Entartete Musik

Forbidden Music in World WAR II: PAUL HERMANN

For English translation scroll down

 

Hermann cd

De exacte datum en de plaats van zijn dood zullen voor altijd onbekend blijven. Het laatste wat we van Paul Hermann (1902 – 1944) hebben vernomen is dat hij opgepakt werd tijdens een grote straatrazzia in Toulouse in april 1944 en via het doorgangskamp Drancy overgebracht werd naar Auschwitz en verder naar Litouwen. Sindsdien werd er niets meer van hem vernomen.

 

Hermann en Székely

Paul Hermann en Zoltán Székely

De Joodse Hermann werd geboren in Boedapest, waar hij aan de Franz Liszt Academie studeerde bij o.a. Adolf Schiffer (cello), Zoltán Kodály (compositie) en Léo Weiner (kamermuziek). Sinds die tijd dateert ook zijn innige vriendschap met violist Zoltán Székely en pianist Géza Frid.

 

Hermann cello

Tijdens een optreden in Nederland maakte hij kennis met de Nederlandse Ada Weevers met wie hij trouwde en met wie hij tot 1933 in Berlijn woonde. Toen Hitler aan de macht kwam, vestigde het gezin zich in Oudorp in Nederland (leuk weetje: Hermann sprak en schreef voortreffelijk Nederlands). Na de tragische dood van zijn vrouw verhuisde Hermann eerst naar Brussel en later naar Parijs.

 

Hermann vrouw

Hermann met vrouw en dochter

Hermann was voornamelijk beroemd als cellist (hij werd de ‘Hongaarse Casals’ genoemd), zo speelde hij de wereldpremière van solocellosonate van Kodály en eind jaren dertig trad hij vaak op in het Concertgebouw in Amsterdam; maar hij was ook een begenadigd componist. Na de oorlog raakte hij – net als zovele van zijn lotgenoten – in de vergetelheid.

Portretten van componisten die vervolgd en verboden zijn in Nederland tijdens Wereldoorlog 2:

Het is dankzij de Leo Smit Stichting dat wij nu kennis kunnen maken met zijn muziek, waarvoor DANK! Zijn Grand Duo uit 1930, oorspronkelijk gecomponeerd voor en uitgevoerd met Zoltan Szekely, krijgt nu een uitstekende vertolking van Burkhard Maiss en Bogdan Jianu. Wat een ongekend prachtig werk is het toch!

De Strijktrio en de Pianotrio stammen uit het begin jaren twintig, toen Hermann nog aan het Liszt-Academie studeerde. Dat er in beide, zeer prettig in het oor klinkende werken een prominente rol aan de cello is toebedeeld is nogal wiedes.

De droevige liederen die Hermann in impressionistische stijl na de dood van zijn vrouw componeerde worden zeer ontroerend gezongen door Irene Maessen.

 

ENGLISH TRANSLATION

Hermann lowres.medium

The exact date and place of his death still remain unknown. The last that was heard of Paul (Pál) Hermann (1902-1944) was that he got arrested during a big street razzia in Toulouse in April 1944 and was deported from the Drancy transit camp to Auschwitz, and from there on to Lithuania.  After that, no trace of Hermann was ever found.

The Jewish Hermann was born in Budapest, where he studied at the Franz Liszt Academy with, amongst others, Adolf Schiffer (cello), Zoltán Kodály (composition) and Leó Weiner (chamber music). His close friendships with violinist Zoltán Székely and pianist Géza Frid originated during these years.

Hermann Szekely Trio

 

After a concert in the Netherlands Hermann met the Dutch Ada Weevers whom he married, and with whom he lived in Berlin until 1933. After Hitler’s rise to power, the family moved to Ouddorp in the Netherlands (interesting fact: Hermann spoke and wrote excellent Dutch). After the tragic death of Hermann’s wife he first moved to Brussels, then to Paris.

 

Hermann klein

Although Hermann was most widely known as a cellist he was a talented composer as well. He made his international breakthrough with Kodály’s Sonata for solo cello. Dutch newspapers would call him the “Hungarian Casals” when he regularly performed at the Concertgebouw in the late 1930’s.

After the war, as so many of his fellow victims,  he was forgotten.

Portraits of persecuted composers in Netherlands during World War II:

Thanks to the Leo Smit Foundation it is now possible to listen to his music again, for which I would like to say a big thank you!

His Grand Duo from 1930, originally composed for and performed by Zoltan Szekely, now gets an outstanding performance by Burkhard Maiss and Bogdan Jianu, What an unbelievably beautiful work this is!

 

Hermann Thibaud trio

Burkhard Maiß, Bogdan Jianu and Andrei Banciu © 2018 The Jacques Thibaud Trio

The String Trio and the Piano Trio date from the early 1920’s when Hermann still was a student at the Liszt-Academy. It comes as no surprise that both works, which fall easy on the ears, have a prominent role for the cello.

The sad songs Hermann composed in an impressionistic style after his wife’s death are sung very movingly by Irene Maessen.

English translation Remko Jas

All photos:  © courtesy Leo Smit Foundation

More about Hermann:
http://www.forbiddenmusicregained.org/search/composer/id/100027


FORBIDDEN MUSIC IN WORLD WAR II
PAUL HERMANN
Grand Duo for violin and Cello, String Trio, Piano Trio, Cello Concerto, Songs, Quatre Épigrammes, Allegro for Piano, Tocata for Piano, Suite for Piano
Burkhard Maiss (violin); Hannah Strijdbos viola), Bogdan Jianu, Clive Greensmith (cello); Andrei Banciu, Beth Nam (piano); Irene Maessen (soprano)
Et’cetera KTC 1590 (2 cd’s)

Advertenties

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE : ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 4: ‘Warum hast du mir nicht gesagt..’

