MICHAEL FABIANO

Fabiano

Foto: Arielle Doneson

Dat Michael Fabiano het ging maken stond voor mij onomstotelijk vast. Al vanaf de allereerste keer dat ik hem zag en hoorde – in de aan te bevelen documentaire The Audition, over de laatste ronden van de National Council Auditions van de Metropolitan Opera – wist ik het: daar staat de winnaar.

De concurrentie was dat jaar (2007) buitengewoon sterk, met onder de finalisten (o.a.) Jamie Burton, Angela Meade en Alek Shrader. En de zeer betreurde Ryan Smith, maar dat is een ander verhaal.

Om daar tussen op te vallen moest je echt bijzonder zijn en dat was Michael Fabiano zeer zeker. De, met een hemelse stem begenadigde jonge tenor (toen nog maar 22!) uit Montclair, New Jersey die zo verbeten de strijd met al zijn concurrenten aanging, toonde zich niet alleen buitengewoon getalenteerd, maar in zijn zelfverzekerde houding en verbeten drang om te winnen ook een strijder, een doorzetter.

trailer van The Audition

Fabiano was zich ervan bewust dat hij een stem had en was ervan overtuigd dat hij daarmee een carrière als ‘stertenor’ tegemoet ging. Bij veel mensen kwam hij als arrogant over, maar ik mocht het wel: hij was volkomen zichzelf. En eerlijk:
“There is always politics in every competition. Although the camaraderie among the finalists has been very nice, I don’t quite believe it. People are self-interested and want to win”.

Ik ontmoette de inmiddels wereldberoemde bijna dertiger in mei 2014 in Amsterdam, waar hij aan repeteren was voor Faust van Gounod.

Fabiano Amsterdam

Fabiano in Amsterdam. Foto: Lieneke Effern

Vóór wij aan een lang en boeiend gesprek beginnen wil ik van hem weten of hij nog steeds achter zijn uitspraak staat

“Ja. Je doet aan concoursen mee om te winnen en als je iets anders zegt dan ben je hypocriet, vind ik. De concoursen en de competities zijn belangrijk, soms hangt je hele carrière daar van af, hoe kan je er dan onverschillig over doen?

De wereld is niet perfect, maar dat betekent niet dat je je er ook bij neer moet leggen. Je moet vechten voor wat belangrijk voor je is, voor je idealen, waar je voor staat. Dus ook voor je ontwikkeling en voor je carrière, ja.”

“Als kind al hield ik niet van popmuziek en sport, op baseball na, was ook niet aan mij besteed. Ik hield van Tsjaikovski en Dvořak. Toen ik zijn negende symfonie voor het eerst hoorde ging voor mij een – inderdaad – nieuwe wereld open.
Vanaf mijn vijfde had ik pianolessen. Ik was er niet zo goed in, maar mijn moeder stond er op dat ik ermee doorging. Toen ik er toch mee stopte begon er iets te knagen, ik miste muziek in mijn leven. Vanaf het moment dat mijn stem werd ontdekt ben ik er helemaal voor gegaan. Ik ben zeer ambitieus, ik geloofde in mijn stem en in mijn talent en daar ging ik voor knokken. Ik wist dat ik het kon, maar ook dat veel van mijzelf afhing, ik studeerde dan ook veel en lang”.

CHURCHILL

“Ik ben extreem geïnteresseerd in politiek en geschiedenis, voornamelijk in Tweede Wereldoorlog. Het is voor mij van wezenlijk belang om daar zo veel mogelijk over te weten te komen en daar iets mee te doen, met de kennis die ik heb opgedaan.
Churchill is mijn held. Ken je zijn uitspraak over de korten op de kunst? “Korten op de Kunst? Then what we were fighting for?” Ik vind dat wij er diep over moeten nadenken.
Het is ook mijn grootste nachtmerrie, dat het opeens minder wordt, dat de kunst gaat verdwijnen, dat er geen geld meer voor is. En dat er steeds minder mensen in geïnteresseerd zullen zijn.
Je mag weten dat ik best bang ben voor de toekomst. Steeds meer jonge mensen brengen hun tijd door met domme films en spelletjes, alles gepaard met veel lawaai, want hoe harder hoe beter. Zelfs een show van Lady Gaga mag niet al te lang duren want ze zijn gauw verveeld.”

