Chris_Merritt

I Vespri Siciliani oftewel de volksopstand die de weg naar onafhankelijkheid heeft geopend

Tekst: Peter Franken

Deze opera speelt zich af op Sicilië en voor een beter begrip van de inhoud is enige kennis van de regionale geschiedenis vereist. Sicilië maakte deel uit van het Romeinse Rijk en na de Romeinen kwamen de Vandalen gevolgd door de Ostrogoten, Byzantijnen en Arabieren. In de 11e eeuw werd het eiland veroverd door de Noormannen, feitelijk Vikingen, die een krachtig bewind wisten uit te oefenen. Spanjaarden uit Aragon, Fransen, Duitsers en later Spanjaarden van het huis Bourbon completeren de stoet. Het Franse bestuur was van korte duur. Het repressieve karakter van het régime leidde al na ongeveer twintig jaar tot een opstand waarbij alle Fransen werden verdreven of gedood. Op 31 maart 1282 sloeg de vlam in de pan nadat een Franse officier een Siciliaanse vrouw op weg naar het avondgebed zou hebben beledigd. De man werd in de kerk doodgestoken.

Pin su Librettos, programmas, partiture

Deze gebeurtenis is in Verdi’s Les vêpres Siciliennes verwerkt, beter bekend als I vespri Siciliani. Het was een opdrachtwerk van de Parijse Opéra waar het in 1855 in première ging. In zijn oorspronkelijke vorm is het een grand opéra in vijf aktes met een groot ballet.

Het Franse libretto is van Charles Duveyrier en Eugène Scribe naar hun werk Le duc d’Albe, de opera waaraan Donizetti in 1840 had gewerkt maar die om uiteenlopende redenen onvoltooid was gebleven.

Het genre Grand Opéra heeft als inhoudelijk kenmerk dat de handeling losjes wordt bepaald door historische figuren tegen de achtergrond van grote gebeurtenissen die pogingen van de protagonisten om het leven naar hun hand te zetten bijna op voorhand doen mislukken. Zo ook Les Vêpres Siciliennes waarin Henri wordt vermorzeld tussen de intuïtieve liefde voor zijn vader Montfort en zijn afkeer voor de verpersoonlijking van de onderdrukking van het Siciliaanse volk, de Franse gouverneur Montfort. De overeenkomsten met Donizetti’s Le Duc d’Albe zijn heel duidelijk. Alleen de namen zijn veranderd.

In 1989 stond I vespri Siciliani op het programma van La Scala. In de hoofdrollen Giorgio Zancanaro als Monforte, Cheryl Studer als Elena en Ferruccio Furlanetto als Procida. Chris Merrit vertolkte de rol van Arrigo, de Italiaanse versie van Henri. Zoals gezegd wordt deze opera vrij zelden gespeeld, een lot dat het werk deelt met een reeks vroege Verdi’s. Maar voor een opera die vlak na Verdi’s succesnummer La traviata kwam is dat op zijn zachtst gezegd opmerkelijk.

Toen ik na vele jaren de dvd van de opname uit 1989 nog eens afspeelde, werd me echter toch wel veel duidelijk. Alles wat La traviata na een moeilijke start tot een megasucces heeft gemaakt, ontbreekt in Vespri. La traviata is een aansprekende liefdesgeschiedenis met een schitterende rol voor de prima donna en een ontroerend duet van Violetta met Germont sr. De rol van Alfredo is routine Verdi, het gaat om de sopraan en de bariton. Verder is de opera heel compact, er staat geen noot teveel in.

In Vespri komt de liefdesgeschiedenis van Arrigo en Helena nauwelijks uit de verf. De scènes van Montfort worden nodeloos gerekt, zeker in de briefscène lijkt er geen einde aan te komen. Het ballet in de derde akte kan natuurlijk gemakkelijk worden geschrapt maar zelfs dan blijft er een onnodig lang werk over waarin de componist de protagonisten zich moeizaam laat voortslepen. Mijn conclusie is dan ook dat dit werk terecht wordt genegeerd, het is eerder een curiosum dan een aansprekende latere Verdi.

