Giacomo_Meyerbeer

L’Africaine. Hoe de liefde voor Vasco da Gama een Afrikaanse koningin fataal werd

Africaine_1865_-_settings_-_Gallica

Settings for the 1865 premiere of a L’Africaine (press illustrations). The stage designs for Act I (Council Scene) and Act II (Dungeon Scene) were created by Auguste-Alfred Rubé and Philippe Chaperon; for Act III (Sea Scene and Shipwreck) and Act IV (Hindu Temple), by Charles-Antoine Cambon and Joseph-François-Désiré Thierry; for Scene 1 of Act V (Queen’s Garden, not shown), by Jean Baptiste Lavastre; and for Scene 2 of Act V (The Machineel Tree), by Edouard-Désiré-Joseph

SHIRLEY VERRETT

Africaine Verrett

Shrirley Verrett  (Selika) en Plácido Domingo (Vasco da Gama) in San Francisco

Vasco da Gama (ja, de Vasco da Gama) houdt van Inès, maar als er een gevaar voor zijn eigen leven dreigt gaat hij zich achter de Afrikaanse koningin, Sélika, schuilen. Arme Sélika! Zij houdt oprecht van hem, maar op het moment dat Inès weer ten tonele verschijnt, moet zij opzij gaan. Dat doet zij ook letterlijk, door aan een van de giftige bloemen te ruiken.

Natuurlijk gebeurt er in de opera veel meer, voornamelijk muzikaal. Ik vraag mij dan ook af hoe het komt, dat de opera nog maar zo weinig wordt uitgevoerd.

Ligt het aan de zwakke mannelijke hoofdrol, die voornamelijk de roem nastreeft? Hij heeft in ieder geval een pracht van een aria van Meyerbeer gekregen, wellicht één van de mooiste ooit: ‘Pays merveilleux/Oh paradis’:

Domingo heeft altijd vertrouwen in de opera gehad en heeft da Gama meerdere keren gezongen. Het is ook dankzij hem dat de opera in de jaren zeventig een kleine revival beleefde.

 

Afrivaine Domingo cd

Er bestaat een piratenopname op cd (Legato Classics LCD-116-3), met in de hoofdrol Shirley Verrett en de werkelijk geniale Norman Mittlemann als Nelusco. Het is uit 1972, maar er wordt nergens vermeld waar het opgenomen is. Maar aangezien dat jaar een serie voorstellingen in San Francisco hebben plaatsgevonden, met Verrett, is het eigenlijk volkomen duidelijk.

 

Africaine Verrett SF dvd

De geluidskwaliteit is slecht, maar niet getreurd: de opera werd later ook voor tv opgenomen, zodat we er nu met volle teugen van kunnen genieten op dvd (Arthaus Music 100217).

De werkelijk prachtige productie werd gemaakt door Lotfi Mansouri (regie) en Wolfram en Amrei Skalicki (bühnebeeld en kostuums). Inès wordt gezongen door een (letterlijk) mooie, lichte coloratuursopraan Ruth Ann Swenson en Justino Díaz doet zijn best om ons te overtuigen dat hij eng is. Dat moet u echt gezien hebben!

MONTSERRAT CABALLÉ

Africane Cabelle

In 1977 werd de opera in het Teatre Liceu in Barcelona opgenomen, wederom met Plácido Domingo als Vasco da Gama. Maar of ik deze opname kan aanbevelen? Niet echt. Montserrat Caballé is een mooie maar weinig overtuigende Sélika en Juan Pons heeft betere dagen gehad en Christine Weidinger is een niet meer dan een fatsoenlijke Inez. (Legato Classics LCD 208-2).

 

MARTINA ARROYO

Africaine Myto

In november 1977 werd L’Africaine live in Monaco opgenomen met een prima Martina Arroyo in de hoofdrol. In het tekstboekje staat dat het waarschijnlijk de meest complete uitvoering van de partituur is die ooit is geregistreerd. Helaas is Giorgio Casellato-Lamberti een zwakke Vasco da Gama maar de prachtige Nélusco van Sherrill Milnes maakt veel goed (Myto 3MCD 011.235)

 

Meer Meyerbeer:
DIANA DAMRAU zingt MEYERBEER
MEYERBEER: LE PROPHÈTE. Essen 2017
LES HUGUENOTS Brussel 2011
ROBERT LE DIABLE

 

 

Advertenties

Gefascineerd door onbekende opera’s: op bezoek bij OPERA RARA.

