Alfonso_und_Estrella

Schuberts Alfonso und Estrella uit Cagliari, interessante rariteit

Tekst : Peter Franken

Franz Schubert (1797-1828) staat vooral bekend om zijn liederen en symfonieën. Hij heeft echter ook de nodige werken voor het theater geschreven, veelal Singspiele en een klein aantal opera’s. Geen van allen brachten ze de componist het succes waar hij zo hoopte, vooral om een reputatie te vestigen als operacomponist.

Playbill Weimar 1854, conductor Liszt

Het Teatro Lirico Cagliari kwam in 2004 met een uitvoering van zijn meest geslaagde werk: Alfonso und Estrella uit 1822. Een opname is door Dynamic op dvd uitgebracht. Het werk volgde zeer kort na Webers Der Freischütz maar werd genegeerd. De première vond pas in 1854 plaats in Weimar door toedoen van Liszt.

Het libretto van Franz von Schober gaat uit van een simpel verhaal. Koning Froila van Léon leeft al vele jaren in ballingschap in een vallei die door bergen van zijn vroegere rijk wordt afgeschermd. De usurpator Mauregato heeft het te druk met onder de duim krijgen van de Moren om zich te bekommeren om die zonderling daar achter de bergen.

Na weer een succesvolle campagne begaat Mauregato de klassieke vergissing zijn legeraanvoerder een wens te laten doen die op voorhand zal worden ingewilligd. Generaal Adolfo vraagt om de hand van zijn dochter Estrella die hem echter absoluut niet accepteert. Uit wraak komt Adolfo in opstand: als hij zelf koning is krijgt hij Estrella er gratis bij. Dat meisje is al eens verdwaald na een jachtpartij en toevallig is ze Alonso tegen het lijf gelopen, de zoon van Froila. Liefde op het eerste gezicht. Vanwege Estrella komt Alfonso de troepen van Mauregato te hulp als die dreigen te verliezen van Adolfo. Hij neemt deze veldheer persoonlijk gevangen als die Estrella bedreigt om zijn zin te krijgen. Mauregato denkt zich verslagen en geeft het op: hij laat zijn gestolen rijk weer aan Froila en zo krijgt het verhaaltje een happy end.

Bij het horen van de ouverture moest ik direct aan Schuberts symfonische muziek denken. Bepaalde wat opgewonden klimmende passages herinnerden me onwillekeurig aan Fidelio. De koormuziek is erg fraai maar doet weinig meer dan de handeling ophouden. Dat geldt ook voor veel van de aria’s. Ze klinken eerder als opgerekte liederen waar Schubert natuurlijk zijn faam aan te danken heeft dan als onderdelen van een theaterstuk.

Teatro Lirico Cagliari heeft wel een behoorlijke gok genomen met deze productie. Ik kan me niet voorstellen dat er in andere theaters veel publiek op af zou komen maar daar op Sardinië houdt men kennelijk wel van een rariteit zo nu en dan. En Dynamic is er altijd bij om dat vast te leggen.

Het speelvlak is heel opvallend. Het bestaat uit decorstukken die de vorm hebben van muziekinstrumenten, voornamelijk celli en bassen. Maar hier en daar zien we ook een trede of een plint in de vorm van een toetsenbord. Verder staan er muziekstandaards waarop een solist zogenaamd kijkt tijdens het zingen. Als de camera inzoomt blijkt er gewoon een prentenboek op te staan. Het toneel verandert niet per scène of akte, alles speelt zich daar af.

Variaties in de handeling worden uitgebeeld door op het achtertoneel marionetten op een lopende band langs te sturen. Ze zijn op normale grootte en gekleed als de personen die ze uitbeelden. Omdat ze worden bediend door in het donker gehulde toneelknechten kan men zich afvragen of het niet eenvoudiger was geweest daar normale levende figuranten voor in te zetten. Regisseur Luva Ronconi en Margherita Palli die verantwoordelijk was voor de algehele aankleding zullen daar wel hun redenen voor hebben gehad.

Wat de voorstelling muzikaal de moeite waard maakt is vooral de topcast die men bijeen heeft gebracht. Eva Mei excelleert als de koningsdochter Estrella, de enige grote rol voor een vrouw. Tenor Rainer Trost vertolkt de rol van de koningszoon Alfonso die nu eindelijk die benauwde vallei eens uit wil. Bariton Markus Werba als Froila heeft dat verboden om tenminste nog een plekje voor zichzelf te hebben. Leven en laten leven is zijn motto t.a.v. Mauregato.

