De_Nationale_Opera

Seizoen 2019/2020 van De Nationale Opera

Seizoen -Nationale-Opera-2019-2020-foto-Florian-Joahn

Campagnebeeld van het nieuwe seizoen © Florian Joahn

Er is altijd goed nieuws en slecht nieuws en een aankondiging van een nieuw operaseizoen brengt altijd de nodige teleurstellingen. Dit jaar heb ik eigenlijk weinig te klagen, al zet ik de nodige vraagtekens bij de reprise van (zowat de slechtste ooit) Cosi van tutte van Mozart door Jossi Wieler en Sergio Morabito. Een productie die nota bene door alles en iedereen werd afgekraakt. Weet u nog, Mozarts ‘Trittico’? Toegegeven: ‘Cosi’ van de minst slechte van de drie. Een lichtpuntje: Thomas Oliemans zingt Don Alfonso.

Trailer uit 2009:

Een ander vraagteken zet ik bij de nieuwe (ja, de nieuwe, de derde al!!!) productie van de Die Frau ohne Schatten. De eerste (twee keer herhaald) vond ik slecht. De tweede was zonder meer prachtig maar werd niet herhaald. En nu komt er alweer één. Zij er werkelijk geen andere opera’s van Richard Strauss te bedenken? Bij mijn weten hebben we bij voorbeeld nog nooit Ariadne auf Naxos gehad. Niet dat ik het zo nodig wil zien- mijn opera is het niet – maar om alweer aan FroSCH te moeten? Afijn: ik vermoed dat hier wat meer in het spel is. ‘Die Frau’ was de opera waarmee Marc Albrecht bij DNO debuteerde en nu hij afscheid neemt van het orkest …. Afijn: muzikaal zal het, met de namen als Elza van den Heever, Irène Theorin, Josef Wagner, Michaela Schuster en AJ Glueckert prima in orde zijn, denk ik. Katie Mitchell mag het regisseren en ik denk niet dat ik er zin in heb om alweer tegen een poppenhuis te moeten aankijken. Maar wie weet?

Overigens: de opera komt nu ook in De Doelen in Rotterdam…
Bestaat er nog zoiets als plannen afstemmen?

https://www.rotterdamsphilharmonisch.nl/nl/agenda/104/Yannick_Nezet_Seguin/Die_Frau_ohne_Schatten/?fbclid=IwAR2CURj5xI_kRZpcYT7hE0EdBPjet9_I5B0xaV-LyD3QXj0L5cjk5xlS37Y

Waar ik absoluut niet heen zal gaan (naast de ‘Cosi’ dus) is de Rodelinda van Handel. Dat ligt niet zo zeer aan de componist (laat Rodelinda nou toch een opera zijn waar ik best van houd) maar aan het productie team. Claus Guth regisseert (nee, bedankt), Ivar Bolton dirigeert (nee, bedankt), maar de cast ziet er best aantrekkelijk uit, voor de liefhebber dan: Bejun Mehta, Lawrence Zazzo en Lucy Crowe.

 

seizoen Carsen

Robert Carsen © Catherine Ashmore ROH

Een beetje raar vind ik de reprise (na tien jaar!) van Bizets Carmen in de productie van Carsen waar de pers absoluut niet over te spreken was. Nu ben ik een echte Carsen liefhebber maar zelfs ik moest toegeven dat het niet zijn beste was. Wat de zangers betreft wordt het afwachten, mij zeggen de namen J’Nai Bridges, Dmytro Popov, Alexander Vinogradov niet zo veel en Anett Fritsch als Micaela? Tja… Maar we krijgen wel Michael Wilmering, hij mag zijn opwachting maken in zijn eerste grote rol (Moralès) bij DNO

Trailer uit 2009:

 

Seizoen Jagde

Brian Jagde © Fay Fox

Maar voor de rest lijkt het mij een seizoen om naar uit te kijken. We beginnen met de nieuwe productie van Pagliacci/Cavaleria Rusticana (in die volgorde dus), in de regie van Robert Carsen. De hoofdrollen worden gezongen door werkelijk topzangers: Brandon Jovanovich (Canio), Ailyn Pérez (Nedda), Roman Burdenko, Marco Ciaponi, Brian Jagde (Turiddu), en Anita Rachvelishvili (Santuzza). Mark Elder dirigeert.