EINE FLORENTINISCHE TRAGÖDIE

 

Bianca, de aantrekkelijke vrouw van de koopman Simone heeft een affaire met de mooie prins Guido Bardi. Simone betrapt ze en daagt Guido uit tot een duel met degens en zwaarden om hem uiteindelijk met zijn blote handen te wurgen.  Bewonderend kijkt zijn vrouw hem aan: ” Waarom heb je mij niet verteld dat je zo sterk bent?”. Op zijn beurt wordt Simone zich bewust van de schoonheid van zijn vrouw: ”Waarom heb je mij niet verteld dat je zo mooi …”.

Zemlinsky Oscar_Wilde_portrait

Oscar Wilde

 

Eine Florentinische Tragödie van Zemlinsky is gebaseerd op het laatste toneelstuk van Oscar Wilde. Het begin van het stuk ontbreekt: het manuscript werd gestolen toen Wilde in de gevangenis belandde. Zemlinsky heeft het probleem opgelost door een proloog te componeren, die de liefdesscène tussen Bianca en Guido moest suggereren.

De opera, die in 1917 in première is gegaan heeft voor veel gossip gezorgd. ‘Eine autobiografische Tragödie’ kopte het Wiener  Zeitung boven het artikel van Edwin Baumgartner. Alma Mahler was not amused. Zij was er zeker van dat Zemlinsky haar affaire met Walter Groppius had verbeeld.

                           Mathilde Schönberg Zemlinsky met kind en met haar man

Het Weense publiek daarentegen dacht dat het om Schönberg en zijn vrouw Mathilde, de zus van Zemlinsky, ging. Mathilde had haar man verlaten voor de jonge schilder Richard Gerstl.

Zemlinsky Gerstl_-_Bildnis_Mathilde_Schönberg

Mathilde Schönberg met kind. Schilderij van Gerstl

Toen ze naar haar echtgenoot terugkeerde heeft Gerstl zelfmoord gepleegd, hij was toen maar 25 jaar oud.

 

Zemlinsky Gerstl

Richard Gerstl: ‘selbstporträt (nackt in ein voll figur’) uit 1908. Courtesy Leopold Museum / Neue Galerie

 

All in the family in de beste traditie, aldus.

Maar wat denkt u: mag je een fictief personage in een kunstwerk als het alter ego van zijn schepper beschouwen? De levenswandel van een componist op de door hem gecomponeerde opera projecteren? Hoe ver betrek je het leven bij de kunst?

In een brief aan Alma Mahler schreef Zemlinsky dat “een leven moest geofferd worden om het leven van twee anderen te redden”. Maar maakt dit dan meteen tot het centrale thema van deze opera, zoals veel critici schijven? Ik weet het niet.

Een ding is zeker: Eine Florentinische Tragödie laat zich beluisteren als een spannende, donkere thriller, waarin je met geen van de personages meevoelt.

Zemlinsky Tragedie Chailly

In 1997 heeft Decca de opera opgenomen in de hun inmiddels vervallen serie ‘Entartete Musik’. Riccardo Chailly dirigeerde het Koninklijk Concertgebouworkest (Decca 4551122).


In hetzelfde jaar kwam ook een (live) opname van het Keulse Gürzenich-Orchester gedirigeerd door hun toenmalige chef-dirigent James Conlon (ooit EMI).

ZemllinskyConlonFRONT-1

Beide opnamen zijn goed en ik zou waarlijk niet weten welke te kiezen. De orkestklank bij Chailly is voller en de strijkers klinken aangenamer, maar Conlon is ontegenzeggelijk spannender, wellicht omdat het live is.

De klank van het Keulse orkest is sensueler, die van het KCO donkerder. De zangers zijn bij beide opnamen aan elkaar gewaagd, al vind ik David Kuebler (Guido bij Conlon) veel aangenamer dan een beetje schelle Heinz Kruse bij Chailly.

Iris Vermillion bij Chailly klinkt mooier en warmer dan Deborah Voight bij Conlon, maar de laatste heeft dan weer meer sexappeal. In de rol van Guido is Albert Dohmen (Chailly) verreweg te prefereren boven de niet helemaal idiomatische Donnie Ray Albert.

ZemlinskyCD Jurowski

In 2010 werd Eine Florentinische Tragödie door het London Philharmonic Orchestra opgenomen onder zeer inspirerende leiding van Vladimir Jurowsky (LPO-0078). Albert Dohmen is weer van de partij: zijn Simone klinkt nog indrukwekkender dan op Decca.

Sergey Skorokhodov is een ‘lulletje rozenwater’ Guido, met geen mogelijkheid tegen de macho Dohmen opgewassen. Zeg maar: een don Ottavio die het tegen Hunding gaat opnemen. Heike Wessels (Bianca) is een vergissing.


Op You Tube zijn er inmiddels veel (fragmenten) van de live uitvoeringen van de opera te vinden, o.a. uit Lyon:

Frühlingsbegräbnis, de cantate die Zemlinsky in contact bracht met Alma Mahler


Zemlinsky cantate fruhling

 

Van die cantate bestaat (bestond?) een hele mooie uitvoering door het Gürzenich-Orchester uit Keulen onder leiding van James Conlon, met als solisten de sopraan Deborah Voight en de bariton Donnie Ray Albert.  Ik vind het werk schitterend, het doet mij in de verte denken aan Ein Deutsches requiem  van Brahms. De cantate was ooit gekoppeld aan meer onbekende werken van Zemlinsky, die hier allemaal hun plaatpremières beleefden: Cymbeline – suite, naar de tekst van Shakespeare en Ein Tanzpoem. Helaas…. Zelfs You Tube heeft de opname van de internet weggehaald, dus tweedehands (of een vriend die het in zijn bezit heeft om een kopie vragen) blijft de enige optie.

