Platée

Marcel Beekman schittert in Carsens Platée

TEKST: PETER FRANKEN

Platée is een werk van Jean Philippe Rameau (1683-1764) dat in première ging in op 31 maart 1745 bij gelegenheid van het huwelijk van de Franse Dauphin, de oudste zoon van Lodewijk XV, en de Spaanse Infanta Maria Theresa. Het was Rameau’s negende opera. Het populaire Les Indes galantes wordt tot zijn balletten gerekend. Hoe het ook zij, in die tijd lag de nadruk nog erg op dans in gezongen theaterstukken en dat is in Platée al niet anders. Een klein half uur van het werk dat ruim twee uur duurt komt voor rekening van balletten, een nachtmerrie voor hedendaagse regisseurs.

Platée bestaat uit een proloog en drie aktes. In de proloog zien we de zwaar beschonken toneelspeler Thespis die door zijn vrienden wordt uitgedaagd een komedie te schrijven waarin de tekortkomingen van mensen en goden op de hak wordt genomen. De inspiratie voor dit stuk is de legende waarin Jupiter probeert zijn vrouw Juno van haar jaloezie te genezen. Daarna ontrolt het verhaal zich.

De entourage van de oppergod bedenkt een plan waarin Jupiter zogenaamd een nieuw huwelijk aangaat met de nimf Platée. Deze weinig aantrekkelijke dame bewoont een moeras en is overtuigd van haar eigen schoonheid en aantrekkingskracht, wie kan er niet van haar houden? Tot op heden is ze in deze dagdroom blijven hangen zonder dat er daadwerkelijk een minnaar op de stoep is komen staan. En dan krijgt ze bericht dat niemand minder dan Jupiter haar uitverkoren heeft om te trouwen.

Juno wordt op een dwaalspoor gezet, haar man is zogenaamd weer op vrijersvoeten in Athene. Zodoende kunnen Jupiter en zijn nieuwe liefde elkaar ongestoord ontmoeten.

Als het huwelijk bijna voltrokken is staat Juno op de stoep om haar plaats op te eisen. Maar als ze ziet met wat voor een type Jupiter zogenaamd ging trouwen barst ze uit in een schaterlach. Ze begrijpt dat het maar een farce was, bedoeld om haar duidelijk te maken dat het zo’n vaart niet loopt met Jupiters ontrouw. De echtelieden keren snel terug naar de Olympus en Platée duikt vernederd onder in haar moeras.

Het werk is feitelijk een hybride van een opera, ballet en revue waarin specifieke typetjes mogen opdraven. Robert Carsen heeft dat laatste duidelijk als uitgangspunt genomen in zijn productie voor Theater an der Wien. Een opname van een voorstelling zonder publiek uit 2020 is uitgebracht op dvd.

Carsen heeft zijn Platée gesitueerd in de wereld van de haute couture, met veel glitter en glamour, fraaie creaties en paparazzi. Jupiter wordt ten tonele gevoerd als Karl Lagerfeld en met enige fantasie kunnen in Juno zijn tegenhanger Coco Chanel herkennen.

Platée is een travestierol, een kolfje naar de hand van Marcel Beekman die hiervan zijn specialisme heeft gemaakt. Zijn typering doet denken aan een personage uit de Britse tv serie Little Britain maar heeft onvermijdelijk ook wel wat weg van Dame Edna. De belangrijkste vrouwelijke hoofdrol is weggelegd voor La Folie, vertolkt door de sopraan Jeanine De Bique die in verschillende creaties opkomt waaronder natuurlijk ook Lady Gaga, kan niet missen.

Plaats van handeling in de eerste akte is een chic restaurant waar Platée als cliënte van een wellness salon wordt binnengebracht voor een manicure. Volledig overtuigd van haar eigen schoonheid valt ze iedereen lastig met haar avances. En in dat idee lijkt ze bevestigd te worden door Jupiter.

In de volgende aktes zien we een trap waarlangs Jupiter afdaalt en beneden een catwalk met tribunes aan weerszijden. Het is er voortdurend een drukte van belang. Met koor, dansers en figuranten is het zo nu en dan echt dringen geblazen.

Jupiter knijpt er even onopvallend tussenuit met een jonge meid voor een vluggertje in de bezemkast terwijl Platée zich volop loopt te verheugen in de belangstelling van de gasten. Ze voelt zich bewonderd en heeft geen vermoeden dat het slechts een spel is ten koste van haarzelf.

