Kazushi_ono

Walk like Egyptian: Verdi’s Aida door Robert Wilson

Aida Wilson

Verwacht geen olifanten in deze Aida uit Brussel. Ook geen grote massa scènes en – voornamelijk – verwacht geen emoties. Bij Robert Wilson moet alles minimalistisch en esthetisch verantwoord, wat ontegenzeggelijk leuke plaatjes oplevert maar in discrepantie blijft met de muziek. De zangers bewegen zeer langzaam, bijna in slow motion en hun (spaarzame) gebaren zijn gestileerd naar de oud-Egyptische tekeningen.

Niemand raakt niemand aan, sterker: er wordt niet eens naar elkaar gekeken. Alle personages zijn voornamelijk met zichzelf en hun eigen leed bezig, wat volgens de regisseur wellicht de sleutel is tot het drama. Voor mij te ver gezocht.

De enscenering wordt gedomineerd door de kleuren zwart en blauw, er zijn amper decors en/of rekwisieten. Dodelijk saai.

De, werkelijk geweldige zangers lijken gevangen te zitten in een keurslijf van emotieloos acteren, al lukt het Ildiko Komosi (Amneris) af en toe een gebaar te smokkelen. Samen met Norma Fantini (Aida) zorgt zij voor de meeste spanning en ontroering, en hun duet in de eerste acte is vocaal een hoogtepunt.

Marco Berti is een prima Radames met een prachtige hoogte en een vleugje ‘Pavarotti’ in zijn timbre, en ook de rest van de bezetting is eersteklas. Kazushi Ono dirigeert bedaard, met alle aandacht voor de details.

Terugkerend naar de regisseur: Robert Wilson lijkt zich keer op keer te herhalen. Heb je ooit een enscenering van hem gezien, dan heb je ze allemaal gezien. Hoezo ‘opera is geen museum’?

Giuseppe Verdi
Aida
Norma Fantini, Marco Berti, Ildiko Komlosi e.a.
Symphony Orchestra&Choire of La Monnaie-De Munt olv Kazushi Ono
Opus Arte OA 0954 D

Advertenties

Een moeizaam gesprek met Kazushi Ono.

FILARMONICA ARTURO TOSCANINI

Kazushi Ono © Luca Trascinelli

Regelmatige bezoekers van de Munt in Brussel kunnen zich ongetwijfeld nog aan hem herinneren: Kazushi Ono, de charismatische dirigent die tussen 2002 en 2008 de baton zwaaide bij het Symfonieorkest van de Munt. Zijn directie werd over het algemeen zeer positief ontvangen, door zowel pers als publiek. Waarbij hij voornamelijk geroemd werd voor zijn interpretaties van eigentijdse werken, waaronder de wereldpremière van Julie van Philippe Boesmans.


In 2008 werd Ono benoemd als chef-dirigent van het Orchestre de l’Opéra National de Lyon, voor velen, voornamelijk moderne regie-adepten “the opera house to be”. Zijn komst had veel te maken met zijn maatschappelijke betrokkenheid. Uit een interview met Brusselnieuws.be: “Mijn vertrek naar Lyon is mee bepaald door wat ik daar met muziek kan bijdragen op so­ciaal vlak, in plaats van te wachten op volk in de concertzaal. Ik zal er onder meer musiceren voor kinderen en senioren die het hospitaal of de bejaardeninstelling niet meer uit kunnen.”

Maar ook voor Amsterdammers is Ono geen onbekende. In maart 2010 dirigeerde hij bij De Nationale Opera zijn eigen orkest in Émilie, een opera van Kaija Saariaho

Kaija Saariaho (composer), Kazushi Ono (conductor), Françoi

Karita Mattila als Émilie © Jean-Pierre Maurin

 

DUTILLEUX

Kazushi Dutilleux

Henri Dutilleux © ZaterdagMatinee

Als je zijn opnamenlijst bekijkt kan je niet anders dan concluderen dat de Japanse maestro moderne muziek een warm hart toedraagt. Mijn absolute favoriet is zijn opname van ’L’arbre des songes’ van Dutilleux en het vioolconcert Rafael d’Haene – met het orkest uit Lyon en Yossif Ivanov als solist.