 

 

 Opera Rara

Tijden veranderen. Nog niet zo vreselijk lang geleden kon de koek niet op. Grote platenmaatschappijen namen de ene na de andere opera op, op kosten werd niet gekibbeld, nieuwe grote sterren werden gelanceerd en met net zo veel gemak gedropt. Nog één Aida en La Traviata, de honderdste Rigoletto, de tweehonderdste Tosca of Don Giovanni

In de marge opereerden de kleinere, minder bekende firma’s, terend op een handjevol echte liefhebbers en verzamelaars die op zoek waren naar minder bekende titels van Donizetti of Bellini, naar verloren gewaande partituren en naar de ooit zo succesvolle en inmiddels vergeten componisten: Meyerbeer, Paccini, Mayr …

Eén van zulke firma’s was en nog steeds (!) is Opera Rara, ooit begonnen als een tweemansbedrijfje. In de pioniersjaren kon je je melden als een abonnee. Je kreeg dan een bericht over een op te nemen opera, je stortte het geld en het duurde soms meer dan een jaar eer je de platen thuis toegestuurd kreeg. Het was iets zeer exclusiefs. Inmiddels is Opera Rara uitgegroeid tot wellicht het grootste (en zeker het belangrijkste) opera label.

 

Opera Rara logo

 

Twintig jaar geleden bracht ik een bezoek aan  Opera Rara in Londen, waar ik een ontmoeting had met Patric Schmid* en dirigent David Parry. Schmid was één van de oprichters, de opnameleider en sinds het overlijden van zijn partner Don White tevens de artistiek manager van het label.

Als ik het metrostation Liverpool Street uitstap, regent het pijpenstelen. Ik heb nog een paar uur de tijd en ben vast van plan een paar boekwinkels op te zoeken, maar het lijkt mij een veilig idee om alvast de weg te verkennen, zeker omdat ik altijd en overal weet te verdwalen. Het is veel dichterbij dan ik dacht.

Niettemin, als ik er een kwartier voor de afgesproken tijd weer naartoe loop, verdwaal ik. Het weer is inmiddels omgeslagen; de zon schijnt en het is heet. Helemaal bezweet betreed ik het pand op Curtain Road, een vestiging van Opera Rara.

Ik word verwelkomd door Stephen Revell, de uiterst vriendelijke assistent van Patric Schmid die mij een enorme kamer binnenleidt. In het midden staat een vleugel, veilig geborgen onder een lap gele stof. Op de planken duizenden partituren, boeken en platen.

 

We nemen plaats aan een grote houten tafel. Patric Schmid komt binnen: een knappe vijftiger met grijze haren. David Parry wordt geëxcuseerd, hij is wat verlaat. Wij krijgen koffie en thee en het verhaal achter het meest avontuurlijke operalabel begint.

 

Opera Rara Nelly en Patrick

Patric Schmid met Nelly Miricioiu  © Voix des Arts

De liefde voor het belcanto begon met Chopin. Schmid raakte als jonge pianist zo in de ban van de betoverende klanken van deze componist dat hij op zoek ging naar meer. Een zoektocht die bij belcanto uitkwam. Daar raakte hij zo gefascineerd door dat hij besloot er wat aan te doen dat de muziek – toen –  vrijwel nooit werd uitgevoerd. Samen met zijn vriend, de musicoloog Don White, richtte hij in 1970 een operagezelschap op. Opera Rara.

 

 

Het zoeken naar de onbekende opera’s was niet makkelijk, Schmid  zelf heeft het over ‘uitgraven’. En aangezien het kopieerapparaat  nog uitgevonden moest worden, werd alles met de hand gedaan.