 

Seizoen Brownlee

Lawrence Brownlee

In december mogen we de nieuwe productie van La Cenerentola verwachten. Mijn verwachtingen zijn hoog gespannen! De cast, met o.a. Isabel Leonard, Lawrence Brownlee, Roberto Tagliavini en Nicola Alaimo is om te likkerbaarden. Laurent Pelly. Kan niet wachten!

Liefhebbers van Verdi opgelet: we krijgen (eindelijk, eindelijk!) Nabucco! Prachtig, blij, maar ik denk niet dat het een mooie productie gaat worden. De regie ligt in handen van Andreas Homoki en Maurizio Benini gaat dirigeren. Ik kan mij nog zijn behoorlijk slechte Il Trovatore herinneren. En de cast… tja… George Petean, Dmitry Belosselskiy, Anna Pirozzi, Alisa Kolosova, Freddie de Tommaso… Ik weet het niet, maar ben behoorlijk sceptisch.

Wat wel ontzettend leuk is, is dat we ook eindelijk Rusalka van Dvořák bij DNO krijgen. Onder de zangers verwelkomen we Eleonora Buratto, Dmitry Ivashchenko, Anna Larsson en Brian Jagde. Philipp Stölzl regisseeert en op de bok staat Jakub Hrůša.

 

Seizoen Westbroek als Sieglinde

Eva-Maria Westbroek als Sieglinde in de Metropolitan Opera in New York

Wagner-liefhebbers kunnen zich op de herhaling van Die Walküre van Pierre Audi verheugen. Bovendien wordt Sieglinde gezongen door Eva-Maria Westbroek! Marc Albrecht dirigeert, de andere rollen worden gezongen door Michael König, Iain Paterson en Martina Serafin.

 

seizoen Willem-Jeths-photo-Klaas-Koppe

Willem Jeths © Klaas Koppe

In de Opera Forward Festival krijgen we de wereldpremière van Ritratto, de nieuwe opera van Willem Jeths. Marcel Sijm regisseert en er wordt gezongen door de leden van De Nationale Opera Studio.

Waar ik ook naar kijk is de Aufstieg un Fall der Stadt Mahagonny  van Kurt Weill in de regie van Ivo van Hove. Het is een coproductie met (o.a.) de Metropolitan Opera in New York. Het wordt gedirigeerd door Markus Stenz en de cast is om je vingers bij af te likken: Doris Soffel, Alan Oke, Sir Willard White, Nikolai Schukoff, Thomas Oliemans

De complete overzicht:

Pagliacci (R. Leoncavallo) en Cavalleria rusticana (P. Mascagni)
Brandon Jovanovich, Ailyn Pérez, Roman Burdenko, Marco Ciaponi, Brian Jagde, Anita Rachvelishvili, Elena Zilio e.a.
Dirigent: Mark Elder, regie: Robert Carsen

Così fan tutte (W.A. Mozart)
Thomas Oliemans, Davide Luciano, Sebastian Kohlhepp, Anett Fritsch, Angela Brower e.a.
Dirigent: Ivor Bolton, regie: Jossi Wieler en Sergio Morabito

Kriebel (L. Evers) wereldpremière
Kinderopera (2+ jaar)
Regisseur: Caecilia Thunnissen

Die Walküre (R. Wagner)
Eva-Maria Westbroek, Michael König, Iain Paterson, Martina Serafin e.a.
Dirigent: Marc Albrecht, regie: Pierre Audi

La Cenerentola (G. Rossini)
Isabel Leonard, Lawrence Brownlee, Roberto Tagliavini, Nicola Alaimo e.a.
Dirigent: Daniele Rustioni, regie: Laurent Pelly

Rodelinda (G.F. Händel)
Bejun Mehta, Lawrence Zazzo, Lucy Crowe, Bernard Richter e.a.
Dirigent: Riccardo Minasi, regie: Claus Guth

Nabucco (G. Verdi)
George Petean, Dmitry Belosselskiy, Anna Pirozzi, Alisa Kolosova, Freddie de Tommaso e.a.
Dirigent: Maurizio Benini, regie:Andreas Homoki

Ritratto (W. Jeths)
De Nationale Opera Studio
Dirigent: Geoffrey Paterson, regie: Marcel Sijm

