opera/operette/oratorium/koorwerken

MIECZYSŁAW WEINBERG: THE PASSENGER

 61bf1t6tdfl-_sl1000_

Time: early sixties. The war not yet forgotten, perhaps, but  definitely over. It is possible to be happy again, and enjoy life.

vlcsnap-passengerneostf00001

Amongst the passengers on the ocean liner is a German diplomat, on his way to Brazil with his wife Lisa to occupy an important diplomatic position.  Suddenly,  a strange woman appears and  confronts Lisa with her past. Completely shattered, Lisa feels forced to confess her past to her husband. She was an active SS member, and worked as an Aufseherin in Auschwitz. The strange woman reminds her of Martha, a Polish prisoner whose death she thinks she is responsible for.

vlcsnap-passengerneostf00011

Whether the strange woman really is Martha, or guilt makes Lisa imagine it remains uncertain. In her mind Lisa returns to the Hölle and relives the events of the past.

SONY DSC

“Die Passagerin” (Пассажирка) was the first opera by Mieczysław Weinberg, a Polish Jew who fled to the Soviet Union in 1939.

The Russian libretto (author: Alexander Medvedev) is based on an autobiographical novella by the Polish author Zofia Posmysz. Posmysz wrote her – partly fictional – meeting with her former Aufseherin in the “I” form, but from the perspective of the guard.

Weinberg composed the opera in 1968, when antisemitism in Poland and Russia again was at its height. This might have been the main reason the opera received its premiere performance only in 2006, in concert form.

The stage premiere took place in Bregenz in 2010 in an outstanding production by David Pountney. Together with set designer Johan Engels he had created a gigantic ship, with the action taking place on two levels. Present events took place on the top deck, where white and blue (heaven?) were the predominant colours.  The dark past was consigned to the lowest levels of the ship, like the subconscious.

passengerstagehdl416

Most of the opera is sung in German and Russian, but Martha sings her two big arias in Polish. We also briefly hear Czech, French and Greek.

Nothing in the opera leaves you cold, but the emotional highpoint for me is the moment Bach’s Chaconne in D is played instead of the Waltz ordered by the camp commander, with which Tadeusz (Martha’s fiance) seals his faith.

passenger

Teodor Currentzis has never been my favorite conductor, but he surpasses himself here. I had never heard him conduct with so much competence and passion.

Every role (and there are many!) is sung admirably. Elena Kelessidi is a most moving Martha. Artur Rucinski’s Tadeusz shows why he has made it to the top list of baritones. Svetlana Doneva (Katja) and Roberto Saccà (Walter) also manage to impress me.

But they all pale in comparison to Michelle Breedt. Her perfectly used voice has every human feeling in it. Love, fear, superiority or damaged ego, she is able to depict all of them equally. For her role as Lisa alone she definitely deserves an Oscar!

 English translation: Remko Jas

Mieczysław Weinberg
The Passenger
Michelle Breedt, Roberto Saccà, Elena Kelessidi, Artur Rucinski, Svetlana Doneva a.o.
Wiener Symphoniker conducted by Teodor Currentzis
Director: David Poutney
Arthaus 109080

For the Dutch version see: DIE PASSAGERIN (Пассажирка)

Interview with Michelle Breedt: MICHELLE BREEDT interview in English

Madame Pompadour van Leo Fall: mooi dat de opname er is, maar het had beter gekund

pompadour

 

Heeft u ooit van Fritzi Massary gehoord? Nee? Ren dan naar de winkel of gewoon naar de YouTube op uw computer. Zij was de Maria Callas van de operette. Of eigenlijk nog meer, want de componisten uit het begin van de twintigste eeuw schreven hun werken speciaal voor haar. Zo ook Leo Fall. Zijn operette Madame Pompadour was op haar maat gesneden.

