Tatjana+_Gürbaca

For soprano Corinne Winters 2022 was a stellar year

Text: Peter Franken

A recording of Halka from the Theater an der Wien was released on DVD in January 2022. In the title role American soprano Corinne Winters, who had been steadily gaining fame in Europe in previous years. The recording dated from 2019 and Winters’ career had been at a low ebb since then as a result of the Covid epidemic. But 2022 was going to be a great year for her.  For those not yet really familiar with Corinne Winters, now first a retrospective.



Born in 1983, she first performed in a professional production in ….. 2011. That was a late career start and this fill-in for a pregnant Mélisande in St.Louis turned out to be the starting point for a real catch-up. Winters was advised to audition for ENO and in 2013 she sang Violetta there in Konwitschny’s production of La traviata. There seem to have been quite a few casting directors and intendants in the premiere audience, including reportedly Sophie de Lint. Be that as it may, her performance attracted strong attention. Bachtrack wrote about it: ‘Corinne Winters was an outstanding Violetta, who proved capable of controlling the various aspects of vocal technique demanded by Verdi’s operatic tour de force.’ And on the Planet Hugill blog we read: ‘Winters is a lyric soprano, but one with the resources to not only sing La traviata without an interval but to take her through Act 3 with flying colours. She did everything asked of her and more, and was simply mesmerising. She has quite a bright voice, without excessive vibrato so that it was a beautifully clean expressive performance. I do hope that we hear her again soon in the UK.’



Winters with Michael Spyers in Benvenuto Cellinii in the ENO

The wait didn’t last too long: in 2014 Winters sang in that madcap production Terry Gilliam made of Berlioz’s Benvenuto Cellini. Bachtrack: ‘Corinne Winters, returning to the Coliseum after her spectacular debut as Violetta last season, wowed us once again as Teresa. Her Act I aria “Hearts full of love” was wonderfully sung, but the cabaletta which followed treated us to a cascade of coloratura, glittering with diamonds. Winters displayed bags of personality, including a knack for comedy.’

Interest in Winters was piqued among European casting directors and engagements at Opera Vlaanderen followed as Donna Anna and Desdemona, and then also the role she had already performed in America: Mélisande. A recording of that performance in Zurich has been released on DVD. Soon after, she made her debut at the Royal Opera House as a brilliant Fiordiligi in Cosi fan tutte, also released on DVD. From then on, she has definitely managed to add Europe and the very best opera houses to her field of activity.

Of course, there were also performances in the United States, including, in 2017, her role debut in Seattle as Katia in Janáček’s Katia Kabanova, which would become her signature role. A review said: ‘Maryland soprano Corinne Winters was vocally secure and dramatically intense, in the challenging role of Katya. Winters conveyed the soul-searing turmoil of a woman with deeply-held religious belief that extra-marital sexual thoughtsare mortal sins, yet who accedes to a liaison with Boris while her husband is away.’ ‘

© Opera Ballet Vlaanderen

My first meeting with Corinne Winters dates from 2019 when I saw her as Rachel in Halevy’s La Juive. It was a production by Konwitschny which I saw in Gent. I wrote about it:  ‘In the big scene with her rival Eudoxie, Rachel sings from the auditorium. This creates a literal rift between the two. Soprano Corinne Winters used the parterre row 6 and was immediately in front of me. She had a very big voice, never forced herself and was always in control, with her wonderful timbre and no trace of any vibrato. In the revealing scene her acting was also very strong, she was truly convincing the audience of her disbelieve and I got the impression that she was on the verge of berating Léopold in a very ranting Italian.’

La Juive:



Shortly afterwards came Halka and what immediately stands out in that production is her great range. She initially ‘was’ a mezzo and decided to make the transition to the soprano profession. But this has not come at the expense of the low register. Most of the time, as Halka, she is just a real mezzo who can also handle the heights effortlessly. And, what I find so important: she can sing very softly in all registers

I have never heard and seen her as Butterfly but I can hardly imagine her Cio-Cio-San cutting through the soul even more than Halka does. It is the most moving performance I know of her to date.