Merkwaardig genoeg staat Frühlingsbegräbnis door Conlon wél op Spotify, maar dan in combinatie met Psalms en Hochzeitgesang in een totaal andere  uitvoering:


Op Spotify kunt u ook de opname onder Antony Beaumont te beluisteren. De uitvoering is minder mooi dan die van Conlon maar beslist niet slecht:

 


Cymbeline van Conlon is wel op You Tube te vinden:

James Conlon over Zemlinsky (en Ullmann):

“De muziek van Alexander Zemlinsky en Viktor Ullmann bleef decennia lang verborgen door de nasleep van de vernietiging, aangericht door het beleid van het nazi-regime […] Volledige erkenning van hun werken en talent ontbreekt nog steeds, meer dan 70 jaar na hun dood […] Hun leven en persoonlijke geschiedenissen waren tragisch, maar hun muziek overstijgt het allemaal. Het is aan ons om hun verhaal te waarderen in zijn volle historische en artistieke context.”

Geraadpleegde literatuur:
Antony Beaumont: Zemlinsky
Michael Haas: Forbidden Music. The Jewish Composers banned by the Nazis

Zie ook

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 1: de man

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 2: ‘Du bist mein Eigen’

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 3: dromen en het geluk dat verborgen dient te worden

 

 

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 3: dromen en het geluk dat verborgen dient te worden

 

DER ZWERG

Zemlinsky Zwerg dvd

 

Als geen andere dirigent van naam is James Conlon al sinds jaren een vurig pleitbezorger van de ‘Entartete-componisten’. In zijn Keulse jaren (hij was tussen 1989 en 2002 chef dirigent van de Gürzenich-Orchester en  artistiek leider van de opera) heeft hij vrijwel alle orkestrale en vocale werken van Zemlinski uitgevoerd en opgenomen. De opnamen op EMI (de meeste zijn helaas niet meer in de handel) koester ik als de grootste schat, wat het waarschijnlijk ook is.

 

Zemlinsky James Conlon

James Conlon

In 2006 werd Conlon aangesteld als de muzikale leider van de opera van Los Angeles en één van zijn eerste projecten was een serie ‘Recovered Voices: A Lost Generation’s Long-Fortgotten Masterpieces’. De serie is in 2008 gestart met een double-bill van Ullmann’s Der zerbrochene Krug en Zemlinsky’s Der Zwerg. (Arthaus Music 101 528)

Het idee om een opera te componeren over een lelijke man die verliefd is op een schoonheid heeft Zemlinsky zijn hele leven vervolgd, zo kwam hij ook bij Oscar Wilde en zijn The Birthday of the Infanta terecht.

 

Zemlinsky zwerg kostuum

Kostuumontwerp voor ‘Der Zwerg’ door August Haag, Köln 1922

Op haar achttiende verjaardag ontvangt Donna Clara een merkwaardig geschenk: een dwerg, die bovendien afzichtelijk lelijk is. Een heerlijk speeltje voor de infante, zeker ook omdat de dwerg het van zichzelf niet weet – hij heeft nog nooit zijn eigen spiegelbeeld gezien.. Donna Clara maakt hem verliefd en laat hem in de waan dat ze ook van hem houdt, waarna ze hem voor spiegels zet. Hij overleeft het niet, maar dat kan de verwende prinses niet boeien.

 

Zemlinksy velazquez.meninas

Diego Velázques: Las Meninas

De zeer traditionele en naturalistische setting is buitengewoon mooi en de kostuums zijn oogverblindend. Je waant je daadwerkelijk aan het Spaanse hof. Het geheel ziet er als een schilderij van Velazques uit, adembenemend.

Adembenemend is ook de uitvoering. James Johnson zingt en acteert een voortreffelijke Don Esteban. Mary Dunleavy heeft alles in huis om de verwaande infante te vertolken: zij is mooi en capricieus. Haar stem is zilverkleurig en kinderlijk licht. Ook als actrice weet ze te overtuigen.

De hoofdrol wordt hier op een onnavolgbare wijze gezongen door Rodrick Dixon. De enige die ik ooit beter vond, was Douglas Nasrawi, die ik de rol hoorde zingen tijdens de ZaterdagMatinee.

James Conlon over de door hem gedirigeerde Der zerbrochene Krug van Ullmann gekoppeld aan Zemlinsky’s Der Zwerg:

DER TRAUMGÖRGE

Zemlinsky Traumgorge “De sprookjes moeten werkelijkheid worden”, zingt Görge, nadat zijn droom door de boeren en zijn verloofde Grete is uitgelachen. En zie maar: Görge vindt zijn gedroomde prinses in de gedaante van de door de boeren uitgestotene Gertraud en zijn droom komt uit.

Het verhaal van Görge de dromer en zijn zoektocht naar het onbereikbare ideaal werd door Zemlinski van muziek van ontroerende schoonheid voorzien. Sehnsucht, zinderende erotiek, symboliek …. Noem het maar op en je vindt het. Het werk doet mij sterk aan Król Roger van Szymanowski denken, dezelfde lange, uitgesponnen lijnen in de sopraan-aria, dezelfde overweldigende koorpartijen, opzwellende orkest. Ik vind het prachtig.

