Koninklijk_Concertgebouworkest

Maris Jansons dirigeert MAHLER 7

Mahler 7 Jansens

Toen de cd in mijn brievenbus belandde was mijn eerste gedachte: o nee! Niet alweer! En met weemoed dacht ik terug aan de tijd toen elke nieuwe Mahler-opname voor mij een feest was.

Nu behoort de zevende niet tot Mahlers meest gespeelde werken – jarenlang bleef de symfonie zijn minst begrepen – waardoor het nog altijd zijn frisheid en zijn verrassingselement (denk aan ‘afwijkende instrumenten’ als mandoline en gitaar) behoudt. Bovendien is het Concertgebouworkest nog steeds hét orkest als het om het uitvoeren van Mahler gaat: het was tenslotte Mahler zelf die in oktober 1909 de Nederlandse première van zijn zevende dirigeerde.

Geen kwaad woord dus over het orkest, maar – en hier herhaal ik mezelf – hoe hoog ik Maris Jansons ook niet acht, zijn Mahlers hebben mij nooit echt kunnen bekoren. Zoals in de andere symfonieën verliest Jansons zich ook in de zevende in details. Je hoort wel alle afzonderlijke instrumenten één voor één voorbij komen maar nergens wil het een geheel worden.

Mooi? Jazeker, het is tenslotte het Koninklijk Concertgebouworkest, maar het is allemaal zo braaf, zo netjes, zo verzorgd… zelfs het verrassingselement is weg, geneutraliseerd. Het glijdt zo maar voorbij zonder dat je uit je luie stoel opspringt en je oren extra gaat spitsen.


GUSTAV MAHLER
Symphony No.7
Royal Concertgebouw Orchestra olv Mariss Jansons
RCO 17006 • 80’

Meer Mahler door Maris Jansons:
MAHLER 4 Jansons
Mariss Jansons dirigeert MAHLER 5
MAHLER 8 van Mariss Jansons

Advertenties

Daniele Gatti dirigeert HAYDN en MAHLER

Mahler ch

© Ron Jacobi

Daniele Gatti is een ware klanktovenaar. Dat het hem menens is, daar kan niemand die het concert van 24 augustus 2017 bijgewoond had aan twijfelen.

De betovering begon meteen al met Haydn, niet een componist die dagelijks op het programma van het Concertgebouworkest staat. Het werd dan ook niet een alledaagse Haydn, want het volkse vermaak dat vaak zijn symfonieën siert was in het geheel afwezig.

Gatti liet het orkest mijn oren zachtjes strelen, zo zacht en zo teder dat ik ongewild aan een porseleinen ballerina moest denken, die op een dun koord balanceerde. Delicaat, kwetsbaar en zo zacht dat ik mij niet meer op mijn gemak voelde en naar wat meer geluid ging verlangen. Dat kwam niet.

Ook niet in het plompe laatste deel die de symfonie de bijnaam “De Beer heeft bezorgd. Had Gatti maar aan de tempoaanduiding (er staat toch echt ‘Vivace Assai’ bij) toegegeven! Helaas. Mijn aandacht verslapte en mijn gedachten gingen ergens anders heen. Jammer.

Ook in zijn interpretatie van de vierde symfonie van Mahler liet Gatti zich voornamelijk als de schepper van mooie tonen kennen. Soms leek hij op een illusionist die voorzichtig met doorzichtige zeepbelletjes jongleerde.

De dirigent heeft ooit verklaard sterk in een verrassingselement te geloven. Voor hem werkt een interpretatie beduidend sterker als het onverwacht is en soms zelfs tegen het verwachtingspatroon van de luisteraar werkt. Hij meende het.

Het begon met een vreemde opstelling van het orkest, wat inderdaad tot een verrassende klankresultaat heeft geleid. Telkens moest ik mij in mijn arm knijpen, want wat ik hoorde riep andere herinneringen en andere emoties op dan ik in mijn hoofd (en wellicht tussen mijn oren) had opgeslagen.

Het eindeloos lang uitgerekte derde deel was dermate traag en zacht dat ik het gevoel kreeg dat het orkest stopte met spelen waardoor ik alleen de ademhaling van mijn naaste buren kon waarnemen. Het maakte mij confuus en ik voelde mij unheimisch..