Het duet van Alfonso en Froila zet de toon waar het Schuberts benadering van theatermuziek betreft. Het klinkt prachtig allemaal maar de handeling komt er geen millimeter mee vooruit. Mauregato komt voor rekening van bariton Jochen Schmechenbecher. Generaal Adolfo wordt ten tonele gevoerd door de bas Alfred Muff.

Koor en orkest van Teatro Lirico Cagliari staan onder leiding van Gérard Korsten.

De complete opera is hier te vinden:

https://www.operaonvideo.com/alfonso-und-estrella-cagliari-2004-mei/

P.s. (BJ) in 1978 is de opera onder Suitner opgenomen met een all star cast: Edith Mathis, Hermann Prey, Dietrich Fischer-Dieskau, Peter Schreie en Theo Adams:

P.s. 2: en vergeet Fierrabras niet, mijns inziens (BJ) een meesterwerk

Opname onder Claudio Abbado, niet te missen!:

https://www.operaonvideo.com/fierrabras-vienna1983-abbado/

Schubert’s Alfonso und Estrella: what a surprise!

Het begon met Paganini… Dynamic viert zijn veertigste verjaardag

Dynamic

 

 

De ontstaansgeschiedenis van Dynamic laat zich lezen als een echt sprookje. Het label werd dit jaar precies veertig jaar geleden opgericht door Pietro Mosetti Casaretto (1925-2012), een vioolspelende chirurg met een enorme passie voor klassieke muziek. Aanvankelijk werden er alleen kamermuziekwerken opgenomen, allen uitgevoerd door de vele vrienden (waaronder Salvatore Accardo en Bruno Cannino) van de oprichter.

Mosetti Casaretto, een oprechte aanbidder van vioolmuziek in het algemeen en die van Paganini in het bijzonder, stelde zich als doel Paganini’s volledige oeuvre op te nemen, wat hem min of meer lukte. De catalogus vermeldt 35 Paganini-titels, waarvan vele uitgevoerd op de beroemde viool van de componist/virtuoos.

In 1996 kwam er echter een ommezwaai: Dynamic tekende een samenwerkingscontract met het operafestival in Martina Franca. Met live-opnamen van rare en onbekende opera’s en van minder bekende versies van bijvoorbeeld Macbeth en Lucia di Lammermoor werd Dynamic al snel geliefd onder de operaliefhebbers.

 

 

 

Tegenwoordig wordt er ook met andere (kleine) Italiaanse operahuizen samengewerkt, zoals Teatro La Fenice (Venetië), Teatro Lirico di Cagliari en Teatro Regio di Parma. De firma richtte zich aanvankelijk voornamelijk op dvd’s, tegenwoordig worden alle titels zowel op dv dals cd aangeboden

Met een paar verschillende titels, door mezelf voornamelijk om hun hoge rariteitsgehalte uitgekozen, nestelde ik me op de bank: het feest kon beginnen. Wat me meteen opviel, was dat de meeste van de opera’s door Pier Luigi Pizzi werden geregisseerd. Toeval?

 

Dynamic Pizzi

Pier Luigi Pizzi © Studio Amati Bacciardi

 

 

Volgens Stefano Olcese (productie supervisor) was het aanvankelijk inderdaad pure toeval geweest. “Maar”, voegt hij er aan toe, “Pizzi was zo ontzettend enthousiast over wat we deden, dat hij ons voortaan er bij wilde hebben als hij weer een opera regisseerde”. Vandaar.

Zo gezegd begin ik gelijk maar met twee Pizzi-opera’s – producties waarvoor hij ook de kostuums en decors heeft ontworpen.

 

 

Les Pêcheurs de Perles (Bizet)

 

Dynamic parelvissers

 

 

Het is een productie met erg veel ballet, en dat stoort me zeer. Wanneer er nóg een danser door het beroemde duet heen zweeft en zo de zingende heren aan mijn oog onttrekt, wil ik het opgeven en ga een boek lezen.

