Massimo_Cavaletti

FALSTAFF in Amsterdam, juni 2014

Falstaff2mb_2637

© BAUS

“Het was de derde keer dat we een nieuwe productie van Falstaff in Amsterdam hebben gehad, maar vandaag hebben we de echte première van de opera beleefd.” Beter dan Pierre Audi het in zijn bedankspeech verwoordde, had ik de première van Verdi’s Falstaff bij De Nationale Opera niet kunnen omschrijven.

Robert Carsens productie van Falstaff ging in 2012 bij het Royal Opera House in Londen in première (met matige recensies – kunt u het zich voorstellen?) en trok daarna langs New York en Milaan. Op zaterdag 7 juni kon ook Amsterdam kennismaken met de enscenering en na afloop van de zeer succesvolle première leek iedereen het erover eens: eindelijk!

Eindelijk hebben wij een productie mee mogen maken die niet alleen eerlijk was tegenover de componist, de librettist en het publiek, maar ook het nieuwe niet schuwde en niet was blijven steken in conventionele beelden en overdadige decors.
Vernieuwend, verrassend en toch zeer vertrouwd.

Zelden maak je nog mee dat alles, maar dan ook alles klopt, tot in de kleinste details. En het publiek beloonde het decor met een open doekje, wanneer hebt u het voor het laatst meegemaakt?

Wie de productie al eerder heeft gezien tijdens de bioscoopvertoning van de Metropolitan Opera, kan in Amsterdam prettig verrast worden. Het maakt toch echt uit of het geluid je via speakers bereikt of rechtstreeks je oren in komt, zonder versterking, microfoons en andere vernuftige uitvindingen. En er gaat niets boven de levendigheid op de bühne, met echte mensen in plaats van projecties op een scherm, de close-ups ten spijt.

 

2mb_2844

© BAUS

Wat je ook mist als je niet in de zaal zit, is de onbeschrijflijk mooie belichting (van Carsen en Peter van Praet). De schaduwen die op de muren opdoemen en de Van Goghiaanse sterrenhemel: het is ‘larger than life’ en driedimensionaal!

Carsen situeert het verhaal in de prille jaren vijftig. De oorlog is voorbij en de grote opbouw, inclusief sociale verschuivingen, is in volle gang. De oude adel is in verval geraakt en de nieuwe rijken hebben het voor het zeggen. Geld, daar draait het om, althans voor de nieuwe ‘upperclass’. Daar is Ford het beste voorbeeld van: geld opent toch immers alle deuren?

Maar: de oude Sir John Falstaff is nog niet dood en al is hij aan lager wal geraakt, zijn gevoel voor humor en zijn intelligentie is hij nog steeds niet kwijtgeraakt. Zelfspot, daar kan Ford veel van leren!

dsc_2295

Ambrogio Maestri © BAUS

Als u het mij vraagt, dan is Ambrogio Maestri geboren om Falstaff te zingen. De Italiaanse bariton is nog maar 43 jaar, maar de rol zingt hij al vanaf zijn 29e. Het is niet alleen zijn stem die hem zo geschikt maakt. Wat een uitstraling! Hij is groot en imposant, met een milde glimlach om zijn mond; zelfs in zijn eentje kan hij een voorstelling dragen.

In zijn ‘vroegere leven’ werkte Maestri als kok en ober in het familierestaurant in Pavia. Zijn ontdekking heeft hij aan Plácido Domingo en Riccardo Muti te danken, maar koken is nog steeds zijn hobby gebleven (op zijn YouTube-pagina heeft hij zelfs nog een kookrubriek).

Falstaff2mb_2619

Massimo Cavaletti & Ambrogio Maestri © BAUS

Massimo Cavaletti is een fantastische Ford. Zijn volumineuze bariton kent immens veel kleuren, absoluut onontbeerlijk om hem zowel als Ford als in zijn Fontana vermomming geloofwaardig te laten klinken.

Fiorenza Cedolins (Alice) heeft mij prettig verrast. Na al de zware rollen die zij eigenlijk al vanaf het begin van haar carrière zingt, verwachtte ik een dramatische sopraan die haar stem klein moest houden, maar nee! Zij zong voluit en onverwacht lyrisch.

Falstaffdsc_2408

Maite Beaumont, Fiorenza Cedolins & Lisa Oropesa © BAUS

Maite Beaumont kan er niets aan doen dat de rol van Meg zo weinig inhoudt, maar zij deed precies wat er van een “grijze muis” verwacht werd: mooi zingen en de meerdere in Mistress Alice erkennen!