 

Mahler Reiss

Chen Reiss

Dat gevoel bleef ik houden, daar kon zelfs de werkelijk hemels zingende Chen Reiss niets aan veranderen. Jammer genoeg had men haar achter het orkest opgesteld, wat het ‘wondermooie klanktapijt-gevoel’ behoorlijk versterkte maar waardoor de betekenis van wat zij zong ergens halverwege de blazers werd kwijtgeraakt.

In mijn beleving dirigeerde Gatti louter ‘op klank’ wat in een hallucinerende, poëtische visie op de symfonie resulteerde, maar waar een echte emotie ontbrak. Het was een buitengewoon fraaie, maar ook een buitengewoon steriele Mahler 4. Wat ik miste was het aardse onderbuikgevoel, het spelen ‘vanuit het kruis’.

Soms kan iets té mooi zijn om er nog van te kunnen genieten.

 

Het slotapplaus © Ron Jacobi

 

Het concert is terug te beluisteren op de site van Radio 4

http://www.radio4.nl/gids/2017-08-24/559182/zomeravondconcert

Joseph Haydn: Symfonienr.82 in C, ‘L‘ours‘
Gustav Mahler: Vierde symfonie in G
Koninklijk Concertgebouworkest olv Daniele Gatti
Chen Reiss (sopraan)

Gehoord op 24 augustus 2017 in het Concertgebouw in Amsterdam

 

Koninklijk Concertgebouworkest speelt THE BEST OF BERNSTEIN

Bernstein

Als aanloop naar een herdenkingsjaar van Leonard Bernstein – de alom geliefde componist, dirigent en pianist zou in augustus 2018 honderd jaar zijn geworden – zette het Koninklijk Concertgebouworkest, onder de noemer ‘RCO/Bernstein 2017’, dit jaar al zijn muziek vaker dan gewoonlijk op de lessenaars.

Op vrijdag 7 juli was het de beurt aan de Engelse dirigent John Wilson om het orkest te leiden in een all-Bernstein programma, met allemaal hoogtepunten uit zijn werk voor het muziektheater.

Bernstein john-wilson-sim-canetty-clarke

John Wilson © Sim Canetty-Clarke

Men zegt Wilson, men denk: musicals! Niet ten onrechte. Met zijn eigen orkest wijdt hij zich al jaren aan het uitvoeren van de hits uit Broadway en Hollywoodklassiekers, waar hij vaak arrangementen voor verzorgt; en zijn programma met werken van Bernstein behoort tot één van grootste hoogtepunten ooit op de Londense Proms.

Musical is weer in, althans volgens de auteur van het meer dan summier (geen liedteksten, geen synopsis van de uitgevoerde werken, geen woord ook over de artiesten) programmaboekje. Dat het zo is komt voornamelijk door het succes van de film La La land. Zou het? Zelf geloof ik er niets van. Musicals zijn al jaren buitengewoon geliefd, ook in Nederland. En afgaand op de gemiddelde leeftijd van de bezoeker van het concert – volgens mij hebben ze allemaal nog de eerste vertoning van West Side Story in de bioscopen meegemaakt – is het niet iets van recente datum.

dav

Voor die gelegenheid werd de grote zaal van het Concertgebouw getooid met de stemming vergrotende verlichting en het feest kon beginnen. En een feest werd het!

Het programma was opgezet niet alleen als eerbetoon aan de grote Bernstein maar ook als ode en liefdesverklaring aan New York. De toon werd meteen gezet met een swingende medley uit On the Town, met solootjes voor de tenor Julian Ovenden en bariton Nadim Naaman. Nee, Frank Sinatra en Gene Kelly waren ze niet, maar ze kwamen best dichtbij.

 

 

 

 

Van het duo wist Ovenden mij het meest te imponeren. Met zijn zeer soepel gevoerde lyrische tenor met een aangenaam timbre zette hij een zeer overtuigende Tony (West Side Story) neer. De door hem zeer gevoelig vertolkte ‘Maria’ was dan ook één van de hoogtepunten van het programma.