Der Traumgörge (libretto van Leo Feld, naar het sprookje ‘Vom unsichtbaren Königreich’van Richard von Volkmann-Leander en het gedicht van Heine ‘Der arme Peter’) werd door Zemlinsky bedoeld als hulde aan zijn toenmalige geliefde Alma. Door omstandigheden werd de opera nooit bij zijn leven uitgevoerd, de eerste – behoorlijk ingekorte – uitvoering vond pas in 1980 plaats.

Zemlinsky Traumgorge decor

Decorontwerp van Alfred Roller voor ‘Der Traumgörge’. Weense Hofoper 1907

Dat het niet aan de muziek ligt, bewijst de eerste volledige opname uit 1999. Het Keulse orkest onder leiding van James Conlon alleen al verdient een tien met een griffel en de solisten zijn absoluut subliem.

David Kuebler zet met een stralende hoogte een schitterende Görge neer. Zijn stem vermengt de juiste dosis metaal met sottovoce, wat nodig is voor deze rol.

Patricia Racette, toen nog een grote onbekende is onwerkelijk mooi als Gertraud (de fluwelen tonen in ‘Och! Ich wil zu dir in die Welt’ zijn van een Korgoldiaanse schoonheid) en  Andreas Schmidt boers genoeg voor Hans. De liveopname klinkt uitstekend.


 

DER KÖNIG KANDAULES 

Zemlinsky KK Gerome

Jean-Léon Gérôme (1824-1904): ‘King Candaules’

In 1938 vluchtte Zemlinsky naar New York. In zijn koffertje bevond zich de onvoltooide opera Der könig Kandaules. Eenmaal in New York, hoopte hij op de uitvoering in de Metropolitan Opera.

 

Zemlinsky Andre Gide

André Gide

Helaas voor hem was het op het toneelstuk van André Gide gebaseerde libretto (koning Kandaules wil zijn geluk en [de schoonheid van] zijn vrouw met iedereen delen. Door de koning aangemoedigd en door een onzichtbaar makende ring geholpen, brengt Gyges een nacht door met de koningin. Als zij achter de ware toedracht komt, spoort zij Gyges aan om de koning te vermoorden waarna hijzelf tot koning wordt gekroond), te gewaagd voor het Amerikaanse publiek. Toen Zemlinsky in 1942 stierf, was zijn opera nog steeds onvoltooid.

 

Zemlinsky Beaumont

Antony Beaumont

Het was pas de Engelse musicoloog én Zemlinsky-biograaf Antony Beaumont die het partituur voltooide. In oktober 1996 werd de opera in Hamburg uitgevoerd, met enorm veel succes. De uitvoering werd live opgenomen en op het label Capriccio (600712) uitgebracht.

Zemlinsky KK Capriccio

De uitvoering onder leiding van Gerd Albrecht is zonder meer uitstekend en de hoofdrollen zijn met James O’Neal (Kandaules), Monte Pederson (Gyges) en Nina Warren (Nyssia) zeer adequaat bezet. In de kleine rol van Nicomedes horen we een jonge debutant, Mariusz Kwiecień.


Zemlinsky KK Nagano

In 2002 heeft Salzburg de opera op het programma gezet en de live opgenomen – fenomenaal beztte – uitvoering werd in een zeer verzorgde uitgave op 2 cd’s uitgebracht (Naïve 3070). De rol van Kandaules werd vol overgave gezongen door Robert Brubacker en Wolfgang Schöne was een uitstekende Gyges. De Zweedse Nina Stemme, die toen nog in het lyrische ‘fach’ zat, zong een mooie Nyssia. Het Deutsche Symphonie Orcherst onder leiding van Kent Nagano klinkt zeer spannend.

Onze onvolprezen ZaterdagMatinee heeft de opera in november 2007 concertante uitgevoerd, helaas bestaat er geen opname van. Jammer, want de dirigent Bernhard Kontarsky dirigeerde met veel overgave en Stuart Skelton en Jeanne-Michèle Charbonnet waren onvergetelijk als de koningspaar.

Gyges (of was het Zemlinsky zelf?):  „Der, der ein Glück hält, soll sich gut verstecken! Und besser noch, sein Glück vor Andern“.

Deel 1: EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 1: de man

Deel 2: EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 2: LYRISCHE SYMPHONIE

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 2: ‘Du bist mein Eigen’

Zemlinsky LS partituur

Wij kunnen het ons niet meer voorstellen, maar de allereerste naoorlogse uitvoering van de Lyrische Symphonie dateert uit eind jaren zeventig van de vorige eeuw. Dit absolute meesterwerk werd gecomponeerd tussen 1922-23 en beleefde zijn première in Praag 4 juni 1924. Het is, net als Das Lied von der Erde van Mahler een soort kruising tussen een orkestrale liederencyclus en een symfonie.

 

Zemmlinsky Rabindranath-Tagore+Der-Gärtner

Zemlinsky schreef het werk op de tekst van de Bengaalse dichter Rabindranath Tagore The Gardener, in de Duitse vertaling van Hans Effenberger. De zeven liefdesgedichten zijn gegoten in de vorm van een dialoog tussen een prins (bariton) en een verliefd meisje (sopraan). Veel musicologen beschouwen het werk als autobiografisch en daar zit zeer zeker iets in.

Of het om de (nog steeds?) onverwerkte breuk met Alma Schindler ging, zoals sommige critici willen geloven? Dat denk ik niet, zelf ben ik veel meer geneigd om Antony Beaumont (dé Zemlinsky kenner en biograaf) te geloven dat het om zijn in die tijd net begonnen relatie met Louise Sachsel ging.

