1989 een Edison kreeg. Om je met de Hilliards te kunnen meten moet je heel wat in je mars hebben en daar komt Tonus Peregrinus dicht in de buurt. Onder de leiding van Antony Pitt toont het ensemble zich de Engelse tradities waard. En dan zeuren we niet over de (te?) snelle tempi.


Arvo Pärt
Passio
Robert Macdonald (tenor), Marc Anderson (bariton)
Tonus Peregrinus olv Antony Pitts
Naxos 8555860

David Oistrakh en de vioolconcerten van Sjostakovitsj

Afbeeldingsresultaat voor oistrakh shostakovich bbc

Er bestaan van die composities die in één adem worden genoemd met één bepaald vertolker: celloconcert van Elgar en Jacqueline du Pré bijvoorbeeld. Of de vioolconcerten van Dmitri Sjostakovitsj en David Oistrakh.

Beide concerten heeft Sjostakovitsj aan de violist opgedragen (de tweede kreeg hij cadeau voor zijn zestigste verjaardag) en het was Oistrakh die hun wereldpremière verzorgde. De eerste, geschreven in 1947 maar pas twee jaar na de dood van Stalin voor het eerst uitgevoerd, is een zeer persoonlijk werk en draagt het ‘stempel’ van de componist. In het eerste deel gebruikte hij zijn eigen initialen DSCH, iets wat hij overigens vaker deed, bijvoorbeeld in het zevende strijkkwartet of de tiende symfonie.

Sjostakovitsj Oistrach en meer

Rostropovich, Oistrakh, Britten en Shostakovitch

Zowel de violist als de componist die innig bevriend was met Benjamin Britten waren graag geziene gasten in Engeland, waar ook de muziek van Sjostakovitsj zeer geliefd was. Het is dus niet zo vreemd dat de live opnamen van beide concerten uit respectievelijk 1962 en 1968 en opgedragen aan Oistrakh op de label BBC Legends is verschenen. Het publiek is duidelijk aanwezig, het kucht en het zucht, maar echt storend is het niet en hun enthousiasme werkt aanstekelijk. Wel waarschuw ik voor het geluidskwaliteit, die is namelijk niet zo best.

Als toegift krijgen we een schitterend, weinig bekend werk van Eugene Ysaÿe voor twee violen en orkest: Amitié. Hierin wordt David door zijn zoon Igor bijgestaan. Prachtig!


Dmitri Shostakovich
Violinconcerto No.1
Philharmonia Orchestra olv Gennady Rozhdestvensky

Violinconcerto No.2
USSR State Symphony Orchestra olv Egeny Svetlanov
Viool: David Oistrakh

Eugene Ysaÿe
Amitié op. 26 for 2 violins
London Philharmonia Orchestra olv Sir Malcolm Sargent
Viool: David & Igor Oistrakh
BBCL 4060-2

Michael Tilson Thomas: in interpretation there is no absolute truth

MTT_bykristenloken-1903-660

Michael Tilson Thomas © Kristen Loke

The Amstel Hotel is totally unsuitable for a good conversation, especially with a musician. The ‘Muzak’ in the background is annoyingly present and the search for a decent space takes up a lot of time. Michael Tilson Thomas – tall, slim, dressed in black jeans and a checkered jacket – doesn’t seem to be bothered by it.

Two days earlier he conducted an extremely exciting concert in the Amsterdam Concertgebouw with music by Berg, Mahler and Brahms. Looking back at the concert I ask him if he did not feel the Brahms started a little too fast?
“Well, no.”

And was the order of the composers: Berg, Mahler, Brahms not a bit strange?
“Sometimes I do it the other way around”

https://basiaconfuoco.files.wordpress.com/2019/07/mtt-nbessie.jpg

Bessie Thomashefsky

So there I am! Fortunately, Tilson Thomas is able to laugh at my stupid questions and I decide to start with his ‘roots.’ Boris Thomashefsky, Michael’s grandfather was THE man behind the Jewish theatre. He wrote the lyrics, composed the music and performed it together with his wife Bessie, one of the greatest tragediennes of her time: she was the first Salome in America, in Yiddish!