Kiest hij het repertoire zelf? “Nee, absoluut niet”, vertelt hij. “Soms is het andersom en word ik gekozen. Het vioolconcert van Dutilleux had het orkest al veel eerder geprogrammeerd. Ik werd gewoon geëngageerd voor het project. En het kwam goed van pas, want zo debuteerde ik in 2010 in het Concertgebouw bij de ZaterdagMatinee. Jaap van Zweden die het concert met Leonidas Kavakos en het Radio Filharmonisch Orkest zou dirigeren werd ziek en mij werd gevraagd om hem te vervangen”.

Wat Ono er niet bij vertelt is dat hij het hele programma heeft overgenomen. Meer dan bewonderenswaardig, want naast Dutilleux’ en La mer van Debussy stonden ook Rudolf Escher en een nieuw werk van Bart Visman op de rol. Doe het hem na!

De uitzending is hier terug te beluisteren:

http://www.radio4.nl/ntrzaterdagmatinee/uitzending/201276/16-11-2013.html

SJOSTAKOVITSJ EN BERLIOZ

Kazushi-Ono-foto-Stofleth-1

Kazushi Ono © Stofleth

Op de dag dat we elkaar spreken is Ono in Lyon, waar hij de reeks voorstellingen van Lady Macbeth of Mtsensk van Sjostakovitsj dirigeert. In de recensies rept men van zijn analytische geest. Is het waar?

Even is het stil…

“Ik weet niet of het waar is. Ik denk eigenlijk van niet. Er is zoveel geweld in die muziek, die kan je niet analytisch benaderen. De muziek is prachtig mooi en zeer diepgaand, maar eigenlijk overemotioneel. Heftig, zeer heftig, met zo veel uitbarstingen. Het is soms amper mogelijk om het in de hand te kunnen houden!”

“Denk alleen maar aan het begin van de derde akte” zegt hij en neuriet de beginscéne even voor mij. “Katja en Sergej hebben net Zinovi vermoord, Sergej heeft hem in de kelder begraven en dan zingt Katerina: kus mij, kus mij? Alsof zij voor het eerst eindelijk echt gelukkig is?!”

Maar is zij het dan niet, vraag ik? Voor het eerst gelukkig? Eindelijk gebeurt er iets in haar leven, bovendien gelooft zij oprecht in de liefde van Sergej? Ono denkt even na:

“Ja”, zegt hij. “Maar de emoties zijn zo heftig. Ik was zeer verbaasd om te zien hoe het publiek er op reageerde. Er waren veel oude mensen in de zaal, maar ook veel jeugd.”

De productie werd gemaakt door de populaire regisseur Dmitri Tcherniakov. Hoe verliep de samenwerking?
“A…. goed, eigenlijk. Maar ik heb hem pas 10 dagen voor de première ontmoet, daarvóór werd het werk gedaan door zijn assistent”.

Wat doet u als u het totaal oneens bent met de ideeën van een regisseur?
“Voor mij staat de componist voorop. Hem draag ik op mijn schouders – bij wijze van spreken dan. Het is de componist die begrepen moet worden. Een dirigent moet volledig staan achter dat wat de componist heeft willen uitdrukken. Dienstbaar zijn.”

“Ik weet waarlijk niet wat ik zou doen als ik me niet kan vinden in de ideeën van een regisseur. Overleggen, denk ik. Overleg is een magisch woord. Zonder lukt het niet.”

Maar als het overleg mislukt? Kirill Petrenko verliet Bayreuth vanwege Frank Castorf…
“Ik weet het niet. Het is gelukkig nog nooit zo ver gekomen. We hebben altijd lange repetitieperiodes en ik ben er altijd vanaf het begin bij. Tenminste, dat probeer ik. Er is voldoende tijd om dingen uit te proberen en om te overleggen.”

“Dat ik er altijd vanaf de vroegste stadium bij wil zijn heeft ook met de monitors te maken die we tegenwoordig gebruiken. Vroeger waren ze analoog maar de tegenwoordige generatie is digitaal en dat is niet altijd een verbetering. Het beeld loopt namelijk altijd een seconde of zo op het geluid voor, een echte nachtmerrie”

Zullen we het over Roméo et Juliette van Berlioz hebben? Daarvoor komt u immers naar Amsterdam.
“Voor mij is Roméo et Juliette een oratorium. Van de drie solisten speelt eigenlijk alleen de bas (vader Laurence) een prominente rol. Zijn rol is het grootst. Maar het orkest heeft het belangrijkste aandeel. Naast het koor uiteraard. Maar het is het orkest dat de belangrijkste scènes op zich neemt.”