 

Zemlinsky Berg en Fuchs

Alban Berg en Hanna Fuchs

In dit kader bezien is het misschien leuk te weten dat Alban Berg het derde deel van de symfonie (‘Du bist mein Eigen’) in het Adagio Apassionato van zijn Lyrische Suite voor strijkkwartet citeerde. U weet toch wel dat Berg in die tijd een heimelijke liefdesaffaire had met Hanna Fuchs, voor wie hij het werk componeerde?

Hieronder het Adagio appassionato uitgevoerd door het Galimir String Quartet. De opname dateert uit 1935:

Van het ooit zo genadeloos vergeten maar inmiddels het bekendste en het vaakst uitgevoerde werk van Zemlinsky bestaan best veel uitvoeringen. Daar springen er meteen twee uit, van  James Conlon en Riccardo Chailly.

Orkestraal wint Chailly het, voornamelijk vanwege de ongeëvenaarde klank van het KCO, maar in het vierde deel weet Conlon zijn orkest zulke zoete tonen te ontlokken dat ik er helemaal voor ga.

Zemlinsky LS Chailly

Opname onder Riccardo Chaillly:


Zemlinsky LS Conlon

Ook de solisten vind ik bij Conlon geschikter. Bo Skovhus overtuigt mij veel beter dan Håkan Hagegård. De tweede heeft een warme, ronde bariton met iets rustgevends in zijn timbre en dat vind ik hier een nadeel, de rusteloosheid in de stem van Skovhus geeft zijn woorden wat meer impact.

Zijn voordracht vind ik ook helderder en zijn uitspraak duidelijker. Luister hoe hij de woorden  “Du bist mein Eigen, mein Eigen, du, die in meinen endlosen Träumen wohnt...zingt!

Ook Soile Isokoski is te prefereren boven de (prachtig zingende, dat wel) sopraan van Chailly, Alexandra Marc.

Opname onder James Conlon:


Bo Skovhus is altijd iemand geweest die de Entartete Musik een meer dan een warm hart toedraagt. Dat liet hij merken door – onder andere – de keuzes voor de door hem gezongen werken.

De Lyrische Symphony stond vaak in zijn concertprogramma’s overal ter wereld, ook in Amsterdam (maart 2007, met Hillevi Martinpelto en het Koninklijk Concertgebouworkest onder leiding van Donald Runnicles) en behalve voor EMI heeft hij het werk ook voor RCA opgenomen, deze keer met een onvoorstelbaar mooie lyrische sopraan Luba Orgonasova.

Zemlinsky LS Flor

De directie van Claus Peter Flor is een beetje onevenwichtig, maar de zes liederen die er aan vastzitten, door Skovhus gezongen en schitterend op piano begeleid door Helmut Deutsch, maken een boel goed.

Hieronder een opname met Bo Skovhus, Maria Bengtsson en het Staatskapelle Berlin onder leiding van Kirill Petrenko, opgenomen in het Berlijnse Philharmonie op 30 december 2011:

In de opname van BBC Classics uit 1996 worden de zangpartijen met veel begrip en nog meer nuancen gezongen door Thomas Allen en Elisabeth Söderström. Michael Gielen toont enorm veel affiniteit voor de partituur.

Zemlinsky LS Allen

Zie ook: deel 1
EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 1: de man

deel 3: EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 3: dromen en het geluk dat verborgen dient te worden

deel 4: EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE : ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 4: ‘Warum hast du mir nicht gesagt..’

Lyrische Suite van Alban Berg: Renée Fleming zingt BERG, WELLESZ en ZEISL

 

 

 

EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 1: de man

Zemlinsky

Alexander Zemlinsky aan zijn werktafel

De vrouwen

 

Zemlinsky Alma Mahler

Alma Schindler in 1900

Het was 11 februari 1900, tijdens de wereldpremière van de Frühlingsbegräbnis, een cantate ter nagedachtenis van Brahms, dat Alexander Zemlinsky en Alma Schindler elkaar voor het eerst ontmoetten.

Zij vond zijn uiterlijk verschrikkelijk (in haar autobiografie heeft zij het over een ‘hideous gnome’), maar als een aankomend componiste wilde ze maar al te graag kennis met hem maken: Zemlinsky werd bewonderd niet alleen voor zijn composities, hij had ook de reputatie van de beste compositie en harmonieleraar. Tegen het einde van dat jaar was Schindler niet alleen zijn leerlinge maar ook zijn geliefde.

Zemlinsky portret

Het lag niet voor de hand, Zemlinsky was namelijk niet echt wat wij een aantrekkelijke man kunnen noemen. Zelf leed hij er behoorlijk onder: “Kort en broodmager (slechte punten: onvoldoende.) Gezicht en  neus: niet te doen; elk ander onderdeel van het gezicht: dito. Te lang haar, maar daar kan nog iets aan gedaan worden. Ik bekeek mezelf eens nauwkeuriger in bad (met uw verlof!!): geen uitwassen of misvormingen, spieren niet al te zwak, potentiepotentieel verbazingwekkend goed ontwikkeld! Al de rest zoals boven vermeld. Vandaar de slotsom: afschuwelijk.”*

Doet de beschrijving u aan Der Zwerg denken, de lelijke, misvormde persoon uit de gelijknamige opera die zijn eigen spiegelbeeld niet herkent?

En toch had Zemlinsky de reputatie van een echte womaniser en zijn ettelijke minnaressen zijn niet te tellen.

In 1907 trouwde hij met Ida Guttmann, de jongere zus van zijn eerdere verloofde Melanie. Het was geen gelukkig huwelijk, Zemlinsky was een verstokte vreemdganger.