Boris Tomashevsky & Yiddish Theatre – BBC Broadway Musicals: A Jewish Legacy (2013):

Der Yeshiva Bokher Kadisch ( Boris Thomashevsky – Louis Friedsell ):

Michael Tilson Thomas was born in Hollywood where his father found work in the film industry. Father Ted Thomashefsky worked a lot with Orson Welles and with Marc Blitzstein, Michael’s cousin. In order to avoid going through life as the ‘son of’ he changed his name to Thomas.

His theatrical background would have meant a certain predisposition for music theatre, but with the exception of a few concert performances he has not (yet) conducted an opera. And all this while he considers Puccini to be one of the greatest composers. Why?

Tilson Thomas explains this by the insufficient preparation time at most opera companies. To the six weeks of rehearsals in Amsterdam I mention, he has a rebuttal: they are rehearsals for the director who works with the ‘actors’, not for the conductor, singers and musicians.

It is really a pity, because he loves opera and he loves working with singers. This is how he works with musicians as well – looking for character, for expression, for colours. Breathing in music means nothing more than the music itself, and that is something you learn best from singers. Working with an orchestra is the same for a conductor as working with actors for a director.

MTT francisco-symphony-orchestra-michael-tilson-thomas-bill-swerbenski-1280-608

San Francisco Symphony Orchestra © Bill Swerbenski

For Tilson Thomas, communicating with the audience is the most important thing. In Davies Symphony Hall (THE house of the San Francisco Symphony Orchestra) he often rehearses from the hall. If the music is complicated, he calls in an assistant, but he himself, seated on a high chair, leads the orchestra from where the audience sits: only there can he hear what it will actually sound like.

He conducts a lot more than we can imagine, with the Russians, Mahler, modern Americans and the Impressionists as his guides. Is there something he doesn’t do?

“Bruckner. Of his symphonies only numbers 6, 8 and 9 are on my repertoire and for the time being I don’t feel like doing the other ones as well. Bach’s ‘Matthaeus Passion’? Why? It is music that I think should be performed like chamber music, in a small, intimate hall and I work with large orchestras.”

“What do I do if there is a difference of opinion between me and the soloist about tempi or interpretation? I listen to the other person. There are no absolute truths in interpretations. And (smiling): I can usually choose the soloist myself.”

Michael Tilson Thomas on music and emotions through the ages:

http://www.thomashefsky.org/

Translated with http://www.DeepL.com/Translator

Requiem voor Krzysztof Kieśłowski

Preiner Requiem

Wat doet een componist bij het overlijden van een dierbare vriend? Juist, hij schrijft een Requiem. Zbigniew Preisner behoort tot de één van de beste filmcomponisten van onze tijd. Zijn muziek is, ook in Nederland, zeer geliefd. Voornamelijk zijn samenwerking met de regisseur Krzysztof Kieśłowski (La Double Vie de Veronique, Troi Couleurs, Decalogue) heeft tot grote successen geleid en het is soms moeilijk de filmbeelden van de muziek te scheiden.

Op zijn vijftigste verjaardag besloot Kieśłowski te stoppen met filmen, een besluit dat de vele filmliefhebbers diep betreurden. Hij had echter nog heel erg veel plannen voor de toekomst, waaronder een creatie van een mysterie-spel/opera over ‘het leven’, uiteraard in samenwerking met Preisner en zijn vaste scenarist Krzysztof Piesiewicz. De première zou in de Acropolis plaats vinden. Helaas, in maart 1996 overleed Kieśłowski aan een hartinfarct, nog maar 55 jaar oud. Of de plannen al vergevorderd waren vermeldt het (overigens zeer summiere) tekstboekje niet.