Fritzi Masary zingt “Heut`könnt einer sein Glück bei mir machen” uit Madame Pompadour:

Wij kunnen het ons niet meer voorstellen, maar operette was in die tijd zowat de meest vooruitstrevende vorm van muziektheater. Tot de nazi’s aan de macht kwamen. Nu, na meer dan een half eeuw verbanning komt het genre weer terug in onze theaters, concertzalen en levens en daar ben ik echt blij mee

De nieuwe opname van Madame Pompadour, in 2012 live opgenomen in het Wiener Volksoper vind ik een beetje een gemiste kans.

Annette Dasch is natuurlijk geen Massary (wie wel?), maar zij doet het echt voortreffelijk en zet een zeer geloofwaardige Pompadour neer. Het is ook leuk om de oudgediende Heinz Zednik weer eens te kunnen horen. In zijn rol van de koning kan hij lekker uitpakken en schmieren. Ook Mirko Roschkowski (René) kan mij bekoren.

Moeilijker wordt het als wij bij het orkest komen, ik mis het vuur. En mijn belangrijkste probleem: waarom zijn de meeste dialogen er uitgeknipt?

Leo Fall
Madame Pompadour
Annette Dasch, Heinz Zednik, Mirko Roschkowski, Elvira Soukop e.a.
Orchester und Chor der Volksoper Wien olv Andreas Schüller
CPO 7777952

Z MRTVÉHO DOMU (From the house of the dead)

janacek

Gelijk Bergs Wozzeck is ook Uit een dodenhuis geniaal en hoogst deprimerend tegelijk. Niet de gemakkelijkste opera om te ondergaan, en verrekte moeilijk om te ensceneren.

De wereld waarin de opera zich afspeelt staat ver van ons weg, daar willen we ook niets van weten. Patrice Chéreau, de Franse regisseur met een aantal legendarische producties op zijn naam, duwt ons de feiten door de strot, en dwingt ons om na te denken, want immers: “In elke creatuur een vonkje Gods”, zoals het motto luidt dat Janáček op het titelblad van zijn laatste opera heeft opgeschreven.

Chéreau creëert een grauwe en uitzichtloze wereld, waaraan je alleen middels dood (Gorjančikov telt niet mee, hij behoort tot een ander milieu) kunt ontsnappen, en de wanhoop van de gevangenen is fysiek voelbaar.

Er is geen hoofdpersoon, maar wel een hoogtepunt: de bekentenis van Šiškov (geweldige Greg Grochowski) heeft mij aan mijn stoel genageld. De algehele cast (een echt hecht ensemble) is van een allerhoogst niveau, toch mag John Mark Ainsley (Skuratov) niet onvermeld blijven, wat hij presteert grenst aan het onmogelijke.

De symbiotische samenwerking tussen de regisseur en de dirigent mondt uit in de diepste ontroering. Chapeau bas!

Leoš Janáček
From the house of the dead
Olaf Bär, Eric Stoklossa, Stefan Margita, Gerd Grochowski, John Mark Ainsley
Mahler Chamber Orchestra olv Pierre Boulez
Regie: Patrice Chéreau
DG 0734426

Ildebrando Pizzetti: Moord in de kathedraal. En meer

https://images-na.ssl-images-amazon.com/images/I/711x9XPw9OL._SY879_.jpg

Ildebrando Pizzetti behoorde – samen met onder andere Ottorino Respighi, Riccardo Zandonai, Franco Alfano en Gian Francesco Malipiero – tot de zogenoemde ‘Generazione dell’80’, een groep Italiaanse componisten geboren rond 1880. Wat ze allemaal gemeen hadden, was een zekere hang naar het neoclassicisme en belangstelling voor de renaissance en de Byzantijnse muziek.

Dat alles is prominent aanwezig in Assassinio nella Cattedrale, een muziekdrama naar het toneelstuk Murder in the cathedral van T.S. Elliott, waarvoor Pizzetti zelf het libretto heeft geschreven. Ik vind het een pracht van een stuk, met een zeer sterk libretto, mooie koorpartijen en een perfect uitgewerkte hoofdrol die een goede bas-bariton alle ruimte geeft om te schitteren. Onvoorstelbaar eigenlijk dat de opera nog maar zo zelden wordt opgevoerd.