De enscenering in La Scala is basaal. Een plein met een blauwe achtergrond, de zee. Een kamer in het paleis van de gouverneur, een balzaal en een gevangenis waarin zich een beul meldt met een heuse grote hakbijl. De gebeurtenissen spelen zich af in de 13e eeuw maar de kostumering duidt op de periode waarin de opera is ontstaan. De Fransen zien er schitterend uit in hun uniformen waarin hemelsblauw is gecombineerd met roomwit. Elena loopt in een zwarte jurk, ze is in de rouw vanwege haar broer. Het volk is aanwezig in een ‘Cavalleria’ kostumering.

Men heeft in deze productie het ballet zeer serieus genomen. Het wordt in zijn volle lengte uitgevoerd en is aardig om te zien. Ook al wordt er uitstekend gedanst, het blijft natuurlijk een showstopper.

Zancanero laat een goede Montfort horen al heeft hij toch wel wat moeite de spanning vast te houden als Verdi hem langer laat zingen dan op dat moment wenselijk is. Chris Merritt biedt een uitstekende vertolking van de geplaagde Arrigo die echter te veel moet lamenteren over zijn genadeloze lot. Hoe goed hij ook zingt, zijn personage gaat irriteren.

Helena is in mijn beleving een van de minst aansprekende rollen die Verdi een prima donna heeft toebedacht.  Ze is feitelijk onnodig voor het verhaal. De roof van aanstaande bruiden door Franse soldaten is voldoende om de vlam in de pan te laten slaan.

Het loyaliteitsprobleem van Arrigo speelt tussen hem en Procida. Helena is er tussen gewurmd omdat Verdi anders zonder sopraan kwam te zitten. Dat gezegd hebbende moet ik vaststellen dat Cheryl Studer zich uitstekend weet te weren. De opname dateert uit haar ‘wonder years’ toen ze gezien werd als the voice of the century. Met name het bekende ‘Mercè, dilette amiche’ in de vijfde akte gaat haar heel goed af.

Ferrucio Furlanetto overtuigt als verpersoonlijking van het geschonden Siciliaanse zelfbeeld, een echte revolutionair. Sowieso is het altijd een genoegen deze man te horen zingen.

Riccardo Muti heeft de muzikale leiding. Het zal vooral aan hem te danken zijn dat deze productie er überhaupt is gekomen.


Discografie:

I vespri siciliani/Les vêpres siciliennes. Een beetje een discografie maar niet heus

‘Saint François d’Assise’ van Olivier Messiaen in drie audio-opnamen

Messiaen

Olivier Messiaen

Olivier Messiaen was een zeer religieuze man en de meeste van zijn werken staan in het teken van het christelijke geloof. Voor zijn enige opera, over de heilige Franciscus, heeft hij ook het libretto geschreven dat hij als zijn persoonlijke geloofsbelijdenis en een soort testament beschouwde en dat voor hem minstens net zo belangrijk was als de muziek. Daar heeft hij zeven jaar aan gewerkt, de première vond plaats in 1983, in Parijs.

Messiaen Ozawa

De uitvoering, met José van Dam in de hoofdrol en gedirigeerd door Seiji Ozawa werd ooit op cd uitgebracht, op het merk Cybélia, helaas is de opname tegenwoordig zeer moeilijk te krijgen. You Tube biedt soelaas, daar kunt u het een en ander (met beeld!) beluisteren.

Hieronder een fragment:

Messiaen Zagrosek

Twee jaar later, in 1985, werd de opera (zij het sterk ingekort) in Salzburg gepresenteerd, gedirigeerd door Lothar Zagrosek en met Dietrich Fischer-Dieskau als Franciscus, Rachel Yakar als de Engel en Kenneth Riegel als de melaatse. Het werd rechtstreeks op de ORF uitgezonden, en daarna op Orfeo (C485 982) uitgebracht.

In 1998 kwam ‘Franciscus’ in Salzburg terug, ditmaal compleet. Kent Nagano (hij heeft ooit, toen hij nog de assistent van Ozawa was, de opera onder Messiaen zelf ingestudeerd) dirigeerde en de hoofdrol werd vertolkt door de inmiddels zeer met de rol vergroeide José van Dam, gesecondeerd door Dawn Upshaw (de Engel) en Chris Merritt (de melaatse).

