Mara_Zampieri

Plácido Domingo en Puccini: een match made in heaven?

Puccini DomingoSoms denk ik wel eens dat Plácido Domingo de reïncarnatie is van Puccini. Niet omdat ze zo op elkaar lijken (al hebben ze op de foto’s wel dezelfde uitstraling), maar vanwege de muziek. Die lijkt geschapen te zijn voor Domingo’s timbre. Het is alsof Puccini componeerde met Domingo’s stem in het hoofd.

En toch (of misschien juist daarom): in geen ander repertoire kan je zo goed horen of een rol hem wel of niet ligt. Hij is nooit een memorabele Rodolfo geweest en zijn Pinkerton mocht geen naam hebben. Zelfs als Calaf was hij, ondanks de geweldige prestaties, niet echt roldekkend. Hij was te vriendelijk, te aardig, te menselijk.

TOSCA

Afbeeldingsresultaat voor Domingo Puccini"

Zijn allereerste Cavaradossi zong Domingo op 30 september 1961 en sindsdien heeft hij van Tosca meer uitvoeringen gezongen dan van welke andere opera ook. Over geen andere rol heeft hij zo diep nagedacht. Hij heeft de schilder zelfs meer eigenschappen toegedicht dan er, mijns inziens, in zitten.

Zelf vind ik Cavarodossi’s flirt met de revolutie niet meer dan een gril, maar Domingo neemt het bloedserieus en ziet zichzelf niet alleen als de minnaar maar ook als vrijheidsstrijder. Vanaf het begin weet hij dat de executie daadwerkelijk plaats gaat vinden, waardoor hij ook nog eens toneelstuk voor zijn geliefde Floria opvoert. Zeer humaan en zeer ontroerend.

tosca Nilsson

Zijn eerste Tosca in de Metropolitan Opera zong hij in 1969. Het was niet gepland: hij viel op het laatste moment in voor de zieke Sándor Kónya. Birgit Nilsson was Tosca. In haar memoires heeft ze opgeschreven dat ze zijn acteren ‘superb’ vond en zijn zingen ‘gorgeous’.

Het was inderdaad een memorabele voorstelling, niet in de laatste plaats vanwege de ‘schreeuw’ van Nilsson.

Tosca Scotto

Van de studio-opnamen zijn mij twee zeer dierbaar. Op Warner Classics (5665042) zingt Renata Scotto alle door Puccini voorgeschreven noten (daar nemen haar collega’s het niet altijd zo nauw mee) en Renato Bruson is zeer ‘hoffelijk gevaarlijk’ als Scarpia.


 

Tosca Price

RCA (88697448122) heeft één van de beste Scarpia’s ooit geregistreerd: Sherrill Milnes. Ik heb hem ooit live in de rol gehoord, dat was een belevenis! Leontyne Price is een zwoele Tosca.


Tosca Kabaivanska

Op dvd vind ik de Decca-verfilming (0434909) verreweg de meest indrukkwekkende. Het werd in 1976 gedraaid op locatie, wat toen nog niet echt gebruikelijk was. Nou ja, locatie… In het Palazzo Farnese was toen de Franse Ambassade gevestigd, waardoor er niet in gefilmd mocht worden.

Milnes was wederom van de partij en de hoofdrol werd zeer gekweld gezongen door Raina Kabaivanska.

Domingo is om te huilen zo mooi, maar wat de film nog dat beetje extra geeft, is de piepkleine rol van het herdertje. Die wordt namelijk gezongen door Plácido junior, toen 10 jaar oud.

MANON LESCAUT

Manon Domingo

Een andere Puccini-rol die voor mij helemaal des Domingo’s is, is Des Grieux in Manon Lescaut. Van deze opera met Domingo bestaan dan ook waanzinnig veel opnamen, zowel studio als live. Niet allemaal zijn ze de moeite waard en in de meeste gevallen ligt het aan vertolkster van de titelrol. Het is niets nieuws: had een platenmaatschappij een nieuwe ‘ster’, dan moest hij/zij alles opnemen wat op te nemen viel. Met veelal desastreuze gevolgen.