 

opera rara crociato

Piratenuitgave van Il Crociato in Egitto © Hans van Verseveld

In 1972 werd de eerste opera uitgevoerd: Il Crociato in Egitto van Meyerbeer. Zonder problemen ging het niet: een paar dagen voor de première zei de tenor af, en waar vind je een vervanger voor zo’n onbekend stuk? Gelukkig, William McKinney redde de productie door twee dagen van tevoren de rol over te nemen.

 opera rara hugo

Alle door de Opera Rara uitgevoerde opera’s werden uitgezonden door de BBC en door de ‘piraten’ op de plaat gezet. In 1977 besloten Schmid en White de opera’s zelf te gaan opnemen en richtten het platenlabel Opera Rara op. Het geld voor de opnamen werd direct ingezameld bij liefhebbera door middel van abonnementen. Als eerste werd Donizetti’s Ugo Conte di Parigi opgenomen, in juli 1977. De opera stond onder leiding van Alun Francis, sindsdien één van twee vaste dirigenten.

Janet Price sings Bianca’s aria “No, che infelice appieno….” from the Donizetti rarity “Ugo Conte di Parigi”:

De andere gastheer, de dirigent David Parry is inmiddels gearriveerd en neemt geanimeerd deel aan ons gesprek. De voormalige leerling van onder andere Celibidache begon zijn carrière als pianist en repetitor van zangers, wat volgens hem absoluut onmisbaar is voor een dirigent. Zijn loopbaan begon in 1973 in Wexford, waar hij in 1975 als assistent van de dirigent betrokken was bij de opvoering (voor het eerst na 93 jaar!) van de opera Orazi e Curiazi van Mercadante, een opera die hij 20 jaar later voor Opera Rara zou opnemen.

Nelly Miricioiu zingt ‘Di quai soavi palpiti’ uit Orazi e Curiazi:

Niet alleen de dirigenten, ook de zangers zijn de Opera Rara trouw. Geen wonder: zij worden in gelegenheid gesteld om opnames te maken, nieuw repertoire te leren en te werken in een ontspannen sfeer. De grootste en beroemdste sterren deden (en doen nog steeds) er aan mee: Nelly Miriciou, Annick Massis, Jennifer Larmore, Joyce El-Khoury, Bruce Ford, Alaister Miles, Michael Spyres, Carmen Giannattassio  – om een paar te noemen.

 

Opera Rara David Parry Courtain Road 98

Patric Schmid & David Parry © Basia Jaworski for Basia con fuoco

Als afscheid krijg ik een bijzonder cadeau: de gele lap gaat van de vleugel af, David Parry pakt een partituur en speelt (en zingt – geholpen door Patric Schmid) voor mij een aria uit Margherita d’Anjou  van Meyerbeer **

*Patric Schmid overleed plotseling op 6 november 2005. Hij was toen maar 61 jaar oud.

** Margherita d’Anjou werd in oktober 2003 uitgebracht. Het was één van Meyerbeers eerste opera’s, nog uit zijn Italiaanse tijd. Van die opera was geen complete partituur bewaard, heel veel was dus gereconstrueerd – “uitgegraven”, volgens de woorden van Patric Schmid. De voortreffelijke cast wordt aangevoerd door Annick Massis, Bruce Ford, Daniela Barcelona en Alastair Miles, en het London Philharmonic Orchestra staat onder de bezielde leiding van David Parry (ORC25).

Zie ook interviews met
Nelly Miricioiu – Keizerin van de ZaterdagMatinee
JENNIFER LARMORE
JOYCE EL-KHOURY
CARMEN GIANNATTASIO

 

DIANA DAMRAU zingt MEYERBEER

Meyerbeer Damrau

Ik zit in dubio en kom er niet uit. Ik ben dol op Giacomo Meyerbeer, een componist die al sinds de jaren dertig van de vorige eeuw niet alleen gruwelijk ondergewaardeerd, maar ook smartelijk vergeten is. Een volle 81 minuten met zijn muziek voelt dan ook als een duur geschenk. Zeker als de uitgave zo verzorgd is en de aria’s gezongen worden door één van ’s werelds grootste coloratuursopranen.