Aufstieg und Fall der Stadt Mahagonny (K. Weill)
Doris Soffel, Alan Oke, Sir Willard White, Nikolai Schukoff, Thomas Oliemans e.a.
Dirigent: Markus Stenz, regie: Ivo van Hove

Das Jagdgewehr (T. Larcher)
Sarah Aristidou, Giulia Peri, Olivia Vermeulen, Andrè Schuen e.a.
Dirigent: Michael Boder, regie: Karl Markovics

Een lied voor de maan (M. Wantenaar) wereldpremière
Regisseur: Béatrice Lachaussée

OFF Jubileumconcert
Eva-Maria Westbroek soleert bij het Orkest van het Koninklijk Conservatorium Den Haag.

Die Frau ohne Schatten (R. Strauss)
Elza van den Heever, Irène Theorin, Josef Wagner, Michaela Schuster, AJ Glueckert, Eva Kroon e.a.
Dirigent: Marc Albrecht, regie: Katie Mitchell

Carmen (G. Bizet)
J’Nai Bridges, Dmytro Popov, Alexander Vinogradov, Anett Fritsch e.a.
Dirigent: Andrés Orozco-Estrada, regie: Robert Carsen

Rusalka (A. Dvořák)
Eleonora Buratto, Dmitry Ivashchenko, Anna Larsson, Brian Jagde e.a.
Dirigent: Jakub Hrůša, regie: Philipp Stölzl

Het monster van Minos (J. Dove)
Participatieproject met het Nederlands Philharmonisch Orkest en het Almeers Jeugd Symfonie Orkest
Regisseur: Marie-Ève Signeyrole

Zie voor meer informatie de website van De Nationale Opera.

 

Pierre Audi regisseert Gurre-Lieder van Schönberg

gurreaffiche

Het 2014/15 seizoen van De Nationale Opera begon met een zeer enthousiast ontvangen productie van Gurre-Lieder. Voor het allereerst werd Arnold Schönbergs werk scenisch opgevoerd. Een exercitie waar wel wat kanttekeningen bij te plaatsen waren, maar waar muzikaal volop van te genieten viel.

De keuze om de Gurre-Lieder, een monument onder de concertstukken, scenisch op te voeren was allesbehalve vanzelfsprekend en was dan ook nooit eerder vertoond. Niet in de laatste plaats omdat de schepper het zelf niet wilde. Maar zowel Marc Albrecht, wiens vurigste wens het was om het werk in een operahuis te mogen dirigeren, als Pierre Audi waren er absoluut van overtuigd dat er in de Gurre-Lieder een verscholen opera zit.

Dat het om een zeer tot de verbeelding sprekend drama gaat, daarover kan niemand redetwisten. Maar een opera? Zelf denk ik van niet. Daarvoor is het werk te symbolisch en het drama te zeer in de muziek zelf geïntegreerd. Je hebt er geen beelden bij nodig. De liefde, de moord, het immense verdriet dat je gek maakt, het gevecht tegen God, de kracht van de natuur: alles staat al in de muziek.

Pierre Audi stond voor de schier onmogelijke taak om de ‘notensymboliek’ van de Gurre-Lieder in bewegelijke beelden samen te vatten. Om alle ingrediënten van ‘Wien Modern’ – fin de siècle, l’art pour l’art, estheticisme, symbolisme en impressionisme – tot één scenisch verantwoord geheel te smeden. Om voldoende of net niet genoeg te laten zien om de magie van het werk niet kwijt te raken.

Is het hem gelukt? Volgens velen wel, maar zelf weet ik het niet. Wat je te zien krijgt, is een prachtig spektakel met een onwaarschijnlijk mooi bühnebeeld, fraaie decors en kostuums en prachtige videoprojecties (verantwoordelijken: Christof Hertzer en Martin Eidenberger). Het is werkelijk net een schilderij van Gustav Klimt. Maar in al de esthetiek is de erotiek zoek geraakt. Er is voor mij te veel gevisualiseerd.