 

Zemlinsky Luise Sachsel

Louise Sachsel

 Rond 1914 leerde hij de toen viertienjarige Louise Sachsel kennen. Het negenentwintig jaar jonger meisje, behalve een aankomend zangeres ook een begaafd schilderes, kwam bij hem om zanglessen te nemen. Zes jaar later werden ze geliefden en in 1930, een jaar na de dood van Ida zijn ze getrouwd.

Multiculturele achtergrond

Alexander Zemlinsky werd in 1871 in Wenen geboren in een zeer multiculturele familie. Zijn Slovaakse grootvader en de Oostenrijkse grootmoeder van vaders kant waren beiden rooms-katholiek. Zijn andere oma was een Bosnische moslima en zijn opa een Sefardische Jood en toen zijn ouders trouwden is de hele familie belijdend Joods geworden. Alexander is al als Jood geboren en zo werd hij ook opgevoed, hij bespeelde ook orgel in zijn synagoge.  In 1884 is hij met zijn studie aan het Conservatorium van Wenen begonnen. Hij studeerde piano met Anton Door, muziektheorie met Robert Fuchs en compositie met Johann Nepomuk Fuchs en Anton Bruckner. Het was ook toen dat hij begon te componeren.

Behalve als componist was Zemlinsky ook gewaardeerd als één van de beste dirigenten van zijn tijd, zijn opmerkelijke interpretaties van Mozart werden alom geprezen.

 Zemlinski dirigeert de ouverture uit Don Giovanni. Opname dateert zeer waarschijnlijk uit 1926:

Hij was een groot pleitbezorger van de composities van Gustav Mahler en zijn zwager Arnold Schoenberg, en gold als voorvechter van de hedendaagse muziek. Zijn composities kun je het beste beschouwen als een soort brug tussen de late romantiek en het modernisme.  

 

 

 

Philharmonic Chorus in 1912 in Praag tijdens de uitvoering van de achtste symfonie van Mahler. Zemlinsky, Schönberg en Schreker staan vooraan links op de foto

Zemlinsky was ook een grote liefhebber en kenner van de literatuur. Dat zijn afkomst en opvoeding hem daarin hebben beïnvloed is nogal voor de hand liggend: zowel zijn grootvader als zijn vader waren journalisten en de familie van zijn moeder telde diverse uitgevers. Zijn vader had ook de geschiedenis van Sefardische gemeenschap in Wenen op zijn naam staan.  Veel van zijn composities baseerde Zemlinsky op de literaire werken, wat onder andere resulteerde in Der König Kandaules naar André Gide en in Eine florentinische Tragödie en Der Zwerg naar Oscar Wilde.

 ‘Entartet’

Na de opkomst van de Nazi’s in 1933 werd Alexander Zemlinsky ‘Entartet’ verklaard en zijn werken werden verbannen en verboden. In 1936 ontvluchtte hij Berlijn: eerst naar Wenen en na de Anschluss in 1938 verder naar de Verenigde Staten, waar hij grote moeite had om te kunnen aarden. Hij overleed op 15 maart 1942 in de buurt van New York, aan zijn dood werd door niemand aandacht besteed.

 

Zemlinsky_aWien_11_Zentralfriedhof_Grab

Zemlinsky’s Memorial op de Zentralfriedhof in Wenen

En daarna werd hij vergeten, het lot dat hij deelde met de meeste Joodse componisten die door de Nazi’s in de ban werden gedaan. Zijn muziek verdween uit de concert- en opera-programma’s, en zijn naam loste op in de mist, alsof hij nooit heeft bestaan. Het was pas eind jaren tachtig, dat er besef kwam dat Korngold meer was dan een componist van Hollywod-scores; dat zonder Schreker en Zemlinski er waarschijnlijk ook geen Strauss was geweest en dat Boulez en Stockhausen niet de eersten waren die met serialisme speelden.

Na een kortstondige renaissance in de jaren negentig, voornamelijk te danken aan James Conlon en Riccardo Chailly, is het een beetje stil geworden rond één van de allergrootste Jugendstil-componisten van het fin de siècle. Vraag het maar aan een doorsnee muziekliefhebber: verder dan de ‘Lyrische symfonie’ komt hij niet. Mocht hij überhaupt de naam Zemlinsky kennen.

 

Zemlinsky en Schönberg

Maar: wie weet? Zijn zwager, vriend en collega Arnold Schönberg zei “Zemlinsky kan wachten”. Het lijkt er de laatste jaren dan ook op dat Schönberg zo langzamerhand gelijk gaat krijgen met zijn bewering

* Dit citaat is afkomstig van het artikel van Ronald Van Kerckhoven in Erfgoedklassiek

Lees ook:

deel 2 (over de Lyrische Symphonie): EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 2: ‘Du bist mein Eigen’

deel 3 (over Der Zwerg, Traumg:orge en König Kandaules):  EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE: ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 3: dromen en het geluk dat verborgen dient te worden

deel 4 (over Eine Florentinische Tragödie): EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE : ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 4: ‘Warum hast du mir nicht gesagt..’

 

VIKTOR ULLMANN: Der Kaiser von Atlantis. Amsterdam 4 mei 2016

Der-Kaiser-von-Atlantis-PR-Poster

 

“Op de avond van de Nationale Dodenherdenking op 4 mei om 21.00 zetten theatermakers en artiesten in heel Nederland zich in om deze dag van extra betekenis te voorzien. Theater Na de Dam benadert elk jaar theatermakers met de vraag of zij speciaal voor 4 mei een nieuwe voorstelling willen maken die een actueel perspectief biedt op de Tweede Wereldoorlog en de wereld van vandaag.” (http://www.theaternadedam.nl/over-ons/)

Dit om de verhalen en gedachten over de Tweede Wereldoorlog levend te houden.