Deze Decca-opname werd in december 2006 gefilmd in het oogverblindende Basilica di San Nicola in Bari. Het doet er allemaal heel erg authentiek door aan, al denk ik dat het live toch indrukwekkender moet zijn geweest dan op dvd. Logisch, eigenlijk.

De uitvoering op zich is prima, niet overweldigend, maar zeker voldoende. De opkomst van de aartsbisschop maakt wel een enorme indruk, het heeft veel weg van de eerste opkomst van Scarpia; daar word je stil van. Zeker als de zanger in kwestie Ruggero Raimondi heet. Zijn stem is een beetje droog geworden, maar hij is een echt theaterdier en zet een zeer imposante Thomas Becker neer.

Ruggero Raimondi, Paoletta Maroccu , e.a..
Orchestra Sinfonica Della Provincia di Bari olv Piergiogio Morandi; regie: Daniele d’Onofrio (Decca 0743253)

NICOLA ROSSI-LEMENI EN VIRGINIA ZEANI

pizzetti-zeani

De première van Assassinio nella Cattedrale vond plaats in La Scala in Milaan, in maart 1958. De hoofdrollen werden gezongen door  Nicola Rossi-Lemeni (voor wie Pizzetti de opera componeerde en Leyla Gencer. Kort na de première werd de opera in Turijn live opgenomen, met – alweer Rossi-Lemeni – en Virginia Zeani. Absoluut onmisbaar voor de ‘Generazione dell’80’ én verisme liefhebber (Stradivarius STR 10067/57)

Virginia Zeani in een aria uit de opname:

DEBORA E JAELE

pizzetti-debora

Mocht u nog meer van Pizzetti willen horen (wat ik me heel goed kan voorstellen), dan kan ik u de opname van Debora e Jaele aanbevelen. De cast is om te likkebaarden, met de zeer indrukwekkende Clara Petrella voorop in de rol van Jaele. De opera werd in 1952 in Milaan opgenomen, Gianandrea Gavazzeni dirigeert (GOP 66.354)

Peter Sellars helpt Mozarts Zaide om zeep

zaide

Zaide is zonder twijfel problematisch. De opera werd pas tien jaar na Mozarts dood gevonden: onafgemaakt, zonder ouverture, zonder (happy?) eind en zelfs zonder titel. Het laat zich beluisteren als een voorstudie voor Die Entführung aus dem Serail en ook het verhaal is vrijwel identiek.

In de zomer van 2008 werd de opera in Aix-en-Provence door Peter Sellars verfilmd, met in de hoofdrollen vrijwel alleen gekleurde zangers. Je hebt geen idee waar de actie zich afspeelt. In een gevangenis? Of in een naaiatelier? Of is het een naaiatelier in een gevangenis?

Sellars heeft de rollen omgedraaid en dus zijn het de moslims die het nu zwaar te verduren hebben. Maar wie zijn dan de zwarte slavendrijvers? Ook moslims? Het koor van de getourmenteerde gevangenen (het Ibn Zaidoun Choir) is het in ieder geval wel, waarbij de improvisatie op de oud (voorloper van de luit) zeer authentiek aandoet.

De zangers acteren beter dan ze zingen en hun Duits is abominabel, maar de Sri Lankaanse tenor Sean Panikkar (Gomatz) is een echte ontdekking. Hij beschikt over een mooie lyrische stem en zijn hele optreden is zeer overtuigend.

Elena Lekhina krijgt als Zaide één van de mooiste aria’s te zingen die Mozart ooit heeft gecomponeerd, ‘Ruhe Sanft’, en dat doet ze zeer adequaat. Maar niet voldoende. Wilt u weten hoe het moet? Luister dan naar Beverly Sills:

W.A. Mozart
Zaide
Ekaterina Lekhina, Sean Panikkar, Alfred Walker, Russell Thomas, Morris Robinson; Camerata Salzburg olv Louis Langrée
Regie: Peter Sellars;
Medici Arts 3078358

CIRO IN BABYLONIA

OA1108-D Ciro in Babilonia_ins v7_.

