Euryanthe in Theater an der Wien

Tekst: Peter Franken

In 2018 bracht Theater an der Wien een nieuwe productie van de weinig gespeelde opera Euryanthe van Carl Maria von Weber. Christof Loy had de regie wat min of meer garant staat voor het achterwege blijven van een overdaad aan historische details in de enscenering.

Euryanthe had première in 1823 en volgde zodoende vrij kort op Webers grote succesnummer Der Freischütz uit 1821. Beide werken zijn grote romantische opera’s die het licht zagen in de periode van betrekkelijke rust na de woelige Napoleontische tijden. Dat de voorbije oorlogsperiode diepe sporen nalaat komt in Der Freischütz nadrukkelijk aan de orde maar speelt in de marge ook een rol in Euryanthe.

Waar het in het eerste werk de Dertigjarige Oorlog betreft hebben de protagonisten in Euryanthe net een onbestemde strijd uit de 13e eeuw ergens in Frankrijk achter de rug. Hierin heeft graaf Adolar van Nevers zich weten te onderscheiden en koning Lodewijk IV overlaadt hem met dank en hulde.

Voor de feestvreugde echter kan losbarsten moet Adolar eerst met zijn verloofde Euryanthe worden herenigd die als een trouwe middeleeuwse maagd al die tijd in angst heeft gezeten om haar aanstaande. Een koor prijst Euryanthe zo ongeveer de hemel in en dat wekt de irritatie van graaf Lysiart die om te stangen zijn vraagtekens zet bij de vermeende absolute trouw van Adolars geliefde.

De emoties lopen hoog op en met de koning als arbiter komt het tot een weddenschap. Beide heren zetten al hun bezittingen in waarbij Lysiart moet aantonen dat Euryanthe wel degelijk ontrouw aan Adolar kan zijn als ze in de verleiding wordt gebracht. Daartoe reist Lysiart naar het kasteel waar Euryanthe verblijft met als excuus dat hij door de koning is gezonden om Euryanthe naar het hof te brengen waar ze met Adolar zal huwen.

Onmiddellijk na aankomst worden twee dingen duidelijk. Euryanthe toont zich niet in het minst op enigerlei wijze geïnteresseerd in Lysiart die op zijn beurt als een blok voor haar valt maar zich realiseert dat zijn queeste vruchteloos is. Erger nog, door haar toedoen verliest hij alles dat hij bezit. In een plotselinge emotionele ommekeer krijgt Lysiart zozeer de pest aan die vrouw dat hij zich op haar wil wreken. En daarbij krijgt hij hulp uit onverwachte hoek. Er is nog iemand die een rekening te vereffenen denkt te hebben: Eglantine.

Deze vrouw verblijft om onduidelijke redenen bij Euryanthe en heeft haar vertrouwen kunnen winnen. Ze is eerder door Adolar van de ondergang gered en die heeft haar kennelijk bij zijn verloofde geparkeerd. Eglantine is straalverliefd op Adolar maar die ziet haar niet staan, natuurlijk omdat hij alleen maar aandacht heeft voor die verfoeide Euryanthe. Zo vinden Lysiart en Eglantine elkaar in een complot dat doet denken aan Lohengrin. Euryanthe in de rol van Elsa, een reine vrouw die vals wordt beschuldigd door een gewetenloos duo dat op wraak zint, en die twee anderen als Telramund & Ortrud.

De MacGuffin is een ring op het graf van Adolars overleden zuster Emma die zelfmoord heeft gepleegd toen haar geliefde Udo in de oorlog was gesneuveld. In de middelleeuwen was zelfmoord taboe en bracht grote schande over de nabestaanden. Adolar heeft Emma’s doodsoorzaak in absoluut vertrouwen met Euryanthe gedeeld maar Eglantine heeft haar dit geheim weten te ontfutselen. Als vervolgens Lysiart terugkeert met Euryanthe en Eglantine in zijn kielzog toont hij die van het graf geroofde ring als bewijs voor Euryanthes ontrouw.

Iedereen in alle staten maar vooral Adolar die zich beroofd ziet van zijn verloofde en al zijn bezittingen. Maar meer nog van zijn eer: nu weet iedereen wat er met Emma is gebeurd. Euryanthe heeft haar eed jegens hem gebroken, hem verraden. Emma’s enorme geheim niet hebben kunnen bewaren maakt haar ontrouw aan  Adolar op een wijze die in de middeleeuwse context bijna nog erger is dan gebrek aan seksuele standvastigheid.