Beekman is helemaal in zijn element als de narcistische in een schijnwereld levende Platée die even de tijd van haar leven heeft. Hoeveel personen er ook op het toneel rond lopen, hij weet toch steeds alle aandacht op zich gericht te houden. Vooral door zijn spel, zijn zang is een ander verhaal aangezien hij niet zingt als een tenor maar als iemand die een vrouwenstem imiteert op een manier dat het nadrukkelijk klinkt als imitatie.

We moeten er lang op wachten maar als La Folie ten tonele verschijnt is er ook voor de reguliere operaliefhebber veel te genieten. Prachtig optreden van De Bique.

Het verhaal is klassiek maar de enscenering en dus ook de kostuums zijn eigentijds. Die lijn is doorgetrokken naar het ballet dat een schoolvoorbeeld is van moderne dans. De muziek is en blijft natuurlijk vroege barok en valt ruwweg uiteen in twee delen. Relatief onopvallende sterk herhalende begeleiding in de dialogen en zangstukken onderbroken door wervelende tussenspelen. Is men klaar met praten dan wordt er even gewerveld, tot vervelens toe mag ik wel zeggen.

Natuurlijk wordt het allemaal uitstekend gebracht door Les Arts Florissants onder leiding van William Christie, maar erg boeiend wordt het nooit. Gelukkig heeft Carsen alles uit de kast gehaald om er een leuk schouwspel van te maken en vooral dankzij Beekman is dat goed gelukt.

Foto’s
Monika Rittershaus/Theater an der Wien
Werner Kmetitsch

interview met Marcel Beekman:
Marcel Beekman: als karaktertenor kan ik de hele wereld veroveren!

Marcel Beekman: as a character tenor I am able to conquer the world!

MARCEL BEEKMAN - photo © Sarah Wijzenbeek

Marcel Beekman © Sarah Wijzenbeek

Marcel Beekman flies around the world to perform, as far as the Middle East. The tenor cannot be praised enough. We knew (or should have known!) for a long time that he is an all-rounder in his profession. His voice seems to know no boundaries and sometimes climbs esoterically high, but with a spectrum of colours. He doesn’t only feel the music, he sometimes seems to be connected to it in a compelling way.

Beekman calliope-tsoupaki-ruud-jonkers-02

Calliope Tsoupaki © Ruud Jonkers

According to Calliope Tsoupaki, the new Composer Laureate of the Netherlands, he is the best Dutch tenor. And she should know, because he has sung in many of her compositions. She composed the 1-minute opera Vesuvius 1927 for him, based on the text of P.F. Thomése, which had its premiere on the Dutch TV show ‘De Wereld Draait Door’:

But he also sang in her famous St. Luke’s Passion and saved the performance of her Greek Love Songs, performed at the Holland Festival in 2010. In June 2014 he also appeared in her opera Oedipus

Beekman oidc3adpous-calliope-tsoupaki-foto-janiek-dam

© Janiek Dam

And now she is composing a big new work for him – and for the countertenor Maarten Engeltjes. In addition to the singers, an instrumental ensemble, PRJCT, Maarten Engeltjes’ own ensemble, is also taking part. This work will have its premiere at November Music 2019 and may be programmed in other cities as well.

Other Dutch composers such as Jeff Hamburg, Elmert Schönberger and Martijn Padding (to name but a few) have written compositions with his voice in mind as well.

THE BEGINNING

The first time we met five years ago in his beautiful house in the Blaeu Erf, a kind of courtyard in a side street of the exceedingly busy Gravenstraat, right behind the Nieuwe Kerk. It is an oasis of peace, where hardly any sounds penetrate. We had tea (his secret mixture, which tasted very good to me) and talked about his early years, the discovery of opera and his many foreign performances, which even brought him to countries in the Middle East.

“I come from a provincial town and studied at a small conservatory, which meant that I was actually destined to become an oratorio singer. Or a teacher. At that time, no one thought of opera, not even I did. That only came when I was asked to do the opera/musical Jona de Neezegger by Willem Breuker. It came as a bit of a shock and I started to develop a taste for it. I wanted more!”

bEEKMAN JOna

In Jona de Neezeger © Pieter Boersma

You sing both old and new music. Did you consciously choose to do that or did it happen that way?

“I am indeed fluttering between the old and the modern. I’m pragmatic and communicative and I find it particularly exciting to work on a new score. The aspect of the new is like creating a new prism. You are not only a performing medium, but also a bit of a creative artist. It’s also nice to be able to talk to the composer, and yes – they also want to listen to you and change the notes. Sometimes I ask for extra high notes, they laugh about that, they like it.”

“I don’t mind being a kind of ‘tool’ in the hands of a composer, so if I’m required to be non-vibrato then I will. And I have to honestly say that sometimes I find it very beautiful, it has something pure, something natural.”