Daar komt nog bij dat veel van de aria’s vrijwel onbekend zijn en als je geen diehard Meyerbeer-verzamelaar bent dan heb je er waarschijnlijk niet eens van gehoord. Maar er is meer: aria’s uit Alimelek, oder Die beiden Kalifen en Ein Feldlager in Schlesien beleven hier hun plaatpremière.

En toch….

Ik heb het echt geprobeerd en er mijn best voor gedaan en toch kan ik die cd niet mooi vinden. Ligt het aan Diana Damrau of aan mij dat ‘Robert toi que j’aime’, het zielsroerende aria van Isabelle (Robert le Diable) niet smekend genoeg klinkt en mij onberoerd laat? Of dat ik, luisterend naar ‘Ombre légère’ (Le pardon de Ploërmel) mij erop betrap dat ik naar Natalie Dessay verlang?

Het is allemaal verschrikkelijk virtuoos en  bewonderenswaardig wat Damrau doet maar het laat mij volstrekt koud. . . En toch maakt de uitgave mij gelukkig.


GIACOMO MEYERBEER
Grand Opera
Diana Damrau (sopraan)
Orchestre et Choeur de l’Opera National de Lyon olv Emmanuel Villaume
Erato 0190295848996 • 81’

 

Meyerbeer’s ‘LE PROPHÈTE’ in Essen: great singing in an okay production

le Prophete Anna Osborn

Le Prophète in Essen. Drawing by Anna Osborn

As Heinrich Heine supposedly once said: “When the end of the world comes make your way to the Netherlands. Everything happens fifty years later there.” Probably nothing more than a (witty) bon mot, but “se non è vero, è ben trovato”……

Fact is we do tend to remain on the sidelines waiting to see what happens in foreign opera houses. These houses have programmed many forgotten or rarely performed operas like Król Roger long before we did. Now Giacomo Meyerbeer finally has been (re)discovered abroad, we can cherish the hope the Master of Grand Opéra will soon frequent our opera houses as well. France, Great Britain, Belgium and Germany have preceded us. In  Germany one can even speak of a genuine ‘Meyerbeer revival.’

Hopefully the wait will not be as long as in Paris, where fans of the composer had to wait for twelve years for their next ‘Meyerbeer’ after Les Huguenots. If it does take that long, trips abroad will be the only option, something Meyerbeer enthousiasts have been doing for years.

Personally, I jumped at the first opportunity, and travelled to the Aalto-Theater in Essen, where in April and May 2017 an unforgettable production of Le Prophète took place.

Le_prophète_Act4_sc2_1849_-_NGO3p1147

Le-prophete-1849

After Robert le Diable and Les Huguenots, Le Prophète was the third Meyerbeer setting of a libretto by Eugène Scribe. Scribe based his story of (religious) fanaticism, sectarianism and abuse of power loosely on the life story of the Dutch Anabaptist John of Leiden, adding the necessary romantic entanglements and  amorous adventures.

Le Prophete Jan_van_Leiden_by_Aldegrever

Le Prophete Jan_van_Leiden_by_Aldegrever

Scribe got his inspiration from two novels by Carl Franz van der Velde, ‘Die Wiedertäufer’ and ‘Die Lichtensteiner’. From the latter stems the character of Fidés, Jean’s mother.  This role, created by the famous mezzo-soprano Pauline Viardot,  made the mother-son relationship one of the most important themes of the opera.

In the opera Fidés is depicted as a strong woman, who counterbalances Jean’s megalomania very well. She was brought to life superbly by Marianne Cornetti.

10731_13069_Le_Prophete_Jung_Matthias09

Jean (John Osborn) and Fidés (Marianne Cornetti © Matthias Jung

The American mezzo has a big, booming voice, able to move from low to high notes and back down again without problems. With her immense involvement she conveys her deepest feelings to the audience. I don’t know how Pauline Viardot sounded, but I have little doubt Cornetti approaches that ideal as close as possible.

10739_13085_Le_Prophete_Jung_Matthias17

‘Ô prêtres de Baal’ . John Osborn & Marianne Cornetti © Matthias Jung

Cornetti moved me to tears in “Ah, mon fils, sois béni!”, the scene in the second act where she finds out her son spares her life by handing over his beloved to Oberthal.  Her “Ô prêtres de Baal” did not leave me unmoved either.