Vorig jaar koos het M31 Foundation voor de opera Der Kaiser von Atlantis van Viktor Ullmann (muziek) en Peter Kien (libretto). De in 1944 in Theresienstadt gecomponeerde opera werd op 4 mei 2016 uitgevoerd in het Compagnietheater in Amsterdam.

 

ENTARTETE MUSIK

Der Kaiser swing

De term ‘entartet’ (ontaard) werd niet door de nazi’s uitgevonden. Al in de negentiende eeuw werd het gebruikt in de criminologie. Het betekende zoiets als ‘biologisch gedegenereerd’ en als zodanig slecht voor de mens. De nazi’s omarmden de term dankbaar om kunst die hen niet beviel en die ze als ongezond beschouwden te verbieden en uiteindelijk te vernietigen. Modernisme, expressionisme, atonaliteit, jazz: daar werden ‘Arische zieltjes’ ziek van. En van de muziek van Joden natuurlijk ook, want zij waren bij voorbaat al gedegenereerd.

Wat als verbod was begonnen ontwikkelde zich algauw tot uitsluiting en resulteerde in moord. Degenen die het gelukt was om naar Amerika of Engeland te vluchten, hebben de oorlog overleefd. Wie in Europa was gebleven was verdoemd.

Der Kaiser terezin

Vele, voornamelijk Tsjechische componisten, musici en artiesten werden via Theresienstadt naar de vernietigingskampen gedeporteerd, velen belandden daar rechtstreeks. Na de oorlog werden de meesten totaal vergeten en zo voor de tweede keer vermoord. De kentering kwam pas in de jaren negentig, voor de meesten te laat.

der kaiser viktor-ullmann-1383579021-view-1_0

Viktor Ullmann

Viktor Ullmann werd in 1942 naar Theresienstadt gedeporteerd. Hij componeerde er veel van zijn belangrijkste werken, waaronder zijn derde strijkkwartet, de liederencyclus Der Mensch und sein Tag en de Drei chinesische Lieder. In 1944 schreef hij er de opera Der Kaiser von Atlantis. Het libretto werd geschreven door een buitengewoon talent: de nog maar 24-jarige schilder, tekenaar en dichter Peter Kien. Zowel Ullmann als Kien werden op 16 oktober 1944 naar Auschwitz getransporteerd en daar vergast.

Der Kaiser peter Kien zelfportret

Peter Kien: Zelfportret

Amsterdam, 1975

De opera over de waanzinnige keizer die een oorlog van iedereen tegen iedereen uitroept, en over de Dood die in staking gaat en weigert mensen nog te laten sterven, is in de kamp zelf nooit uitgevoerd. Verder dan de generale repetitie kwam het niet: de nazi’s vertrouwden de boel (terecht) niet. Van iedereen die aan de opera meewerkte heeft alleen Karel Berman, die de rol van de Dood zong het overleefd.

DDer Kaiser-Karel-Berman-Leporello 1962

Karel Berman als Leporello in 1962


Der Kaiser von Atlantis
beleefde zijn première pas in 1975 in Amsterdam, met onder anderen Meinard Kraak (de Keizer), Tom Haenen (de Dood), Adriaan van Limpt (Harlekijn) en Roberta Alexander (het Meisje). Rhoda Levine regisseerde en Kerry Woodward, die de opera herontdekte, dirigeerde.

Der_Kaiser_von_Atlantis_-_De_Nederlandse_Operastichting_-_1975-12-16

De muziek van Ullmann doet sterk aan die van Kurt Weill denken en is gelardeerd met muzikale citaten. Het trompetsignaal aan het begint komt uit de Asrael-symfonie van Josef Suk, een symfonie die in Tsjechoslowakije vaak uitgevoerd werd bij de dood van bekende personen. Midden in de opera kan men ‘Deutchland über alles’ horen (hier in mineur uitgevoerd) en aan het eind klinkt een koraal van Maarten Luther, ‘Ein’ feste ist unser Gott’. De laatste aria van de Dood kun je zien als een parafrase van het gedicht ‘Der tot und das madchen’ van Matthias Claudius.

 

Amsterdam, 2016

Der-Kaiser-von-Atlantis-Bart-Grietens-17

© Bart Grietens

De uitvoering die ik op 4 mei in het Compagnietheater bezocht, maakte op mij een onuitwisbare indruk. De regie van Robin Coops en het scènebeeld van Maze de Boer waren eenvoudig en doeltreffend. De kleine speelruimte van het Compagnietheater werd in tweeën gedeeld: rechts het dertienkoppige, voortreffelijk spelende New European Ensemble (dirigent: Frank Zielhorst) en links de zangers/acteurs. Er werd gebruikgemaakt van grijze opstapkisten en felle lampen, maar voor de rest was er gelukkig geen gerommel met symbolen.

Alle zeven rollen waren meer dan voortreffelijk bezet. Donijn van Doorn ontroerde als het Meisje: mooi in haar vastberadenheid om te doden en gedood te worden, maar nog mooier in haar breekbaarheid toen ze de liefde leerde kennen.

Der-Kaiser-von-Atlantis-Bart-Grietens-43

Donijn van Doorn (het Meisje) en Jacques de Faber (de Soldaat) © Bart Grietens

Dat ze zich er zo gretig aan kon overgeven kwam zeker ook door de zoete stem van Jacques de Faber. Hij zong de Soldaat met zo veel lyriek dat je moest smelten, zelf al was je van steen. Hun duet ‘Schau die Wolken sind vergangen’ was, naast de laatste aria van de Dood, een emotionele hoogtepunt van de opera.