Adolar verwijt Euryanthe die eedbreuk zoals Lohengrin doet bij Elsa. Het volk bemoeit zich ermee zoals in Lohengrin en Tannhäuser. Na de nodige verwikkelingen waarin Euryanthe schijndood is en Eglantine haar triomf voortijdig viert door te verklappen wat zij en Lysiart hebben gedaan, kantelt de handeling en worden de ‘goeden’ beloond en de ‘slechten’ gestraft.

Wilhelmina Christiane von Chézy

Het libretto van Helmina von Chézy is gebaseerd op de 13e eeuwse romance ‘L’histoire du très-noble et chevalereux prince Gérard, comte de Nevers et la très-virtueuse et très chaste princesse Euriant de Savoye, sa mye’. Rimski Korsakov zou dit vermoedelijk als titel voor zijn opera hebben gekozen in plaats van Euryanthe.

Chézy’s teksten zijn vaak tenenkrommend en het verhaal hangt van onwaarschijnlijke situaties en absurde wendingen aan elkaar. Naar verluidt heeft Mahler bij gelegenheid van een Euryanthe in de Wiener Staatsoper ooit opgemerkt dat Madame Chézy beschikte over een vol hart en een leeg hoofd. We kunnen ons dus maar het beste op de muziek richting van dit romantische drama.

In tegenstelling tot Der Freischütz kent Euryanthe geen dialogen. Weber zet een stap vooruit van Spieloper naar een doorgecomponeerd werk. Behalve inhoudelijk zien we ook op dit punt duidelijke overeenkomsten met Lohengrin. De stijl is puur romantiek en er zijn nauwelijks stukken die het karakter hebben van een reguliere aria. Overigens is de muziek weinig gevarieerd, verloopt vaak volgens hetzelfde patroon: nerveus met horten en stoten opklimmend tot een climax, denk aan ‘Leise leise fromme Weise’.

De handeling in Theater an der Wien speelt zich af in een witte diepe zaal met hoge wanden en een deur achterin. Er staat een eenvoudig ijzeren bed en een vleugel. Alleen dat bed heeft een functie. Daar spelen diverse scènes zich af waarin de protagonisten één op één elkaar het leven bemoeilijken.

De kostumering van Judith Weirauch is stemmig eigentijds, zoals we dat in de producties van Loy gewend zijn. Het liefst laat hij iedereen in smoking rondlopen, zo lijkt het wel eens. De reine maagd Euryanthe in gedeeltelijk wit, het serpent Eglantine dat ze aan haar boezem koesterde in een prachtige rode jurk. Lysiart begint zich zodra hij Euryanthe ziet direct uit kleden. Als de tweede akte begint ligt zij op dat bed en draait hij er geheel naakt omheen.

De titelrol wordt zeer standvastig vertolkt door Jacquelyn Wagner, geheel conform het karakter van haar personage. Weber heeft voor de sopraan een veeleisende partij geschreven maar Wagner weet daar uitstekend raad mee. Ze is een rots in de branding in de rommelige handeling.

Eglantine komt voor rekening van mezzo Theresa Kronthaler, een beauty met een stem die zeer goed zingt en acteert maar tevens een perfecte typecast is.

Bariton Andrew Foster Williams begint als een recalcitrante edelman die jaloers is op alle aandacht die Adolar indirect krijgt met dat gedoe om die fantastische verloofde van hem, en natuurlijk ook zijn doorslaggevende rol in het winnen van de oorlog. Vervolgens verkeert hij in ‘a man scorned’ die op wraak zint en eindigt als een verstotene. Hij doorloopt deze rollercoaster op herkenbare wijze en weet dat in alle stadia voortreffelijke door zijn zang te ondersteunen. Hij is de beste man van het veld.

Zijn rivaal Adolar doet eigenlijk weinig meer dan achter de feiten aanlopen. Weber geeft hem veel te zingen en Norman Reinhardt brengt zijn partij vaak handenwringend of gewoon verbijsterd met verve over het voetlicht. Stefan Cerny geeft een goede vertolking van Lodewijk IV, de pendant van Heinrich der Vogler.

Constantin Trinks geeft leiding aan het prachtige spelende ORF Radio-Symphonieorchester Wien en het Arnold Schönberg Chor.

cd:

Voortreffelijke Euryanthe uit Wenen

Plaats een reactie