We know John Osborne mainly from his belcanto roles, but his voice has developed a lot in the direction of French heroic roles. Who does not remember his formidable Benvenuto Cellini in Amsterdam?

10734_13075_Le_Prophete_Jung_Matthias12

Til Faveyts ( Zacharie), John Osborn (Jean) & Pierre Doyen (Mathisen) © Matthias Jung

Meyerbeer is not new to Osborn. In 2011 he sang an outstanding Raoul (Les Huguenots) in Brussels. I thought he sang incredibly well then, but it was nothing compared to this Jean.

10726_13059_Le_Prophete_Jung_Matthias04

John Osborn © Matthias Jung

I have heard singers like Gedda and Domingo sing Jean, both fantastic in different ways, but Osborn outdid both of them. He combined his wonderful and pure height with the intensity of Domingo, and sang with the musicality and the intelligence his two predecessors were so famous for. To give the final performance a little extra oomph, Osborn treated his audience to a couple of added high notes, which were received with much gratitude.

10724_13055_Le_Prophete_Jung_Matthias02

Lynette Tapia (Berthe) © Matthias Jung

This was the first time I heard Lynette Tapia live, and I must admit she impressed me a lot. Her voice is not exactly big, which might cause problems in larger opera houses, but in Essen she could give the role of Berthe everything it needs.

10745_13097_Le_Prophete_Jung_Matthias23

‘Voici le souterraine’. Lynette Tapi, Marianne Cornetti & John Osborn

 

The way Tapia coloured her voice in order to project all her different moods was just as beautiful as her coloratura. She was so courageous in “Voici le souterraine” that it was hard to believe this was the same woman who at the start of the opera was all joy because she was going to marry her beloved. Or how firm she sounded when she realised her beloved Jean and the hated prophet were one and the same person!

10741_13089_Le_Prophete_Jung_Matthias19

Tijl Faveyts, Karel Ludvik, Albrecht Kludszuweit © Matthias Jung

Karel Ludvik was an outstanding Count Oberthal. The Canadian bass-baritone, who lives in the Netherlands possesses a beautiful, even voice that is begging for more belcanto roles.

10733_13073_Le_Prophete_Jung_Matthias11

Tijl Faveyts, Albrecht Kludszuweit & Pierre Doyen © Matthias Jung

The three Anabaptists were excellently cast with Albrecht Kludszuweit, Pierre Doyen and Tijl Faveyts. I am amazed a bass with the exceptional qualities of Faveyts does not sing in all the big opera houses.

10735_13077_Le_Prophete_Jung_Matthias13

Til Faveyts (Zacharie) © Mathias Jung

Giuliano Carella conducted with love, and gave the singers the room to sing out.

10729_13065_Le_Prophete_Jung_Matthias07

John Osborn © Matthias Jung

The staging by Vincent Boussard did not bother me. No psychologizing, no multiple layers or difficult to understand symbols. With this topic, moving the opera to a caliphate would have been an easy way out, saving Boussard a lot of trouble, but luckily he stayed faithful to the libretto. The ballet was a drag, but at least it was well integrated into the total. The lighting designed by Guido Levi was simply breathtaking, with images that looked like paintings. The videos in the background formed a (at times very moving) background that did not distract from the music.

10744_13095_Le_Prophete_Jung_Matthias22

John Osborn © Matthias Jung

The bad news: if you were not there you have missed an unforgettable performance.

The good news: the German firm Oehms has recorded the performance live for a future release on cd: Bravo Oehms!