Toch laat het me niet met rust en ga ik weer kijken. Spijt krijg ik er niet van, al valt het me nog steeds zwaar om door te zetten. De schuld ligt hoofdzakelijk (op het ballet na dan) bij de tenor: Yasu Nakajima is voornamelijk nietszeggend en oppervlakkig. Jammer.

Maar Annick Massis is een werkelijk betoverende Léïla. Alleen had ik in haar plaats toch voor de bariton (goede Luca Grassi) gekozen. Al met al: mits u geen hekel hebt aan ballet is het een redelijke opname van die opera op de dvd.

Hieronder Annick Massis én Yasu Nakajima in ‘O Dieu Brama!

 

 

 

 

Hans Heiling (Marschner)

 

Dynamic Hans Heiling

 

 

Ietwat aarzelend begon ik aan Hans Heiling. Nooit, maar dan ook nooit heb ik het gehoord, laat staan gezien. Van Marschner kende ik alleen Les Vampyrs. Bovendien: na al dat gedoe met ballet in Les Pêcheurs de Perles vrees ik het ergste. Nou, dat was een verrassing! Pizzi herkende ik onmiddellijk: zijn voorliefde voor de kleur (voornamelijk rood in al zijn schakeringen), overdaad en lijfelijkheid is ook hier evident, maar het werkt alleen positief.

Hans Heiling  (Jan Svatos in het Tsjechisch) was een legendarische koning der geesten, zijn naam komt veelvuldig in Tsjechische en Duitse sagen voor. Hij wordt verliefd op een aards meisje en zweert zijn toverkracht af  om met haar te kunnen trouwen.

Zij is echter verliefd op een gewone jongen en wijst hem af. Gedesillusioneerd (alleen een mens kan het geluk op aarde beproeven) keert Heiling terug naar zijn ondergrondse koninkrijk. Een mannelijke equivalent van Rusalka, maar dan zonder het tragische einde.

Er wordt waanzinnig goed gezongen en geacteerd, er is niet één zwakke rol tussen. Van Anna Caterina Antonacci wist ik al hoe formidabel ze kan zijn, maar de (ook voor het oog) bijzonder aantrekkelijke Markus Werba is een ware ontdekking. Bijzonder spannend en oogverblindend. Aanbevolen.

Hieronder een fragment van de productie:

 

 

Alfonso und Estrella (Schubert)

 

Dynamic Schubert

 

Alweer een verrassing! Prachtig vind ik het: een romantisch sprookje over een oude koning, die door zijn rivaal van de troon wordt gestoten, en over zijn zoon die verliefd wordt op de dochter van zijn vaders rivaal.

Na wat verwikkelingen (er is ook een echte slechterik) komt alles goed: Alfonso en Estrella gaan trouwen en de oude koning krijgt zijn troon terug, die hij dan prompt ten gunste van het jonge paar afstaat. En er is ook een moraal: een echt groot man vergeeft zijn vijanden.

De muziek is zeer fraai. Nee, het is geen meesterwerk, maar toch … het is onmiskenbaar Schubert. Er zitten een paar waanzinnig mooie ballades tussen: een lied van Froila over het wolkenmeisje, bijvoorbeeld. Of een hartroerende ‘Wo ist sie’ van Mauregato, die denkt zijn dochter te zijn kwijtgeraakt.

Er wordt buitengewoon goed gespeeld en gezongen door Eva Mei, Rainer Trost, Alfred Muff, Markus Werba en Jochen Schmeckenbacher en ook de enscenering (regie: Luca Ronconi) vind ik goed geslaagd. In een decor van uitsluitend snaarinstrumenten wordt de opera tweedimensionaal gespeeld: op de bühne en op het verhooginkje daarachter, waar de poppen de scènes naspelen.

In de eerste acte zijn de zangers gestoken in avondkleding (een suggestie in de richting van een liedrecital?), in de tweede en derde dragen ze de tijd- en plaatsgebonden kostuums (Spanje in de achttiende eeuw).

Het stuk werd, net als Hans Heiling, in 2004 in Cagliari opgevoerd, een operahuis dat niet bang is voor het onbekend repertoire.

 

 

Meer Dynamic (een seletie):

 

Il Matrimonio segreto, een enigszins in de vergetelheid geraakt niemendalletje
LALO: LE ROIS D’YS
GIOVANNI BOTTESINI: Requiem