Falstaffdsc_1962

 Daniela Barcellona & Ambrogio Maestri © BAUS

Daniela Barcellona (Mrs.Quickly) is niet een echte diepe alt, type Fiorenza Cossotto, maar haar ‘Reverenza’ miste niets van de guitigheid van haar grote voorgangster. En met haar bühne persoonlijkheid heeft zij heel wat publieksharten veroverd.

 

Falstaff2mb_2272

© BAUS

Het jonge koppel (Lisette Oropesa en Paolo Fanale) deed precies, wat van ze verwacht werd: verliefd zijn, en de kleine rollen van Cajus, Bardolfo en Pistola werden meer dan luxueus bezet door resp. Carlo Bosi, Patrizzio Saudelli en Giovanni Battista Parodi.

2mb_2512

© BAUS

Het was de eerste – en ik hoop niet de laatste!  – keer dat wij Daniele Gatti bij de Nationale opera mee mochten maken. Dat hij een bijzondere affiniteit met het Koninklijk Concertgebouworkest heeft is niets nieuws, maar dat zij samen ook een opera tot onverwachte hoogten konden tillen was zeer verrassend en meer dan blijmakend. Bravissimi a TUTTI!

Trailer van de productie:

Giuseppe Verdi
Falstaff
Ambrogio Maestri, Massimo Cavaletti, Fiorenza Cedolins, Daniela Barcellona, Maite Beaumont, Lisa Oropesa, Paolo Fanale, Carlo Bosi, Giovanni Battista Parodi, Patrizio Saudelli
Koor van de Nationale Opera (instudering: Bruno Casoni en Thomas Eitlesr), het Koninklijk Concertgebouw Orkest onder leiding van Daniele Gatti;
Regie: Robert Carsen

Bezocht op 7 juni 2014

Falstaff van Verdi in zes opnamen: twee op cd en vier op dvd

 

EINE FLORENTINISCHE TRAGÖDIE/GIANNI SCHICCHI. Amsterdam november 2017

 

Puccini Zemlinsky Florence Dante

Domenico di Michelino (1417–1491) Dante Illuminating Florence with his Poem. Museo dell’Opera del Duomo, Florence

Weet u wat het verband is tussen Eine Florentinische Tragödie van Zemlinsky en Gianni Schicchi van Puccini? Nee? Ik ook niet.

Toegegeven: beide eenakters zijn kort, nog geen uur muziek en beiden spelen zich af in Florence. Maar verder? Zodoende heeft de regisseur – of de (m/v/o) wanhopige bedenker van niet bestaande verbanden – een overkoepelend thema bedacht: geld.

Geld? Really? In Gianni Schicchi is de geldgeilheid inderdaad prominent aanwezig maar de opera neemt veel meer zaken op de korrel en verstopt ze onder een vernislaag van de ‘theater van de lach’. Alle personages (ja, ook het jonge koppel!) zijn corrupt en allemaal zijn ze uit op hun eigen gewin, waarbij geen middel – inclusief chantage en dreigen met zelfmoord – wordt geschuwd.

Daarentegen speelt geld amper een rol in de Florentinische Tragödie of het slaat op het feit dat één van de drie hoofdpersonen een koopman is. Weliswaar biedt hij zijn handelswaar te koop aan, maar niet heus: het ‘verkopen’ maakt namelijk deel uit van zijn psychologische kat en muis spelletje. Een spel dat naarmate de actie vordert steeds grimmiger wordt en uitgroeit tot zulke thrillerachtige dimensies dat het niet anders dan in een moord kan eindigen.

Puccini Zemlinski 91._1mb5786

Ausrine Stundyte (Bianca), John Lundgren (Simone) en  Nikolai Schukoff (Guido) © CLÄRCHEN & MATTHIAS BAUS

Nee, meneer (m/v/o) de bedenker van de ‘overkoepelende thema’: Eine Florentinische Tragödie gaat over de aantrekkingskracht der seksen, overspel en macht van de sterkste die niet noodzakelijk de rijkste is. De (on)aantrekkelijkheid van en de obsessie met het menselijke lichaam is namelijk hét thema in (bijna) alle werken van Zemlinsky.

 

Gianni Schicchi

THE END: Massimo Cavaletti (Schicchi) en de personages van beide opera’s © MATTHIAS BAUS

Vergeet het thema dus, vergeet ook het met de haren er bij gesleepte einde van de voorstelling die de twee opera’s krampachtig aan elkaar moet koppelen. Vergeet ook de gouden ketting, het is leuk bedacht maar niet nodig, bovendien in het Zemlinsky-deel lichtelijk storend: in het libretto staat dat Simone de minnaar van zijn vrouw met zijn blote handen wurgt, dé clou van het verhaal.