 

Manon Domingo Olivero

In 1970 heeft Domingo Manon Lescaut in Verona gezongen, met Magda Olivero in de titelrol. Best bizar als je bedenkt dat Olivero haar professionele debuut acht jaar voordat Domingo geboren werd maakte. En toch: haar uitbeelding van de jonge heldin is volkomen overtuigend. Sterker nog, daar kunnen de meeste van haar collega’s nog steeds niet aan tippen! Mijn exemplaar werd uitgebracht op Foyer, maar inmiddels bestaan er uitgaven in betere geluidskwaliteit.


Manpn Domingo Scotto

In 1980 werd de opera op tv uitgezonden. Die opname is nu ook op dvd beschikbaar. Geloof mij: beter bestaat niet. Scotto zingt en acteert Manon zoals geen ander eerder heeft gedaan en met Domingo samen zorgt zij voor een avondje ouderwets huilen. De zeer realistische, natuurgetrouwe en zeer spannende regie van Menotti kan gewoon niet mooier. Een MUST (DG 0734241).

IL TABARRO

Tabarro-Melodram-Crader

Luigi in De Mantel was ook een rol naar Domingo’s hart. Prachtig is zijn opname uit 1968 bij de New York City Opera, gedirigeerd door Julius Rudel (Melodram 17048) met als Giorgietta Jeannine Crader, een geweldige zangeres die nooit in Europa is doorgebroken.

Il Tabarro

Op dvd bestaat een mooie Zefirelli-productie uit New York, opgenomen in 1994. Giorgietta wordt gezongen door Teresa Stratas. Jammer genoeg is het gekoppeld aan Pagliacci met Pavarotti, met wederom Stratas in de hoofdrollen. Niet echt mijn ‘kopje thee’ (DG0734024).

Hieronder een curiosum: een duet uit Il Tabarro met Domingo en Beverly Sills uit 1967

EDGAR

Puccini Edgar

Er zijn op zijn minst twee goede redenen om de in 2006 opgenomen Edgar (DG 4776102) een warm welkom te heten: het is de allereerste studio-opname van het werk en het is voor het eerst dat Domingo die rol, de enige die nog ontbrak in zijn Puccini-discografie, heeft gezongen..

Nooit heb ik begrepen waarom de opera zo ongeliefd was. Muzikaal ligt het in het verlengde van Verdi, maar men hoort al flarden van de ‘echte’ Puccini: een vage belofte van Manon Lescaut, een studie op La Bohème en vingeroefeningen voor Turandot.

In Adriana Damato en Marianne Cornetti mogen wij een nieuwe generatie fenomenale zangeressen verwelkomen en Domingo is zoals altijd zeer muzikaal en betrokken.


LA FANCIULLA DEL WEST

La Faciulla Dominfgo Neblett cd

De allerbeste is voor mij een DG-registratie (4748402) uit 1978, met een ondergewaardeerde Carol Neblett als een zeer felle Minnie. Domingo is een smachtende en verrassend lyrische Johnson en Sherrill Milnes klinkt alsof hij in een echte western was beland.


 

La Fanciulla Domingo Zam[ieri dvd

Op dvd zijn er twee opnamen verschenen die de moeite waard zijn. Eén met Mara Zampieri en Juan Pons (Opus Arte OA LS3004 D) uit La Scala, 1991, in een prachtige, kleurrijke regie van Jonathan Miller.

La Fanciulla Domingo Neblett dvd

De ander is met Carol Neblett en Silvano Carroli (Kultur Video 2038) uit het Royal Opera House, 1982. Deze is echter moeilijk in Nederland verkrijgbaar.

LIEDEREN

Dommingo Puccini

Ooit waren er plannen om een speelfilm over Puccini te maken, waarin de zanger de componist ging spelen. Het ging niet door. In aanloop naar het project heeft Domingo in 1989 alle liederen van Puccini opgenomen, onder de titel Unknown Puccini (Sony 44981).

Voor de cover werd hij naar Puccini gemodelleerd en daar zit hij dan: gestoken in het wit, hoed op zijn hoofd en de snor prominent op zijn gezicht. Sprekend Puccini!

