Otto_Tausk

Van socialiteit tot schandaal en van polaroid tot opera

Tekst: Sander Boonstra

Wanneer is het nog artistiek verantwoord en wanneer is het ordinair; wanneer balanceer je op de grens en wanneer ga je er (roemloos) overheen; hoelang blijf je kijken en wanneer kijk je weg; wanneer geef je toe dat het genoeg is geweest? Enkele vragen die gisteren bij mij naar boven zijn gerezen na het zien van Powder her face van Thomas Adès, de nieuwste productie van de Nederlandse Reisopera die vorige week in Enschede in première ging.

De “‘pijp-aria’

De 24-jarige veelbelovende componist Thomas Adès heeft een opdracht van het Almeida Theatre in Londen op zak en op zoek naar een onderwerp voor zijn opera, oppert zijn goede vriend en beoogd librettist Philip Hensher: “Wat dacht je van een pijp-aria?”.

      Margaret Campbell

Hij refereert daarmee naar het veelbewogen leven van de in 1993 overleden Margaret Campbell, ook wel bekend als de Duchess of Argyll of “the Dirty Duchess”: door haar eigen man beschuldigd van overspel met meer dan 88 mannen (niet dat de hertog roomser dan de paus was…) en waar tijdens de rechtszaak enkele polaroids getoond werden die het nodige stof deden opwaaien. Vooral die ene met “de man zonder hoofd”…

Openingsbeeld Powder her face ©Sander Boonstra

De première van Powder her face op 1 juli 1995 deed ook genoeg stof opwaaien. Mensen stonden in de rij om nog een kaartje te bemachtigen, terwijl de avond al lang en breed uitverkocht was. Op voorhand werd er al schande van gesproken, dat iemand van adel op een dergelijke manier in de kijker werd gezet, maar het vergrootte de aandacht voor Adès’ werk alleen maar. De twee-akter werd prima ontvangen; wat het publiek vooral onthield was de muzikale weergave van de orale bevrediging van de piccolo door de hertogin…

Of de Nederlandse première van Powder her face door de Reisopera net zoveel stof heeft doen opwaaien als dertig jaar geleden, weet ik niet. Maar ik durf wel te zeggen: ga er heen zolang het nog kan. De muziek van Adès is fantastisch en de regie van Paul Carr (samen met decor- en kostuumontwerper Dominique Wiesbauer) is treffend, sexy en geil, maar zonder zijn doel voorbij te schieten. De vierde scène in het hotel, waar de Duchess in bad een telefoongesprek voert (uhuh…) en de piccolo rijkelijk “getipt” wordt, laat niets aan de verbeelding over, maar is niet over the top. Carr prikkelt de toeschouwer, prikt subtiel waar het kan, maar blijft ethisch. Over de gehele linie is deze productie mijns inziens artistiek verantwoord en blijft hij dichtbij het libretto. Wat mij betreft had hij zelfs nog wel een stapje verder gemogen.

Phion, Orkest van Gelderland en Overijssel levert een 15-koppig ensemble dat zich onder leiding van dirigent Otto Tausk met verve door de lastige partituur van Adès speelt. Ze zijn de diverse stijlen en kleuren machtig en laten daarmee zien dat ze van alle markten thuis zijn. Vanaf de eerste tot en met de laatste noot pakken ze je en staan ze volledig in dienst van de zangers en wat er op het toneel gebeurt.

Slechts vier zangers zingen en spelen in totaal achttien rollen, ga er maar aan staan… Aangevoerd door Laura Bohn als de Duchess (in het libretto Mrs. Freeling genoemd) zetten ze de acht scènes neer en nemen ze het publiek mee in de hoogtepunten (of dieptepunten) die het roerige leven van de Duchess of Argyll schetsen.


Bohn speelt de Duchess ingetogen, laat als haar karakter niet het achterste van haar tong zien. Qua zang weet ze hoe ze de partij aan moet vliegen, maar ze had wat mij betreft wat meer mogen geven in haar spel, nu is het over de gehele linie wat mat en tam. John Savournin moet als (onder andere) de hertog en hotelmanager een groot bereik hebben. En dat heeft ie.


Maar de twee zangers die er voor mij bovenuit springen zijn Alison Scherzer en Daniel Arnaldos: Scherzer met haar soepele stem, die elke coloratuur feilloos zingt en Arnoldos die ogenschijnlijk zonder moeite elke rol zingt en speelt. Beiden overtuigen in hun rollen, maar waarbij Scherzer als Society Journalist de show steelt.