Winterblues? Last van donkere, koude dagen met aanhoudende regen? Depri? Ik weet een remedie! Ren naar de winkel en koop Ciro in Babilonia, een onbekend werk van Rossini, in 2012 live opgenomen in Pesaro.

Regisseur Davide Livermore heeft van Rossini’s ‘azione sacra’ (geschreven toen hij nog maar 20 jaar was) een soort ‘stomme film’ uit de jaren ’20 gemaakt, inclusief zwart-witbeelden, overdreven zware opmaak en voor die tijd typische kleding.

Het verhaal komt uit het boek Daniël en verhaalt over de Assirische koning Baldassare (Belshazar), die de vrouw en de zoon van zijn vijand, de Perzische koning Cirus, ontvoert en hen, als zij hem weigert, een kopje kleiner wil maken. Ook Cirus zelf valt in zijn handen, omdat diens liefhebbende echtgenote haar gevoelens niet kan bedwingen. Maar dan komen de vreemde tekens aan de wand (weet u het nog: mene tekel fares?) en loopt alles goed af.

 

 

Ewa Podleś (Ciro) is zonder meer de allerbeste alt die wij nog hebben rondlopen. Haar coloraturen zijn meer dan soepel en haar lage (en hoge!) noten zijn een lust voor je oor.

Jessica Pratt is een prachtige Amira en Robert McPherson een geweldige Arbace. Verder zingt Michael Spyres een fantastische Baldassare. Toen nog maar een beginner en inmiddels een echte ster.

Een trailer van de productie:

 

Gioachino Rossini
Ciro in Babylonia
Ewa Podleś, Michael Spyres, Jessica Pratt, Carmen Romeu, Mirco Palazzi, Robert McPherson, Raffaele Constantini;
Orchestra and Chorus of the Teatro Comunale di Bologna onder leiding van Will Crutchfield;
Regie: Davide Livermore
Opus Arte OA 1108 D

The Sacrifice van MacMillan: verismo ten top

macmillan

De Schotse componist James MacMillan (1959) is voornamelijk bekend van sterk religieus getinte vocale werken, maar hij heeft door de jaren heen een veel breder oeuvre opgebouwd. Zijn tweede opera, The Sacrifice, werd tijdens de première (Cardiff, 2007) live opgenomen en is in 2010 op Chandos uitgebracht.

De muziek van MacMillan lijkt nog het meest op die van Benjamin Britten, niet in de laatste plaats door de bijzonder dramatische ‘interludes’, die, net als bij zijn illustere Britse voorganger, hun eigen concertleven zijn gaan leiden.

MacMillan citeert ook uit de filmmuziek. Voornamelijk Bernard Herrmann, maar ook Max Steiner (Now, Voyager!) komt om de hoek kijken.

Het zeer aangrijpende verhaal speelt zich af in een niet nader omschreven land, verscheurd door oorlogen en gevechten met terroristen. De dochter van de generaal offert zichzelf (en haar grote liefde) op door met de gewezen vijand te gaan trouwen. De rust keert in het land, maar de oorlog wordt nu persoonlijk en na een tweetal doden wordt het tijd voor de generaal om zich op te offeren voor zijn dochter en haar gezin.

Christopher Purves imponeert in zijn rol als de generaal, Lisa Milne is een ontroerende Siam, en Sarah Tynan zet een voortreffelijke ‘onnozele’ Megan neer. Al met al: een enorme aanwinst. Van harte aanbevolen.

James MacMillan
The Sacrifice
Lisa Milne, Sarah Tynan, Peter Hoare, Leigh Melrose, Christopher Purves, e.a.
Orchestra and Chorus of Welsh National Opera olv Anthony Negus.
Chandos 10572

 

A time to dance: maak kennis met Alec Roth

 roth

Heeft u ooit van de componist Alec Roth gehoord? Ik niet. Zelfs de Wikipedia weet niet veel meer over de in 1948 geboren Engelse componist te melden dan dat hij het meest bekend is door zijn samenwerking met de Indiase schrijver Vikram Seth. Een samenwerking die resulteerde in o.a. de opera Arion and the Dolphin.