Der-Kaiser-von-Atlantis-Bart-Grietens-49

Ellen van Beek als de Drummer © Bart Grietens

Ellen van Beek was een vastberaden Drummer; van haar optreden werd ik af en toe een beetje bang. Met haar strak gevoerde heldere stem en met haar gedecideerde acteren werd ze een verpersoonlijking van het onnadenkende ‘doorgeefluik’ van het absolute kwaad. Schitterend.

Martijn Zwitserlood imponeerde als de Luidspreker: onvoorstelbaar hoeveel kleuren de bariton tot zijn beschikking heeft!

Erik Slik ontroerde als de Harlekijn die het allemaal gezien heeft en alleen nog naar de dood verlangt. De Dood, die hem weigert mee te nemen, omdat hij het zelf niet meer ziet zitten.

Ooit hadden oorlogen nog enige betekenis: “Das waren Kriege, wo man die prächtigsten Kleider trug, um mich zu ehren!”, maar nu de Keizer een fabrieksproduct er van wil maken gaat hij in staking. Want sterven aan de lopende band, daar doet hij niet aan mee.

Der-Kaiser-von-Atlantis-Bart-Grietens-67

In het midden Nanco de Vries (de Dood) en Wiard Withold (de Keizer) © Bart Grietens

Het personage Dood als filosoof, denker en vredesactivist kreeg van Nanco de Vries een waarlijk luxe gestalte. Bij zijn grote aria moest ik aan de sterfscène van Boris Godoenov denken. Het is onvoorstelbaar dat we de bas zo weinig in Nederland te horen krijgen.

Der-Kaiser-von-Atlantis-Bart-Grietens-54

© Bart Grietens

Wiard Witholt was een jonge Keizer. In zijn vertolking was hij meer een door stoute overmoed gedreven domme gans dan een kwade genius. “De oorlog is nu uit: maar welke oorlog? De laatste of alle oorlogen?” zingt hij voordat hij vrijwillig met de Dood meegaat.

Daarna klinkt nog het koraal ‘Komm Tod [..] Lehr uns das heiligste Gebot: du sollst den grossen Namen Tod nicht eitel beschwören’, alleen is er geen doek om te vallen.

Viktor Ullmann
Der Kaiser von Atlantis
Wiard Witholt, Marijn Zwitserlood, Ellen van Beek, Jacques de Faber, Donij van Doorn, Erik Slik, Nanco de Vries
Regie: Robin Coops
New European Ensemble onder leiding van Frank Zielhorst
Producent: M31 Foundation in samenwerking met De Nederlandse Reisopera, Theater Na de Dam, het New European Ensemble

Gezien 4 mei 2016 in het Compagnietheater in Amsterdam

Meer over Theresienstadt en Entartete Musik:

Entartete Musik, Teresienstadt en Channel Classics
TUSSEN TWEE WERELDEN
JOHNNY & JONES
ERWIN SCHULHOFF strijkkwartetten door ALMA QUARTET
Der zerbrochene Krug & Der Zwerg

PAVEL HAAS door het Kocian Quartet

Haas Kocian

Van alle leerlingen van Leoš Janáček slaagde Pavel Haas (Brno 1899 – Auschwitz 1944) er het beste in de invloeden van zijn leraar met een eigen muzikale taal te combineren.

 

Haas stil film

Stil uit de film ‘Der Fuehrer schenkt den Juden eine Stadt’. Rechts vooraan Pavel Haas,  luisterend naar de uitvoering van zijn ‘Study in Strings’ door het Ghetto Orchestra.                  © United States Holocaust Museum

Haas was een grote jazz liefhebber en componeerde ook veel toneel-  en  filmmuziek. Het laatste mede onder de invloed van zijn broer, een bekende filmacteur. Zijn grootste liefde gold echter de Moravische volksmuziek.

Het tweede strijkkwartet, bijgenaamd  ‘From the Monkey Mountains’, is een openlijke liefdesverklaring aan Moravië. De muziek is programmatisch, wat betekent dat er zonder gebruik van woorden iets (in dit geval de schoonheid van de natuur) op narratieve manier wordt omschreven.

De delen één en drie zijn uiterst melodieus en tergend mooi. In het tweede en vierde deel zijn enige dissonanten te bespeuren en doen mij sterk aan het, drie jaar later gecomponeerde, tweede strijkkwartet van Janáček denken.

Het vierde deel heeft Haas oorspronkelijk voor een jazzband gecomponeerd, maar de premièrekritieken deden hem besluiten om het toch te veranderen. Op deze opnamen werden er aan het strijkkwartet twee slagwerkers toegevoegd. Een meesterzet.

Het in 1938 gecomponeerde derde strijkkwartet werd pas in januari 1946 voor het eerst uitgevoerd, twee jaar na de dood van de componist.

Het derde strijkkwartet van Haas , hier uitgevoerd door het Pavel Haas Quartet:

De uitvoering door het Kocian Quartet is doorleefd, sprankelend en weemoedig waar nodig. Deze opname is al bijna twintig jaar oud, maar nog steeds onovertroffen. Niet, dat ze veel concurrentie hebben…….Kon ik maar alle kamermuziekliefhebbers overtuigen, dat ze deze prachtige cd moeten kopen!

Haas stolperstein in Brno

Stolperstein voor Pavel Haas in Brno

Pavel Haas
Strijkkwartetten nrs. 1-3 (compleet)
Kocian Quartet
Praga  PRD 250 118

Zie ook:
Entartete Musik, Teresienstadt en Channel Classics