Preisner Kieslowski

Krzysztof Kieśłowski 

 De muziek is zeer weemoedig en beeldend. Het ‘Ascende huc’ in Apocalypse zou een Theodorakis niet hebben misstaan (het bevat ook letterlijke citaten uit ‘Z’). De teksten zijn in het Latijn (in Life ook in het Grieks) en in het Pools.

Afbeeldingsresultaat voor Zbigniew Preisner

Zbigniew Preisner

Liefhebbers van de muziek van Preisner zullen beslist niet teleurgesteld worden. Het Sinfonia Varsovia onder leiding van Jacek Kaspszyk speelt heel erg goed en er wordt mooi gezongen. Het geheel heeft een hoge hit potentieel en dat bedoel ik niet neerbuigend. Zelf vind ik het prachtig. Wel waarschuw ik voor het hoge ‘Górecki 3’ gehalte.


Zbigniew Preisner
Requiem for my friend
Elzbieta Towarnicka (sopraan)
Varsov Chamber Choir/ Ryszard Zimak
Sinfonia Varsovia olv Jacek Kaspszyk
Erato 3984-24146-2

 

Michael Tilson Thomas: in de interpretaties bestaan er geen absolute waarheden

MTT_bykristenloken-1903-660

Michael Tilson Thomas © Kristen Loke

Het Amstel Hotel is totaal ongeschikt voor een goed gesprek, zeker niet met een musicus. De ‘muzak’ op de achtergrond is zeer irritant aanwezig en het zoeken naar een beetje fatsoenlijke ruimte neemt veel tijd in beslag. Michael Tilson Thomas – lang, slank, gekleed in een zwarte spijkerbroek en een geruit jasje – lijkt zich er niet aan te storen.

Twee dagen eerder dirigeerde hij in het Amsterdamse Concertgebouw een buitengewoon spannend concert met op de lessenaar muziek van Berg, Mahler en Brahms. Terugblikkend op het concert vraag ik hem of hij niet bang was dat Brahms iets te snel begon?

“Nou, nee.”

En was de volgorde van de componisten: Berg, Mahler, Brahms niet een beetje vreemd?

“Soms doe ik het andersom”

MTT NBessie

Bessie Thomashefsky

Daar zit ik dan. Gelukkig kan Tilson Thomas om mijn stomme vragen lachen en ik besluit om dan met zijn ‘roots’ te beginnen. Boris Thomashefsky, Michaels grootvader was dé man achter het Joodse theater. Hij schreef de teksten, componeerde de muziek en acteerde er samen met zijn vrouw Bessie, één van de grootste tragédiennes van haar tijd: zij was de eerste Salomé in Amerika, in het Jiddisch!

Boris Tomashevsky & Yiddish Theatre – BBC Broadway Musicals: A Jewish Legacy (2013)

Der Yeshiva Bokher Kadisch ( Boris Thomashevsky – Louis Friedsell )

Michael Tilson Thomas werd geboren in Hollywood waar zijn vader werk vond in de filmindustrie. Vader Ted Thomashefsky werkte veel met Orson Welles en met Marc Blitzstein, Michaels neef. Om niet als de ‘zoon van’ door het leven te gaan veranderde hij zijn naam in Thomas.

De theatrale achtergrond zou een zekere predispositie voor het muziektheater betekenen, maar op een paar concertuitvoeringen na dirigeerde hij (nog) geen opera. En dat, terwijl hij Puccini tot één van de grootste componisten rekent. Waarom?

Tilson Thomas verklaart het door onvoldoende voorbereidingstijd bij de meeste operagezelschappen en op de door mij genoemde zes weken repetities in Amsterdam heeft hij een weerwoord: het zijn repetities voor de regisseur die met de ‘acteurs’ werkt, niet voor de dirigent, zangers en musici.