EINE FLORENTINISCHE TRAGÖDIE

Verder heb ik geen klachten. De jonge Duitse regisseur Jan Philipp Gloger hield zich netjes aan het libretto en de muziek, op zich al een prestatie! Goed, het draaiende plateau voegde niet echt iets toe maar storend was het ook niet. Het opende zelfs nieuwe perspectieven, want als toeschouwer kon je zo de hele handeling goed volgen, ongeacht de plaats waar je zat.

Ik had wel medelijden met de zangers, want nu moesten ze zich voornamelijk op hun evenwicht concentreren, wat ze in hun bewegingen kón belemmeren. Ik schrijf nadrukkelijk: kon, want daar merkte je niets van. Hun acteren was onberispelijk: ze vrijden, ze duelleerden en daagden elkaar uit en dat alles voortreffelijk zingend. Chapeau!

Eine Florentinische Tragödie

John Lundgren (Simone) en Ausrine Stundyte (Bianca)  © MATTHIAS BAUS

John Lundgren (Simone) imponeerde met zijn strak gevoerde bariton, met deze man viel niet te spotten! Dat hoorde je meteen bij zijn opkomst al, zijn ingehouden woede was voor ons, de toeschouwers van meet af aan voelbaar. Iets wat de minnaars moest zijn ontgaan waardoor ze niet op hun hoede waren.

Bianca werd onvoorstelbaar goed gestalte gegeven door de Litouwse Ausrine Stundyte. De sopraan is een geboren actrice. Haar stem is niet alleen maar mooi maar ook – misschien voornamelijk – zeer expressief en uitdrukkingsvol. Wat een zangeres!

 

EFT

Nikolai Schukoff (Guido), John Lundgren (Simone en Ausrine Stundyte (Bianca) © CLÄRCHEN & MATTHIAS BAUS

Nikolai Schukoff was een voortreffelijke Guido. Goed getypcast, zowel wat zijn uiterlijk als zijn stem betreft. In zijn zingen kon je zowel de uiterlijke schoonheid als de verwijfde zwakte van de dommige verwendheid bespeuren.

Het orkest mocht van mij iets zachter. Het is niet de eerste keer dat ik Marc Albrecht op te veel ‘wagnerisme’ betrap. Het is zonder meer schitterend wat hij doet, maar Zemlinsky’s idioom is gelijk een ‘ferne klank’: vol en krachtig maar voornamelijk zwoel en erotisch.

In ‘Behind the scenes’ het toneel dat onophoudelijk beweegt::

 

 

GIANNI SCHICCHI

Gianni Schicchi

© BAUS

Bij Puccini viel het orkestrale geweld gelukkig mee, al was de klank niet echt Pucciniaans te noemen. Maar – in tegenstelling tot Zemlinsky – ligt de nadruk bij Puccini veel meer bij de stemmen en hier werden ze niet overstemd.

 

GS

Massimo Cavaletti (Schicchi) © CLÄRCHEN & MATTHIAS BAUS

Massimo Cavaletti maakte zijn debuut als Gianni Schicchi. Voor mij oogde hij een beetje te jong, maar als je bedenkt dat de ‘echte’ Schicchi ook nog maar veertig was… Cavaletti moet in de rol nog een beetje groeien, maar hij zong en acteerde meer dan voortreffelijk. Zijn mooie, warme bariton associeer je dan meer met jonge minnaars, zijn portrettering was ontegenzeggelijk kostelijk.

Mariangela Sicilia was een heerlijk jonge Lauretta. Haar zilverkleurige sopraan klonk niet alleen zeer aantrekkelijk maar ook aanstekelijk. Haar show-stopper ‘O mio babbino caro’ was precies wat het moest zijn: een met de juiste knipoog gezongen show-stopper.

Alessandro Scotto di Luzio was een mooie Rinuccio en Enkelajda Shkosa een karaktervolle Zita. Alle kleine rollen waren zonder meer goed bezet maar waren er echt geen Nederlanders voor te vinden?

Puccini Zemlinski 10.gsdsc_0268press

Copyright (c) DNO 2017

Speciale vermelding verdient Peter Arink als de zeer grappig neergezette Pinellino.

Bezocht op 11 november 2017 in het Muziektheater in Amsterdam

Er zijn nog voorstellingen op 14, 16, 19, 21, 24, 26 en 28 november 2017..
Zie voor meer informatie: http://www.operaballet.nl/nl/doublebill/2017-2018/voorstelling/florentinische-tragodie

Discografie Zemlinsky EINE (AUTO)BIOGRAFISCHE TRAGÖDIE : ALEXANDER ZEMLINSKY. Deel 4: ‘Warum hast du mir nicht gesagt..’

Discografie Puccini: GIANNI SCHICCHI. Een mini discografie.