Powder her face: de muziek, het verhaal… ze pakken je, zorgen ervoor dat je elke seconde wilt meemaken. Pers en publiek likten hun vingers tijdens de rechtszaak in 1955 er bij af; in 2023 zitten we vooraan om te zien hoe Mrs. Freeling veroordeeld wordt. We zijn getuige van iemand die in haar hoofd een ander idee van zichzelf heeft dan hoe de wereld haar ziet. En Adès, Hensher, De Reisopera en Paul Carr zorgen ervoor, dat we blijven kijken.

Slotapplaus voor de cast van Powder her face in Stadsschouwburg De Harmonie in Leeuwarden op 26 januari 2024. © Sander Boonstra

trailer:

Foto’s van de productie: © Marco Borggreve

Powder her face van Thomas Adès is nog te zien tot en met 18 februari. Check www.reisopera.nl voor de exacte locaties, data en tijden

dvd opname van de opera:
Powder her face van Thomas Adès is een must voor elke operaliefhebber

Upload: dystopisch Gesammtkunstwerk waarin twee mensen uiteengescheurd door technologie elkaar weer vinden.

Tekst: Neil van de Linden

Upload van Michel van de Aa laat een misschien niet eens zo verre toekomst zien waarin mensen hun geest, de files in hun hersenen, kunnen uploaden in een cloud. Het brein is het laatste analoge apparaat in een digitale wereld, aldus het libretto.

In een afgelegen kliniek kunnen menselijke breinen worden ‘overgezet’ van levend lichaam naar een digitale ‘upload’. Het proces verkeert nog in de experimentele fase. Alleen zeer rijken kunnen meedoen, op een paar mensen met bijzondere intelligentie, wiens brein van groot belang is om ‘eeuwig’ te laten voortbestaan, ook al kunnen ze de transformatie zelf niet betalen. In feite fungeren deze financieel minder bedeelden ook als proefkonijn. Vergelijk wat er nu gebeurt met de ruimtevaartvluchten van Elon Musk en Jeff Bezos, die naast multimiljonairs ook wel eens een werkstudent meenemen.

De kliniek heeft iets louche, de directie bestaat uit een jonge CEO en een psychiater die financieel goede zaken te doen. Juridisch is het uploaden nog niet goed afgedekt, in verband met de rechten van de nabestaanden, en het feit dat de deelnemers feitelijk een eind aan hun leven maken. De staf zelf lijkt voorlopig niet van plan het proces zelf te ondergaan.

Het lokkertje is dat je als digitale versie niet alleen fysieke pijn van het dagelijkse leven en het ouder worden wordt bespaard, maar dat je ook je beste herinneringen mag uitkiezen om mee te nemen, en je je teleurstellingen mag achterlaten. Ook dat blijkt echter nog niet goed uitgeëxperimenteerd.

Al die ideeën over wél-gedigitaliseerden en niet-gedigitaliseerden en de experimentele fase waarin dit alles zich bevindt doen onwillekeurig ook even denken aan het nu van de Corona-vaccinatie al stamt ‘Upload’ grotendeels van vóór Corona en lag het werk een tijd op de plank. Overigens rept de tekst aan het begin van een mensheid die zich door verregaande vaccinaties kan wapenen tegen allerlei ziekten.

De vader in Upload is één van de eerste gedigitaliseerden. Hij hoopte zo zijn ongelukkige levenservaringen achter zich te kunnen laten. Zijn dochter wist niets van zijn beslissing en probeert met hem te blijven communiceren, nu van zijn aanwezigheid alleen een schim op een beeldscherm over is gebleven. Ze is niet bereid haar vaders voorbeeld te volgen, want ze geeft er de voorkeur aan zowel de geneugten van het menselijke leven van vlees en bloed als de pijnen van het leven te blijven ondergaan, en meent ook dat lichaam en geest ondeelbaar zijn. Het gaat zelfs mis met de vader, uploads blijken wel degelijk levenspijn  mee te nemen. De vader vraagt eerst zijn dochter hier een eind aan maken, door zijn upload te deleten, maar de dochter overtuigt hem ervan toch verder te leven.

In het slot van de opera vinden ze elkaar, op een bijna Wagneriaanse wijze, een soort omgekeerde Wagneriaanse Erlösung: (spoiler alert!) over het publiek deelt een gigantisch doek neer (de Heilige Geest?), waarop naast elkaar de projecties van de gezichten van vader en dochter zijn te zien, de lippen bijna bij elkaar, in een aangrijpend slotduet. Bij Wagner gingen geliefden dan dood om in een hiernamaals verder te leven, Michel Van der Aa laat zijn protagonisten elkaar hervinden in een Twilight Zone, een geestestoestand tussen realiteit en fantasie.