 

Bernstein scarlett-strallen-nc

Scarlett Strallen © nc

Na haar eerste song, ‘Dream with me’ uit Peter Pan, was ik een beetje sceptisch over Scarlett Strallen. Haar optreden kwam mij onzeker over, aarzelend bijna. Maar gaande weg kwam ze haar zenuwen te boven en aan het eind gaf ze een onvergetelijke uitvoering van ‘Glitter and be gay’ uit Candide. Haar coloraturen waren onberispelijk en haar acteren meer dan overtuigend. Daarbij werd zij geholpen door een hilarische gebruik van kralenkettingen die zij tevoorschijn gehaald uit haar decolleté. Iets wat zij al eerder deed tijdens de Proms:

(meer…)

SALOME IN AMSTERDAM: waar bleef de kop?

Salome Amsterdam Affiche

Let niet op het mooie affiche. Het belooft ons iets wat niet waar wordt gemaakt en wat we niet krijgen. Het hoofd van Jochanaan blijft tot het einde aan zijn lichaam vastzitten, waardoor het beoogde schokeffect achterwege blijft. Want, zeg maar zelf, een vrijage met een dodelijk  gewonde man is toch wel van een ander kaliber dan klaarkomen met zijn afgehakte kop.

Regisseur Ivo van Hove aan het woord:

COMING OF AGE

Ivo van Hove ziet de opera als een coming of age-verhaal en in die zin was Malin Byström een gedroomde Salome die precies deed wat de regisseur van haar verlangde. Klein, teer en lijkbleek was zij zowat de personificatie van een boze, verwende puber die haar zin kostte wat kost moest en zou krijgen.

Malin Byström (Salome) & Lance Ryan (Herodes)

Lance Ryan (Herodes) & Malyn Byström (Salome) © BAUS

Byström zag er uit als Salome, zij danste als Salome, maar zingen als Salome lukte haar maar half. Daar miste haar stem de orkaankracht voor die het moeiteloos boven het orkest zou kunnen tillen. Maar het was haar roldebuut en de kans dat zij er in gaat groeien is groot, het potentieel is in ieder geval aanwezig. Sowieso moet men haar uithoudingsvermogen en betrokkenheid bewonderen: zij gaf de rol alles wat zij had.

DANS

In het tekstboek (niet lezen!) wordt gerept van kolonialisme, imperialisme en meer van dat soort bla bla, maar gelukkig merkte je daar niets van. Salome danste omdat ze eenmaal haar zinnen op Jochanaan had gezet, levend of dood. Het dubbele van haar wens werd door van Hove meer dan prachtig verbeeld; hij liet Salome de dans dan ook ‘dubbel’ uitvoeren. Fysiek agressief op het voortoneel en gedroomd sensueel en sterk erotisch geladen op de videoprojectie op de muur.

 

Lance Ryan (Herodes), Malin Byström (Salome), Doris Soffel (Herodias)

Lance Ryan (Herodes), Doris Soffel (Herodias) & Malyn Byström (Salome) © BAUS

Het was niet alleen mooi om naar te kijken, het werkte ook hallucinerend en hypnotiserend, waardoor ook alle personages in het drama er deel aan moesten nemen, of ze het wilden of niet. Een absoluut hoogtepunt van de productie. Ik noem het maar zoals het was: een orgasme.

 

Malin Byström (Salome) & Doris Soffel (herodias)

Doris Soffel (Herodias) & Malyn Byström Salome) © BAUS

De rol van Jochanaan werd bezet door de Russische basbariton Evgeny Nikitin. Schitterende zanger, dat zeker, maar geen Jochanaan. Ik vind zijn stem te laag en te ‘bassig’, waardoor hij in moeilijkheden kwam bij zijn hoge noten.

Malin Byström (Salome) & Evgeny Nikitin (Jochanaan)

Peter Sonn (Narraboth), Malyn Byström (Salome) & Evgeny Nikitin (Jochanaan) © BAUS

Nog erger was het met zijn uitstraling gesteld: die had hij namelijk helemaal niet. Nikitin zag er uit als een bejaarde motorrijder, zijn grijzige haar in een staartje en zijn hele lichaam bedekt met tatoeages. Met zijn sjofele kleding en zijn totale gebrek aan charisma kon hij moeilijk indruk op wie dan ook maken, laat staan dat hij een gedroomd seksobject van een mooie prinses kon worden.