Maar goed, het gaat om de muziek en dat is verplichtte kost voor een ieder die in Puccini is geïnteresseerd. Het betreft veelal primeurs en je leert de weg die de componist aflegde naar zijn Manon’s, Tosca’s en andere ‘meisjes’. De vermaarde dirigent Julius Rudel begeleidt Domingo op piano en orgel.


Legendarische Attila uit Wenen

AttilaEr zijn van die voorstellingen waar alles perfect op elkaar afgestemd is en waarbij je het gevoel krijgt dat het niet beter kan. Er wordt nog lang over nagepraat en ze verworden tot een legende.

Zo’n voorstelling was Verdi’s Attila in de Weense Staatsoper op 21 december 1980.Het was Giuseppe Sinopoli’s debuut in het huis, zijn naam was nog vrijwel onbekend, maar de aanvankelijke terughoudendheid bij het publiek veranderde in een uitzinnig enthousiasme al bij de eerste maten. Zo warmbloedig, vurig en teder tegelijk heeft men de – toch niet sterkste – score van Verdi niet eerder gehoord.

Nicolai Ghiaurov was een grootse Attila. Met zijn sonore bas gaf hij zijn personage niet alleen de allure van een veldheer maar ook de zachtheid van een liefhebbend man.

In haar rol als Odabella bewees Mara Zampieri dat ze niet alleen een fantastische zangeres is met een stralende hoogte en een dramatisch attaque, maar ook een actrice van formaat

De stretta ‘E gettata la mia sorte’ in de tweede acte verlangt van de bariton de hoge bes. Piero Cappuccilli haalde die met gemak en souplesse, en werd door het uitzinnige publiek gedwongen tot bisseren, iets wat je maar zelden meemaakt in de opera. Een zeldzame ervaring.


Giuseppe Verdi
Attila
Nicolai Ghiaurov, Piero Cappuccilli, Mara Zampieri, Piero Visconti
Chor und Orchester der Wiener Staatsoper olv Giuseppe Sinopoli
Orfeo C 601 0321

Il Giuramento: een aaneenschakeling van de mooiste melodieën, die je dwingen te luisteren

Giuramento

Daar heb ik zo’n vijfendertig jaar geleden werkelijk een vermogen voor betaald, voor de twee slecht gekopieerde cassettebandjes met Il Giuramento van Saverio Mercadante, op 9 september 1979 live opgenomen in Wenen. En nu de Oostenrijkse Omroep ORF de een na de ander live opgenomen opera uit hun archieven opdiept en op cd’s overzet, kwam ook deze prachtopera –  voor weinig geld en in een voortreffelijke geluidskwaliteit – op de markt (Orfeo C 6800621).

Giuramento HUgo

Il Giuramento is, net als La Gioconda, gebaseerd op het toneelstuk ‘Angelo, tyran de Padoue’ van Victor Hugo, maar tussen beide werken zit een wereld van verschil. ‘La Gioconda’ is een zeer gepassioneerde, bij vlagen overweldigende opera en bevat een keur aan (over)bekende aria’s. Denk aan ‘Suicidio’ of ‘Cielo e mar’. Il Giuramento is kleiner, intiemer. Denk aan Bellini met een vleugje vroege Verdi.

De hele opera is eigenlijk niet anders dan een aaneenschakeling van de mooiste melodieën, die je dwingen te luisteren zonder mee te willen zingen. Of het moet ‘Compita è ormai la giusta e terribil vendetta’ zijn, een pracht van een aria met veel weemoed en elan gezongen door Domingo

Domingo heeft de voor hem geheel nieuwe rol in vier dagen (!) ingestudeerd en was – na maar één repetitie – voor de zieke Peter Dvorsky ingesprongen. Doe het hem na!

Mara Zampieri had, in tegenstelling tot veel van haar hedendaagse collega’s een zeer eigen geluid waar je wel of niet van kon houden, maar je kon haar onmogelijk met een ander verwarren. Haar zilvergekleurde, zinnelijke sopraan mengt prachtig met het gouden fluweel van Agnes Baltsa (toen nog zonder de lelijke registerbreuk die haar latere optredens zo ontsierde) en in  ‘Oh! Qual nome pronunziaste’ smelten hun stemmen samen tot een prachtige eenheid, die zo mooi is dat het pijn doet.