Robert_Schumann

Trio Wanderer speelt kamermuziek van Schumann

De naam ‘Trio Wanderer’ hebben de Franse musici: Vincent Coq (piano), Jean-Marc Phillips-Varjabédian (viool) en Raphaël Pidoux (cello) niet zo maar gekozen. Op hun site las ik dat ze de wereld wilden benaderen “vol gevoel en introspectie, nieuwsgierigheid naar nieuwe omgevingen, en nostalgische liefde voor wat achter ligt”.

Dat geloof ik graag, want: wie wil dat niet? Ze bestaan al 30 jaar en zijn volkomen op elkaar ingespeeld. Wat ook een minpuntje oplevert omdat het verassingseffect kan worden ondergesneeuwd door de voorspelbaarheid.

En nu hebben ze een box uitgebracht met niet alleen de trio’s. Nee, zowat de hele Schumanns kamermuziek staat er op. Met medewerking van Chaterine Montier (viool) en Christophe Gaugué (altviool) hebben ze ook diens pianokwartet en kwintet opgenomen en al denk ik dat daar behoefte aan was, toch heb ik  mijn bedenkingen. Ze spelen waanzinnig goed, dat wel, maar ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat het enigszins onderkoeld klinkt.

Wellicht heeft het met de tijdgeest te maken, waarin elk schijn van sentimentaliteit vermeden moet worden? Ik weet het niet. Het klinkt allemaal niet alleen (voor mij té) introvert maar hun spaarzame vibrato doet mij aan de beginjaren van de ‘authentieke uitvoeringen’ denken. Maar wellicht was het de bedoeling?


ROBERT SCHUMANN
Pianokwartet op. 47, Pianokwintet op. 44, Pianotrio nr. 1, 2 en 3, Fantasiestücke op. 88
Trio Wanderer: Vincent Coq (piano), Jean-Marc Phillips-Varjabédian (viool), Raphaël Pidoux (cello), m.m.v. Chaterine Montier (viool), Christophe Gaugué (altviool)
Harmonia Mundi HMM 902344.46 (3 cd’s)

MAHLER, SCHUMANN, BRAHMS: pianokwartetten

 hope

Ik houd zielsveel van Brahms. Uren kan ik naar zijn vioolconcert en zijn pianoconcerten luisteren. En voor zijn derde en vierde symfonie mag je mij midden in de nacht wakker maken.

Maar het meeste houd ik van zijn kamermuziek: ik kan mij het leven zonder zijn sextetten en zijn klarinetkwintet gewoon niet voorstellen. Dat geldt ook zijn pianokwartet. Ernaar luisteren voelt alsof God zelf mij op mijn voorhoofd kust en zegt: het is gewoon mooi. Geniet er van, want daar heb ik muziek voor gecreëerd. Wat kan ik dan anders doen dan gehoorzamen en luisteren?

Iets anders is het gesteld met het wat grilliger verlopende kwartet van Schumann want door de boven de strijkers uitstekende dominante pianopartij voelt het werk prozaïscher aan. Een ideale buffer aldus tussen de Brahms, die nog komen moet en de er aan voorafgaande zielsknijpende sentimentaliteit van Mahler.

De aan Menachem Pressler opgedragen opname van Daniel Hope en zijn vrienden is zonder meer prachtig. De violist is een echte aanvoerder die zijn maatjes goed in bedwang houdt maar het samenspel nergens uit het oog verliest.

Dat ik niet overenthousiast ben ligt een beetje aan de pianiste, die – hoe geweldig ik haar spel ook niet vind – een beetje achterblijft bij haar collega’s. Desondanks een echte hebbeding.


GUSTAV MAHLER, ROBERT SCHUMANN, JOHANNES BRAHMS,
Piano Quartets
Daniel Hope, Paul Neubaurer, David Finckel, Wu Han
DG 4794609 • 75’