“Dat maakt Berlioz’ Roméo et Juliette anders dan alle andere werken die op dit thema gebaseerd zijn. Anders dan in andere composities worden de belangrijkste dingen niet gezongen: de vijf belangrijkste Shakespeare-scènes liggen bij het orkest. Echt uitzonderlijk.”

Is het dan niet eerder een symfonie met koor en solisten?
Gedecideerd: “Nee, nee, voor mij is het echt een oratorium.”

Kazushi Ono dirigeert Ravel:
RAVEL. L’heure espagnole & L’enfant et les sortilèges

 

RAVEL. L’heure espagnole & L’enfant et les sortilèges

ravel-double-bill

Eén van de opvallendste handelsmerken van Laurent Pelly is dat hij zo onbeschaamd leuk weet te overdrijven. Iets, wat doorgaans bijzonder goed uitpakt (zijn La Fille du Regiment!), maar soms een maar half geslaagde voorstelling achterlaat (L’Étoile in Amsterdam). Het is nu eenmaal zo dat veel grappen, als je ze uitvergroot, nogal gauw in een soort theater van de lach kunnen ontaarden.

De verder prachtig geënsceneerde L’heure espagnole heeft er ook een beetje last van. Ik geef grif toe: de meeste tijd zit ik mij kapot te lachen, maar af en toe werd het zo overtrokken dat het niet leuk meer was. Zo vind ik de als een hippe Jezus-figuur voorgestelde dichter Gonzalve behoorlijk over de top. Het scheelt wel dat hij prachtig gezongen wordt door Alek Shrader (krijgen we deze tenor ooit in Amsterdam te zien?).

Bijzonder te spreken ben ik over Paul Gay (de dikke bankier) en François Piolino (de suffe echtgenoot). Zeer onder de indruk ben ik ook van bariton Elliot Madore (Ramiro). Onder zijn vrolijke en vriendelijke voorkomen schuilt de ideale potente minnaar, waar de jonge Concepción zo naar verlangt. Dat hij sprekend op dirigent Pablo Heras-Casado lijkt, zal wel toeval zijn

Met Stéphanie d’Oustrac heb ik wel een beetje moeite. Haar Concepción is mooi en verleidelijk, maar voor mij niet sexy genoeg. Simplistisch gezegd: te veel vrijblijvende ‘olalalala’ en te weinig orgastisch.

Gaat L’heure Espagnol een beetje gebukt aan te veel grappen die af en toe totaal uit balans raken, met L’Enfant et les sortilèges revancheert Pelly zich met de mooiste en de beste productie van de opera die ik ooit heb gezien. Alles is uitvergroot tot buitengewone proporties, waardoor het kind werkelijk piepklein is. Wat je ziet is een kleine kleuter die zich van zijn kattenkwaad (pun intended) niet bewust is. De grote wereld is voor hem nog te geheimzinnig en als hij in het donker achtergelaten wordt slaat zijn fantasie op hol.

Het is onmogelijk om alle zangers apart te noemen, maar Khatouna Gadelia is een fantastisch kind. En de coloraturen Kathleen Kim (vuur) zijn onaards mooi.

Het is verbazingwekkend hoe prachtig Kazushi Ono de in de muziek ingeweven grappen naar zijn orkest weet te vertalen. Daarbij valt het mij op hoe zacht zijn gebaren zijn.

Ono debuteerde in Glyndebourne in 2008 met Hänsel und Gretel van Humperdinck, ook in de regie van Pelly. Voor hun productie van de éénakters van Ravel kregen ze in 2014 Gramophone’s Opera Award. Ondanks mijn kleine opmerkingen wat de regie en Stéphanie d’Oustrac betreft volkomen terecht.

Een echte must, al was het alleen al vanwege de meest perfecte L’enfant et les sortilèges ooit!

Maurice Ravel
L’heure espagnole; L’Enfant et les sortilèges
Elliot Madore, Stéphanie d’Oustrac, Alek Shrader, François Piolino, Paul Gay, Khatouna Gadelia, Kathleen Kim e.a.
London Philharmonic Orchestra olv Kazushi Ono; regie Laurent Pelly
FRAMusica FRA 508

2 x RAVEL. OZAWA & SLATKIN

Interview met Kazushi Ono:
KAZUSHI ONO. Interview