Meanwhile, we are back in that stellar year 2022 when I got to experience Corinne Winters as Giorgetta and Suor Angelica. This was a production of Il trittico at La Monnaie Brussels. Due to the Covid epidemic the premiere was sung by a colleague but fortunately I was in the audience for the last performance and she totally lived up to my expectations.


Those Puccini heroines were all role debuts and right after followed another: Jenufa in the opera of the same name. This was a production by Tatjana Gürbaca in Geneva, where Winters would return later in the year for Gürbaca’s Katia Kabanova. That it would become her signature role has been proven by now, especially after her debut as Katia at the Salzburg Festival where she was so very successful. We will surely see her there more often in the future, be it not in 202

Kat’a Kabanóva:

Jenufa:

:



The year ended with Les dialogues des Carmélites in Rome. She sang Blanche de la Force there in a production by Emma Dante, and with great success. Jenufa is scheduled for januari 2023 in Valencia but since she was already there she had to jump in last minute as Mimi in La Bohème at the end of December ’22. This lady is a real jack of all trades and although Katia has become her calling card, I hope that in the future she will give us many more performances of all the other roles in her repertoire: Yolanthe, Tatjana, Fiordiligi, Desdemona and so on.

Les dialogues des Carmélites;



When asked, she was able to tell on her fanpage that a DVD of Katia in Salzburg will probably be released in due course: ‘stay tuned’. That is something to look forward to and in the meantime, of course, there are those recordings with her Mélisande, Fiordiligi and Halka. Corinne Winters has made it all the way and that is worth some heartfelt congratulations.

Gürbaca’s Traviata is spijkerhard

TEKST: PETER FRANKEN

Tatjana Gürbaca is een begaafd regisseur die als geen ander haar visie op een opera tot uitdrukking weet te brengen. En na meerdere producties van haar gezien te hebben weet ik ook dat ze niet iemand is die ‘binnen de lijntjes kleurt’. Maar dat betekent geenszins dat ik die visie altijd in dank afneem en bij haar Traviata voor de Noorse Opera, hernomen voor DNO, is dat duidelijk het geval.

Gürbaca toont Violetta in de voorstelling die gisteren als matinee voor een uitgedund publiek in première ging als een vrouw die door zichzelf te verkopen een media persoonlijkheid is geworden in een tijd dat dit fenomeen zich nog grotendeels tot het roddelcircuit en de boulevardbladen beperkte. Niettemin ligt haar leven onder een vergrootglas en om dat aspect uit te lichten laat de regie het koor vrijwel permanent aanwezig zijn. Niet slechts waar het een voorgeschreven rol heeft zoals in de twee feestscènes, maar ook tijdens de meer intieme momenten. En het zijn beslist geen toeschouwers die zich onbetuigd laten, ze brengen hun eigen bedoening mee.

Gürbaca hanteert het koor als een ongetemde beestenboel om haar ‘stark seksualisierte’ visie op het hele gebeuren over het voetlicht te krijgen. Plat gezegd, het motto is ‘all you can fuck’. De kleinste aanleiding volstaat om elkaar uit te gaan kleden en natuurlijk ‘droog’ te neuken, immers ‘il y a des grenze’ zoals een oud-collega Frans placht op te merken als een leerling over de schreef dreigde te gaan.

MARK BIGGINS - conductor
Biggins © Anderas Grieger

Natuurlijk is Violetta gewoon een chique hoer zonder echt liefdesleven maar door een feestje en een orgie met elkaar te verwarren wordt dit aspect van haar leefomgeving wel erg fors aangezet en dat gaat ten koste van enige empathie die je voor de protagonisten zou kunnen ervaren. Overigens moet gezegd dat de wijze waarop het koor wordt geregisseerd en waarop het zich van zijn taak kwijt getuigt van enorm vakmanschap. Compliment voor de koorleden, hun dirigent Mark Biggins en vooral Gürbaca.