Gurre

Bovendien voegt Audi veel nieuwe symbolen toe, die het stuk niet begrijpelijker maken. Wat doet de vis daar, na het gevecht? Wat symboliseert de (overigens prachtige) groene boom die even de bühne op wordt gereden en, nadat hij al zijn bladeren heeft verloren, alweer vertrekt? Waarom is Waldemar verworden tot een bezopen clochard? En waarom moet de arme koning in zijn ondergoed staan? Waarom moeten zangers überhaupt in hun ondergoed staan? Wat mij betreft zou het voor altijd verboden moeten worden, zeker als het niet geëist wordt door het libretto.

Burkhard Fritz (Waldemar), Wolfgang Ablinger-Sperrhacke (Klaus Narr)

Burkhard Fritz (Waldemar), Wolfgang Ablinger-Sperrhacke (Klaus Narr)

Muzikaal viel er veel te genieten. Het Nederlands Philharmonisch Orkest speelde prachtig, met veel nuance, schwung en schmalz. Het was evident dat Albrecht veel affiniteit met het werk heeft. En het is niet niets om al het orkestrale geweld zo in te tomen dat de zangers niet overschreeuwd worden. Een prestatie.

Ik had moeite met Sunnyi Melles, die de rol van de Sprecher vertolkte. Afgezien van het feit dat ik in die rol veel liever een man hoor (zo staat het ook in Schönbergs partituur) vond ik Melles bij vlagen zeer irritant. Ze kwam ook te geëxalteerd op mij over en was moeilijk te verstaan.

Zeer te spreken was ik over Markus Marquardt (Bauer). Vanaf zijn allereerste opkomst in het ‘Wet Horses Inn’ (alweer zo’n vondst die ik met geen mogelijkheid kon begrijpen) wist hij met zijn sonore stem en fantastische voordracht de bühne volledig te beheersen.

Scène uit Gurre-Lieder met Koor van De Nationale Opera en solisten)

Scène uit Gurre-Lieder met Koor van De Nationale Opera en solisten)

Buitengewoon indrukwekkend vond ik ook Wolfgang Ablinger-Sperrhacke (Klaus Narr). Van de regisseur kreeg hij de moeilijke taak om het verhaal te dragen. Wit geschminkt en in het wit gestoken was hij samen met zijn onafscheidelijke ballon (de zon?) van begin tot eind aanwezig en werd zo tot sleutelfiguur van het drama gebombardeerd. Vraag mij alleen niet waarom.

Anna Larsson stal de show als zeer ontroerende Waldtaube. Haar mooie, warme mezzo bereikte makkelijk alle hoeken van het theater en zij wist iedereen tot tranen toe te ontroeren. Er moet wel eerlijk bij vermeld worden dat zij de mooiste noten had om te zingen.

Emily Magee gaf prima gestalte aan Tove: zij zag er beeldig uit en ook op haar zang was niets aan te merken. Haar sopraan is een beetje wollig, maar dat paste wel bij haar rol. Zelf zou ik wat meer passie willen horen, maar ik denk dat zij nog in haar rol gaat groeien.

Burkhard Fritz (Waldemar), Emily Magee (Tove)

Burkhard Fritz (Waldemar), Emily Magee (Tove)

Het was duidelijk te horen dat de rol van Waldemar geen ‘terra incognita’ was voor Burkhard Fritz. Hij zong de partij met gemak en zijn lyrische tenor kwam prima boven het orkest uit, zonder dat hij hoefde te forceren.

Zonder meer schitterend was de bijdrage van beide koren, die me aan het einde, in hun ode aan de zon, werkelijk wisten te ontroeren. Iemand moet mij alleen nog het ‘waarom’ van hun zonnebrillen (die eigenlijk ‘anti-atoombom’-brillen waren) uitleggen.

Gurre koor

Alle foto’s zijn van Ruth Waltz

Hieronder de trailer van de productie:

 

Arnold Schönberg
Gurre-Lieder
Burkhard Fritz, Emily Magee, Anna Larsson, Wolfgang Ablinger-Sperrhacke, Markus Marquardt, Sunnyi Melles
Het Koor van De Nationale Opera en het Kammerchor des ChorForum Essen (instudering Thomas Eitler)
Nederlands Philharmonisch Orkest olv Marc Albrecht

Bezocht op 2 september 2014 in het Muziektheater in Amsterdam

Discografie:
SCHÖNBERG: GURRE-LIEDER. Discografie

DVD-recensie:
GURRE-LIEDER uit Amsterdam (regie: Pierre Audi) op dvd