Gustav_Mahler

Dudamel dirigeert Mahler ‘light’

mahler

Ooit heb ik geschreven dat ik naar de tijd verlang toen elke nieuwe opname van een symfonie van Mahler een feest was. Je had toen dan ook echte ‘dirigeer-kanonnen’ die zich met de Oostenrijkse meester der meesters bezighielden. Tegenwoordig gaat er geen dag voorbij zonder dat er ergens zijn muziek wordt uitgevoerd, tot in de diepste provincies toe.

Nu is Gustavo Dudamel een zeer charismatische dirigent, men houdt van hem en zijn vaak onconventionele aanpak. Maar: kunnen jonge honden, hoe begaafd ook, alles spelen?

Mahlers negende symfonie is voor mij zijn meest vooruitstrevende compositie. Tijdens het componeren was hij al doodziek en zijn angst voor (en het uiteindelijke aanvaarden van) de dood kunnen alleen de grootste dirigenten en de beste orkesten overbrengen. Bij Dudamel blijft het onderbelicht.

Onder zijn handen klinkt het ‘Rondo Burlesque’ als een slappe aftreksel van een vroege symfonie van Sjostakovitsj. Dudamel neemt een te rustig tempo aan en houdt zijn toon heel erg mild, waardoor het minder wrang en – inderdaad -‘burlesker’ wordt. Maar in het Adagio versnelt hij zijn tempi aanzienlijk. Het verschil met de opname van het KCO onder Bernstein bedraagt maar liefst drie minuten!

Hoe wilt u uw Mahler hebben? Fullsound, met alles erop en eraan en druipend van emoties? Ga dan voor Bernstein met het Koninklijk Concertgebouworkest. Maar als u aan de lijn doet en alles het liefst zo ‘light’ mogelijk wilt hebben dan is deze opname onder Dudamel voor u.


Gustav Mahler
Symfonie nr.9
Los Angeles Philharmonic olv Gustavo Dudamel
DG 4790924 • 86’

 

 

 

Gennadi Rozhdestvensky dirigeert de oorspronkelijk versie van Das Klagende Lied van Mahler. Een must.

rozj

Soms weet je het niet meer. Je denkt een werk goed te kennen, heel erg goed zelfs. Je hebt er een zwak voor, dus je hebt het een en ander verzameld en denkt dat er geen geheimen meer voor je bestaan. En dan komt er een oude, geremasterde opname op je deurmat vallen en je voelt je verward

Tot voor kort riep je nog dat er niets beters is dan Giuseppe Sinopoli en dat je met MTT zo lekker wegdroomt, alleen al vanwege zijn zeer slopende tempi. Maar dan gaat je hele wereld op de schop, want opeens voelt het alsof je van een lange slaap bent ontwaakt en dat nu pas alles op zijn plaats valt.

Mahler was amper twintig toen hij Das klagende Lied voltooide. Het zeer romantische en o zo treurige sprookje over een koningszoon die zijn broer vermoordt in strijd om macht en liefde, beschouwde de componist zelf als zijn opus 1 en het eerste werk waarin hij zichzelf als ‘Mahler’ heeft gevonden.

Gennadi Rozhdestvensky was de eerste die Das Klagende Lied in zijn oorspronkelijke, driedelige versie dirigeerde. Alleen daarvoor verdient hij al meer dan lof. Voor de beschrijving van de uitvoering kom ik woorden te kort, want zo dramatisch en tegelijk zo ontzettend lyrisch en liefdevol heb ik het werk nooit eerder uitgevoerd gehoord.

Rozhdestvensky weet de mooiste klanken aan het BBC-orkest te ontlokken, die het meest op het ontwaken en dan het ondergaan van de dag, de wereld en het universum doen denken. Je hoort de vogels zachtjes tsjilpen en de wind door de bomen waaien. En dan gaat de zon onder. Nee, de sprookjes waren niet altijd vrolijk, zelfs toen de wereld er nog in geloofde.

The Fiddler’s Child van Janaček (opgenomen in 1979 in Praag) is nooit eerder op cd uitgebracht geweest. Ik moet u bekennen dat ik, een grote Janáček-fan, het schitterende werk nog niet kende en daar schaam ik mij voor.

De cd is een echte MUST!


Gustav Mahler en Leoš Janáček
Das klagende Lied en The Fiddler’s Child
Teresa Cahill (sopraan), Janet Baker (mezzo), Robert Tear (tenor), Gwynne Howell (bas) en Bela Dekany (viool).
BBC Singers en BBC Symphony Orchestra and Chorus olv Gennadi Rozhdestvensky
ICAC (5080)

Cornelius Meister dirigeert DAS KLAGENDE LIED van MAHLER

 

Fahrende Gesellen van Ensemble Oxalys: toegewijd en respectvol

 henschel-oxalys

Deze cd is mijn eerste kennismaking met het Belgische ensemble Oxalys en dat bevalt me zeer. Ik houd van hun benadering van de muziek: toegewijd en respectvol. Al is het soms misschien een tikkeltje te. Wat meer afstand en relativiteit had de door hen gespeelde stukken nog wat meer cachet gegeven.