Gespeeld wordt op een kleine verhoging midden op het verder lege toneel. Het koor golft er grotendeels omheen wegens plaatsgebrek. In de laatste akte wordt twee derde van die verhoging weggehaald: Violetta’s leefomgeving is nu heel erg klein geworden en gelukkig betekent dat ook dat die voortdurende invasie van al die ‘clowns’ achterwege blijft. In haar doodsstrijd wordt de vrouw een beetje privacy gegund, maar vooral doordat niemand zich nog om haar lot bekommert. Ze is passé, haar ster is gedoofd. Dat werd al ruw ingewreven toen ze op Flora’s feest haar opwachting maakte met wat cadeautjes. Er werd ‘per ongeluk’ wijn over haar jurk gegooid, een taartje op haar uitgedrukt, geduwd en getrokken, uitgelachen. Ze was er vandoor gegaan als een verliefde tiener en had zodoende haar reputatie verpest, gewoon weer van onderop beginnen.

In de productie van Willy Decker valt Violetta ook vooral hoon ten deel in die scène maar hij laat iets aan de verbeelding van de toeschouwer over. Zo niet Tatjana Gürbaca, we krijgen alles uitgespeld. Zelfs als Germont zingt over zijn familie die Alfredo in de steek heeft gelaten krijgen we die lui te zien. Er wordt een eettafel met stoelen op de verhoging geplaatst en het gezinnetje zit aan de soep, compleet met de verloofde van Alfredo’s zusje, hier getoond als een wel heel jong kind.

Die kwam aan de hand van papa het toneel op waar het mannenkoor nieuwsgiering omheen dromt. Gelijk staat ze in het middelpunt en na enig crowdsurfing en aan- en uitkleden heeft zij Violetta’s kleren aan en loopt laatstgenoemde in een slecht vallend kinderjurkje. De mogelijke symboliek staat me zozeer tegen dat ik er niet verder op in ga.

En dan de zangers en de muziek. Die maakten heel veel goed deze middag. Opvallend was de invulling van Annina’s rol, vanaf het begin hoererend op het toneel aanwezig als cassière van haar madam die on the side wat bij verdiende. Ze was blij toen het uit was met Alfredo, een dweil van een vent die haar had beroofd van feestjes en extra inkomsten. En Inna Demenkova mocht aan het einde ook nog wat zingen. Flora kwam voor rekening van Maya Gour, met zo’n vriendin heb je geen vijanden meer nodig.

George Petean zong zijn Germont met veel overgave maar soms een tikje onzuiver. Hij kwam goed over als de man uit de provincie die in deze Parijse beestenboel niets te zoeken had.

Over de Alfredo van de Russische tenor Bogdan Volkov was ik beter te spreken, hij gaf werkelijk alles maar kon geen stempel op de gang van zaken drukken doordat hij zo nadrukkelijk werd getoond als outsider die geen moment serieus wordt genomen. En vermoedelijk ook niet echt door Violetta.

Gürbaca stelt dat Alfredo haar nieuwe project is, nu ze voelt niet lang meer te zullen leven probeert ze iets nieuws. Ze geeft zichzelf weg in plaats van zich te verkopen. Hij teert in zijn onnozelheid op haar kosten, als een gigolo.

Wat Alfredo aantrekkelijk maakte is dat hij als enige aandacht toont voor haar welbevinden, dat treft zelfs de meest geharde personen die al sinds jaar en dag in een gepantserde bubbel leven.

De Armeense sopraan Mané Galoyan bleek goed opgewassen tegen de eisen die de regie en de partituur aan haar stelden. Haar stem vertoonde in het begin nog een lichte schrilheid die gaandeweg geheel verdween. Ze is zeker in de hoogte hoewel ze in mijn beleving soms wel iets te sterk aanzette, temeer daar ze diezelfde noten een paar maten later gewoon ook heel zacht bleek te kunnen zingen. Met name in haar ‘Addio del passato’ was dit opvallend. Normaal gesproken is die scène en het daarop volgende verscheiden van de heldin een emotioneel moment. Dat heb ik deze keer volledig gemist, het liet me Siberisch. Maar dat lag zeker niet aan Galoyan, een groots optreden, heel mooi gedaan.

Andrea Battistoni leidde het goed spelende NedPho met groot enthousiasme, hoewel niet overal even subtiel. Zo werd het in elk geval in muzikaal opzicht een geslaagde middag.

Foto’s © Monika Rittershaus