 

Malin Byström (Salome), Evgeny Nikitin (Jochanaan)

Evgeny Nikitin (Jochanaan) & Malyn Byström (Salome) © BAUS

Herodes (Lance Ryan) en Herodias (Doris Soffel) waren beiden goed. Aanvankelijk had ik een beetje moeite met Ryan: zijn stem is niet echt een karaktertenor zoals ik gewend ben, maar gaandeweg gaf ik mij toch gewonnen.

 

Malin Byström (Salome) & Lance Ryan (Herodes) & Doris Soffel (Herodias)

Doris Soffel (Herodias), Lance Ryan (Herodes), Malyn Byström (Salome) & het lijk © BAUS

Ergens las ik dat de regisseur clichés wilde vermijden en dat was hem goed gelukt. Ryan is een goed uitziende man die er zeer netjes maar ook gladjes eruitzag in zijn nette pak. Zeg maar: het type hoge ambtenaar met een uitstraling van een garnaal.

 

Doris Soffel (Herodias), op de achtergrond Malin Byström (Salome)

Doris Soffel (Herodias © BAUS

Ook de Herodias van Doris Soffel was minder karikaturaal dan gewoonlijk, meer een ‘Gooise vrouw’ dan een hysterisch jaloerse krijswijf op leeftijd.

 

Doris Soffel (Herodias), Malin Byström (Salome), Lance Ryan (Herodes)

Dorris Soffel (Herodias) in het midden, achter haar Malyn Byström (Salome), naaast haar zittend Hanna Hipp (page) © BAUS

Hanna Hipp (page) heeft weinig indruk op mij gemaakt. Op de bühne was zij de grote ‘afwezige’ wat ongetwijfeld zowel met haar nietszeggend driedelig kostuum als met het gebrek aan goede regieaanwijzingen te maken zou kunnen hebben. Met zijn/haar personage wist van Hove zich blijkbaar geen raad.

 

Lance Ryan (Herodes), Peter Sonn (Narraboth)

James Platt (Soldaat), liggend Peter Sonn (Narraboth & Lance Ryan (Herodes) © BAUS

Uitstekend daarentegen was de Narraboth van Peter Sonn. Met zijn soepele, lyrische tenor wist hij de “mooie Syriër” en gekwelde legercommandant goed gestalte te geven. Ik ben de regisseur ook zeer dankbaar dat hij Narraboth gewoon een fatsoenlijke zelfmoord heeft laten plegen, precies zoals het in het libretto staat.

Ook alle kleine rollen waren zeer goed bezet, met de vijftal kibbelende Joden voorop.

 

Salome maan

© BAUS

Het minimalistisch toneelbeeld van Jan Versweyveld was zeker mooi, gelukkig gaf hij ook de maan met al zijn gedaantes de prominente plaats die hij verdiende.

Had Ivo van Hove ons datgene gegeven waar we, net als Salome sterk naar verlangden, dan had men kunnen spreken van een bijna perfecte voorstelling.

 

Malin Byström (Salome)

Malyn Byström (Salome) © BAUS

Al met al: het was een goed tot zeer goed gezongen mooie productie, met in de hoofdrol een goddelijk spelend orkest. Zoals het eigenlijk bij Richard Strauss hoort. Het is niet te geloven dat het Koninklijk Concertgebouworkest, althans in de huidige bezetting, de partituur voor het eerst op de lessenaars had.

Trailer van de productie:

Richard Strauss
Salome

Malin Byström, Evgeny Nikitin, Lance Ryan, Doris Soffel, Peter Sonn, Hanna Hipp e.a.
Koninklijk Concertgebouworkest olv Daniele Gatti.
Regie: Ivo van Hove

Bezocht op 9 juni 2017

SALOME: de gevaarlijke verleidster of …..? Discografie.

‘DAS GEHEGE’ van Wolfgang Rihm: een moderne versie van ‘SALOME’? ZaterdagMatinee december 2011