Voornamelijk de Berceuse van Ferruccio Busoni had daarvan kunnen profiteren. Het oorspronkelijk voor piano gecomponeerde en daarna door de componist zelf georkestreerde juweeltje kent verschillende arrangementen, waarvan die van Erwin Stein de bekendste is. Oxalis speelt het mooi, maar wie de opname van Musici Aurei kent (Eloquentia EL 1233), begrijpt waarschijnlijk wat ik mis.

Het is ook de eerste keer dat ik Debussy’s Prélude à l’aprés midi d’un faune hoor in Benno Sachs’ bewerking voor klein ensemble. Zo gespeeld klinkt het lichter en dansanter, maar ook minder erotisch. En toch, de individuele kleuren van de diverse instrumenten komen fraai tot hun recht.

Dietrich Henschel heeft misschien niet de mooiste stem ter wereld, maar zijn interpretatiekunst is zonder meer aangrijpend.

De Lieder eines fahrenden Gesellen van Gustav Mahler, in de bewerking van Arnold Schönberg, heb ik mooier uitgevoerd gehoord, maar in de liederen van Zemlinsky kent Henschel zijn gelijke niet. De expressieve en zeer tot de verbeelding sprekende liederen op teksten van Maeterlinck moet je kunnen ondergaan en daarbij biedt Henschel je een helpende hand. Zeer indrukwekkend.


Fahrende Gesellen
Debussy, Zemlinsky, Busoni en Mahler
Dietrich Henschel (bariton), Oxalys
Passacaille 1008

zie ook: MAHLER MINGARDO MUSICI AUREI

Liederen van Mahler door Christian Gerhaher: über-serieus

51egziynftl

Geen gevaarlijker dingen dan cd-opnames. Een live-uitvoering kan nog lang in je oren blijven echoën, maar wat ervan overblijft is niet meer dan de zoete (of juist niet) herinneringen. Een cd, zeker één waar je aan gehecht bent, draai je telkens weer, tot die zich in je ziel heeft gegroefd. En dan wil je het niet meer anders horen.

Soms laat je een indringer binnen, soms ga je je hart in tweeën of zelfs in drieën delen, maar je bewaakt je grenzen, want op bepaalde moment weet je al wat je wel of niet mooi vindt.

Vanwaar deze introductie? Omdat ik, hoe hard ik het ook probeer, niet warm kan lopen voor deze opname van liederen van Mahler door Christian Gerhaher. Ik kan zijn ‘über-serieuze’ aanpak niet echt waarderen, net zo min als zijn overdreven articulatie. Ik hoor een dominee die alleen maar dood en verderf predikt.

Nu zijn de Mahler-liederen niet echt wat je noemt een “zonnetje in huis”, maar zo zwaar op de hand heb ik ze eigenlijk nog nooit uitgevoerd gehoord. Het is nooit leuk om verlaten te worden door je geliefde, laat staan je kind verliezen, maar stilte kan schrijnender zijn dan schreeuwen.

Gerhaher is ontegenzeggelijk een zeer goede zanger, wellicht zelfs één van de besten van zijn generatie. Hij is ook buitengewoon intelligent, maar misschien ligt juist daar het probleem? Misschien moet je meer op je gevoel afgaan en minder op je verstand?

In de lyrische passages weet hij mij soms even te overtuigen, tenminste – zolang hij zich een beetje gedeisd houdt. Helaas. Het duurt nooit lang eer er weer tot een uitbarsting komt.

Er is ook iets in zijn manier van zingen wat mij tegenstaat. Hij trekt een toon omhoog, houdt hem net niet vast en rolt dan naar beneden, naar de diepere regionen, waar het hem aan kracht ontbreekt. Persoonlijk vind ik zijn laagte gewoon niet goed, niet diep genoeg.

Ik moest vaak aan de bijna smekende toon van Hermann Prey denken, aan dat diepe verdriet dat, zonder dat hij zijn stem ervoor moest verheffen, voelbaar was tot in je tenen.

En aan Thomas Hampson, die je in ‘Um Mitternacht’ (Rückert-Lieder) deed geloven dat hij daar daadwerkelijk zat, bij het open raam, starend naar de sterrenloze hemel. Zijn zachte stem, geholpen door de weergaloze steun van Bernstein met de Wiener Philharmoniker, deed pijn, heel erg pijn…

Kent Nagano is geen Bernstein en ook geen Haitink. Hij dirigeert goed en betrokken, maar het wil nergens beklijven. In tegenstelling tot zijn solist blijft hij netjes, een beetje op de achtergrond. Ik mis de klemtonen, de accenten, de uitgesponnen passagio’s.