Messiaen Dg Nagano

De opera werd tijdens de voorstellingen live opgenomen en een jaar later op vier cd’s uitgebracht, waardoor we thans over de enige complete uitvoering van dit prachtige werk op cd kunnen beschikken. (DG 4451762).

https://open.spotify.com/album/6Hgbfl51J2HYCOzMXO1W22?si=xmFQ3Vh5TSyrjP_OGEoNqg

De uitvoering staat als een huis. Chris Merritt beschikt niet over de mooiste stem ter wereld, maar dat hoeft ook niet. Hij hoort kwetsbaar en klagerig over te komen, en dat lukt hem voortreffelijk. Kenneth Riegel op Orfeo is wellicht iets indrukwekkender, maar je gaat de opera niet voor één scène aanschaffen, al vind ik het fijn om die opname ernaast te kunnen hebben.

Dawn Upshaw is een stralende, kwikzilverige Engel, esoterischer dan Rachel Yakar op Orfeo, en buitenaards mooi. Fiescher-Dieskau was in 1985 al met pensioen, maar stemde toe om de rol van Franciscus (nou ja, de helft ervan) in te studeren. Het resultaat is beslist niet slecht, maar voor mij zeer weinig idiomatisch, en hij komt niet eens in de schaduw van de prestatie van van Dam.

De muziek ligt zeer prettig in het gehoor en er straalt een zekere sereniteit van af, wat niet alleen aan de invloed van de gregoriaanse gezangen geweten kan worden. Af en toe doet zij aan Peleas en Melisande van Debussy denken, ook Poulenc komt om de hoek kijken.

En Messiaen zou Messiaen niet zijn zonder veelvuldig gebruik van ondes Martenot (op beide uitgaven bespeeld door zijn schoonzus, Jeanne Loriod), en zonder het getjilp van vogels.

Messiaen vogels

Saint Francois d’Assis is een opera die zich prachtig leent voor het beluisteren op cd. Het is een echte meesterwerk, toch kan je hem prima op de achtergrond hebben. Je leest de synopsis, kijkt af en toe naar de dialogen (die kunnen ook vooraf gelezen worden, zoveel gebeurt er heus niet) en dan weet je het wel. Je kan er prima bij was opvouwen. Of voor zich zitten staren. Je wordt er rustig van.

Uitstekende uitvoering van Schönbergs Moses und Aron

moses

Naxos durft wel! Nu we amper nog nieuwe opera-opnames op cd kunnen verwachten (afgezien van de bekendste hits met de grootste sterren), hebben ze Schönbergs Moses und Aron in 2003 live in Stuttgart opgenomen en uitgebracht.

Moses und Aron, één van de belangrijkste opera’s van de twintigste eeuw, is onvoltooid gebleven. Het stuk werd in 1954 voor het eerst (postuum) opgevoerd in Hamburg, maar een echte hit is het nooit geworden, ondanks de zeer sterke dramatische expressie en de mogelijkheden die ze aan de conceptueel werkende regisseurs biedt.

Schönberg zelf beschouwde het als zijn belangrijkste werk. Het was ook zijn antwoord op het oprukkende antisemitisme en zijn (noodgedwongen) hervonden Joodse identiteit.

De hoofdrollen zijn toebedeeld aan een bariton (Moses), die zich van het Sprechgesang bedient, en een hoge, belcanteske tenor (Aron), die als een spreekbuis dient voor zijn broer. Want Moses mag dan vol ideeën zitten, verwoorden kan hij ze niet (‘O wort, du wort, das mir fehlt’).

Ronald Kluttig werkte een paar jaar als assistent van Lotar Zagrosek, en dat is aan hem te horen: zijn benadering van de complexe partituur is zeer persoonlijk en betrokken.

Het koor zingt fenomenaal, Wolfgang Schöne is een prachtige, kernachtige Moses en de ‘ruim intonerende’ Chris Merritt neem ik wel voor lief.

 

Arnold Schönberg
Moses und Aron
Wolfgang Schöne, Chris Merritt; Stuttgart State Orchestra and Chorus olv Roland Kluttig
Naxos 8660158-59