A trailer of the production can be found on the website of the Aalto Theater Essen:

http://www.aalto-musiktheater.de/premieren/le-prophete.htm

Photos of the final curtain (© Lieneke Effern):

Performance reviewed: May 14th, 2017 in the Aalto-Musiktheater, Essen

English translation: Remko Jas

Original Dutch: MEYERBEER: LE PROPHÈTE. Essen 2017

Giacomo Meyerbeer
Le Prophète
John Osborn, Lynette Tapia, Marianne Cornetti, Karel Ludvik, Albrecht Kludszuweit, Pierre Doyen, Tijl Faveyts
Opernchor, Extrachor und Kinderchor des Aalto-Theaters
Essener Philharmoniker under the direction of Giuliano Carella
Staging: Vincent Boussard

MEYERBEER: LE PROPHÈTE. Essen 2017

le Prophete Anna Osborn

Le Prophète in Essen. Tekening van Anna Osborn

Heinrich Heine zou ooit hebben gezegd dat als de wereld vergaat, hij dan naar Nederland gaat verhuizen want “daar gebeurt alles vijftig jaar later”. Het is waarschijnlijk niet meer dan een (leuke) bon mot, maar: “se non è vero, è ben trovato”…….

Het is in ieder geval wel zo dat we op operagebied vaak op de zijlijn zitten te wachten wat er in andere operahuizen gebeurt. Het buitenland was ons vóór in het programmeren van veel vergeten en/of zelden gespeelde opera’s, zoals Król Roger. En nu het buitenland Giacomo Meyerbeer heeft (her)ontdekt, mogen ook wij de hoop koesteren dat de grootmeester van de Grand Opéra ook onze operahuizen gaat frequenteren. Frankrijk, Groot Brittannië, België en Duitsland gingen ons al voor en in Duitsland kun je zelfs van een echte ‘Meyerbeer-revival’ spreken.

Hopelijk hoeft het niet zo lang te duren zoals in Parijs toen, toen de fans van de componist na Les Huguenots twaalf jaar op hun volgende ‘Meyerbeer’ zaten te wachten. En anders blijft er niets anders over dan naar het buitenland te reizen. Iets, wat de liefhebbers al jaren doen.

Zelf heb ik de eerste mogelijkheid dat zich aandeed met beide handen aangegrepen en begaf mij naar het Aalto-Theater in Essen, waar men in april/mei 2017 een onvergetelijke productie van  Le Prophète op de planken heeft gebracht.

Le-prophete-1849


Le prophète
was, na Robert le diable en Les Hugenots de derde opera die Meyerbeer componeerde op het libretto van Eugène Scribe. Zijn verhaal over het (religieus) fanatisme, sektarisme en machtswellust heeft Scribe losjes gebaseerd op het levensverhaal van de Nederlandse wederdoper Jan van Leiden, waar hij nog de nodige romantische verwikkelingen en liefdesperikelen aan toevoegde.

Le Prophete Jan_van_Leiden_by_Aldegrever

Zijn inspiratie vond Scribe in twee romans van Carl Frans van der Velde, ‘Der Wiedertäufer’ en ‘Die Lichtensteiner’. Uit de laatste komt ook de personage van Fidés, moeder van Jean, vandaan. Een personage die met de bezetting van de rol door de beroemde mezzosopraan Pauline Viardot de moeder-zoon verhouding tot één van de belangrijkste thema’s van de opera heeft opgetild.

In de opera wordt Fidés voorgesteld als een sterke vrouw, die de megalomanie van Jean goed tegenwicht kan bieden en de tegenwicht, die was bij Marianne Cornetti in uitstekende handen.

10731_13069_Le_Prophete_Jung_Matthias09

Jean (John Osborn) en Fidés (Marianne Cornetti © Matthias Jung

De Amerikaanse mezzo heeft een kanon van een stem, waarmee zij van hoog naar laag en terug kan wandelen alsof het niets is. Met haar immense betrokkenheid weet zij de grootste gevoelens aan een ieder duidelijk te maken. Nu weet ik niet hoe Pauline Viardot in het echt heeft geklonken, maar ik neem zonder meer aan dat Cornetti het ideaal zeer dicht benadert.

10739_13085_Le_Prophete_Jung_Matthias17

‘ô prêtres de Baal’ . John Osborn & Marianne Cornetti © Matthias Jung

In ‘Ah! mon fils, sois béni!’, de scène in de tweede akte waarin zij verneemt dat haar zoon haar leven boven zijn geliefde heeft gekozen wist zij mij tot tranen toe te roeren. Ook haar ‘Ô prêtres de Baal’, heeft mij niet onberoerd kunnen laten.