En het is echt jammer, want hij houdt van de opera en hij is dol op het werken met de zangers. Zo werkt hij ook met de musici – op zoek naar het karakter, naar de uitdrukking, naar de kleuren. Het ademen in de muziek betekent niets anders, dan de muziek zelf en dat leer je het beste van de zangers. Werken met een orkest is voor een dirigent hetzelfde als het werken met de acteurs voor de regisseur.

MTT francisco-symphony-orchestra-michael-tilson-thomas-bill-swerbenski-1280-608

San Francisco Symphony Orchestra © Bill Swerbenski

Voor Tilson Thomas is de communicatie met het publiek het belangrijkste. In Davies Symphony Hall (dé plek van het San Francisco Symphony Orchestra) repeteert hij vaak vanuit de zaal. Mocht de muziek ingewikkeld zijn, dan schakelt hij een assistent in, maar zelf, gezeten op een hoge stoel, leidt hij het orkest vanaf de plaats van het publiek: alleen daar kan hij horen hoe het in werkelijkheid zal klinken.

Hij dirigeert veel, meer dan wij ons kunnen voorstellen, met als leidraad de Russen, Mahler, moderne Amerikanen, de impressionisten. Is er iets, wat hij niet doet?

“Bruckner. Van zijn symfonieën heb ik alleen nummers 6, 8 en 9 op het repertoire en voorlopig voel ik er niets voor om ook de andere te doen. Bachs ‘Matthaeus Passion’? Waarom? Het is muziek, die volgens mij kameraal uitgevoerd moet worden, in een kleine, intieme zaal en ik werk met grote orkesten.”

“Wat doe ik als er een meningsverschil is tussen mij en de solist over de tempi of de interpretatie? Ik luister naar de ander. Er bestaan geen absolute waarheden in de interpretaties. En (glimlachend): ik kan meestal zelf de solist bepalen.”

Michael Tilson Thomas over muziek en emoties door de eeuwen heen:

http://www.thomashefsky.org/

Een voortreffelijke West Side Story door Michael Tilson Thomas

Soile Isokoski, een ster voor de fijnproevers

Isokoski

Beroemd is zij wel, maar het is niet de beroemdheid van een Pavarotti of een Bartoli. Nog steeds kan ze makkelijk incognito de straat op, maar de echte stemliefhebber weet wel beter, en haar fans volgen haar optredens overal ter wereld.

Haar carrière begon in 1987 toen ze de tweede prijs won in Cardiff, maar het is pas een jaar of vier geleden, dat haar naam werkelijk werd bevestigd. Genegeerd door de grote platenmaatschappijen moest ze het hebben van haar optredens en van mond op mondreclame.

Voor het eerst hoorde ik haar als donna Elvira in Parijs, met Bo Skovhus als don Giovanni. Het was Skovhus voor wie ik de reis ondernomen had, en het was Soile Isokoski die mijn hart sneller deed kloppen. Haar Elvira was hartverscheurend en meelijwekkend, ja, bij haar kon ik me al die tranen om de verleider voorstellen.


Het is ook uitgerekend Bo Skovhus, met wie Isokoski het Italienisches Liederbuch van Hugo Wolf heeft opgenomen, met aan de piano Marita Viitasalo, haar vaste begeleidster. De miniatuurtjes van Wolf hebben nooit betere protagonisten gehad, want de beide stemmen hebben heel veel gemeen: perfecte dictie, muzikaliteit, het grote kunst om met je stem alleen te kunnen ‘acteren’, en een ietwat zoetig timbre.

Voor haar uitvoering van de Vier letzte Lieder van Strauss heeft zij, volkomen terecht, een Grammy Award gekregen en haar opname van Finse liedjes (alles op Ondine) hoort bij iedere liedliefhebber thuis.


Hugo Wolf
Italienisches Liederbuch
Soile Isokoski (sopraan), Bo Skovhus (bariton), Marita Viitasalo (piano)
Ondine ODE 998-2 (2cd’s)