A time to dance was voor mij een prettige verrassing. De ruim een uur durende cantate uit 2012 is zeer gevarieerd. Verschillende stijlen en stemmingen wisselen elkaar af en volgen elkaar op, net als de vier jaargetijden en de uren van de dag en van de nacht.

“To every thing there is a season”, zingt de bas in het openingsdeel ‘Processional: Times and Seasons’ en zet daarmee de toon. De componist heeft het één en ander geleend van de minimalisten (gelukkig meer John Adams dan Philip Glass) en het geheel door het filter van de Engelse koortraditie gehaald. Folk songs, Vaughan Williams en Delius zijn nergens ver weg en met je ogen dicht zit je in één van de films van James Ivory.

De uitvoering vind ik wisselvallig. Sopraan Grace Davidson heeft een lieftallig stemmetje met weinig body; daar moet je van houden. Ook countertenor Matthew Venner kan me weinig bekoren. Maar tenor Samuel Boden (Orphée in Orphée et Eurydice bij de Nederlandse Reisopera in 2015) en bas Greg Skidmore maken veel goed. Luister bijvoorbeeld naar het door Boden gezongen ‘Summer Noon’. Dat maakt je dag meteen goed!

A time to dance wordt aangevuld met het magnificat en nunc dimittis Hatfield Service, voor koor en orgel, en met Men and Angels, een werk voor a-capellakoor. Het koor en oudemuziekensemble Ex Cathedra neemt de koor- en begeleidingspartijen voor zijn rekening, gedirigeerd door Jeffrey Skidmore.

Hieronder de trailer van het album:

ALEC ROTH
A time to dance; Hatfield Service; Men and Angels
Grace Davidson (sopraan), Matthew Venner (alto), Samuel Boden (tenor), Greg Skidmore (bas)
Ex Cathedra olv Jeffrey Skidmore
Hyperion CDA 68144

Korngolds De stille serenade: eindelijk!

kornngold

Er kan niet genoeg lof over de kleine labels afgestoken worden. Het is aan hen te danken dat wij eindelijk repertoire onze huizen en speakers in krijgen waar we vroeger alleen maar van konden dromen. Bijvoorbeeld Korngolds Die Stumme Serenade, drie jaar geleden bij CPO op cd verschenen.

Die Stumme Serenade is de laatste opera van Korngold en was bij het grote (nou ja, kleine grote) publiek alleen bekend door de Serenade. Om zijn vijftigste sterfdag te eren werd de opera in 2007 in München op de planken gezet, voor het eerst sinds de voor de Oostenrijkse radio in 1951 opgenomen productie (Korngold dirigeerde zelf vanachter de piano) en de totaal mislukte première in 1954

Twee jaar later werd het in St.Gallen en daarna nog eens in Freiburg herhaald, met allemaal jonge mensen in de hoofdrollen. En daar werd het live opgenomen.

Het verhaal is dun. Het is eigenlijk een niemendalletje over een gevierde actrice en een tot over zijn oren op haar verliefde modeontwerper, die beweert haar huis te hebben genaderd om een Serenade aan haar te brengen. Maar aangezien niemand er iets van gehoord heeft, heet het de ‘Stumme’ (Stille) Serenade.

Alle Korngoldiaanse elementen zijn aanwezig: Weense bonbons, smacht, melodie en een beetje (nou ja, een beetje veel) ‘schmalz’. Het doet een beetje musical-achtig aan, in de ouderwetse zin van het woord. Denk aan Fred Astaire en Bing Crosby. En ja, het is ietwat zoetig. Ook Lehár is niet ver weg. Eigenlijk is het een mix van opera, operette en revue, niets mis mee!

Sarah Wegener is een heerlijke Silvia Lombardi. Birger Radde (Andrea) vind ik niet echt een hoogvlieger, maar eigenlijk vind ik het niet erg, zo blij ben ik om de opname eindelijk thuis te hebben.