John Osborn kenden we voornamelijk van zijn belcanto rollen, maar zijn stem heeft zich behoorlijk richting Franse heroïek ontwikkeld. Wie herinnert zich zijn formidabele Benvenutto Cellini in Amsterdam niet?

10723_13053_Le_Prophete_Jung_Matthias01

John Osborn (Jean) © Matthias Jung

Ook Meyerbeer is hem niet vreemd: in 2011 zong hij een voortreffelijke Raoul (Les Huguenots) in Brussel. Ik vond hem toen onvoorstelbaar goed, maar het was nog niets vergeleken met zijn prestatie als Jean.

10744_13095_Le_Prophete_Jung_Matthias22

John Osborn © Matthias Jung

Nu moet u weten dat ik in de rol zulke fantastische, maar ook zulke verschillende zangers heb gehoord als Gedda en Domingo: beiden fenomenaal, toch wist Osborn ze beiden nog te overtroeven. Zijn schitterend zuivere hoogte wist hij met de intensiteit van Domingo te paren en dat alles werd gecombineerd met een muzikaliteit en intelligentie waar zijn beide voorgangers zo beroemd om waren. Om de laatste voorstelling dat ‘etwas’ meer te geven trakteerde hij zijn publiek op een paar extra hoge noten, die werden dan ook met veel dank ontvangen.

10724_13055_Le_Prophete_Jung_Matthias02

Lynette Tapia (Berthe) © Matthias Jung

Het was de eerste keer dat ik Lynette Tapia live hoorde en ik moet bekennen dat ik behoorlijk onder de indruk ben geraakt. Haar stem is niet echt groot en ik denk dat zij in grotere operahuizen in problemen zou zijn geraakt, maar in Essen kon zij haar rol van Berthe alles geven wat zij nodig heeft.

10745_13097_Le_Prophete_Jung_Matthias23

‘Voici le souterraine’. Lynette Tapi, Marianne Cornetti & John Osborn

Het mooiste, naast haar coloraturen, vond ik de manier hoe Tapia haar stem kleurde om al haar gemoedstoestanden duidelijk over te kunnen brengen. In ‘Voici le souterraine’ was zij zo heldhaftig dat je amper kon geloven dat het dezelfde vrouw was die aan het begin van de opera één en al vreugde was omdat zij met haar geliefde dacht te trouwen. Of hoe standvastig zij klonk toen ze zich realiseerde dat haar geliefde Jean en de gehate profeet een en dezelfde persoon waren!

10741_13089_Le_Prophete_Jung_Matthias19

Tijl Faveyts, Karel Ludvik, Albrecht Kludszuweit © Matthias Jung

Karel Ludvik was een uitstekende Graaf von Oberthal. De Canadese, in Nederland wonende basbariton beschikt over een mooie, egale stem die schreeuwt om meer belcanto rollen.

10733_13073_Le_Prophete_Jung_Matthias11

Tijl Faveyts, Albrecht Kludszuweit & Pierre Doyen © Matthias Jung

De drie wederdopers waren meer dan voortreffelijk bezet door Albrecht Kludszuweit, Pierre Doyen en Tijl Faveyts. Bij de laatste verbaast het mij dat een bas van zo’n uitzonderlijke kwaliteit nog niet aan de grootste operahuizen ter wereld zingt.

Giuliano Carella dirigeerde liefdevol en gaf de zangers alle tijd om uit te zingen.

10726_13059_Le_Prophete_Jung_Matthias04

John Osborn © Matthias Jung

De regie van Vincent Boussard stoorde mij niet. Deze keer geen gepsychologiseer, geen (drie)dubbele lagen en moeilijk te ontwaren symbolen. Met dit onderwerp kon hij de actie makkelijk naar een kalifaat kunnen verhuizen en zich zo met een jantje-van-leiden van af maken. Dat deed hij niet en bleef redelijk trouw aan het libretto. Het ballet was knudde, maar werd wel in het geheel goed geïntegreerd en de belichting van Guido Levi was gewoonweg prachtig, wat bij wijlen op schilderijen lijkende beelden opleverde. De videoprojectie was niet meer dan een (soms zeer ontroerende) achtergrond: het leidde je aandacht niet van de muziek af.