Aan de andere kant: als óók hij zich had laten gaan, dan hadden we ons zorgen moeten maken om het welzijn van moeder aarde, want een tornado of een aardbeving is tegenwoordig zo veroorzaakt.

Hermann Prey, Thomas Hampson, Thomas Allen of zelfs Sara Mingardo – waar zijn jullie?


Gustav Mahler
Lieder eines Fahrenden Gesellen; Kindertotenlieder; Rückert-Lieder
Christian Gerhaher, bariton
Orchestre Symphonique de Montréal olv Kent Nagano
Sony 8883701332

MAHLER, SCHUMANN, BRAHMS: pianokwartetten

 hope

Ik houd zielsveel van Brahms. Uren kan ik naar zijn vioolconcert en zijn pianoconcerten luisteren. En voor zijn derde en vierde symfonie mag je mij midden in de nacht wakker maken.

Maar het meeste houd ik van zijn kamermuziek: ik kan mij het leven zonder zijn sextetten en zijn klarinetkwintet gewoon niet voorstellen. Dat geldt ook zijn pianokwartet. Ernaar luisteren voelt alsof God zelf mij op mijn voorhoofd kust en zegt: het is gewoon mooi. Geniet er van, want daar heb ik muziek voor gecreëerd. Wat kan ik dan anders doen dan gehoorzamen en luisteren?

Iets anders is het gesteld met het wat grilliger verlopende kwartet van Schumann want door de boven de strijkers uitstekende dominante pianopartij voelt het werk prozaïscher aan. Een ideale buffer aldus tussen de Brahms, die nog komen moet en de er aan voorafgaande zielsknijpende sentimentaliteit van Mahler.

De aan Menachem Pressler opgedragen opname van Daniel Hope en zijn vrienden is zonder meer prachtig. De violist is een echte aanvoerder die zijn maatjes goed in bedwang houdt maar het samenspel nergens uit het oog verliest.

Dat ik niet overenthousiast ben ligt een beetje aan de pianiste, die – hoe geweldig ik haar spel ook niet vind – een beetje achterblijft bij haar collega’s. Desondanks een echte hebbeding.


GUSTAV MAHLER, ROBERT SCHUMANN, JOHANNES BRAHMS,
Piano Quartets
Daniel Hope, Paul Neubaurer, David Finckel, Wu Han
DG 4794609 • 75’

Karen Cargill en Simon Lepper: een must voor een ieder die van Alma en Gustav Mahler houdt

cargillmahlercd

De Schotse mezzosopraan Karen Cargill beschikt over een zeer expressieve stem die haar in staat stelt om alle wendingen in de muziek perfect uit te beelden. Je zou kunnen zeggen dat ze met alle winden meedraait, en dat bedoel ik als een groot compliment: weinig zangers hebben de souplesse en nog minder weten er zo natuurlijk mee omgaan.

Haar stem op zich is niet echt ‘romig’, maar het ontbreekt haar niet aan fluweel, bijzonder. Ik vind het zeer boeiend, want haar zingen is veel meer dan gewoon maar mooi. Soms, zeker in de forte passages, kan zij best scherp uithalen, maar dan zonder dat het onaangenaam wordt.

Cargills vertolking van liederen van Alma Mahler is dan ook zo helemaal anders dan die ik tot nu toe hoorde. Zó uitgevoerd komt Alma op gelijke voet te staan met haar beroemdere echtgenoot.

Maar: hoe geweldig ik Cargill ook niet vind, voor mij staat zij een beetje in de schaduw van haar begeleider, pianist Simon Lepper. Het hoort niet, weet ik, maar ik betrap mij er op dat ik voornamelijk naar zijn pianospel luister.

In de Rückert Lieder laten beide kunstenaars mij naar adem happen, zo geweldig vind ik hun uitvoering. Zo anders dan alle andere, zo volkomen eigen. Het pretentieloos uitgevoerde “Ich bin der Welt abhanden gekommen” is van een zeldzame schoonheid. Soms wil Cargill te veel uithalen, maar daar is Simon Lepper weer, die brengt je terug in de wereld vol betovering.

Ook met hun weergaloos uitgevoerde Lieder eines fahrenden Gesellen doen zij mij versteld staan: zo heb ik de cyclus nog nooit eerder gehoord. Zij maken je duidelijk waar het over gaat zonder dat de tekst nadrukkelijk ‘uitgesproken’ wordt. Adembenemend. En alweer betrap ik mij erop, dat ik mijn oren niet van de pianist kan afwenden. Bijzonder.

Ik kan dan ook niet anders dan die cd aan een ieder aanbevelen die van liederen houdt en de pianist niet alleen de gelijke maar ook een onmisbare partner van de zanger vindt.


ALMA & GUSTAV MAHLER
Lieder
Karen Cargill (mezzosopraan), Simon Lepper (piano)
Linn Records CKD