“Ik bereid mij altijd grondig voor, ik lees veel, ook de achtergronden, de uitvoeringspraktijk. Ik ga altijd uit van de muziek. Bij Italiaanse opera’s is dat geen probleem; die taal ken ik goed. Met andere talen, zoals het Frans, werkt het anders. Dan begin ik met mijn taalcoach, ik moet de tekst echt goed onder de knie hebben. En, voor zover mogelijk, accentloos. En dan komt de regie en het acteren”

Ondanks Fabiano’s voorkeur voor een gedegen voorbereiding, vindt hij de repetitieperiode in Amsterdam wel erg lang. “Ik ben hier al zeven weken en dat vind ik eigenlijk te lang. Een nieuwe productie is goed te doen in vijf weken repetitietijd en voor een herneming vind ik drie weken voldoende. Meer is gewoon tijdverspilling. Zeker nu, met de crisis en al de bezuinigingen.”

FAUST

Irina Lungu (Marguerite), Michael Fabiano (Le docteur Faust)

Irina Lungu (Marguerite), Michael Fabiano (Le docteur Faust)

De rol van Faust in de gelijknamige opera van Gounod is voor hem nieuw. Het is een uitdaging. Vanwege de taal, maar ook de rol zelf is niet de makkelijkste die er bestaat, zeker niet voor iemand die nog zo jong is. Toch durfde Fabiano het aan om tijdens de repetities in discussie te gaan met regisseur Àlex Ollé van La Fura Dels Bauls.

 trailer uit Amsterdam:

“Zijn visie was de mijne niet. Naar mijn mening strookte het niet met de opera, zeker wat het einde betreft. Gounod was een diep gelovige man en hij wilde dat Marguerite gered zou worden, zij hoort te zijn vergeven en in de hemel te worden opgenomen. De regisseur had een andere visie en daar moest ik mij naar schikken, ik ben tenslotte maar een doorgeefluik. Ik ben een artiest en het is mijn beroep om te doen wat van mij wordt verlangd. Maar het is beslist niet zo, dat ik de productie niet goed vind, ik had het alleen graag anders gezien.”

Fabiano Faust

Slot applaus. Foto: Lienneke Effern

 “Ik denk dat de regisseurs moeten leren accepteren dat wij, zangers, geen domme wezens zijn, dat ook wij boeken lezen en onze eigen ideeën hebben. Wij zijn creatieve wezens en ik voel het als mijn plicht om het uit te leggen. Gelukkig is het nog nooit zo ver gekomen dat ik met iemand weigerde te werken, hopelijk komt het ook nooit zo ver.

Ooit hebben wij een gouden tijdperk voor zangers gehad, nu is het aan de regisseurs. Het houdt ooit op, want het is volstrekt idioot om van mensen te verwachten dat ze eerst een dik boek van 100 pagina’s moeten gaan lezen om überhaupt iets te kunnen begrijpen. Mensen moeten gewoon ergens naar toe kunnen gaan om zich te laven aan mooie muziek en beelden. Ze werken hard, ze zijn moe, ze hebben hun avondje uit hard nodig.”

Michael Fabiano zingt “Tutto parea sorridere…Si, de’corsari il fulmine” uit Il Corsaro van Verdi:

 Op Fabiano’s repertoire staan ook minder voor de hand liggende werken, zoals Vanessa van Barber, La Fiamma van Respighi, Cyrano de Bergerac van Alfano en The Dream of Gerontius. En ook An die ferne Geliebte van Beethoven.

 Fabiano als Poliuto in Glyndenbourne 2015

 “Ik ben zeer geïnteresseerd in rollen die buiten het standaardrepertoire vallen. Ik wil altijd meer, ik houd van ontdekken.

Ik studeer veel, het is voor mij een intellectueel proces. Een nieuwe rol instuderen voelt voor mij als bidden in de kerk. Ik ben een praktiserend katholiek en ik geloof dat alles zin heeft, dat niets zo maar gebeurt, dat het allemaal Gods wil is. Ik sta voor alles open, maar ik wil niet mijn energie overal in steken, mijn energie is voor mij te belangrijk.

Ik heb van God een gift ontvangen en het is mijn plicht om het door te geven. Mensen komen naar het theater om iets te beleven en ik kan ze daarmee helpen. Het is dus mijn plicht om het zo goed mogelijk te doen`.

 

English translation of the interview:
MICHAEL FABIANO: interview (English)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s