DIRECTORS

“Let me start with a cliché: rehearsals can be very different. The real eye-opener for me was Salome under Simon Rattle at the Salzburg Osterfestspiele. Rattle wanted us to come to Berlin first to read the score. That worked really well, because most of the time you hear the orchestral sound for the first time when the first ‘sitzprobe’ comes. A revelation.

I used to like Stuttgart, especially working with Jossi Wieler and Sergio Morabito. They are friendly, everything is done with mutual agreement and the atmosphere is pleasant. And – most important of all – they are so very respectful. Not only does that make things pleasant, but it also makes you open up. When you are treated like this, your heart opens and you want to do everything for them. The other way around, your door closes, and then you shut down. Of course you cooperate, you have to open up, otherwise you might as well sit behind the cash register at Lidl.”

Marcel Beekman WOZZECK

As Hauptmann in Wozzeck at DNO © Ruth Waltz

In the 2016/17 season we were able to admire Beekman in two major productions at the National Opera in Amsterdam: Wozzeck by Alban Berg and Salome by Richard Strauss. Especially Wozzeck, in which he sang both the Hauptmannn and the Narr, was very important for the tenor in that season, the recording of that production was recently released by Naxos (21110582).

SALZBURG 2019

Beekman BarrieKosky

Barrie Kosky © Gunnar Geller

Today, Beekman is one of the most famous and sought-after character tenors in the world, with a busy schedule. His 2019/2020 season has just been revealed and it’s indeed full He mentions the most important productions:

“In 2019 I will sing Pluton (Orphée aux Enfers by Jacques Offenbach) in Salzburg, in the new production of Barrie Kosky, the Australian director who is best known for his work at the Comic Oper in Berlin. The premiere will be on August 14th during the Salzburger Festspiele. Enrique Mazzola conducts the Vienna Philharmonic and as colleagues I get a.o. Kathryn Lewek (Euridice), Joel Prieto (Orfeo) and Anne Sophie von Otter (L’Opinion Publique). I’m really looking forward to that. I’ve never worked with Kosky before but I really admire his work. And then the idea that there will be an operetta in Salzburg! And of course Pluton is a real role for me.”

Beekman Pluto

Lustspiel in Luxus-Ausstattung: Marcel Beekman als Pluto (links) mit Martin Winkler. © apa/Neumayr/Leo

“German composer Christian Jost is currently writing the opera Voyage vers l’Espoir in which I will perform several roles. The premiere will take place at the end of March 2020 at the Grand Théâtre de Genève”.

Beekmanjost-christian

Christian Jost © Dutch Philharmonic Orchestra\\

In 2019, Les Arts Florissants celebrates its 40th anniversary: the reason for William Christie to program a grand international festive tour in December 2019. The programme includes works by Lully and Rameau, among others, and in addition to Beekman, several soloists, including Sandrine Piau and Christophe Dumaux, will be present.

BeekmN Platee-in-Paris-I-2014-Vincent-Pontet

Marcel Beekman as Platée in Paris © Vincent Pontet

Rameau’s Platée, directed by Carsen, one of Beekman’s biggest roles, will be performed in three different countries in December 2020. Unfortunately, the Netherlands is not one of them. His other starring role, Nutrice (L’Incoronazione di Poppea by Monteverdi from Salzburg 2018) has fortunately been recorded for DVD and will be released by Harmonia Mundi in September 2019.

Marcel Beekman L'INCORONAZIONE DI POPPEA

Marcel Beekman as Nutrice © Andreas Schaa

His schedule also mentions many separate projects, including a tour with Israel Camerata in June 2019 with the 1940 Cantata for Shabbath by the Israeli composer Mordechai Seter (1916-1994).

Beekman M_Seter

Mordechai Seter

Beekman: “I look forward to that. I love that country and every time I’m there, there’s a bit of recognition”. “I’m looking into my past. It is not for nothing that I feel so at home in Israel. The Jewish, that appeals to me. Is there anything in the past? There was once a Beckman, with a “c”… But does it matter? Not really. I feel involved with minorities”.

“I’ve refocused my accents and changed my priorities, adjusted them. That included selling Blaeu Erf. I don’t care about the money, I sold the house to live, to enjoy. I don’t have a partner and do I want one? I don’t know, but I am happy this way: my life is on the right track and it brings me what I love most: music, art, life! It took me a while to find my way, but as a character tenor I am able to conquer the world!

For the complete schedule of Marcel Beekman see his  website.

Translated with www.DeepL.com/Translator

Interview in Dutch: Marcel Beekman: als karaktertenor kan ik de hele wereld veroveren!