Het slechte nieuws is: wie er niet bij was heeft een onvergetelijke voorstelling gemist.

Het goede nieuws is: de Duitse firma Oehms heeft de voorstelling live voor cd’s opgenomen. Bravo Oehms!

Trailer van de productie is te vinden op de site van het Aalto Theater Essen:

http://www.aalto-musiktheater.de/premieren/le-prophete.htm

Foto’s van het slotapplaus (© Lieneke Effern):

 

Bezocht op 14 mei 2017 in het Aalto-Musiktheater in Essen

English translation: LE PROPHÈTE from Essen: English translation.

Giacomo Meyerbeer
Le Prophète
John Osborn, Lynette Tapia, Marianne Cornetti, Karel Ludvik, Albrecht Kludszuweit, Pierre Doyen, Tijl Faveyts
Opernchor, Extrachor und Kinderchor des Aalto-Theaters
Essener Philharmoniker olv Giuliano Carella
Regie: Vincent Boussard

Meer Meyerbeer:
ROBERT LE DIABLE
DIANA DAMRAU zingt MEYERBEER
LES HUGUENOTS Brussel 2011

LES HUGUENOTS Brussel 2011

1mbmeyerbeer_ap

Meyerbeer omringt door de personages uit zijn opera’s

Les Huguenots, ooit één van de meest succesvolle opera’s in de geschiedenis van de Parijse Opera (alleen al in het jaar na de première in 1836 waren er meer dan duizend voorstellingen!), had het ongeluk om, samen met zijn schepper Meyerbeer, door de nazi’s als ‘Entartet’ bestempeld te worden. Eén van de redenen waarom het werk decennia lang nog maar sporadisch werd uitgevoerd.

Daar heeft ook Wagner een zeer kwalijke rol in gespeeld. Gedreven door jaloezie (hij heeft ook het een en ander van Meyerbeer ‘geleend’) en een dierlijk antisemitisme heeft hij de opera en zijn maker de grond ingeboord. Nog steeds wordt wel eens smalend over Meyerbeer en zijn muziek gedaan, men vindt het allemaal hoempapa en klatergoud. Hoe onterecht!

Ten eerste moet je de muziek in haar tijd plaatsen, dus: Rossini, Bellini en Donizetti. Ten tweede had Parijs zijn eigen regels waar geen ontkomen aan was: men wilde een ‘Grand Opéra’, met alles erop-en-eraan en vooral met veel ballet. In dat kader bezien zijn zijn opera’s, die vaak als thema’s racisme, intolerantie, misbruik van religie en het gevaar van sektarisme hebben, zeer innoverend.

De muziek wijst al vooruit naar Rigoletto (Gilda-motief) en de page Urbain was zonder meer de inspiratiebron voor Oscar (Ballo in Maschera). Ook Bizet en Berlioz hebben rijkelijk van de partituren van Meyerbeer geprofiteerd en wat dacht u van het liefdesduet en de daaropvolgende liefdesdood van Raoul en Valentine – komt het de operakenners en -liefhebbers niet ‘een beetje’ bekend voor?

De allereerste ‘Valentine’ ooit werd gezongen door Cornélie Falcon, een donkere sopraan, die zo veel impact op de door haar gezongen rollen heeft gehad, dat dat specifieke stemtype naar haar genoemd werd. Ik kan natuurlijk alleen maar gissen hoe ze in het echt heeft geklonken, maar het is zeer aannemelijk dat de Zweedse Ingela Brimberg daar dichtbij in de buurt komt. Zij beschikt over een grote, zeer doordringende stem met donkere ondertonen en een zeer sterke resonantie. In de hoogte raffelde ze er wel eens een nootje af – wat meer legato zou haar sieren – maar dat even terzijde. In mijn oren was ze een Valentine uit duizenden.

_1mb5291

copyright Baus / De Munt

(meer…)