Het idee dat je de geest van lichaam kunt scheiden stamt natuurlijk uit het hiernamaals-concept dat ten grondslag ligt aan de ons vertrouwde religies Jodendom, Christendom en Islam, versterkt door de invloed die Plato had op Christendom en Iselma. maar het zit ook in de reïncarnatie-godsdiensten, zoals Hindoeïsme. Het experiment van de kliniek gaat hier ook van uit, maar in werkelijkheid is er geen wetenschappelijk bewijs, en de opvattingen van de dochter komen meer overeen met de stand van de wetenschap. Michel van der Aa laat deze twee opvattingen prachtig schuren.

Er is nog meer actualiteit. Digitaliseren veronderstelt dat het ‘analoge’ lichaam na de upload wordt geëlimineerd (om doublures te voorkomen). Deze ‘hulp bij zelfdoding’ raakt ook aan de actualiteit van nu, gezien de heroplevende discussie rond ‘voltooid leven’: net dezer dagen is de voorzitter van de Coöperatie Laatse Wil opgepakt, en weer vrijgelaten; de kwestie kan de hernieuwde samenwerking tussen D66 en ChristenUnie nog lelijk opbreken – de ChristenUnie al heeft aangekondigd bedreiging van LHBTQI+-leerlingen op scholen ‘vrijheid van godsdienst’ te vinden.

Ik moet ook denken aan de film I care a lot die nu, ook vertraagd door vanwege Corona, in de bioscopen draait, over een ‘voogd’ die in samenwerking met een corrupte arts en vermogende bejaarden naar dure verzorgingstehuizen stuurt en ze samen met de directie financieel uitkleedt; de film heeft toevallig dezelfde surrealistisch-overdreven kleurstellingen als de gefilmde kliniek-interieurs  van Upload. De haarscherpe beelden doen ook aan die in Christopher Nolan’s Tenet denken, een film waarvan de plot ook gaat over gesleutel aan dimensies en tijd.

En Upload is inderdaad een science-fiction voorstelling. Meer nog dan aan Tenet doet de plot van Upload aan Nolan’s Interstellar, over een vader en een dochter die zich in verschillende dimensies bevinden en elkaar proberen te bereiken. Zij het dat bij Nolan de family values altijd simpel en sentimenteel zijn. Upload is vele malen subtieler.

Er is nog iets waarin Michel van der Aa Nolan overtreft. Beiden bedienen zich van elektronische muziek, die bij vlagen in klank met elkaar vergelijkbaar is: dezelfde soorten ruisgeluiden en aan de elektronische dansmuziek ontleende loopjes. Maar in Nolans films leidt dat via componisten Hans Zimmer in Interstellar, Inception en The Dark Knight en via Ludwig Göransson in Tenet al snel tot eentonige pompeusheid is het gebruik bij Van der Aa steeds vele malen subtieler.

Waarom dan niet een film gemaakt van Upload? Film is overal in de voorstelling aanwezig. En toch voegt het feit dat de twee zangers, Roderick Williams, de vader, en Julia Bullock, de dochter, live op het toneel staan, dat alle muziek, zowel de akoestische, gespeeld door het ensemble MusikFabrik, als ook de digitaal geproduceerde elektronische soundscapes op synthesiser, live worden geproduceerd, knap gecoördineerd door dirigent Otto Tausk, en dat de filmbeelden via verschuivende panelen en het grote doek boven het toneel live worden gemanipuleerd, voegt een aantal dimensies toe die dit tot muziektheater maken, in de ideale Gesammtkunstwerk zin.

Naast het Tristan und Isolde-waardige slotduet is te midden van al die technologie de ‘aria’ van de dochter ‘This is where we are now’ een dramatisch hoogtepunt, een waar moment van absolute schoonheid; we kennen Michel van der Aa’s vermogen om ijzingwekkende coloraturen te componeren, maar hoe hier Julia Bullock alleen op dat immense toneel, midden in een elektronische muziekorkaan en verpletterend mooie filmbeelden, haar desolaatheid uitzingt is ongeëvenaard.

‘This is where we are now’ door Julia Bullock

En wat de evolutie van de vader-dochter-verhoudingen opera betreft, loopt Update in zekere zin dus beter af dan Rigoletto, de Ring en Salome.

Upload van Michel van Aa, door De Nationale Opera in het Muziektheater Amsterdam.
De vader Roderick Williams.
De dochter: Julia Bullock.
Regie: Michel van der Aa

De MusikFabrik onder leiding van Otto Tausk met de Musikfabrik.
Decor en Licht: Theun Mosk
Foto’s: Marco Borggreve

Gezien: 1 oktobe 2021.