Ik vind het ontzettend jammer dat de productie niet op DVD is uitgebracht, want bij het zien van de trailer liep het water mij in de mond (helaas niet meer op You Tube beschikbaar)

Maar ja – iets is beter dan niets, dus: bedankt CPO!


En voor de “Korngoldianen” onder ons: een rariteit
Korngold en speelt en neuriet ‘Die Schönste Nacht’ uit  Die Stumme Serenade. De opname is uit 1946

Erich Wolgang Korngold
Die Stumme Serenade
Sarah Wegener, Birger Radde, Frank Buchwald, Werner Klockow, Anna-Luciana Leone, Sebastian Reich
Young Opera Company, Holst-Sinfonietta olv Klaus Simon
CPO 7774852

Zie ook:
Aanbeden, genegeerd, vergeten: over Erich Wolfgang Korngold en ‘Die Tote Stadt’

DIE KATHRIN

Korngold liederen

MARION COTILLARD excelleert in JEANNE D’ARC AU BÛCHER

honegger

Soms is het moeilijk om het onderscheid te zien tussen een met stemmen geacteerd oratorium en een opera. Dat is helemaal het geval bij Arthur Honeggers oratorium Jeanne d’Arc au bûcher. Een briljant werk, vorig jaar door Alpha op cd en dvd uitgebracht.

Jeanne D’Arc zit dramaturgisch zo geniaal in elkaar dat ik mij afvraag waarom het werk nooit scenisch wordt uitgevoerd. De poëtische tekst van Paul Claudel is bijzonder fraai en de zeer dramatische muziek doet je huiveren. Het maakt je koud tot op het bot.

Het in 1938 gecomponeerde werk (tijdens de Tweede Wereldoorlog gold het in Frankrijk letterlijk als ‘pièce de résistance’) speelt zich af op en om de brandstapel. Jeanne is al op de brandstapel beland en haar verhaal wordt, in willekeurige orde, in flashbacks verteld.

Op 12 november 2012 werd het werk live opgenomen in de Sala Pau Casals in Barcelona. Mede door het onder leiding van Marc Soustrot zeer suggestief spelende orkest werd het een aangrijpende voorstelling.

De gesproken hoofdrollen van Jeanne en Frère Dominique worden op een onnavolgbare manier vertolkt door de Franse acteurs Marion Cotillard (bij het grote publiek bekend uit de film La Môme, waarin ze de rol van Édith Piaf speelde) en Xavier Gallais. De tenor Yann Beuron zet een voortreffelijke aanklager “zwijn” Porcus neer.

Jeanne’s kreet: “Je ne veux pas mourir! J’ai peur … “  (Ik wil niet sterven! Ik ben bang..) doet mij aan alle slachtoffers van religieuze waanzin denken, waar we de laatste tijd genoeg over gehoord hebben.

Het Belgische label Alpha heeft de door Medici.tv opgenomen voorstelling zowel op cd als dvd uitgebracht. Ik heb het werk eerst op cd beluisterd en daar was ik al bijzonder van onder de indruk. Maar op dvd krijg je er een zeer belangrijke dimensie bij. Het visuele maakt het drama nog schrijnender, nog voelbaarder, ook al is de uitvoering concertante. Mocht u kunnen kiezen, koop dan de dvd. Maar ook de cd is niet te versmaden.

Marion Cotillard zei over de rol van Jeanne:‘This role is one of the most exciting acting experiences I have ever had.’ Ik kan niet anders dan met haar eens zijn.

Hieronder de trailer:

Arthur Honegger
Jeanne d’Arc au  boûcher
Marion Cotillard, Xavier Gallais, Yann Beuron, Marta Almajano e.a.
Lieder Càmera Choir; Madrigal Choir; Vivaldi-Petits Cantors de Catalunya Choir
Barcelona Symphony & Catalonia National Orchestra onder leiding van Marc Soustrot
Alpha 708 (dvd) of 709 (cd)